Het voorlopig laatste deel van Roel’s carrière.

Het leuke van dit vak is dat je heel veel bekende mensen voor je lens krijgt. Bij de tweejaarlijkse uitreiking van de Roosevelt awards in Middelburg stond Desmond Tutu gewoon lekker te swingen met een koor.In een ander jaar stonden na de uitreiking wat fotografen in een hoekje te wachten op het groepsfotomoment terwijl Beatrix een toiletpauze had. Ja Hoogheden moeten ook plassen. (Zullen we het nu eens gaan hebben over waterbeheer, Willem Alexander ;-). Wie schetst onze verbazing toen Nelson Mandela even een praatje kwam maken. Het duurde hooguit twee minuten maar wat een indrukwekkende man.Van dat praatje is voor zover ik weet geen foto van maar toen ik in Zuid Afrika eens met een groepje dames op de boot naar Robben Eiland dit verhaal vertelde werd ik bijna heilig verklaard want…. ik had Mandela gespróken ;-)En nee, die blanke in het midden leek wel op me maar ik was het niet.


Een foto die ik graag gemaakt zou hebben kwam aan het eind van het bezoek van de Clintons aan Rotterdam. Na afloop reden ze met ’the Beast’, de presidentiële auto terug naar den Haag waar ze geloof ik bij Bea in het paleis overnachtten. Plotseling riep Bill toen ie het bordje Delft zag: ‘I want to see Delft’. Totale paniek bij de Secret Service maar the Beast ging de afslag af. POTUS beslist ;-) Ze aten wat in een pannenkoekenhuis op de markt. Díe foto had ik graag gemaakt. Helaas.

Ook de Dalai Lama kwam voor mijn lens. Maar die bleek naderhand niet zo fris met kleine kinderen. Mandela kwam ook nog een keer. Diverse keren zelfs.Ook mister Microsoft Bill Gates.(Overigens….. deze foto is gemaakt in ‘het Torentje’ van de premier. Alles wat daar gebeurt mag op straffe van…. niet naar buiten komen). Oeps….en Yasser Arafat


Eind jaren 90 werkten we nog steeds op film. De negatieven werden wel ingescand en gemaild maar digitale camera’s waren niet te betalen. We hadden sinds 1990 een enorme fotozender (15 kilo) van het merk Hasselblad waarmee we snel foto’s konden doorzenden maar we moesten nog steeds de negatieven ontwikkelen. Het negatief ging achter de lamp in de gele kop en een scanner daarachter stuurde de zwart-wit foto in 7 minuten naar het andere eind van de wereld, dat wel. Of 3×7 minuten voor een kleurenfoto. De zender kostte 60.000 euro, eigenlijk 30.000 voor de kast en 30.000 voor het Hasselblad stickertje. Alleen ze wilden hem niet zonder stickertje verkopen :-( Een digitale camera, de kwaliteit was nog slechter dan mijn eerste iPhone 3 uit 2010 kostte in 1998 zo’n 40 a 45 duizend gulden. Maar de collega’s die er een hadden, veelal van hun baas, trokken wel de jaloersmakende aandacht van de collega’s. Een foto mailen (email kon al sinds 1995) vanaf een laptop op een bankje naast het Koninklijk paleis. Of elke andere plek waar een mobiele telefoon werkte.  Maar de krant ging ook wel de foto’s steeds eerder verwachten. Het kwam toen zelfs voor dat de fotoredactie belde met de vraag waar de foto bleef….. die nog gemaakt moest gaan worden….


Pim Fortuyn. Ik had hem al eens fotografeerd zonder dat ik eigenlijk wist wie het was. Hij was professor aan de universiteit en columnist bij kranten en RTV Rijnmond. En hij schreef boeken. Zo te zien had ie zelfs nog wat haar.Tot hij de beslissing nam om de landelijke politiek in te gaan. Zodra dat bekend werd moest ik naar zijn huis op het GW Burgerplein waar een klein feestje begon.In aanloop naar de verkiezingen kwam er een tv debat op de Erasmusuniversiteit. Hij walste verbaal gewoon over PvdA lijsttrekker Ad Melkert heen die het duidelijk niet naar zijn zin had.En hij won de gemeenteraadsverkiezing met zijn partij LPF in Rotterdam.Een paar dagen na de installatie van de nieuwe gemeenteraad moest er een college gevormd worden. De fractieleiders van VVD en CDA én Fortuyn en Sörensen van de LPF zouden in het stadhuis op een geheime locatie (ik vermoedde de Burgerzaal)  de onderhandelingen ingaan. Ik had er een beetje de pee in dat we er geen foto mochten maken. Wachtend op de Coolsingel tot ze weer naar buiten zouden komen zag ik uit de Aert van Nesstraat een hoogwerkertje van de GEB komen. Ik rende de Coolsingel op en zei tegen de mannen,… “Jullie willen me zeker niet voor 20 euro even tien meter omhoog tillen he…” Nou, dat wilden ze wél. En even later hang ik voor de ramen op 1 hoog van het stadhuis en kijk Fortuyn en Sörensen schaterlachend recht in hun gezicht. Die zagen ineens een fotograaf in een bakje hangen. Ik stuurde de foto door maar de volgende dag stond er niets in de krant. Die sufferds op de eindredactie bij de Telegraaf hadden er over heen gekeken. Ik kreeg wel betaald, dat wel. De administrateur bij de Telegraaf die mijn rekeningen moest betalen zei dan: “Zet er maar TT bij…… TeringToeslag”.Op 6 mei 2002 werd hij nog voor de Tweede Kamer verkiezing na een radio-interview in Hilversum vermoord door milieufanaat Volkert vd Graaf. Ik ben toen gelijk naar zijn woonhuis gereden om te kijken of daar iets gebeurde. In Hilversum kon ik toch niks meer. Daar had Robin Utrecht dé foto gemaakt: een dode Pim Fortuyn liggend op straat. Hij kreeg politie achter zich aan, zijn camera’s werden in beslag genomen maar hij had intussen het kaartje uit de camera in zijn bilnaad verstopt. Op het GW Burgerplein zat een man verslagen op de stoep. En er kwam even later een cameraman. Het duurde niet lang of er kwamen mensen bloemen leggen.Steeds meer bloemen. De wijkagent probeerde het vergeefs een beetje in goede banen te leiden.Ik had al een paar jaar een navigator met een tv ontvanger in mijn auto waarop ik het journaal volgde. Buiten mijn auto stonden intussen tientallen mensen mee te luisteren. En de bloemenzee werd steeds groter.Uiteraard kregen wij als pers van sommigen weer de schuld van de moord maar zoals ik altijd zeg: 25% van de bevolking heeft een IQ van 80 of minder. Dan ben je eigenlijk geestelijk gehandicapt. Volgens mijn huisarts is het trouwens 1/3.Een paar dagen later kwam er een massaal bezochte stille tocht.De uitvaart een week later was een van de grootste bijeenkomsten in Rotterdam die ik me kan heugen. Zelfs de marathon trekt minder mensen.Jaren later werd er een plaats naar hem vernoemd.Jammer. Ik had wel eens willen zien wat hij in de landelijke politiek had kunnen doen. Zonder hem werd het een zooitje en de LPF ging snel ter ziele. En Van de Graaf loopt al lang weer los rond.


We kregen eens een rare melding binnen op de redactie. Een man in Delft was opeens zijn tuinkabouter kwijt. Een week of wat later kwam er een brief met een foto uit Le Havre in Frankrijk. De tekst was: ‘Ik ben effe weg hoor. Ik sta nou al tien jaar in die tuin van je, in weer en wind. Ik ben het effe zat en ben op vakantie. Geen idee wanneer ik terugkom. Je ziet me wel weer.’ En er zat een foto bij van de tuinkabouter in de winkelstraat van Le Havre. En drie weken later kwam er een foto van de kabouter op het strand van Miami Beach tussen twee bloedmooie blondines. En achterop ‘Ik heb het heerlijk naar m’n zin hier dat snap je. Doei. Ik blijf nog effe.’ Weer twee weken later komt er een foto van de tuinkabouter met een duikfles op zijn rug op de bodem van de Cariben tussen de tropische vissen. En vijf weken later stond de tuinkabouter weer in de voortuin in Delft. De eigenaar werd knettergek en wilde via de krant uitzoeken wat hier nou gebeurd was. Uiteindelijk meldde zich een marinier die een geintje had uit willen halen. Hij woonde wat huizen verder en nam bij zijn volgende uitzending de tuinkabouter van zijn buurman mee. Die foto in de winkelstraat en op het strand waren natuurlijk geen probleem.  Op Curaçao zagen ze in een winkel die duikhorloges verkocht een waterdichtheid demonstratie van een horloge om een heel klein zuurstofflesje in een aquarium. Dat flesje mochten ze lenen voor de foto. Wat zullen die gasten een lol gehad hebben.


In 1999 won Feyenoord de beker. En dan kwam ook de balkonscène. De hele Coolsingel stond weer eens vol. Ik had er de pest in dat alleen een fotograaf van het ANP en een van Feyenoord het balkon op mochten. De bodes lieten me niet door de balkondeuren. Toen hoorde ik plotseling de stem van mijn neef Matthieu die in een hoekje achter een regelpaneel het geluid zat te regelen. ‘Neef, hou me effe vast’ , en ik stapte zo door het openstaande raam op de rand van het balkon en kon de foto’s maken die ik wilde. Toen ik weer door de deuren naar de burgerzaal wilde gaan zag ik die bodes denken…. ‘Wij hadden jou toch niet toegelaten?’ Tja. Beam me up Scotty ;-)


Ik was eens uitgenodigd door een paraclub , nee geen parenclub ;-) Of ik eens mee wilde vliegen. De stoel naast de piloot werd omgedraaid, ik kreeg ook een parachute om want een jaar of wat eerder was er een kist neergestort. Alle parachutisten konden eruit springen maar de piloot kwam om het leven want hij had geen parachute. Dat mocht niet nog eens voorkomen. De springers werden ook ingeladen en op de goede hoogte ging de schuifdeur open.

Leuke foto’s kunnen maken. Maar hoe kreeg die piloot nou die deur weer dicht?Nou, dat was eenvoudig. De piloot duwde de knuppel naar voren en het vliegtuig ging loodrecht naar beneden. En de schuifdeur knalde dicht ;-) Die piloot dacht dat ie mij wel gek kreeg. Ach, ik had ook al eens in een stuntvliegtuigje gezeten en dat lukte die piloot toen ook al niet.


We maakten ook wel sportfoto’s. Niet dat dat nou mijn hobby was maar het hoorde erbij. Ik zat eens bij een honkbalwedstrijd in Maassluis en ik was heel suf, het was best wel warm, een beetje in slaap gesukkeld want er gebeurde niet veel. En toen sloeg de slagman zijn knuppel doormidden. Jammer, gemist. Dan was cricket ook zo’n sport waar soms niet veel gebeurde. De ultieme foto die je daar kan maken is als de werper de paaltjes omver werpt en de blokjes die daarom liggen door de lucht vliegen. De slagman is dan uit. Als je dan  nog nul punten hebt gescoord dan ga je ‘Duck’. Als je bij je allereerste bal gelijk ‘Duck’ gaat dan heet dat ‘Golden Duck’. Met een elftal journalisten deden we 1 of 2 wedstrijdjes per jaar tegen een van de Schiedamse cricketclubs. Ik ging regelmatig ‘Golden Duck’. Er is aan mij geen sporter verloren gegaan maar leuk was het wel.


In 2005 had ik een oud werknemer met z’n vriendin op bezoek en luisterde ik eens een keertje niet naar de scanner. Dat zou me behoorlijk opbreken want er gebeurde nieuws dat wereldwijd de aandacht trok. En ik had uiteindelijk niet meer dan een foto van de buitenkant van de flat. Het gebeurde letterlijk op 100 meter van ons huis. Een knettergekke vent met de achternaam Zieck had zijn moeder vermoord. Ik kan de naam wel noemen want hij heeft levenslang en TBS dus vrijkomen doet ie niet meer en in zijn resocialisatie zal ie dus ook niet worden geschaad.  Na de moord had ie haar namelijk gevild, ja letterlijk haar huid losgesneden, en als een jas om zich heen getrokken. Daarna was ie op de Marathonweg in Vlaardingen, het was al na 23.00 uur, het kleine beetje verkeer gaan regelen. En zo troffen agenten hem daar aan. Ik hoorde later dat ze er pas op het bureau in de cel achter kwamen dat het geen jas was maar de huid van zijn moeder. Die agenten hebben er een enorme tik van overgehouden en ik werd door de hele wereld gebeld of ik er foto’s van had. Jammer…. Ik had alleen de volgende ochtend een exterieur kunnen maken terwijl de politie al weer weg was. Aan de andere kant…. ik heb veel ‘vieze dingen’ gezien maar dit moet je ook niet willen zien, ook al kijk je door een camera…. De man maakte zijn achternaam wel waar. Zieck….


Het leuke van dit vak was: ik was veel op reis. Ik werkte 9 maanden per jaar 100 uur per week maar drie maanden, soms aan 1 stuk andere keren in kleine plukjes, was ik op reis. Veel landen bezocht, de teller staat nu in 2026 op 110 landen van de 196 op deze wereld. Niet dat ik zozeer een record wil breken maar ik houd het wel bij. In de analoge tijd, voor 2000, toen we nog negatieven en dia’s maakten en je als bijvoorbeeld een advertentiemaker of een boekenuitgever een foto voor iets wilde hebben bij een fotostockbureau moest aankloppen. Die best wel aardige tarieven berekenden. Als je Albert Heijn heet en je, zoals ik zelf meemaakte, eind november voor een advertentiecampagne (Airmiles) een zonnige foto van Giethoorn wil hebben, dan kost ie serieus geld. In juli was ie bijna gratis, in november niet meer. Hij leverde me 10.000 gulden op. Nou ja, de helft. Het stockbureau hield, terecht, de andere helft voor de moeite ;-)

Ook hele simpele dingen als skylines, straatfotografie als winkelende mensen en gewoon vakantiefoto’s leverden geld op. Ik probeerde dus altijd veel mooie foto’s te maken, zo’n vakantie leverde zichzelf op termijn altijd weer op. Als je toevallig een bekende Nederlander tegenkwam was het kassa. André van Duin op Kreta met zijn nieuwe vriend. Die reis was al terugverdiend voor ik thuis kwam want…. De Story had het bericht al gehad , maar de Privé nog niet. Of Grace Kelly en dochter Caroline van Monaco. Onwetend wandelde ik over het terrein van het Openluchtmuseum in het Noorse Molde. Plotseling drukte, politie, een ander sfeertje. Dat herkende ik wel . En toen zag ik wie er aan kwam. Het moet een van de laatste foto’s van Kelly zijn geweest want nog geen week later kwam ze om het leven bij een aanrijding in Monaco.


Ik heb altijd wel iets met mooie steden gehad. Noem mij een paar steden in de wereld met een herkenbare skyline. Uiteraard New York, San Francisco, Kaapstad, Hong Kong, en natuurlijk Rotterdam. Sydney Australie komt ook vrij hoog op mijn lijstje. De Opera, maar ook de Harbourbridge zijn iconisch. Daar rondwandelend zag ik vlakbij de brug een nieuwe flat in aanbouw. Bijna af, de eerste bewoner stond er zijn verhuiswagen te lossen. Daar wilde ik bovenop!  Ik liep er naar binnen maar stuitte gelijk op de portier. ‘Mag ik misschien op de bovenste verdieping een foto maken vanaf het balkon?’ Nee. dat kon niet. Het stond nog leeg en ik moest op zijn minst toestemming hebben van de aannemer. ‘Nou’, zei ik, ‘Heb je daar dan misschien een telefoonnummer van’. Dat had ie wel. Maar wat ie niet verwachtte was dat ik mijn nieuwe mobiele telefoon uit mijn binnenzak trok (het was 1999 en mobieltjes waren nog niet zo gebruikelijk als nu) en gelijk de aannemer belde. En hij vond het goed. Dus moest de portier zijn voordeur sluiten en mij naar boven begeleiden. Praaaachtig uitzicht ;-)Het gaf ook een leuk kijkje op een plek waar ik een dag eerder mijzelf klem reed. Ik probeerde het punt rechts op de onderstaande foto te bereiken waar ik mooi uitzicht zou hebben op de Sydney Opera. Maar ik reed mezelf vast in een doodlopende straat. Toen ik de camper achteruit wilde rijden sprong er een agent achter me vandaan en ik moest stoppen. Er kwamen een paar auto’s uit een uitrit en pas nadat zij weg waren mocht ik verder. Nieuwsgierig als ik was vroeg ik aan hem wie dat was. ‘De premier’. Ik veronderstelde dat hij dan wel het beste uitzicht van Sydney zou hebben. ‘Nee’, zei de agent,’Dat is het huis hiernaast, daar woont de gouverneur’ ;-) De agent mocht me niet in de tuin laten. Logisch maar,… wie niet vraagt blijft maagd ;-)


Een probleem van fotografen is dat iedereen er met je creaties vandoor gaat. Zeker in de huidige tijd. Knippen en plakken is schering en inslag op social media. Mag je nog blij zijn dat je je winkeldieven door Google ook weer gemakkelijk terugvind. Met advocate Kitty van Boven hebben we er heel wat achterover getrokken. En dan de smoezen die je krijgt: Het was altijd de stagiaire die het gedaan had. Ik moest maar blij zijn met de reclame. ( jaja , van naamsvermelding kan ik mijn personeel niet betalen en reclame heb ik ook niet nodig. Iedereen die me moet kennen kent me al.) en vele sprookjesverhalen meer. En dan zijn er van die eigenwijze types die laten het op een rechtszaak aankomen. Zo ook meneer X. Software ontwikkelaar. Die zocht een foto van verlichte kassen.Maar in plaats van netjes bellen plukte ie hem van de website van het tijdschrift waar de foto wél legaal stond. Als je dan niet reageert op brieven van de advocaat komt er een dagvaarding en zien we elkaar bij de rechter.Zo zaten we bij de zittingszaal en liet de bode ons binnen. Kit en ik gingen rechts zitten toen de tegenpartij nog net niet hijgend binnenkwam. De rechter vroeg nog aan hem: ‘U zou toch met z’n tweeën komen ?’ en het antwoord van de man was ook bijzonder: ‘Ja, mijn partner heeft ruzie met Q- park’. Snel vertaald: Hij kon geen parkeerplaats vinden. ‘Nou’ zei de rechter, ‘Dan beginnen we maar alvast. Mevrouw van Boven, u mag beginnen’. En Kitty begon het verhaal uit te leggen. Na een minuut of tien kwam er iemand door de deur naar binnen en toen zei de rechter: ‘Kousenvoeten !  Zitten ! Mond houden ! ‘. Zo , daar kan je het effe mee doen. Op zo’n ogenblik denk ik gelijk : die staat al 10-0 achter, en dan schuif ik mijn stoel een halve meter achteruit en hou mijn mond. En iedereen die me kent: dat is soms knap lastig voor me. ;-) Als de rechter dan na hun verhaal ook nog opmerkt: ‘Ja maar dan begrijpt u toch dat die fotograaf daar géld voor wil hebben’ dan weet ik het wel.  In plaats van het schikkingsvoorstel van 1100 euro dat Kitty hem in het voortraject deed moest ie nu inclusief de juridische kosten 3500 euro aftikken. Beetje dom om die bekende Argentijnse maar weer eens te citeren. Geen foto’s googelen. Dat is wel zo goedkoop. Gewoon kopen of zelf maken.


Ik had een paar keer de eer om op Prinsjesdag ín de Ridderzaal te staan. Dat mogen maar 3 of 4 fotografen. Na het arriveren van de toen nog Gouden Koets wordt Beatrix binnengehaald door de ‘commissie van in- en uitgeleide.’ Twee aangewezen Tweede Kamerleden.  Ja, allemaal protocollen en tradities. Maar de hele Ridderzaal zag je schrikken toen ze haar speech begon met  „Mijne Heeren! Het is mij aangenaam U bijeen te zien tot hervatting Uwer werkzaamheden. Op menig gebied is dringend behoefte aan krachtige wetgevende maatregelen.”

Mijne Heeren? Vergiste de Koningin zich niet? Nee, het vervolg maakte alles duidelijk: “…zo sprak honderd jaar geleden mijn grootmoeder tot uw voorgangers.” Behalve gelach, viel ook een warm applaus de vorstin ten deel. Ook prins Claus klapte mee.En na afloop: alle fotografen in colonne achter de persvoorlichter aan rennend naar het Paleis Noordeinde voor de Balkonscène.


Ergens in maart 1985 kreeg ik een belletje van het AD of ik de volgende morgen vroeg naar de gevangenis in Scheveningen wilde gaan want oorlogsmisdadiger Pieter Menten zou zijn straf erop hebben zitten en vrijgelaten worden. De avond ervoor moest ik nog wat wegbrengen in Rijswijk en dacht: ‘Je zal het toch niet meemaken dat ie vannacht om 2400 uur al vrijgelaten wordt’ en ik reed toch maar even door naar Scheveningen. Voor de deur was het redelijk druk, Een stuk of wat fotografen en verslaggevers. En even later komt een dikke Mercedes aangereden waarin zijn advocaat zat. Die stapte uit en zei: ‘Mensen, het is een 86 jarige oude man, als jullie hem nou even rustig laten instappen bij de poort dan rijd ik daarna langzaam langs jullie en dan kan je je plaatjes maken en is iedereen happy.’ Zo gezegd zo gedaan. Tenminste, vijf meter voor de advocaat bij ons zou langsrijden gaf ie plotseling vol gas en wilde er vandoor. Jammer dus. Collega Jos van Leeuwen gooide zich op de motorkap en terwijl ie zich met 1 hand vasthield aan de ruitenwissers, klikte ie zijn plaatjes door de voorruit.Ik trok de achterdeur open en duwde mijn camera al ratelend naar binnen. Tja advocaatje, als jij je niet aan de afspraken houdt doen wij dat ook niet.Jos hing nog steeds aan de ruitenwissers toen de advocaat hard remde en Jos weg kon komen. Even later ging de Mercedes er hard rijdend vandoor. Met in zijn kielzog 6 of 7 auto’s met persmuskieten. Hij reed dwars door rode lichten naar wat uiteindelijk het hoofdbureau van politie bleek. Kennelijk had hij in 1985 al een mobiele telefoon want de wachtcommandant had de achterpoort al open gezet en deed hem snel daarna ook weer dicht. Het was half 1 intussen. Alle collega’s haakten na verloop van tijd af op Jos, Paul Stolk en ik na. Ook Paul vertrok en nog geen 10 minuten later kwam de Mercedes naar buiten. Jos en ik bleven hem achtervolgen tot uiteindelijk in Blaricum waar hij een huis had. Daar ging het hek open en zoals de Nieuwe Revu de week erop zou schrijven : ‘Vergezeld van een als staande schemerlamp verkleedde dame liep Menten naar zijn huis.’Lange nacht geweest maar wel weer leuke foto’s gemaakt.


In de tijd van de scanner kwamen er soms op verschillende radiokanalen berichten door die je moest koppelen om het te begrijpen.  De politie had het soms ook niet door. Er was een melding van een poging roofoverval op de tabakswinkel een paar straten verder en er reed surveillance auto achter een te hard rijdende auto op de Maassluissedijk naar Maassluis. Als je dan beseft dat voordat de overvallen winkelier de politie heeft gebeld en alles wat ie wist doorgegeven had er best wel een paar minuten overheen gingen voor het op de mobilofoon kwam. Nou zat ik toevallig in de auto bij de dijk maar mijn moeder zat naast me. Geen idee meer maar we zouden iets samen gaan doen. Snel 180 graden omgekeerd en richting Maassluis waar we al vrij snel op een BTGV stuiten. De Benaderings Techniek Gevaarlijke Verdachten. De politie gaf een stopsignaal en nadat het voortuig gestopt was verscholen de agenten zich achter de gepantserde autodeuren en praatten via de megafoon de inzittenden naar buiten.Ik stopte op een twintig meter achter de politieauto, pakte mijn camera met lange telelens en dook snel achter mijn auto terwijl ik naar ma riep: ‘Duik weg achter het dashboard’. Hoor ik nog net terugroepen: ‘Ammehoela, gebeurt er eindelijk eens iets dan wil ik het ook zien!’ Tja, zo moeder zo zoon.


Mijn eerste grote klus voor de krant ( het Rotterdamsch Nieuwsblad ) kwam toevallig voorbij. In 1977 las ik in de krant dat er een demonstratieve fietstocht zou komen van de bron van de Rijn in Zwitserland , naar de monding van de Rijn in Hoek van Holland. Jaaa, ik weet het , de monding van de Rijn ligt in Katwijk maar bijna al het Rijnwater ( en Maas water en Ijsselwater) gaat wel langs Rotterdam en Vlaardingen richting ‘Rotterdam aan Zee’. Dat maakte het interessant voor het RN. Chef Henk Lambregtse zag een paar verhaaltjes en foto´s wel zitten. De bedoeling van Milieudefensie, de organisator, was om aandacht krijgen voor de vervuiling van de Rijn. En zo ging ik met een stuk of 200 andere fietsers op een vrijdagavond met de nachttrein naar Zwitserland.Het was een gevarieerd gezelschap. Veel milieu fanaten. In de huidige tijd zouden ze niet onderdoen voor leden van Extension Rebellion. Maar ook gewone burgers met interesse voor een beter milieu, een moeder met een dochter van een jaar of 12 en een (oorlogs)gehandicapte Duitser in een vliegende Hollander.Het verzamelpunt was bij de plaatselijke vleesfabriek in Chur. Er was daar een diner georganiseerd.Jammer, de helft van de fietsers was op zijn minst vegetariër. Daar was niet over nagedacht. Had ik gelukkig geen last van dus doe maar een Bockwurst mit Sauerkraut. Zondag was het vertrek met veel lokale pers en ook een Nederlandse cameraploeg.We fietsten het grootste stuk gewoon individueel of in kleine groepjes. (Mijn negatieven hebben de tand des tijds niet helemaal doorstaan kom ik nu wel achter.) Kwamen we in grotere steden dan verzamelden we in het centrum en werd er door de organisatie petities uitgedeeld en werden de spandoeken uitgerold.Slaapplaatsen waren door lokale milieuverenigingen georganiseerd in gymzalen en bunkers (Zwitserland) (jaja, de meeste fietsers waren allemaal vreselijke pacifisten, die gingen nog liever in het park slapen), een tabakskas ( in Frankrijk) en fabriekshallen (Duitsland).Zelfs op het podium en in de zaal van een schouwburg.Mijn klus was het allemaal te fotograferen en een begeleidend stukje te schrijven.De tekst bij de krant krijgen was niet zo moeilijk, ik moest een telefoonnummer met een telefoonbeantwoorder op de redactie bellen en het stuk oplezen. Dat werd dan later uitgetikt door een van de vele typistes die de krant in dienst had. Soms had ik mazzel en kon ik ergens bij een bedrijf langs de route een telex lenen, dat tikte lekkerder weg. Met de foto’s was wat ingewikkelder. Ik had ontwikkelaar en fixeer bij me en ik kroop dus gewoon ondersteboven in mijn slaapzak en maakte zo een kleine donkere kamer. Filmpje inspoelen in de trommel en daarna kon ik op de wc de boel ontwikkelen. Met een föhn werd de film gedroogd, geknipt en het ging in een negatief vel in een envelop en dan moest ik nog even naar het dichtstbijzijnde station fietsen. Daar kon ik dan bij het loket een treinpostzegel kopen en dan moest ik wachten tot er een trein kwam en moest ik de envelop aan de machinist geven. Die nam hem dan mee naar het volgende grote station en uiteindelijk kwam ie dan bij de machinist van de Rhein-express, de trein die elke dag  van Zwitserland naar Rotterdam en vv reed. De laatste machinist liep dan in Rotterdam naar de Spoorwegpolitie die de fotoredactie op de Coolsingel belde. Dan sprong Lex de Herder, de chef foto, op zijn fiets , pikte de envelop op, en werd in de donkere kamer een afdruk gemaakt en zo stond de foto dezelfde middag nog in de krant. Moet je nu eens mee komen. Zo schreef ik drie weken lang stukjes en maakte foto’s. En trapte 1400 kilometer weg. In Frankrijk kwamen we langs het beruchte zoutgootje waar de Franse Kalimijnen hun afvalstoffen zo in de Rijn loosden waar de tuinders in het Westland door het hoge zoutgehalte weer last van hadden.En er werd gedemonstreerd bij de Europese commissie in Straatsburg.Bij Kernkraftwerk Kalkar (in aanbouw) moesten ze ook even demonstreren.Over de dijken reden we langs de Nederlandse uiterwaardennaar Rotterdam waar we groots ingehaald werden door o.a. Remi Poppe en burgemeester André van der Louw, volgens velen de beste burgemeester na de tweede wereldoorlog.

Uiteindelijk kwamen we na drie weken in Hoek van Holland aan.Het was na zo’n tijd in een grote groep (toch meestal wel 300 fietsers/demonstranten) dan wel weer in 1 klap erg rustig. ;-) Het was een beetje werken en een beetje genieten. Het jaar erop organiseerde de Waddenvereniging een zelfde tour van Den Helder naar Esbjerg waar ik uiteraard vol energie voor inschreef.

Na de fietstocht was de eindbijeenkomst bij de Tweede Kamer waar er petities werden aangeboden aan Jan Terlouw.Een leuk voorval nog. Op een smal weggetje werden we op een asociale manier door een dikke Mercedes ingehaald. 1 deelnemer viel zelfs van zijn fiets af. Toen we een kilometer of 5 de Mercedes langs de kant zagen staan werd ie even zorgvuldig ‘entlufted’ ;-)


Arbo. Hou op schei uit. Als je werkgever wordt, ook al heb je er maar 1, dan kom je in een onmogelijke molen van domme regels terecht. Zo kreeg ik op een bepaald moment een bezoek van iemand van de Arbowet. Die wilde alles zien. Zo ook de donkere kamer. ‘U ontwikkelt hier foto’s? Ja maar wettelijk moet u daglicht hebben’. Ja, maar dat kan niet. Ja maar het moet toch. Ik heb de man vriendelijk de weg naar de voordeur gewezen. Die snapte echt niet waar ie mee bezig was. Een paar jaar later komt er brief van een Arbodienst.  Dat ik een risico-inventarisatie moest doen. Dus ik klom maar eens in de telefoon. ‘Wat moet ik dan doen?’ Nou, dat kwam neer op een bedrag betalen (1000+ guldens) en dan kwam er iemand kijken wat we in het bedrijfje deden met risico’s en stress. Risico’s ? Bij een demonstratie of voetbalrellen of zo ? Nou ja, je zoekt dekking tegen gegooide stenen en bij traangas ga je hard rennen. ‘Ja’, sprak de man zalvend, ‘Het was wel wet want hoewel de overheid de kleine werkgever had willen uitzonderen mocht dat niet van de EU.’. Dus ik zeg: ‘EU? Nou, ga het eerst maar eens regelen bij die Portugese schaapsherder en die Griekse pottenbakster. Kom daarna maar terug.’ Nooit meer iets van gehoord.


In 2012 probeerde ik, met mijn technische achtergrond (maar ook met hulp van een kenner) zelf een drone te bouwen. In vijf verschillende landen kocht ik via internet de losse onderdelen.Dat leverde om 1 uur ‘s-nachts gelijk al een telefoontje op van de creditcard afdeling van de bank die het niet vertrouwde. Maar die kon ik geruststellen. De dagen daarna werd er geknutseld en getest.Iedereen met een drone deed maar wat in die tijd. Er was nauwelijks tot geen wetgeving. Ik oefende op het speelpleintje voor de deur en twee toevallig voorbijrijdende agenten vonden het maar wat spannend toen ze het ook even mochten proberen.Op 12 juli, bijna twee weken nadat wat later bleek nieuwe wetgeving was ingetreden, was het in de flat hiertegenover de hele avond herrie. Sirenes, politie, ambu’s, het hele circus. En de volgende ochtend ging het weer vrolijk verder.  Het was bijna nog donker. Op de derde verdieping was iets gebeurd. De persvoorlichting nam zoals vaker in die tijd de telefoon weer eens niet op. Willem Duivestein, de SBS collega, was intussen ook gearriveerd. Het bleek volgens de geruchten te gaan om een vader die zijn zoon vermoord had, of zoon z’n moeder, ik heb geen idee meer. Toen dacht ik: laat ik mijn drone eens pakken en kijken wat we kunnen zien op de derde verdieping. Ik haalde hem uit ons kantoor, startte hem op, en trok hem op naar de derde van vijf verdiepingen. Op dat ogenblik kwam chef recherche Mar van Haften aan.

Die vond het ook machtig interessant en ik zei tegen hem: ‘Als je eens ergens wil kijken waar je niet bij kan, je mag me altijd bellen’. Vond ie een goed idee en hij liep de flat in. En drie tellen naderhand kwam er een agent van de hondenbrigade naar buiten met de mededeling: ‘Dit mag niet, ik weet niet waarom, maar je gaat van de luchtvaartpolitie horen.’ Die ik een kwartier later, pakweg kwart voor zes in de ochtend, aan de lijn kreeg. Lang verhaal kort: ik kreeg proces-verbaal aangezegd wegens illegaal vliegen met een UAV, een onbemand luchtvaartuig. En na anderhalf jaar mocht ik me op het Wilhelminaplein in Rotterdam bij de kantonrechter melden. ‘Ja edelachtbare, ik weet intussen dat er vlak voor dit gevalletje nieuwe wetgeving was ingegaan maar hoe had ik dat moeten weten? Zelfs de agenten op deze foto wisten het niet!’ De nieuwe wet zei: ‘Het is verboden om met een UAV te vliegen. Om met een UAV te vliegen heb je een bewijs van vaardigheid nodig, een bewijs van inschrijving, een bewijs van keuring en een geluidscertificaat. Omdat de eisen voor het bewijs van vaardigheid, bewijs van inschrijving, bewijs van keuring en het geluidscertificaat nog niet duidelijk zijn is het momenteel mogelijk om een onthéffing aan te vragen voor het níet hebben van een bewijs van inschrijving, bewijs van vaardigheid, bewijs van keuring en een geluidscertificaat. Edelachtbare, snapt u het nog ?’ Nou, de officier van justitie was er anderhalf jaar mee bezig geweest dus de rechter kon niet anders dan de eis toewijzen: 1000 euro boete waarvan 750 euro voorwaardelijk. De hele zaal zat vol met schrijvende collega’s. Ik heb ook nog nooit zoveel naamsbekendheid gekregen voor 250 euro. Alle kranten stonden er de volgende dag vol mee en ik werd zelfs die avond uitgenodigd bij Humberto Tan, die ik helaas af moest slaan omdat we een lang geleden gereserveerd fotografen-etentje hadden. Wat mijn vriendin heel erg vond want, daar zou behalve ik ook Bram Moscovitz aanwezig zijn en dat vond zij wel een interessante man. Jammer nog Sia. Ik had er toch een beetje de tering in want, ja, ik was de eerste veroordeelde en de rechter moest een voorbeeld stellen maar daar had ik geen trek ik. Dus, dan maar in hoger beroep bij het Hof in den Haag.

Daar zitten dan drie rechters. Maar toen de rechter rechter, niet de linker rechter of de middelste rechter, aan de Advocaat Generaal (de officier van justitie bij het Hof) een ietwat ingewikkeldere vraag stelde was het antwoord heel vaag. Ik heb nog nooit een AG in 1 minuut 60 keer ‘eh’ horen zeggen. De uitspraak kwam gelijk: Vrijspraak. Ik heb daarna toch maar mijn vliegbrevet gehaald. Piloot Roel. Tenminste, voor UAV’s met een maximaal gewicht van 25 kilo.


Op vakantie op Aruba kreeg ik door dat tweevoudig moordenaar Joran van de Sloot was gearresteerd. Ja, dan toch maar even naar het politiebureau. Ik bleek niet de enige.Het leverde helaas weinig bruikbaars op.


Eind 1999 zou de eerste betaalbare digitale spiegelreflexcamera op de markt komen, de Nikon D1, die rond de 15.000 gulden per stuk moest gaan kosten. Ik zei tegen de vertegenwoordiger: ‘Ik wil er twee, maar ik wil wel de allereerste twee’. Dat kon geregeld worden. Helaas zat ik in Australië op het moment dat ze uitgeleverd werden. Onze fotograaf Fred zou wel gaan uitzoeken hoe het werkte. Na thuiskomst vond ik gelijk een minpuntje. Aan de zijkant van de zoeker zat een knopje waar je spotmeting, centrummeting en integraalmeting kon instellen. Voor leken: Op welke plek in je beeld je belichting gemeten wordt. En dat kon heel veel verschil maken. Het pikkie van het knopje zat aan de bovenkant. Legde je je camera op de achterbank en hij verschoof een beetje was dat knopje weer verzet en had je zwaar over- of onderbelichte foto’s. Het eerste dat ik deed was een vijl pakken en dat knopje voor een groot stuk afvijlen. Een dag later moest ik voor iets anders naar de importeur in Haarlem. Daar zagen ze mijn knutselwerk en riepen: ‘Dijkstra, wat heb je nu weer gedaan, een week oude camera van 15.000 gulden en jij zet de vijl erin?’ Ja natuurlijk, welke idioot in Japan heeft dit verzonnen??

Nou, ze maakten er een foto van en heel snel kwam er een ‘modificatie Dijkstra’, met het pikkie aan de onderkant zoals op bovenstaande foto. We hebben er nog vaak om gelachen. Iedere fotograaf klaagde in die tijd over de service van Inca/Nikon. Ik had echt nooit problemen. Ik kwam aan, zette het te repareren spul op de balie, liep even naar de supermarkt erachter, kocht een doos gevulde koeken en als ik terugkwam was het spul al gerepareerd en vaak kreeg ik niet eens een rekening. Zo kan het ook. Jaren later gingen we toch over naar Canon en ik moet wel zeggen dat we daarna veel minder reparatie hadden. Canon bleek wel steviger. Veel amateurcamera’s die in die tijd  ‘kapot’ aankwamen bij Inca bleken niet kapot maar dan er was iets loos met het data-kaartje. Het eerste dat ze deden was het kaartje door recovery software heen halen die het kaartje kon fixen maar ook nog niet overschreven beelden van het kaartje terughaalde. Ze hadden op de reparatieafdeling daardoor een verzameling porno aangelegd dat wil je niet weten. Dus, hou in je achterhoofd: maak je wel eens ‘vieze’ foto’s en je twijfelt over de kwaliteit van het kaartje: gewoon vernietigen en een nieuwe kopen. Níet naar de reparatie brengen ;-)) Een kaartje kan leeg lijken maar alle laatste foto’s kan je terughalen. Maar wij maken allemaal geen dirty pictures , toch ?

 

Het vervolg van Roel’s avonturen – Deel drie

In Spijkenisse werd in 1986 de vrouw van een bankdirecteur ontvoerd. Het was allemaal heel vaag. We hoorden dat het de Verenigde spaarbank op de Slinge in Rotterdam was maar wie de bankdirecteur was bleef een raadsel.Dat werd puzzelen. Het persbericht van de politie gaf prijs dat het om een dame uit Spijkenisse zou gaan. Later bleek dat we ook bij de verkeerde bank aan het zoeken waren. Toen leerde ik van Telegraaf redacteuren Huib Boogert en Theo Jongedijk wat rechercheren is. Dagenlang parkeerden zij beiden achter het politiebureau in Spijkenisse en volgden zo onopvallend mogelijk elke burgerauto van de politie die de poort uit reed. Totdat ze een aantal keren achter elkaar op hetzelfde pleintje in de Krekenbuurt uitkwamen.Een simpele vraag aan een buurtbewoner ‘Weet u waar die bankdirecteur woont’ gaf het antwoord. Er bleek ook een rechercheur in een auto buiten het huis ‘onopvallend’ de boel in de gaten te houden. Nou herken ik die gasten op 200 meter afstand. Toen wisten we dat we goed zaten.Het verhaal werd compleet toen Huib en Theo de door de politie aan de straatkant gezette vuilniszak meenamen naar de redactie en ze de weggegooide kladjes van de rechercheurs vonden. Een dag of wat later toen de vrouw werd vrijgelaten zaten Theo, Huib en ik bij haar ouders, die ons omdat het allemaal goed afgelopen was, wel te woord wilden staan. Aan de muur hing een foto van een innig stelletje. Huib vroeg ‘Kunnen wij die foto gebruiken in de krant?’. Ja, dat kon wel maar we mochten hem niet meenemen zei de moeder die me de foto overhandigde. ‘Geen probleem’ zegt Huib, ‘Onze fotograaf maakt er wel een kopie van’. Ik dacht, mooi, hoef ik niet iets stiekem  te doen. En terwijl ik m’n groothoeklens van mijn camera afhaal om een repro-lens erop te zetten zegt de vader: ‘Weet je dat wel zeker? Daar krijgen we herrie om hoor’. En moeder hangt de foto weer aan de muur. Hád ik nou maar een foto met die groothoeklens gemaakt dan had ik in ieder geval iets gehad. Zeker omdat het een dag of wat later helemaal wereldnieuws werd toen bleek dat de bankdirecteur zijn eigen vrouw had laten ontvoeren om met het losgeld wat frauduleuze praktijken bij zijn bank wilde verhullen. In die tijd bracht een foto bij zo’n nieuwsitem nog rustig een bedrag met vier nullen op. In guldens. Maar helaas. Dit keer niet.


In Schiedam had een echtpaar een dispuutje met de buurt en de gemeente. Ze wilden in een woonwijk een sexshop beginnen. Geen gekke dingen, alleen vieze boekjes, condooms en vibrators geloof ik. Voor bij het interview moest er wel een foto bij maar ja, het winkeltje was er nog niet. Dan maar bij die mensen thuis. En,… heel eerlijk, elke keer als ik er nu nog langs rij moet ik weer grinniken. Ik belde aan, ze deden open en de foto moest in hun kelder gemaakt worden. Een sado-kelder. De zweepjes hingen in kleur en lengte gesorteerd aan de muur. En aan het einde van de hondenriem ….. kroop de huisslaaf door de kelder. Tja… Je maakt wat mee als fotograaf ;-)


Koninginnedag was altijd prijs. Ik moest achter Hare Bea aan. Dat fotografeerde ik voor het persbureau Sunshine die dat over de hele wereld wegzette. Je hebt geen flauw idee hoeveel Royalty tijdschriften er zijn in de wereld. In Nederland hebben we de Party, Story, Weekend en nog een paar maar bijvoorbeeld in Duitsland zijn er tientallen. De meeste jaren was het leuk geregeld, waren er een stuk of 6/7/8 persvakken langs de Koninklijke wandeling waar we dan snel door de Rijksvoorlichtingsdienst door steegjes, soms zelfs woonhuizen, van het ene vak naar het andere vak werden geloodst. En dat soms met 30 fotografen. Slechts 1 fotograaf van het ANP en een cameraploeg van de NOS mochten de hele wandeling voorop lopen. Vaak in ons beeld wat weer veel geroep en gescheld teweegbracht bij de rest. In Scheveningen in 2005 was het allemaal wat minder. Er waren 6 persvakken maar we mochten er maar 3 kiezen. Ik dacht: dat gaat hem niet worden. Ik had altijd een keukentrapje in mijn auto liggen, het Bea-laddertje, en besloot maar achter het publiek langs de route mee te lopen. Af en toe met die drie treetjes even boven het publiek uit en weer verder. Nu bleek er in oud Scheveningen een smal straatje afgezet te zijn. Alleen bewoners mochten erin. Ik wist daar langs een agent te lopen die op een stoel in de schaduw zat. Ik riep hoi, en hij zwaaide terug. Oke, ook goed. En tien tellen later stond ik tussen 10 bewoners te wachten tot de hele stoet de bocht om kwam. En weer tien seconden later dacht ik: ‘Krijg de hik maar, ik ga gewoon meelopen’. Ik zie wel waar het schip strand. En even later maakte ik deze foto van Wim-Lex en Maxima. Nou heb ik echt niet het idee dat ze van mij schrokken maar wat het dan wel was weet ik nog steeds niet.RVD-er Aad Meijer zag me en vroeg: ‘Hoe heb je dit voor elkaar gekregen?’ Maar zei verder niks. Dus ik liep vrolijk verder mee. Arianne Balledux riep 500 meter verder: ‘Dijkstra WEGWEZEN !’ Ja hoor, ik ben al weg. Altijd orders opvolgen toch ;-) Maxima liep er vrolijk bij, haar zwangerschap aan het publiek tonend.Ondanks de weinige persvakken werd het toch een groot succes. Het waaide er trouwens behoorlijk die dag. Echt, als ik het niet zelf gezien had zou ik het niet geloven. De reclamesleep vliegtuigjes bij het begin van de wandeling op de boulevard vlogen áchteruit. Helaas geen foto van.


Maxima is trouwens sowieso een op en top expressieve Zuid Amerikaanse. Vaak leuke foto’s van kunnen maken. Deze na het slaan van de eerste munt naar aanleiding van de geboorte van Amalia.


Diverse Nederlandse steden hebben een Molukkerwijk. Daar woonden de KNIL militairen die eind jaren 40 vóór Nederland, tegen Suharto in Indonesië vochten. Die moesten vluchten want die waren de vijand van Indonesië. Maar de belofte dat ze ooit terug zouden kunnen bleek onhaalbaar. En, terwijl ze in eerste instantie in de kampen nog gratis woonden, en later ook in huizen weinig tot geen huur betaalden eindigde dat ook. Protesten tegen die huur liepen uit de hand. In Capelle ad IJssel moest de ME optreden. Gewapend met bijlen, scheppen, vlaggenmasten en enorme latten stonden beide partijen tegenover elkaar.

Maar de reactie op ‘ME voorwaarts’ werd: ‘Molukkers voorwaarts’ . Dat was de ME niet gewend en ze stapten terug. Toen daarbij een brigadier ten val kwam werden er wapens getrokken en toen de Molukkers door bleven lopen klonk er een schot. Het was gelijk over. De ambulance nam de getroffen Molukker mee. Einde actie. De volgende dag wilde ik mijn spijkerbroek aantrekken en zag toen pas dat de hele achterkant vol zat met gaten. Hadden die Molukkers met zakjes zoutzuur gegooid. De spetters hadden mijn broek opgelost. Collateral Damage.


De Vlaardingse brandweer moest eens uitrukken voor een koe in de sloot. Die eruit halen was niet zo’n probleem. Maar bij het weglopen zei er iemand…. ‘Kijk eens wat er uit het achterwerk van dat beest komt’. De koe bleek hoogzwanger te zijn maar het kalfje wilde niet echt meewerken. Een veearts die snel ter plaatse kwam bond wat touw aan de poten en toen moest iedereen trekken. Eindconclusie: de koe kwam gemakkelijker uit de sloot dan het kalf uit de koe.


De brandweer in Schiedam rukte uit voor een rare melding naar een oud bankgebouw. ‘s-Avonds laat. Er was hulpgeroep gehoord. De voordeur van de bank stond open en afgedaald naar de kluisruimte vond men drie mensen, opgesloten in de kluis. Er werd een slijptol bijgehaald en losgelaten op de kluisdeur. Dat gaf nogal wat wat rook en toen de mannen door het gat konden kruipen was iedereen aan het hoesten en proesten. Het bleken de koper van het gebouw en twee vrienden. Wat minder grappig was toen de koper me toevertrouwde dat hij gewoon de sleutel van de kluis op zak had, hij liet hem zelfs zien, maar hij wilde een geintje uithalen. De brandweer had het vast niet leuk gevonden dus ik heb mijn mond maar gehouden.


Op de Coldenhovenlaan in Maassluis/Maasland/Maasdijk was een nieuwe rotonde gemaakt. Maar heel suf in mijn ogen, met een verhoogde middenberm. En het werd al vrij snel duidelijk waarom dat niet handig was. In twee weken kantelde drie keer een Engelse vrachtwagen met hangend vlees op weg naar de veerboot in Hoek van Holland. Nota bene ook nog van hetzelfde bedrijf. Geslachte koeien en varkens, hangend aan haken aan het dak van de trailer. Of dat nou met het stuur aan de verkeerde kant te maken had of niet is me nooit duidelijk geworden maar opvallend was het wel. Drie keer de rotonde, en dus de afrit van de snelweg, voor uren gestremd terwijl de aanhanger leeggehaald moest worden en in een andere vrachtwagen geladen. Een ezel stoot zich in het gemeen,….. wel drie keer aan dezelfde steen ;-)


Op 1 juli 1981, aan de kleding te zien was het best fris, opende Willem Alexander samen met zijn moeder de nieuwe Rotterdamse Willemsbrug.

Dat zooitje pers werd op een podium gezet, uiteraard weer veel te ver weg dus alle telelenzen kwamen weer uit de tassen.Na de inleidende activiteiten gingen we van de oude Maasbruggen naar de nieuwe brug waar een plaquette onthuld zou worden. Het gezelschap liep, de pers zou op een open vrachtwagen naar de brug gereden worden omdat wij voor het gezelschap uit moesten en de RVD geen ‘rennende fotografen’ wilde.

Alleen de chauffeur van die vrachtwagen had het niet helemaal goed begrepen want ondanks roepen en op het dak slaan door de fotografen reed hij in een keer naar het einde van de brug. Onthulling gemist en we moesten weer terugrennen. Midden op de brug stond een huilend meisje met een bos bloemen die werd tegengehouden door de beveiliging. Totdat Beatrix het zag en haar als de verloren dochter inhaalde.  En zo te zien moest Willem Alexander er ook wel om lachen.  Niet goed je best gedaan meissie want hij zit nu met Maxima. Betere keuze denk ik ;-)

 

Aan het eind van de brug, ja waar we van die vrachtwagen gesprongen waren, zou de gemeente Rotterdam aan Willem Alexander een cadeau geven: de Stadstimmerkist. Alle fotografen poogden in volledige chaos een plaatje te maken maar iedereen keek tegen zijn achterhoofd aan. Ik ben maar door mijn knieën gegaan en riep ‘Alexander’ en hij keek om. Klik. Hebbes. En wegwezen ;-)


Als je toevallig toch in Oostenrijk aan het skiën bent en de Koninklijke familie houdt de halfjaarlijkse fotosessie, ja dan moet je er toch heen. Veel fotografen die allemaal in hotels in het dorp zaten, een kilometer verder van de fotolocatie. En na de foto’s moest je snel de foto’s doorsturen naar je klanten.Dan is het toch handig als je je eigen perscentrum, mijn camper, meeneemt. Na 1 minuut was ik al foto’s aan het doorsturen.


Op de 85e verjaardag van Prins Bernhard mochten we komen opdraven op paleis Soestdijk. Er waren veel veteranen en verzetsstrijders uitgenodigd en Juul en Benno begaven zich in het gezelschap. Tot de al een beetje dementerende Juliana op de fotografen begon te schelden. Elke keer als een fotograaf flitste kreeg zij een harde tik in haar gehoorapparaat. Dat wisten wij dus niemand had een flitser op zijn camera. Maar de RVD was dat vergeten aan de veteranen door te geven en veel van hun hadden een ritsratsklik camera in hun binnenzak. Niks gedaan en kregen we toch de schuld.


Op 30 maart 2001 belde de RVD de pers dat we om 18.00 uur moesten verzamelen op het paleis Noordeinde. Geen idee wat er aan de hand was maar we werden in de kelders, de catacomben, een soort van ‘opgesloten’. We werden goed opgevangen hoor, koffie, thee limonade, zelfs bitterballen. En we hadden nog steeds geen idee. Tot ons duidelijk was dat Willem Alexander zou verloven met zijn Maxima. Om even voor acht moesten we naar de trap in de hal en kwamen zij de trap afgelopen. Hij trok aan haar met het idee van ‘Ze is van mij en ik laat haar niet meer los’. Maar ik stond net een beetje in het beeld van de NOS camera. Voor we tien minuten laten naar buiten konden had ik al 30 sms-jes ‘Je bent in beeeeld’. Het maffe was, in die kelder hadden wij helemaal niets meegekregen wat er boven gebeurde. We hadden geen tv daar maar dáár ging wél in de rondte dat de verloving aangekondigd werd. En half den Haag was naar het Noordeinde gekomen. Het was eerst niet de bedoeling dat het stel naar buiten ging maar ze deden het toch. Lekker fotograferen dan.


Dan rij je over het Zuidbuurtseweggetje naar Maassluis en daar rij je totaal onverwacht tegen een survival aan. En zie je daar Prins Pieter Christiaan, de sportprins. Mooi meevallertje.


En dan is daar de grote dag. 02-02-2002. Hét Huwelijk. Wij rukten met het hele bedrijf, vier fotografen, uit naar Amsterdam.

Persvakken.Belangrijke, beroemde gasten.En het Bruidspaar.Na aankomst van de gouden koets dan de bekroning, de Kus.Keihard gewerkt. We hadden ons gezien de datum warm aangekleed maar dat was eigenlijk niet nodig want het was zelden in februari zo warm.


Begin jaren 90 startte ‘de Krant op Zondag’. Precies, een krant die op zondag bezorgd werd. Ik moest voor een van de uitgaven een foto leveren en hoewel ik een fotozender had wilden ze dat ik hem kwam brengen. TomTom was er nog niet dus met de 100.000 stratenkaart op mijn knieën probeerde ik de Spinozastraat te vinden. Nada. Ten einde raad, de deadline naderde, belde ik maar met het politiebureau De Eenhoorn. Ja, in die tijd kon je 008 bellen en kreeg je de lokale wachtcommandant. Mijn autotelefoon was nog zo’n grote kast in de kofferbak en een hoorn naast de handrem. Je mocht nog bellen met die hoorn in je hand in die tijd. Ik stond ergens op een laad en loszone op de Wiboutstraat. De wachtcommandant zei: ‘Zie je ergens een politieauto?’ Ik keek om me heen en zei: ‘Nee’. ‘Oke, ‘ zegt de wachtcommandant, ‘Ga maar rechtsaf de Sarphatistraat op. Dat mag niet maar anders kan ik het niet uitleggen.’ Het lag dus niet echt aan mij. Ik sloeg rechtsaf de busbaan op en verdomd…. Er komt me een politiewagen tegemoet. Blauw zwaailicht even aan, stopbord aan…. Intussen heb ik nog steeds het bureau aan de lijn en zei de wachtcommandant dat ik staande werd gehouden. Raam open, ‘Rij en kentekenbewijs alstublieft’. ‘Jawel agent, ik heb hier uw collega aan de lijn en die stuurt me deze straat in’. ‘Rij en kentekenbewijs alstublieft.’ Intussen hoor ik door de telefoon op de achtergrond de commandant op de mobilofoon roepen ‘Kees en Wim kom er eens in’. Maar die stonden naast me dus die hoorden het niet. Ik zei maar ‘Jullie zijn Kees en Wim?’ Toen keken ze toch even of ik een cursus ‘glazen bol kijken’ had gedaan. ‘Jullie worden opgeroepen door je wachtcommandant’.  Toen werd het ze duidelijk en kreeg ik zelfs escorte naar de redactie. Pfff…


Een mooie klus was de Elfstedentocht van 1997. Ik had helaas 1985 en 1986 gemist dus nu moest het gebeuren. It giet Oan. De Tocht der Tochten. Bij de voorbereidingen had ik al begrepen dat met de auto komen niet echt een optie zou zijn.We konden weliswaar een ontheffing krijgen, heel Nederland was opgeroepen vooral per openbaar vervoer te komen of thuis naar de tv te kijken, maar als alle wegen vast zouden staan heeft een ontheffing ook geen nut. Ik had nog geen motorrijbewijs dus vroeg ik buurman Ronald of ie wilde rijden. Motor gehuurd in Leeuwarden en een hotelkamer. De start was om 5.30 uur maar daar moet je dan toch om 5 uur staan dus na een nacht met weinig slaap kon ik het startschot fotograferen. En dan op pad. Kolere wat was het koud. Nog geen 3 kilometer onderweg  maar bij het eerste benzinestation zijn we gaan opwarmen.Toen het wat later licht werd ging het beter. Leuke foto’s kunnen maken.KlunenBij de finish werden we weer eens in een pers-vak geperst. What’s in a name.De opdrachtgever was een verzekeringsmaatschappij die een boek wilde maken. Ze hadden 11 fotografen geregeld in alle plaatsen en mij als 12e, de vliegende keep. Alleen, terwijl van andere uitgevers het eerste boek de volgende dag al in de winkel lag kwam de verzekeringsmaatschappij pas na drie weken. Beetje mosterd na de maaltijd maar …. leuke goedbetaalde klus om nooit te vergeten.


Berlijn. In de geschiedenis is het altijd een interessante stad geweest. Ik was er al eens geweest in 1980. Daar zag ik in het Haus am Mauer de wereldberoemde foto van de soldaat die in 1961 bij het bouwen van de muur als laatste over het prikkeldraad naar het westen sprong. Die had ik graag gemaakt maar ik was toen pas 3. Op 9 november 1989 keek ik naar het journaal en zag dat het rommelde in Oost Duitsland. Terwijl bij andere Oostbloklanden het IJzeren Gordijn al tot heuphoogte gezakt was bleef de president Honecker van Oost Duitsland standvastig in zijn communisme.Bij vluchtpogingen werden tientallen mensen doodgeschoten.Maar zoals altijd komen veranderingen van binnenuit. DDR bewoners mochten wel naar bijvoorbeeld Hongarije op vakantie. Daar reden in die tijd de Oost-Duitsers die naar het westen wilden vluchten tot het hekje dat de grens markeerde, lieten hun Trabant of Wartburg in het weiland staan en vroegen asiel aan in Oostenrijk. Honecker was overleden en Egon Krenz nam het presidentschap van de grootste gevangenis ter wereld over. Er schijnen in die tijd in de tuin van de Nederlandse Ambassade in Boedapest 10.000 mensen te hebben gekampeerd die in de ambassade asiel hadden gevraagd. Daar werden door de Hongaarse spoorwegen speciale treinen voor geregeld om ze naar Oostenrijk te brengen. Kortom, het rommelde. Het Politbureau, de regering van de DDR, wilde de reisbeperkingen naar het westen wat versoepelen, waarschijnlijk met een visumplicht en dat alleen voor 1 of 2 leden van een gezin zodat ze zeker zouden zijn dat je terug zou komen. Maar Gunter Schabowski die de persconferentie moest leiden had niet goed opgelet. En op de vraag wanneer dat dan in zou gaan stotterde hij ‘….. Ik denk nu’. En toen was de beer los. De eerste Trabbi reed naar Checkpoint Charley,een van de drie grensovergangen van Oost naar West Berlijn en riep ‘Ich will raus’. Ja die kreeg gelijk een Kalashnikov op zich gericht. ‘Kijk dan maar op je televisie dan zie je het wel.’ De Vopo zette de tv in zijn wachthokje aan, zag de persconferentie en zei ‘Oke. Dan zal het wel’ En hij deed het hek open. En toen kwam nummer twee, en drie, en vier, en …… ene grote file. Dat hoorde ik dus op 9 november op het Nederlandse nieuws. Ik belde eerst mijn ma en pa. Maar die namen de telefoon niet op. Vroeg naar bed en telefoonstekker eruit. Daarna belde ik naar de Vrije Volk redactie. En wie kreeg ik daar aan de lijn: Aly Knol, de correspondente in Duitsland. Jaren was zij de Vrije Volk correspondent in Duitsland en toen er echt iets gebeurde zat ze in Rotterdam voor een vergadering. Ik heb zelden door de telefoon zo’n gegrom gehoord. Ik kreeg Stef van Item mee. In de auto van de hoofdredacteur Leo Pronk reden wij midden in de nacht naar Berlijn. West Duitsland uit, via Checkpoint Alpha Oost Duitsland in , en dan bij Checkpoint Bravo (Dreilinden) West Berlijn in . Ik had een klein tv-tje dat op 12 volt, 110 volt, 220 volt en batterijen werkte. En Secam, NTSC en PAL aankon. Die hadden we op het dashboard gezet en tijdens het rijden konden we het nieuws volgen. Rare toestand was het bij de overgangen. De Vopo’s bleven zware checks doen, met spiegels onder je auto kijken, alle deuren moesten open, achterklep open. Alsof er geen revolutie gaande was. Waar gaan we heen. Ik opperde Checkpoint Chárley.  Dan maar het alfabet afwerken ;-) Daar aangekomen was het pakweg 7 uur en de meeste Berlijners pakten net hun ochtendkrant en zagen wat er loos was. Duizenden mensen kwamen naar de muur. Trabbi schütteln is een werkwoord geworden daar.Elke  auto werd bij de dakrand gepakt, een paar keer heen en weer geschud en kon door, west Berlijn in.Dat gaf ook nog wel problemen want hele volksstammen stopten over de grens en gingen midden op de snelweg de (vrije) grond kussen.Daardoor konden de achterop komende auto’s ook niet verder. Dat veroorzaakte bij de terugreis nog wat problemen, daarover later meer. Een omstander ging om 8 uur toen de bank openging 100 mark wisselen in briefjes van 5 en de eerstvolgende 20 auto’s kregen 5 mark naar binnen geschovenonder de woorden ‘ga maar eens een lekkere bak koffie drinken want dat hebben jullie sinds 1961 al niet meer gehad’. Feest. Fietsers liepen de grens over.Vanaf daar liepen we naar de Brandenburger Tor, de ereboog die Oost van West scheidde. Het eigenlijke centrum van het oude Berlijn dat trouwens in de Tweede Wereldoorlog nagenoeg geheel platgegooid is. Mensen klommen op de muur.Wij ook.

Aan de Oost Duitse kant werden militairen opgesteld. Wij verwachtten dat er binnen no time iemand van de muur naar beneden zou springen maar dat gebeurde niet. Op een moment komt er een West Berlijner die met een steen op de muur gaat meppen.Jammer van die mooie graffiti ,er sprongen wat vonken weg. Nog geen minuut later komt er een met een hamer en een beitel. Er sprongen wat schilfers weg. Er kwam er een met een moker, er sprongen wat kiezels weg. Ik kijk Stef aan en zeg: ‘Waar blijft die vent met die kango hamer’?  Oh, daar was ie al. Toen er nog een bouwkundig ingenieur bij kwam die adviseerde niet op de muur maar op de naden te hakken lag er binnen een uur een plaat van de muur uit.Toen ging aan de Oost Duitse kant het waterkanon op. Maar het was niet meer tegen te houden. Aan de Oost kant kwamen bulldozers die noodwegen aanlegden door de mijnen velden die er volgens zeggen nog zouden liggen. Als ik dit nu opschrijf lopen de rillingen nog steeds over mijn rug. Kippenvel. De filmpjes ontwikkelen was niet zo’n probleem, tankje en ontwikkelaar en fixeer, kon zo in de hotelbadkamer. Maar toen ik de hoteltelefoon open schroefde om mijn fotozender aan de telefoonlijn te hangen hoorde ik door de hoorn nog minstens drie andere zenders ratelen.Dat zou gegarandeerd storing opleveren. Ja, e-mail was er nog niet. Dus we hebben maar geprobeerd om bij de Bild, de grootste Duitse krant de foto’s door te seinen. Dat lukte. Nog even een souvenirtje scoren, zelf maar uithakken.Ook dit had een naam: Muurspechten ;-) Toen we na drie dagen met totaal 8 uur slaap weer naar Nederland wilden kwamen we in een 100 kilometer lange file terecht . Alle Ossies die bij Helmstedt West Duitsland in reden gingen ook hier de grond kussen. Op een bepaald ogenblik ging een dikke West-Duitse Mercedes door de middenberm, ze hadden daar geen vangrails, en ging op de andere weghelft tegen het verkeer in alles inhalen. Toen er nog twee achteraan gingen dacht ik bij mezelf: ‘Ik ga erachteraan, als er een tegenligger komt vangen die drie de klap wel op’. En velen achter mij deden hetzelfde. Zo haalden we zeker 50 kilometer in over de verkeerde rijbaan. Toch duurde de hele terugreis 24 uur. Maar we hadden wel op de eerste rang een stuk wereldgeschiedenis meegemaakt. Mijn ma is trouwens de rest van haar leven chagrijnig geweest als het over Berlijn ging want zij was er ook zo graag bij geweest. Tijdens de terugtocht zaten Stef en ik wat te mijmeren over hoe lang het zou duren voordat beide Duitslanden zich weer zouden verenigen. In Leipzig ontstonden vrij snel daarna elke maandagavond demonstraties waar op het laatst 300.000 mensen aan meededen. Ik ben daar met collega Robert Bas maar eens heengereden om het vast te leggen. Veel jongeren zouden we nu bestempelen als neo-nazi’s maar toch blijken deze demonstraties de aanzet te hebben gegeven tot de hele snelle eenwording. Nog geen jaar later was het al zo ver.  Ook daar ging ik heen.Voor de muur zelf weg was ging er nog wel een tijd overeen. Later werden weer stukken teruggezet. Als herinnering.Intussen zijn er ook wel mensen, zowel in het oude westen als het oude oosten, die de muur weer terug willen hebben. Die hebben helaas niet geleerd van het verleden.


Ik heb ook wel eens vóór de camera gestaan.  Bij de opnamen van Soldaat van Oranje werden figuranten gevraagd. Ik werd in een overall gehesen, er  moest 15 centimeter haar af en samen met wat andere leden van de Vlaardingse Amateurtoneel Vereniging Varia langs het Noordeinde gezet. Als je de film ziet: Snel kijken. Ik ben weg voor je me ziet. Maar wel een leuke dag gehad ;-)


In Spijkenisse kwam een melding over de scanner dat er op een boeren landweggetje een vrouw in een rolstoel van haar hondje was beroofd door twee jongens op een brommer die het beestje hadden opgehangen aan een hek. Een van onze fotografen ging die kant op en kreeg herrie met de rechercheurs. Ze mocht het niet fotograferen. Waarom werd later duidelijk. Uit de sporen bleek dat de vrouw het zelf had gedaan. Er waren alleen wiel sporen en geen voetstappen. Daderinformatie. Dát wilde de politie niet in de krant. Met ons praten helpt. Fotografen zijn best gevoelig voor dit soort info.


Koud terug van het feestje in Berlijn ontstond er een ander oproer waar ik popelde om erheen te gaan: In Roemenië had dictator Ceausescu duizenden mensen laten executeren door de Securitate, de geheime politie,  die in Timisoara een opstand neersloeg. De megalomane Ceausescu, hij woonde in een paleis dat ongeveer het grootste gebouw ter wereld was,probeerde te vluchten en werd uiteindelijk na een kort proces ter dood veroordeeld en geëxecuteerd. Het leger stond echter achter het volk. Met Havenloods verslaggever Robert Bas, die een Roemeense vriendin had, reden we zo rond 20 december 1989 in mijn oude rode Toyota Starlet door Duitsland naar Oostenrijk waar we na de eerste etappe in het appartement dat mijn ouders huurden in Oostenrijk konden overnachten. De volgende morgen bleek er echter een meter sneeuwgevallen. Alle wegen onbegaanbaar. Dan maar een dagje skiën. Volgende ochtend reden we door Oostenrijk naar het Hongaarse Boedapest. En dag drie naar de grens met Roemenië. In die tijd had je nog een bende stempels en visa nodig om door Oostblok landen heen te rijden. Hongarije bleek aan de grens te regelen maar een visum voor Roemenië, geen idee. Proberen maar. Het was midden in de opstand. We hoopten dat de grensbewaking andere prioriteiten had.De grenspassage was inderdaad een peulenschil. Er stond ook een Rode Kruis transport te wachten. Daar hebben we maar aangehaakt. Ook voor een beetje bescherming. Met zo’n geel kenteken val je wel op. Een paar kilometer na de grens kwamen we in Arad, een grote plaats. Vies, grijs, en grauw. En puin.Langs de kant van de weg veel mannen met wapens, veelal jachtgeweren. Maar het zag er niet vijandig uit dus gingen we verder  naar Timisoara.Maar we hadden teveel oog voor de omgeving, zowel Robert als ik hingen links en rechts uit de autoraampjes om te fotograferen. En plotseling misten we het voor ons rijdende Rode Kruis transport. Oeps. Even niet opgelet. Effe stevig gas geven en net voor de stadsgrens reden ze weer voor ons. Bij het ziekenhuis werden de goederen en medicijnen uitgeladen en liet men ons het ziekenhuis zien.Een burger was in zijn bil geschoten. Hij had nog geluk gehad.En een gewond kind mocht even het geweer van de soldaat die het ziekenhuis bewaakte vasthouden.Plotseling rende al het verplegend personeel naar een klein kamertje waar een nog kleinere tv stond. Rechtstreeks verbinding met de executie van de dictator en zijn vrouw. Er ging een gejuich op.We konden een kamer krijgen in het Intercontinental Hotel. Op zes hoog stonden wat schotelantennes van CNN, wij lagen op de vierde verdieping. Met schoenen en kleren aan achter de dikke gietijzeren Oostblok verwarming. Er klonken schoten buiten, de Securitate was kennelijk nog actief, met lichtspoormunitie probeerden ze de schotels van CNN van het dak te schieten.De volgende ochtend reden we de stad maar eens in. Een stad in revolutietijd.Hoe raar ook, de kranten verschenen gewoon.  En werden uitgespeld.Bij het rondrijden zagen we een groep mensen langs de kant van de weg staan, even buiten een begraafplaats. En er kwam een open vrachtwagen met een tiental doodskisten erop. Het waren slachtoffers die tijdens een demonstratie  gewond waren geraakt, door de Securitate uit het ziekenhuis ontvoerd, gemarteld en vermoord.  Zoals ze op het journaal zeggen: De volgende beelden kunnen als schokkend worden ervaren.

De oom die het uitlegde in arm- en beengebaren en een beetje Duits en Engels vertelde dat dit de vader was van de vermoorde man. Zij wilden dat ik dit fotografeerde en dat dit in het buitenland bekend moest worden. Ik had er eigenlijk niet zo’n trek in maar kreeg een (zachte) schop om het wel te doen. Op de terugweg ben ik in München langs de Bild gereden, toch wel een Duitse sensatiekrant, maar die wilden het niet hebben. Te gruwelijk. Daar kan ik ze alleen maar gelijk in geven. Maar ik heb het geprobeerd.


Ik kachel lekker met mijn campertje door Frankrijk heen als ik in het fraaie dorpje Gordes plotseling in een ooghoek vrachtwagens zie uitladen. Een filmset. Statieven, kabels, kisten, de hele rataplan.De camper geparkeerd en maar een wandeling gaan maken. Inderdaad een filmset. En even later zie ik Russel Crowe handtekeningen uitdelen aan wat voorbijgangers. Ik was midden in de opnamen van de film ‘A Good Year’ terechtgekomen. Zo zie je nog eens een bekendheid in het wild ;-) De foto verkocht trouwens goed in zijn geboorteland Australië.


Filmsterren in het wild zijn altijd wel leuk. De redactie van het RD kreeg eens een tip dat Brad Pitt in Rotterdam was gesignaleerd. Ja tuuuurlijk…. Maar goed, ik ging op zoek. Hij zou op bezoek zijn bij architect Rem Koolhaas. In de miezerregen parkeerde ik voor het pand van Koolhaas. Onder in die flat zat een politiepost. Na een uur of wat liep ik maar de post binnen en vroeg de dames aan de balie of zij toevallig die bekende Amerikaanse filmster gezien hadden. ‘Wie dan? ‘ vroegen ze. Toen ik Brad Pitt zei stoven ze allebei naar de voordeur. ‘Waar dan?’ . ‘Jaa. Dat had ik graag van jullie willen horen’. Pech, ze wisten van niks. Ik liet mijn visitekaartje maar bij ze achter en ze beloofden me te bellen als ze iets hoorden. Wat later zag ik, ja, het leek wel de glazenwasser met zijn helper, twee mannen het pand uitkomen en de hoek om slaan. Toch even snel een foto gemaakt. Ik kende Koolhaas niet en Pitt alleen maar met heeel lang haar.Vijf minuten later belden de dames van het bureau: ‘We horen net van de wijkagent dat ie met zijn auto is weggereden….’ Toch ! ‘Met de moed der wanhoop vroeg ik nog ‘Jullie hebben zeker geen idee waarheen ?’ Ja, wel dus: naar de Kunsthal. Een route uitkiezend met zo weinig mogelijk stoplichten scheurde ik naar de Westzeedijk. Daar stond een hele dikke BMW op de laad- en loszone. Dat zou hem wel eens kunnen zijn. Maar niemand in de buurt te bekennen. Schichtig achteromkijkend liep ik naar de kassa en vroeg of zij iets wisten. ‘Nou, ik mag het eigenlijk niet vertellen maar loop maar even buitenom naar het restaurant beneden.’ En daar binnengekomen zie ik Koolhaas, wat studenten en Brad Pitt. Eerst met zijn rug naar mij toe (schijnen celebrities altijd te doen om niet herkend te worden) maar toen iedereen naar mij keek draaide hij zich ook om. Klik. Hebbes. Ik had in ieder geval 1 foto dus ik kon me wel veroorloven om nu naar hem toe te lopen, een hand te geven (heb ik van m’n (h)ex een week niet mogen wassen) en te vragen of ik na afloop wat foto’s mocht maken. Ja, dat was oke maar hij ging niet poseren. Oké hoor ;-)Ik ging dus maar bij het Natuurhistorisch Museum ertegenover op het stoepje wachten tot ze weer naar buiten kwamen. Daar kwamen twee Noorse toeristen op me af met de vraag wat ze in de buurt nog meer konden zien. ‘Nou zeg ik, daar links zijn onze Kroonprins en Maxima op bezoek bij museum Boymans (daar stond onze Fred te fotograferen), en hier rechts is Brad Pitt op bezoek. Je zag ze kijken. Die fotograaf is knettergek. Maar de man kon het toch niet laten en ging even om de hoek kijken en kwam met flitsende ogen weer naar buiten. Ja, dat zei ik toch ;-) Tien minuten laten kwam het hele gezelschap naar buiten en kon ik op weg naar de auto nog een leuke foto maken.Maar het verhaal werd een paar uur later nog gekker. Agent Kees, al eerder genoemd in andere verhalen, moest het Prinselijk Stel na afloop van het bezoek aan Boymans naar de VIP terminal begeleiden omdat ze gelijk door vlogen naar hun vakantiebestemming in Italië. De begeleiders van de DKDB (Dienst Koninklijke en Diplomatieke Beveiliging) liepen daar de VIP ruimte in waar een lange slungelige jongeman rondhing. ‘Wilt u deze ruimte verlaten want onze kroonprins komt er aan.’ ‘Oh, u bent Brad Pitt. Nou, blijft u dan maar.’ Dan vraag je je toch af waar die drie het allemaal tijdens het wachten over gehad hebben. ;-)


De mysterieuze club van 27… Allemaal wereldartiesten die op hun 27e stierven. Zo moest ik in 2004 eens een jazzfestival fotograferen in de Cruiseterminal op de Rotterdamse Wilhelminakade. In een niet al te groot zaaltje trad een toen nog relatief onbekende zangeres op. Net als van de andere artiesten maakte ik er een paar foto’s van die in mijn archief werden gezet. Toen een nieuwe medewerkster een jaar of zeven later eens door het archief aan het zoeken was riep ze in 1 keer: ‘HEB JIJ AMY WINEHOUSE????’ Zij was een fan maar ik dacht: ‘Who the fuck is Amy Winehouse?’. Wist ik veel. Ik had nooit een radio aan in de auto, altijd de politiescanner. Een paar weken later ging Winehouse dood. Toen wilde ik ook de andere foto’s opzoeken die ik in 2004 gemaakt had en bleek dat CD’s geen goede opslag methode waren om niet gebruikte beelden op te slaan. Na een dag stampen kon mijn computer er nog vier of vijf beeldjes vanaf halen. De andere vermoedelijk 50 beelden waren voor altijd verdwenen.


Of die bekende Nederlandse artieste Vanessa, Connie Breukhoven. Zij trad op in een kroeg op de Vlaardingse Oosthavenkade.Na afloop wilde ik nog een portretje van haar maken want ze was ‘hot’ die tijd. Toen was er nog niks aan verspijkerd. In de kelder waar haar omkleedruimte was stond een grote ‘kleerkast’ de deur te bewaken. Hij riep om de hoek van de deur ‘Ik heb hier een fotograaf die even een portretje wil maken’. ‘Stuur maar naar binnen’ kwam er achter de deur vandaan. Ik liep naar binnen en daar stond ze alleen in een onderbroekje. ‘Oh, ik zal even iets aantrekken’. Ik was nog een beetje groen toen. Had ik maar….. ;-)


Op de Uitweg werd de Rotterdamse Bingokoning Johan Bestenbreurtje achter het stuur van zijn auto op  Mexicaanse wijze door een voorbijrijdende motorrijder doodgeschoten. Zijn vrouw zat naast hem. Het bleek te maken te hebben met een eerdere schietpartij op het station in den Haag waarbij ene Willem Scheffer om het leven kwam, de Háágse Bingokoning. De dader bleek later de broer van Scheffer. Het was de eerste drive-by liquidatie in Nederland.De vluchtmotor en het wapen werden na een grote ME zoekactie teruggevonden in een sloot, een paar kilometer verder.


Weinigen weten het maar wij hebben in Vlaardingen 5000 mensen van Palestijnse afkomst, zo’n 7 procent van de bevolking. Het beste Italiaanse restaurant wordt niet gerund door een Italiaanse maar een grote hele lieve Palestijnse familie. In al haar wijsheid besloot een delegatie van de Vlaardingse gemeenteraad in oktober 1988 eens te gaan kijken in Israël om te kijken hoe de familie van de Vlaardingse Palestijnen werden behandeld. Nou, ik zal het alvast verklappen: ik ging er redelijk pro Israël heen, Ik zal niet zeggen dat ik Hamas of Fatah fan geworden ben maar ik ben wel heel erg anti Israël geworden. Alles wat de Duitsers in de Tweede Wereldoorlog de joden aandeden, doen de Israëliërs nu precies hetzelfde richting de Palestijnen. En zeker het laatste jaar. Ze geven zelfs gewoon toe dat ze alle Palestijnen weg willen hebben.  Dat is gewoon deportatie. En uitroeien, genocide. En ja, de Palestijnen zijn ook geen lieverdjes maar, wat wil je als je land in 1948 werd ingepikt en je huis in 1967. We hebben er genoeg Palestijnen gesproken ja. De man die de sleutel van zijn villa aan de overkant van de straat nog had maar waar ie niet meer geweest was sinds in ’67 er een kudde zwaar bewapende Israëliërs op de stoep stond met de mededeling: ‘Dit is nu van ons’. Mensen willen overal alleen vrede en rustig leven.

Het gezelschap bestond uit raadsleden als Jan Bulva van de VVD, ooit zelf gevlucht voor de Russische tanks in Praag, John Ranshuijsen van de PvdA, zijn vrouw Atie , overigens van D66, PSP/PPR/CPN raadslid Jan Vons, Remi Poppe van de SP , Vlaardingse huisarts Thea Jansen, Peter de Lange van het RN, Ad Hoogerwerf van het Vrije Volk, regelneef George Herders en ik. En twee Vlaardingse Palestijnse jongens Amin en Jamal. Die werden bij aankomst op het vliegveld, ondanks hun Nederlandse paspoort, gelijk apart gehouden en tot in hun holnaad bekeken of ze niks bij zich hadden. Wat dan….? Zo begon het al. De toon was gezet. Een vooruitgeschoven Vlaardinger had al kwartier gemaakt, programma, hotel en busvervoer geregeld.Ik moest zelf twee dagen eerder dan de rest naar Israël want het vliegtuig waarmee de rest van het gezelschap ging was volgeboekt. Ach, heeft ook zijn voordelen, ik kon lekker alvast aan de slag, een Israëlische perskaart regelen en kijken hoe ik mijn beelden naar Rotterdam kreeg. Bij zowel het Vrije Volk als het Rotterdams Dagblad verwachtten ze elke dag foto’s. Dat moest uiteindelijk gewoon per post want een fotozender gebruiken bij een collega of krant daar was een te dure grap.  In de dagen daarna bezochten we een ziekenhuis waar kinderen lagen die met scherp beschoten waren toen ze met stenen naar een tank gooiden. Dan ben je toch een beetje de weg kwijt als militair. Op dag drie of zo, we hadden een lange tocht gehad, hoorden we bij terugkomst in het hotel dat er in Jeruzalem een buitenlandse fotograaf was neergeschoten. Ik ben maar snel naar huis gaan bellen om ze gerust te stellen want daar was het bericht ook al aangekomen. Gelukkig, ik was het niet. We  ontmoetten veel mensen en maakten veel mooie verhalen.We zagen de ‘nederzettingen’ waar godsdienstfanatieke Israëliërs de Palestijnen in de Westbank wéér verdreven en de grond weer inpikten. Tot de dag van vandaag trouwens. We kwamen in Oost Jerusalem bij een begrafenis van een die ochtend doodgeschoten Palestijn. Niemand kon ons vertellen waarom hij sowieso beschoten was.

De Israëlische militairen zag je overal. Zwaar bewapend . Op zaterdagavond zag je ze, met UZI over hun schouder, gewoon op de dansvloer van de disco. Kafka. Triggerhappy. Dat bleek begin april 2025 maar weer toen ze 15 geneeskundigen in auto’s met blauw zwaailicht vermoorden. En hun lijken in een massagraf verborgen. Het leger zei dat ze in het donker reden en daardoor verdacht waren. Ammehoela. Een filmpje bewees dat ze alle lampen aan hadden. Het IDF zijn oorlogsmisdadigers. Op een moment kwam ons een open truck tegemoet met protesterende (ongewapende!) Palestijnen. Het was hun manier van demonstreren.En even later ging de achterruit van onze bus eruit. Palestijnse kinderen langs de kant van de weg zagen een  geel nummerbord (Israëlisch) en dan is een steen gauw gepakt. De hele bus was gelijk weer wakker. We hadden gewoon een busje met blauw nummerbord (Palestijns) moeten hebben maar daar was niet echt over nagedacht. De kinderen wisten zo niet dat wij ‘friendly’ waren.We zagen de vluchtelingenkampen waar de Palestijnen wonen.Als er een nieuwe controlepost gebouwd wordt door de Israëliërs en er wat Palestijnse huizen in het blikveld staan, en die worden dan gewoon plat gebulldozerd. Hoe krijg je mensen pisserig.En laat ik erbij zeggen. Ik ben het absoluut niet eens met wat de Palestijnen vorig jaar 7 oktober deden op dat muziekfestival maar ergens begrijp ik het wel. Als je volk sinds 1948 al belaagd wordt door mensen die met een groot sprookjesboek in hun hand alles van je afnamen dan ontploft de boel een  keer.  De Verenigde Naties hebben honderden resoluties aangenomen tégen Israël en er is er geen enkele uitgevoerd. Ik zeg: Gajes is niet voor niets een Hebreeuws woord. Zoals ik al zei: Ik ben geen Israël fan. Maar dat mag je in Nederland dan weer niet zeggen. Dat gedonder daar gaat nooit meer goed komen :-( Maar ik hoop oprecht dat er wat mensen door het Internationaal Gerechtshof veroordeeld gaan worden.


 

 

De carrière van Roel – deel 2

In mei 1979 moest ik in militaire dienst. Daar had ik helemaal geen zin in maar ik had een goede smoes. Ik had ziekte van Pfeiffer in die tijd. Mijn huisarts zei: gewoon gaan. Ik had nog geen idee waarom maar deed dat maar. In Ede aangekomen op de Elias Beekmankazerne werden alle nieuwe rekruten onder de krijgstucht gesteld, kregen een militair paspoort en moesten langs de dokter. ‘Bent u gezond? Nee, wat, Pfeiffer? Je had gvd helemaal niet mogen komen’. Tja, dat wist ik ook wel. Nou, ga je kastje maar inruimen en kom morgen maar terug. Dat was mijn enige nacht in de kazerne. Lang verhaal kort: ik moest een paar keer een dag terugkomen, bloedprikken en…. Ja, ik ben nog zo moe. Nergens last van maar dat ging ik de dokter niet vertellen. Kortom : Ga maar thuis uitzieken dan. En toen vergaten ze me. Tot 5 december. Kom ik thuis van een klusje, ligt er een oproep van de militaire arts in de brievenbus. Nog mazzel want als ik thuis had staan klussen was ik goed de pisang geweest. Maar ik moest wel gelijk naar de Kazerne in Ede. Kom ik daar om 5 voor 4 aan bij de dokter en zegt die arts daar: ‘Ja, het is Sinterklaas. We gaan allemaal een uur eerder naar huis. Kom morgen maar terug.’ En ik ging weer lekker naar huis. Ik fotografeerde me intussen het ongans voor het plaatselijke sufferdje en was lekker bezig. Op een ochtend werd mijn nieuwe bij Wehkamp bestelde scanner geleverd en zodra ik de stekker in het stopcontact deed ging ie blèren. Er bleek, nota bene bijna aan het eind van mijn straat, een trein van de spoorbrug te zijn gevallen. Nou, de scanner deed het ;-) Brandweer en politie kwamen in actie. Maar ze waren er nog niet.

Aangekomen ging ik de trein fotograferen toen ik me plotseling bedacht: ‘Shit, er zitten natuurlijk nog passagiers in’. Gauw naar de andere kant van de haven en ik klom met de net aangekomen brandweer op de trein. Het was allemaal zo kort geleden gebeurd dat de hulpverlening nog moest beginnen. De brandweer sloeg ruiten in en liet ladders zakken. Omstanders hielpen met het omhoog halen van de passagiers. Gelukkig waren er zelfs geen gewonden. Alleen heel veel erg geschrokken mensen. En een trein en een brug total loss.Ik moest de kranten wel vragen om mijn naam er niet onder te zetten want ja, in Ede lazen ze ook de Telegraaf en het AD. Een aantal maanden later kwamen ze er op de kazerne ook achter dat ze niet veel meer aan me hadden in de resterende van de 14 maanden dienstplicht en ik werd met groot verlof gestuurd. Bedankt nog dokter Leijnse , 14 maanden bespaard ;-). Later op de dag kreeg ik bij het bergen van de trein nog wat onenigheid met brigadier B. Die vond dat ik maar op moest rotten en duwde me over de afzetting. Camera kapot. Klacht ingediend. Hoofdinspectrice Marianne Ekels moest de zaak afhandelen en in die tijd had de politie altijd gelijk . Ik had dus moeten weggaan. Niet dus, zeker niet waar mijn collega’s wel mochten blijven. De verzekering betaalde gelukkig de camera maar waar politie-brigadiers normaal net voor hun pensioen nog even gepromoveerd werden tot adjudant, dit uiteraard voor een paar centen meer pensioenuitkering, ging brigadier B. gewoon als brigadier met pensioen. En werd Ekels later wel korpschef in Gorinchem maar geen commissaris zoals in elke andere gemeente. Zou het allemaal met mijn zaak te maken hebben gehad ? Of kwam het in Ekels haar geval doordat in Gorinchem de plaatselijke snollen politieauto’s als taxi misbruikten. We zullen het nooit meer weten ;-) Over die diensttijd nog wat: Nadat ik met groot verlof was gestuurd ging ik het weekend erop een basketbalwedstrijd fotograferen in Arnhem. Ik liep de zaal binnen en toen bleek dat de administrateur van de kazerne in zijn vrije tijd het team van Arnhem coachte…. Oeps. Snel omgekeerd en wegwezen. Hij had me gelukkig niet gezien.


De grap is: het is geel en als je het in je oog krijgt ga je dood: Een trein. Treinen waren vaker oorzaak van minder frisse gebeurtenissen. In Moordrecht had een boer een keer een hek niet goed dichtgedaan en zijn kudde koeien was nieuwsgierig of er tussen de rails ook gras groeide. Schrale troost, ze hebben niet geleden.


De kranten Het Vrije Volk en het Rotterdams Nieuwsblad zouden gaan fuseren tot het Rotterdams Dagblad. De redacties zouden dus ook samengevoegd worden. Maar er was te weinig werk voor 2 fotografen want ik deed het RN en Arie Wapenaar het HVV. Er kwam een nieuwe redactiechef die ik nog niet kende, Jan Booister. Op zijn eerste werkdag sneeuwde het en gleed een bus van de snelweg de sloot in. Ik reed vlakbij de redactie en sprintte de trap op : ‘Hallo, oh jij bent Jan, ga je mee, bus gecrasht.’ Nou, Jan zei : ‘Ga zelf maar, ik hoor het later wel . Even meer te doen. Eerste dag vandaag.’ Maar Jan had wel een neus voor nieuws. Ik werd de nieuwe fusiefotograaf, niks verdelen, en Arie was exit.  Pff. Ja zo kom je ook van concurrentie af.


Een uur nadat er bekend was geworden dat er in Eindhoven een Hercules vliegtuig gecrasht was werd ik gebeld door AP, samen met Reuters de grootste persbureaus ter wereld. ‘Ja, moet ik daar dan nu heen ? Ik ben anderhalf uur onderweg. Verwacht jij dat ik over 2 uur nog foto’s kan maken?’  ‘Nou ja’ zei ze, ‘Ga maar’. Dus ik zette het gas uit, mijn eten in de koelkast, en reed naar Eindhoven. Daar aangekomen stond onder de afrit een agente die me naar het perscentrum wilde hebben. Nee, ik moet naar het vliegveld. ‘Ja maar de weg moet vrij blijven voor hulpverleners.’ Ja dat begreep ik. Ik parkeerde mijn auto in het gras en riep naar haar: ‘Oke , dan ga ik wel lopen. Geen probleem.’ Nou bij haar wel. Auto maar weer gepakt en ik ben gaan proberen om over binnenweggetjes naar de crashsite te komen. Overal was alles afgezet. Ik was toch maar gaan lopen, totdat ik wat militairen tegenkwam. Die bluften dat ik daar niet op de weg mocht lopen want dat was militair grondgebied. (Niet dus.) Oke , dan ga ik toch door de weilanden. ‘Dat mag óók niet want dat is van een boer’ . Ja ammehoela. Dus ik blufte terug: ‘Die heb ik net gebeld en die had geen problemen. Doeii.’ En ik tijgerde nog een tijdje door tot ik plotseling boven in een boom waar ik onderdoor liep twee mannenstemmen hoorde. Dat waren twee nou ja, nieuwsgierigen, zal ik maar zeggen. ‘Zien jullie iets daar?’ Ja hoor, achter de bomen ligt ze. Ik klom, geholpen door de mannen, de boom in en kon daar over het hek foto’s maken van het wrak, en de 27 lijkzakken van de dodelijke slachtoffers. Over het falen van de autoriteiten bij deze crash is later nog wel wat meer bekend geworden. Maar ik moest terug. Terug naar mijn auto en terug naar mijn donkere kamer. Uiteindelijk bleek ik als enige fotograaf foto’s te hebben. De censuur die de politie en de militairen me wilden opleggen was mislukt. Ik heb later nog een klacht ingediend omdat de politie me niet had mogen tegenhouden. Ik heb daar schadevergoeding gekregen waarmee ik een fonds heb opgezet waar ik lang andere fotografen mee heb bijgestaan in rechtszaken.


Een vliegtuigje van Tulip air zette net voor Zestienhoven iets te vroeg de landing in en kwam in een weiland terecht. Geen gewonden, verder niks aan de hand maar het bergen van het vliegtuig werd wel een spectaculaire actie.


Vliegtuigen blijken helemaal niet zwaar te zijn. Daar kwam ook collega én piloot Rene Oudshoorn achter toen zijn vliegtuigje op Zestienhoven tijdens een storm gewoon ondersteboven waaide.  ‘Dijkstra, waar kom jij nou weer vandaan’. Dat zou ik nog vaker horen in mijn leven ;-)


Zoals ik al eerder vertelde, als er in Rotterdam iets crashte gaf Zestienhoven alle medewerking. ‘Slecht nieuws is ook nieuws, we kunnen niets anders dan ook dat toe te geven’ zei directeur Wondolleck altijd. In Amsterdam ging het altijd precies andersom. Grote tegenwerking. Bij een Saab vliegtuig die in de weilanden naast Schiphol in de modder dook probeerde de Marechaussee ons ook weg te krijgen. Niks van aan getrokken maar snel ging het niet. Bij elke stap zakte ik verder in de modder tot ik een schoen kwijtraakte. Jammer. Collateral damage. De luchthavenbrandweer kwam er ook op harde wijze achter dat ze voor dit soort dingen helemaal geen goede vervoermiddelen hadden. Boeren met tractoren moesten komen helpen om door de blubber te komen.


Op 4 oktober 1992 gingen we naar de verjaardag van mijn neef Miles die toen in Hoofddorp woonde. Miles wilde vliegtuigjes kijken dus met twee auto’s gingen we naar de spottersplek naast de startbaan. Het miezerde wat en er steeg een El Al vliegtuig op. ‘Nou’, zei mijn moeder en ze heeft zich er trouwens de rest van haar leven voor geschaamd, ‘Als er iets gebeurt moet het nu maar gebeuren, dan kunnen we gelijk aan de slag’. Waarmee ze mijn pa en mij bedoelde. Maar, het vliegtuig steeg netjes op en vloog weg. Na een uurtje was ik het wel zat en ik moest nog wat dia’s ontwikkelen voor de krant van woensdag. ‘Doei’ riep ik en ging naar huis. Half zeven was ik thuis en tien over half zeven kon ik weer terug. Een vliegtuig gecrasht in een flat in de Bijlmer. Laagvliegend kwam ik drie kwartier later aan bij knooppunt Holendrecht waar een Porsche van de AVD de weg had afgesloten. Perskaart, ik kwam er niet door. ‘Ja maar’ zei ik tegen de politieman ‘ik begrijp dat jullie de A9 afsluiten voor de hulpverlening maar als ik in de file op de A2 moet gaan staan kom ik er nooit’. Met de 80.000 stratenkaart op mijn knieën zeg ik tegen hem, ‘Laat me er hier op rijden, ik pak de eerste afslag en ga verder binnendoor.’ Dat vond ie een plan dus ik reed verder. Even later werd ik ingehaald door een ambulance en dacht, krijg het heen en weer, en plakte achter de ambu naar de tweede afslag, Bijlmer. Op de Groesbeekdreef stond een ongelofelijk lange rij ambulances en ik kon mijn auto op een nabij gelegen parkeerplaats kwijt. De politie raakte een uur na de crash eindelijk een beetje georganiseerd en een inderhaast geformeerd peloton Mobiele Eenheid begon de omgeving te ontruimen. Daar wachtte ik maar niet op en dook een trappenhuis van een flat in, ging naar de derde verdieping waar ik over de galerij naar het volgende trappenhuis ging en zat zo in een keer achter de linies ME. Ik zag niet meer als stof, brokstukken en er liepen wat mensen. Terwijl ik probeerde niet op te vallen ging plotseling mijn mobiele telefoon af. Ja, dat waren nog enorme bakken. Geen portables maar sjouwebels. Riem om je nek heen en een kast met een krulsnoer en een hoorn erop. Paris calling. Persbureau Sipa press. Ze boden me 3000 dollar voor foto’s , maakte niet uit wat, als het maar om 8 uur maandagochtend in Parijs was. ‘Gaan we doen’, riep ik. Na enige tijd kwam bij de plek waar de gewonden bij elkaar werden gebracht, onder zware beveiliging,  de Israëlische ambassadeur aan. In het onderzoek naar de oorzaak kreeg ik trouwens jaren later nog de AIVD op mijn stoep of ik de beruchte ‘mannen in witte pakken’ had gezien daar. Ja,  uiteraard. Dat waren de rechercheurs in weggooi overalls. Raadsel ook weer opgelost. Na een paar uur kon ik, toen de rook was opgetrokken, een foto maken van het gapende gat in de flat. En besloot op zoek te gaan naar een taxi. ‘Heb jij je paspoort bij je? Ja?, oke. Hier heb je drie filmrolletjes, op dit adres in Parijs afleveren, daar kan je afrekenen’. En de chauffeur ging op weg. Een ritje van 800 gulden. Later hoorde ik dat hij om tien voor acht de films afleverde. Net op tijd.


Vroeger had je als fotograaf ondanks alles toch wel meer toegang dan tegenwoordig. Bij een grote brand op een schip in de Rotterdamse haven kon je nog gewoon de werf op. Dat zou tegenwoordig echt niet meer lukken.Op de RDM werf op Heijplaat werd een onderzeeboot gebouwd. Hartstikke geheim natuurlijk. De werf was zwaar beveiligd. Niemand erop en niemand eraf zonder checks. Totdat er brand ontstond op de duikboot. Tussen twee brandweerwagens in reed ik het terrein op. Ja, mijn auto’s hadden altijd maar drie eisen, moesten gas kunnen geven, remmen, en brandweerrood zijn. Ik kon een foto maken, werd in mijn kraag gepakt en met dezelfde vaart weer van het terrein afgegooid. Maar ik had ‘m wel. Niet dat er veel te zien was, zelfs geen rook. Ook hier was Paul Stolk me trouwens ook te slim af. Hij had niet meer dan ik maar hij had gewoon een bootje van de roeiers gecharterd en fotografeerde de duikboot vanaf de waterkant.


Soms had je mensen die er allemaal geen zin meer in hadden en op de overweg gingen staan. Tragisch natuurlijk. Maar als fotograaf moest je toch een foto maken. Al waren het maar hardwerkende ambulanciers of brandweerlieden. Verder mocht je natuurlijk ook niet te veel ellende en bloed zien want lezers vonden dat niet prettig. Op de Joppelaan in Schiedam was het weer eens prijs. Vlakbij in Delft zat toen het gekkenhuis Sint Joris, tegenwoordig de ‘Psychiatrische Inrichting’. De Joppelaan was afgesloten maar ik mocht doorlopen. Ik sloeg om de hoek bij de politieauto op de overweg en kon nog net over een los hoofd heen stappen. Agenten lachen. Ja achteraf kom je er dan achter dat dat hun manier was om zélf over dit soort trauma’s heen te komen. Ik ben altijd van mening geweest dat wát je hulpverleners ook betaalt , het zal altijd te weinig zijn. Sommige dingen krijg je nooit meer van je netvlies. Tegenwoordig hebben ze gelukkig  BOT Teams bij de hulpverlening. (BedrijfsOpvangTeams. ) Ferry, hoe heb je dit altijd volgehouden. Ik hoefde alleen maar foto’s te maken met een telelens. Jij moest de troep opruimen. Respect. Geniet van je pensioen gozert.


Ik heb in mijn leven 1 jaar een baan/werkgever gehad. Ik werkte net een week bij Fotobureau Cor Vos toen in Moerdijk in een gierende storm een Fokker naar beneden kwam en in de spoordijk dook. Net na zonsondergang kwam ik aan en kon er niks meer. De volgende ochtend ging ik samen met Ed Oudenaarden terug en sluipend door droge sloten kwamen we bij een huisje binnen de afzetting aan waar we een bovenraam mochten gebruiken. We hadden de eerste foto’s maar kwamen helaas 5 minuten te laat bij het Vrije Volk aan. De krant draaide al. Maar ook daar leer je van.


Oud medewerker Dennes van der Wel had het wel gezien als fotograaf en na een aantal jaren ging ie zelf zijn vliegbrevet halen. Nu moeten piloten van kleine vliegtuigen verplicht elke twee jaar, in het laatste jaar 12 vlieguren maken anders raken ze hun brevet kwijt. Dan vliegen ze meestal gratis op rondvluchtjes zodat ze maar uren maken zonder dat het ze geld kost. Dennes nam een vliegtuigje over van een andere piloot en vroeg nog: ‘Is ie volgetankt?’ en ging akkoord met het antwoord ‘Ja’. De brandstofmeter scheen het al jaren niet meer te doen dus hij ging af op zijn collega. Het vluchtje ging gelukkig richting Maasvlakte en toen daar de motor begon te sputteren kon Dennes hem netjes op het autostrand van Oostvoorne landen. Omstanders hadden echter de noodlanding gezien en de brandweer kwam in grote getale naar het strand. Niks aan de hand. Het werd nog wel een dingetje met de Rijksluchtvaartdienst die onderzoek kwam doen. Ze hadden gelukkig een jerrycannetje brandstof bij zich dus hij kon ook weer gewoon opstijgen van het strand en terugvliegen naar Zestienhoven. Kan je toch zeggen dat je op plekken bent geland waar nog nooit een vliegtuig geweest is ;-) Maar de les was hier: nooit op een ander afgaan, alles zelf checken.


Veronika Muijs was precies op deze dag bij ons begonnen als administratief medewerkster. En na een uur reden we met stevige snelheid naar Hoek van Holland waar een Stena schip door een harde windstoot of een verkeerde manoeuvre zijn sleepboot had omgetrokken. Nou maak je bij een incident als dit vaak maar een paar verschillende foto’s terwijl twee kranten van ons verschillende foto’s wilden hebben. Niets zo vervelend als twee kranten met dezelfde voorpaginafoto. Ik duwde Veronika een camera met een telelens in haar handen en zei: ‘Daarop richten en schieten’. En ik rende zelf met een groothoeklens naar de boot van de reddingsbrigade. Zo hadden beide kranten iets verschillends. Je klanten tevreden houden. En Veronika dacht: ‘Ik was er toch voor de administratie….. Als dat elke dag zo gaat’ ;-)


Camera’s . Als ik zo door mijn archief heen loop denk ik wel eens: wat maakte ik vroeger soms baggerfoto’s. In de tijd dat we nog filmpjes ontwikkelden kon je pas zien of iets echt gelukt was als je het negatief zag. Tegenwoordig met digitaal wordt er zoveel gefotografeerd dat er altijd wel iets bruikbaars tussen zit. Het vak is ook niet zo leuk meer. Iedereen denkt dat ze het kunnen. Toen ik het (ex) vriendje van een medewerkster ‘s-avonds aan de lijn kreeg dat hij bij het lopen van zijn beveiligingsronde een zware klap op de spoorlijn had gehoord ging ik op weg naar Barendrecht. Daar hebben ze allemaal vrijwillige brandweerlieden dus die hebben een paar minuten meer tijd nodig omdat ze van huis eerst naar de kazerne moeten  Ik kwam samen met de brandweercommandant onder het viaduct aan waar het gebeurd was. Een frontale treincrash met gigantische schade. Maar ook stikdonker. Ik had net die dag een  nieuw model camera gekregen en wilde hem uitproberen. De wrakken werden alleen verlicht door de zaklamp van de brandweerman maar het beeld was gigantisch.  Ik kon snel weer weg maar voor de brandweer werd het een lange klus. Sommige hobbyfotografen dachten vroeger dat als ze de nieuwste apparatuur hadden dat het wel  goed kwam. Nee,  natuurlijk niet. Je moet ook wel weten wát je doet. Maar met deze kwaliteit camera’s werd onze wereld wel snel heel anders. Ik heb me er allang bij neergelegd dat nieuwsfoto’s steeds meer gemaakt zouden gaan worden door toevallige voorbijgangers met hun mobiele telefoon. En inderdaad. Een beetje iPhone doet het tegenwoordig beter dan een camera van 10 jaar terug. Het vak gaat kapot.


Politie Rotterdam-Rijnmond heeft een heel bataljon persvoorlichters. Die afdeling is van ik denk 5 mensen in 1980 intussen gegroeid naar 17.  Vroeger allemaal mannen, tegenwoordig allemaal dames. Of ze iets kunnen maakt niet uit, als ze maar een opleiding communicatie hebben gehad. En als je 1 ding op de opleiding communicatie níet leert dan is het…. communiceren. Maar de oude garde sloeg de plank ook wel eens mis. Meestal kwamen ze vanzelf en hoefde je niet te bellen. Voormalig journalist Anne Geelof belde je gewoon op als er iets was en dook daarna zijn auto in en als Jelle Egas piket had was ie vaak eerder ter plaatse dan dat ik er was. En hij woonde in Amsterdám ! Hans Stoop was als voorlichter-politieman nog de enige met een rang terwijl de rest allemaal burgerpersoneel was. Politiemensen op straat trokken zich over het algemeen niets aan van persvoorlichters zonder rang. Als Hans kwam kreeg ie veel meer voor elkaar.  Vroegûh dan. Tegenwoordig is dat wel verbeterd. En Ger de Jong, ach, wat zal ik zeggen. ( hier links, rechts Huub Veeneman, ook een topper)Ger, hij kwam soms wat langzaam op gang. Toen er twee trams op elkaar klapten op de Vierambachtsstraat was er geen voorlichter te vinden.Ik belde Ger die op het bureau zat: ‘Ger, je moet hier heen komen want er staan twee trams op elkaar’. Ger: ‘Nee joh, er is niks aan de hand. Klein botsinkje.’ Ik: ‘Ger, je moet hier heen komen, de gewonden liggen in bosjes op de stoep’. En nog had ie geen zin om te komen. Pas na een uur of wat kwam ie opdagen en moest toen toch wel toegeven dat ie het onderschat had.


Ger kon trouwens ook heel snel zijn. Toen C2000 eraan kwam en wij dreigden niks meer te horen over de mobilofoon gingen Willem Duivestein, Paul Stolk, Pim Korver en ik om tafel met Ger. ‘Ger, hoe gaan we dat nou doen na de overgang naar C2000?’ . ; Ja jongens, wat willen jullie dan?’ ‘Nou , gewaarschuwd worden bij moord, doodslag, scheepsrampen, vliegtuigongevallen, treinongelukken, zware aanrijdingen, demonstraties, nucleaire bedreigingen, gifwolken, grote branden, ontsnapte apen, ingestorte viaducten etc etc. Dat is toch wel duidelijk Ger, jij draait toch ook al een paar jaar mee’. ‘Ja maar hoe dan?’ ‘Nou Ger, de brandweer alarmeert hun vrijwilligers met de brandweerpieper. Gewoon een nieuwe code maken voor ‘Persalarm’ en dan jullie systeem koppelen aan het meldkamersysteem van de brandweer’. Dat bleek trouwens gewoon al te bestaan en gekoppeld. ‘Want Ger, anders moeten we je elke vijf minuten bellen Ger. Ger is er  nog wat? Niet Ger, oke Ger, tot over vijf minuten Ger. Vierentwintig uur per dag Ger.’ Nou, Ger zag de bui al hangen en een week later was alles voor elkaar. We konden nog een tijdje meeluisteren en merkten dat wij het alarm soms al eerder binnenkregen dan dat de politieauto op straat opgeroepen werd. Mooi , dachten wij. Maar de aanvullende informatie gingen we wel missen. Op de scanner hoorden we of en hoeveel gewonden er waren. Of dat die enorme botsing die gemeld werd gewoon een klein deukje was. Dat was echt een zorg. Totdat Willem Duivestein, de SBS6 cameraman, tegen mij zegt: ‘Jij hebt verstand van radiotechniek hè?’ Ja , dat had ik wel, MTS electro en in 1977 kon ik van een leuke prijs in de staatsloterij mijn eerste computertje al kopen, een TRS80 met 4k geheugen. Willem was erachter gekomen dat de TomTom van de politieauto’s al vanuit de meldkamer geprogrammeerd werd zodat de dienders geen tijd kwijt waren om te zoeken waar ze moesten zijn. En Willem wist ook dat dat níet via C2000 gebeurde. Dus wij gingen samen op zoek naar de frequentie waar dat op gebeurde in de hoop dat we konden detecteren dat er drie of meer auto’s naar hetzelfde adres werden gestuurd, niet zijnde de binnenplaats van het politiebureau, want daar moest dan iets aan de hand zijn. En die frequenties vonden we. En we zagen niet alleen de melding maar het hele kladblok van de meldkamerman/vrouw : ‘Uitslaande brand op de Brielselaan, ladderwagen van de brandweer is onderweg, aan de achterkant hangen nog drie mensen op het balkon’. Gouden, onmisbare extra informatie. Nou hadden die zenders maar een beperkt bereik maar met een paar collega’s in de regio die allemaal een scannertje op die frequenties afstemden en die data naar mijn server stuurden kon ik er een kopie van het meldkamersysteem van maken. We wisten alles. Op de Coolhaven werd een krokodil gezien, het was een opgezette maar toch. De politiemensen vroegen zich af hoe wij dat in godsnaam konden weten want we konden toch niet meer meeluisteren ? Totdat Fred Pruim, chef van de Rotterdamse Telegraaf redactie een ‘opening voorpagina’ had: ‘Politie laat netwerk open staan’. Klootzak. Ja, binnen 10 minuten hadden ze het netwerk op slot gezet. Maar Fred bleef nog maandenlang bellen ‘Of we nog iets op het schermpje konden zien? ‘  Nee Fred, dat heb je zelf vernacheld. Beetje heel erg dom, om die bekende Argentijnse nog maar eens te citeren. Alles verziekt voor een eenmalige primeur.


Bij Papendrecht reed een keer een oude Zwitserse postbus in de sloot. Ik hoorde over de scanner dat het een huwelijksfeestje was . Maar ja, Papendrecht, toch gauw drie kwartier rijden. Toch de gok genomen. De bus lag er nog maar het hele gezelschap zat er ook nog in. Het net getrouwde stel en alle gasten mochten opdrogen in het plaatselijke buurthuis.


De Spijkenisserbrug was eens het decor van een paar hele rare aanrijdingen. De bomen waren open maar de brug ging ook open. De eerste auto’s knalden tegen de zijkant van het beweegbare deel aan. Nog mazzel want een halve meter verder en de bestuurder zou zijn onthoofd, nog iets verder en ze zouden onder het brugdek in de Oude Maas terecht zijn gekomen.


Op de smalle dijk van Maasdijk naar Hoek van Holland raakte eens een vrachtwagen met vis van de dijk. Grote ravage. Op weg naar de Hoek reed ik bij het kleine kasteeltje op de dijk achterop een muurvast staande file. Dan maar onder de dijk. Ik kwam zo gemakkelijk bij de ravage en parkeerde mijn auto in het gras. Na anderhalf uur kwam ik terug bij mijn auto en er zat een prent achter de voorruit. Toch maar even terug de dijk opgelopen want ik wilde de verbalisant wel eens spreken. Er lag niet voor niets een perskaart achter mijn voorruit. Maar niemand voelde de behoefte om zich te verantwoorden. Ook goed. Dan gaan we naar de rechter.  Ik moest nog wel even uitzoeken wat ik nou precies gedaan had. Dat bleek gezien de code op de prent: ‘Het negeren van een inrijverbod, behalve bestemmingsverkeer.’ Nou, ik dacht dat ik wel bestemmingsverkeer was. Toch? Een paar maanden later kom ik bij de kantonrechter in Delft. ‘Goedemorgen Edelachtbare’ zei ik toen ik de zittingszaal binnenkwam tegen de rechter, officier van justitie en de griffier.  ‘Nou zegt u het maar meneer Dijkstra’ zei de rechter. ‘Edelachtbare, ik ben persfotograaf en in bezit van de Landelijke PolitiePerskaart. Alstublieft, hier heeft u productie 1.’ Ja, ik had goed opgelet bij mijn advocaat want bewijsstukken heten producties. ‘Zooo’ zei de rechter, ‘Is dit nu een perskaart?’ en hij schoof hem door naar de OVJ. ‘Ik was op weg naar een zeer zware aanrijding in Maasdijk, hier heeft u productie 2. ‘ en ik gaf hem een afdruk van onderstaande foto. ‘Zooo, dat is een ernstige deuk’ zei de rechter en hij schoof de afdruk ook door naar de OVJ. ‘Meneer de Officier, vertelt u het maar’. Nou die arme OVJ kreeg precies 30 seconden voor de rechter zei: ‘Meneer de OVJ, stopt u maar. Mijnheer Dijkstra, ik doe gelijk uitspraak. Deze overtreding is niet begaan, u krijgt uw 60 gulden borg terug en ik veroordeel het Openbaar Ministerie tot het aan u betalen van 100 gulden schadevergoeding wegens de u toegebrachte overlast.’ Yessss…. Ik ging uiteraard jodelend de rechtbank uit. Intussen ben ik er ook achter dat je zelf bepaalt of je bestemmingsverkeer bent. Altijd. Als jij vindt dat je er moet zijn, desnoods om te pissen, dan ben je bestemmingsverkeer. Best handig om te weten. Van elke 10 bekeuringen die ik kreeg stuurde ik er 8 terug, er mankeerde altijd wel wat aan. En die twee die over bleven, ach, collateral damage.


Ik kwam natuurlijk vaak dezelfde mensen tegen van brandweer of politie. En na afloop namen we altijd afscheid met ’tot vannacht’ . Want sommige shifts zag je nooit. Daar gebeurde nooit wat tijdens hun dienst.Zo ook bij deze aanrijding op het Kleinpolderplein die de hele weg blokkeerde.Maar ‘s-nachts was het bal. Bij houthandel Abraham van Stolk , hemelsbreed tweehonderd meter verder dan die aanrijding brak na middernacht een enorme fik uit, zo erg dat de politie vol werd opgeschaald omdat de gevangenis de Schie ontruimd zou moeten gaan worden vanwege de rook die door de ventilatie naar binnen werd gezogen. De gevangenen zaten hoestend en proestend binnen. Dan kan je natuurlijk niet een paar RET bussen laten komen en de gevangenen opvangen in het buurthuis. Gelukkig draaide de wind en werd er niet ontruimd. Het hout brandde nog dagen .


Op de Vlaardingse Westhavenkade brak ooit brand uit in een restauratiegarage waar heel wat oude auto’s stonden. Door de hoeveelheden brandstof die in die auto’s zaten greep de brand snel om zich heen. Buurman Chou met zijn Chinese restaurant vreesde overslag. Terwijl de brandweer nog in de voertuigen moest stappen hoor ik mijn beste vriend brandweerman Dirk-Jan de boot van de Havendienst antwoorden: ‘Zullen wij alvast beginnen’ zei de RPA. ‘Ja doe maar’ zei DJ, ‘Jullie zien het het best, wij zijn nog onderweg’. En er werd een waterkanon opgestart die 1 kuub water per drie seconden naar binnen joeg. Desalniettemin duurde het nog lang voor het vuur uit was. Alle oldtimers waren total loss. :-(


Over ‘warme’ fikkies gesproken. Op de Fokkerstraat brak eens brand uit in een opslag van pallets, pal onder de hoogspanningsmasten van Schiedam naar Delft. Welke idioot bij de gemeente had dat bedrijf toestemming gegeven zich onder de hoogspanningsleidingen te vestigen. De brand was zo heet dat de armen van de masten langzaam smolten. En de kabels waar weet ik hoeveel kilovolt op zou staan zouden dan op de grond vallen. De koplampen van de ladderwagen bleken na afloop gesmolten en de rode verf was van de motorkap gebladderd. Wat zit er een hitte in brandende pallets.


Oudjaar 1993 was een rare nacht. Sowieso was oudjaar altijd hard werken want tussen 1 minuut voor 12 tot hooguit een halfuurtje later moest ik voor het Rotterdams Nieuwsblad 3 verschillende foto’s maken in Vlaardingen, Schiedam en Maassluis. En intussen alle idioten omzeilen die midden op de straat vuurpijlen in flessen afstaken. Gelukkig was het vuurwerk nog niet zo erg als die bommen van tegenwoordig. Het was zware mist, niet alleen door het vuurwerk. En er kwam een melding van een aanrijding met een vrachtwagen bij de Beneluxtunnel. Terwijl ik de snelweg opreed kwam er nog een melding van een in brand staand tuinhuisje op het oude Moermanterrein. Langzaam rijdend door de mist keek ik toch een beetje naar rechts waar dat tuinhuisje zou branden. Ja inderdaad. Maar honderd meter verder reed ik een heel verlichtte koepel in de mist in. En in het midden staan drie auto’s volledig in de brand. Ik belde snel met de Vlaardingse brandweer, ‘Jongens, laat dat tuinhuisje maar fikken en kom naar de Rijksweg’. Heel bizar. Er zaten een paar kinderen achter in een van de auto’s die in brand stonden maar die waren door de aanrijding onder de voorstoelen klem komen te zitten. En het vuur was te heet om de deuren te openen die overigens ook beschadigd waren en niet meer open konden. De auto’s zijn later op een oplegger naar de binnenplaats van de brandweer gereden waar de stoffelijke overschotten  uit de wrakken konden worden gezaagd. Ik heb daarna een gruwelijke hekel aan mist gekregen :-(


Ja echt, je kan verdwijnen tijdens je werk en ze vinden nooit meer iets van je terug. Een werknemer van de Schiedamse plantsoenendienst was aan het schoffelen aan de Voorhaven waar hij in een loze ruimte achter de kadewand zakte. Gelukkig was zijn maatje hem na verloop van tijd kwijt en hoorde hij heel zacht gillen tussen de struiken. Hij was echt drie of vier meter naar beneden gezakt. De brandweer kon hem er na lange tijd uithalen.


Een dronken droppie was eens op het veel te dunne ijs aan de Vlaardingse Oosthavenkade gestapt en stond daar te zingen. Omstanders trokken hem naar de kant maar daar ging het hele gezelschap door het ijs. Alcohol. Tja… Voor hetzelfde geld kom je onder het ijs en ga  je hemelen.


Knooppunt Ridderster was nog in aanbouw en toen kwam een melding van een ingestort viaduct. Bij het beton storten was iets niet goed gegaan en de hele bekisting was scheefgezakt, het beton eruit gevallen, en de mensen die er boven op stonden ook. Twee dodelijke slachtoffers en een man die het overleefd had maar zoveel beton over zich heen had gehad dat ie bijna een standbeeld was geworden.


Paardrijders zijn een apart volk. Na een melding van een paard die in een mestput gevallen was reed ik achter de brandweer aan, het zou vast wel een mooi plaatje van een reddingsactie opleveren. Nou, daar waren de mensen van de manege niet van gediend. Met stevig duwen werd ik verwijderd. Maar de brandweermensen zeiden tegen de paardenmensen: ‘Als jullie die fotograaf niet met rust laten gaan wij ook weer weg’. Een plaat als dit geeft ons wat reclame want de gemeenteraad wil weer bezuinigen op de Brandweer. Zo zien ze tenminste wat we doen. Ik werd verder met rust gelaten ;-)


Slangen. Je denkt dat die beesten alleen in warme landen leven maar ik heb er in Nederland meer gezien dan me lief is. Ik heb echt een rot hekel aan die beesten. In Afrika ben ik er twee keer op gaan staan, een keer een pofadder (Google maar eens op wat voor een wonden die beesten veroorzaken, en ik was een paar honderd kilometer van de dichtstbijzijnde dokters post vandaan) en een keer op een groene mamba. De bijnaam van dat beest is: the one sigarette snake. Ofwel: na een beet heb je nog tijd voor één sigaret en daarna ben je dood. Gelukkig allebei de keren niet gebeten. Oh ja, toen ik in Australie door een gat in een heg liep stond ik ook bijna op een slang. Volgens de camping eigenaar was dat de huisslang. Die deed geen kwaad zei ie. Nou, toch liever niet. Anyhow. In de jaren tachtig hoorde ik een melding ‘Schaeperlaan in Schiedam, daar ligt een Boa constrictor achter de tv’. De onverschrokken diender Kees Gunneweg komt even later met een dikke slang weer uit de flat. En toen wilde ik nog even een foto maken. ‘Schiet je wel op want ik hou hem niet meer’. Klik. En ze stapten in de surveillance auto, met gillende sirenes op weg naar Blijdorp. Ontsnapt dat beest halverwege. Ik heb nog nooit zo snel twee dienders uit een auto zien  komen ;-)Nog geen paar weken later zien bewoners een slang in de achtertuin, ook in Schiedam. Met een hark en een visnetje wordt ie in een vuilnisbak gewerkt. En de grootte werd nog even aangegeven. ‘Ja schat, ik heb zooo’n grote vis gevangen.’ Visserstaal ;-)  En een dag later hoor ik over de mobilofoon: ‘Bel Dijkstra even, we hebben een slang hier op het bureau’. Ik weer laagvliegend naar de Lange Nieuwstraat. Op de binnenplaats weer een vuilnisbak, die gaat open …. en er komt een tuinslang uit. Geintje ;-)

Maar ook daarna kwam het nog regelmatig voor. Altijd in Schiedam, dat wel. Er zaten er soms tussen waarvan ze zelfs in Blijdorp in de boeken moesten zoeken om te kijken of ie giftig is. Intussen weet ik wel dat alle ‘sidewinders’, slangen die opzij bewegen ipv naar voren altíjd giftig zijn.Nou, vooruit, nog een dan. In Maassluis. Op de laan 40-45 waren wat plantsoen medewerkers aan het schoffelen en die zagen een slang in het gras. En ik kwam daar net voorbij. Dan de brandweer maar even bellen die met scheppen ging graven waar ie verdwenen was. Ze wilden ons eerst niet geloven maar even later kwam er toch een rode rattenslang tevoorschijn. Niet giftig, zeggen ze. Maar ze kunnen vast gemeen bijten.


In een gierende storm was er weer eens iets losgeslagen op de Maas. Op Heijplaat was een drijvende kraan wat slordig vastgemaakt en die dreef onbemand naar het noordoosten. Gelijk kwamen er sleepboten en havendienstboten op af maar toch dreef ie verder richting Vierhavensstraat. Echt een paar seconden voor ie op de Bartel Wiltonkade tegen de kant zou slaan en op de huizen zou omkiepen kwam er een duwboot, daar sprong een echte held over van de duwer naar het ponton en wist een kabel te leggen. Dit had heel anders af kunnen lopen.


De Vlaardingse politie kreeg in de jaren 80 als eerste gemeentepolitiekorps een nieuw uniform. Wijkagent Egbert van de Worp belde me met een tip om een foto te maken. Het wijkbureau zat toen niet op het (te kleine) hoofdbureau maar aan de overkant van het water aan de Broekweg. Waar ook de weekmarkt zat.
Dus, voor de foto liepen we over de markt waar alle vrouwen even moesten voelen. ‘Lekker stofje , was het antwoord’ ;-)Persvoorlichtster Christel wilde er met de eer vandoor gaan. Die kreeg complimenten van de commissaris dat ze het allemaal zo goed geregeld had. Wij wisten wel beter. Totdat ze het zelf in de krant las wist ze van niks. Bij een overval op de Rotterdamse Industrieweg belde ik haar een keer om nadere info. ‘Er is geen overval, Roel’. Nou, ik stond voor de deur, samen met wat dienstauto’s. En zij maar blijven ontkennen. Nou kan je als voorlichter zeggen: ‘Ik kan niks vertellen’ of ‘Ik mag niks vertellen’. ‘Ik weet het niet’ is al minder want het is je job om het te weten, maar liegen is dodelijk . Dat kan je 1x doen als voorlichter en dan is het over. Onbetrouwbaar. En toen ze bij de crash van het zweefvliegtuig in Rhoon het nuttiger vond om eerst een Engelse krant te woord te staan en geen tijd had voor het RD, tja, toen was het over.


Elke zaterdag moesten we wel ergens wat voetbalwedstrijden fotografen in het Waterweg gebied maar toen Capelle/Nieuwerkerk fotograaf Peter Molkenboer in het ziekenhuis lag moest ik naar het dames elftal van  Nieuwerkerk. Tijdens de wedstrijd hoorde ik steeds meer sirenes en omdat ik wel twee bruikbare foto’s had ging ik maar eens op het geluid af. En net bij het station zie ik 3 surveillance auto’s staan van …. Schiedam ? Ja dus. ‘Wat doen jullie hier?Twintig kilometer uit jullie gebied ?’ . Er bleek assistentie gevraagd te zijn door de Politie Hollands midden. Een half gesloopte trein met Ajax hooligans op weg naar de Kuip stond nu stil en de supporters stonden op de rails naast de trein. De machinist wilde zo niet meer verder. Daar sta je dan, 6 agenten en even later een hondenman. We rukten langzaam op naar de trein. Ik vraag toch een beetje benauwd aan de hondenman: ‘Wat doen we als ze hier heen komen?’ . Het antwoord was: ‘Jij gaat rennen en wij gaan schieten.’ Oeps…. Gelukkig deden die hooligans geen gekke dingen die dag. Dat liep een paar jaar eerder wel anders. Engelse supporters sloopten ook een trein maar die gasten zijn zo idioot dat ze zelfs naar de ME gingen schoppen. Of nog eerder, supporters die boven op een bus gingen zitten. Met die tram-bovenleidingen waar 400 volt op staat was dat niet zo handig. De ME moest ze eraf slaan.


Behalve voor de kranten werkten we ook voor een groot stockbureau, Sunshine. Daar konden we onze nieuwsfoto’s ook wel kwijt maar waar meer belangstelling voor was waren gewoon foto’s van ‘buitenlandse landschappen’ en ’toeristische bezienswaardigheden’. Die maakten we op dia en moesten op een enorme lichtbak beoordeeld worden en ingeraamd. Daar was ik mee bezig terwijl ik op de scanner achter me door een boel ruis heen hoorde ‘chgrrchchrrrstoring, Hoek van Holland,  chchgrrchhr GWK,  chchgrrchhrrr explosie’. Wat is daar aan de hand? Ik ben nog nooit zo snel in de Hoek geweest, 13 minuten. Dwars door alle rode lichten gereden en ik heb ook niet op mijn kilometerteller gelet. Bij het station Hoek van Holland bleek dat een idioot een zijmuur van het Grenswisselkantoor opgeblazen had en er met een groot geldbedrag vandoor was gegaan. Het leverde aparte plaatjes op. Het bleek later crimineel Eric Jan Quakkelstein te zijn. Over deja vu’s gesproken. Een paar jaar later, ik zit weer dia’s uit te zoeken, komt precies dezelfde melding. Flikt ie het weer. Ik weer laagvliegend naar de Hoek. En later doet ie het nog eens bij de GWK op Rotterdam Centraal. En toen ie gepakt was ontsnapte ie later weer uit bajes de Schie.


Grapje tussendoor. Wie ziet de fout? In de garage heeft iemand zitten slapen. ;-)


Uiteraard moeten arrestatieteams ook oefenen. In Vlaardingen werd de oude LTS aan de Deltaweg gesloopt en met vond het een uitstekende locatie om een leuke actie op te zetten. De ene helft van de AT-ers speelde boef en de anderen zichzelf. Er was al een gerucht dat het hele stuk van de wijk aan de Maas onbereikbaar zou zijn. Ik wist me er toch doorheen te lullen en besloot om eens bij het Unilever Lab te gaan vragen of ik het dak mocht gebruiken. Ik vroeg bij de balie of er iemand van de persvoorlichting was maar dat hoefde niet. Naast de portier stond het hoofd beveiliging die een mega chagrijnig humeur had omdat ie een half uur tevoren had gehoord dat zijn bedrijf anderhalve dag onbereikbaar zou zijn. Ingaande : Nu. ‘Loop maar mee’ zei ie en we gingen met de lift naar het dak. Mooie actie gefotografeerd. Als James Bond fan denk je : Als je het rode lampje ziet, dan ben je te laat.  Ik weet nu dat je er twee ziet ;-)


De telefoon ging. Kolere, half zes…. Ik nam op en hoorde…… waai waai zoef zoef…. Botlektunnel…. terroristen…. zoef zoef waai waai…. Het was een maatje bij de politie die op de motor zat en met z’n telefoon voor zijn vizier mij probeerde te waarschuwen. Bij Hoogvliet aangekomen parkeerde ik mijn auto op de stoep bovenop het viaduct en zag ME busjes, legerauto’s en zwaar bewapende militairen voor de tunnel. Ik liep naar de snelweg en op het moment dat ik over de vangrail wilde stappen kreeg ik een machinegeweer in m’n nek. ‘Wegwezen!!’  ‘Ja maar ik heb een politieperskaart…’ ‘Wegwezen of ik houd je aan !’ Nou, hij keek zo bloedserieus dat ik snel riep ‘Ik ben al weg….’ En liep weer snel naar het viaduct. Ik had nog steeds geen flauw idee wat er aan de hand was. Ja, 9-11 was net achter de rug dus ik vermoedde dat er een dreigingsmelding bij de politie was binnengekomen. Het was overduidelijk geen oefening. We hadden al digitale camera’s waarvan de resolutie overigens niet te vergelijken was met wat camera’s tegenwoordig kunnen. Maar met mijn laptop op m’n motorkap wist ik binnen vijf minuten een paar hele lage resolutie foto’s naar de krant te krijgen. Voor de kenners: 145 kb, photoshop compressie 0. Hij stond paginabreed op de voorpagina die middag. En van die lage resolutie? Je zag er echt niks van.


Ik weet niet helemaal meer wat de oorzaak was maar als je een varken in beslag neemt en in het bureau laat….. dat is vragen om shit ;-) Bedankt nog voor het belletje Niels ;-)


Dieren zorgden trouwens voor veel meldingen in de jaren 80. Een uit het slachthuis ontsnapte stier rende in de Gravenlandsepolder een bedrijfsterrein op waar olievaten opgestapeld stonden en zette overal zijn hoorns in, ook de zijkant van de politiebus. Er was geen andere oplossing dan zo snel mogelijk het dier afschieten maar door een hek heen schieten is mogelijk niet zo verstandig als je een spijl raakt. Uiteindelijk ging ie zonder verdere ongelukken toch naar het slachthuis.


Bij een brand in een Kralingse middelbare school redde een brigadier de schildpad uit het terrarium. Dan is een leuke grap natuurlijk even doen of het een broodje hamburger is. Totdat de schildpad in je vinger bijt ;-)


Op 18  mei 2007, de dag na Hemelvaartsdag kreeg ik een tip dat er iets in Blijdorp was ontsnapt. Ik liep zelf in Giethoorn, toeristische plaatjes te maken, en belde naar kantoor. ‘Fred, als een speer op de motor naar Blijdorp. Er is iets ontsnapt, geen flauw idee wat.’ Toen Fred bij Blijdorp kwam werd de dierentuin net ontruimd. Hij zag een vrouw naar buiten komen met een camera om haar nek. ‘Weet jij wat er gebeurd is?’. Er bleek een gorilla, Bokito, te zijn ontsnapt.‘Heb jij het gezien?’ vroeg Fred, en toen het antwoord ja was vroeg hij: ‘Heb je ook foto’s?’ ‘Ja’, en de vrouw begon op haar camera te bladeren. Er stonden wat andere fotografen omheen en die zag je denken , ‘Bewogen, te ver weg, niet scherp’, Dat gaan wij zo meteen wel beter doen. Maar niemand kwam natuurlijk Blijdorp meer in, behalve die brigadier met die karabijn die Bokito moest omleggen. Fred zei: ‘Die willen wij wel voor de Telegraaf hebben. ‘ en begon met mij te bellen. Bij het horen wat de Telegraaf bood hoorde ik haar twijfelen door de telefoon dus ik zei: ‘Dat is alleen voor Nederland, in het buitenland gaan we er op 50/50 basis nog wat voor je proberen bij te verdienen’. Fred kreeg het opslagkaartje van haar en scheurde naar kantoor. Ja. Wat zal ik zeggen. Je bent een volwassen gorilla van geslachtsrijpe leeftijd. En drie of vier keer in de week komt een vrouwtje door je raam handjes geven en kusjes geven…. En dan ben je een keer in je buitenverblijf en dan zie je haar lopen. Ze hebben je verteld dat je 2 meter water eng vindt dus de gracht is 3.5 meter breed en er is ook nog schrikdraad. Maar hij nam een aanloop. Greep de vrouw, beet haar 60 keer , sleurde haar over het pad, scheurde haar kleren van haar lijf… Ik was een dag later bij haar in het ziekenhuis, het zag er verschrikkelijk uit. En toch, ik had 1 vraag, maar ik durfde hem niet te stellen…..De aap werd door die brigadier uitgeschakeld met een verdovingsgeweer en werd volgens zeggen even later in een kruiwagen teruggebracht naar zijn verblijf. Er waren agenten die daar foto’s van maakten met hun telefoon maar er kwam een decreet van de hoofdcommissaris: Wie een foto naar buiten bracht zou ontslagen worden. Ik heb er inderdaad nooit een foto van gezien.

De zondag een week later haalde een verzekeraar een leuke stunt uit. Blijdorp had verteld dat de aanval kwam omdat mensen de gorilla zichtbaar aankeken en daar kon ie niet tegen. Studenten deelden ongezien door het personeel Bokito brilletjes uit aan bezoekers. De ogen daarvan keken omhoog maar door een klein gaatje in het midden kon je gewoon recht vooruit kijken. Ondanks alles was het toch reclame voor Blijdorp. De hele wereld wist plotseling hoe de Rotterdam Zoo echt heette. Mevrouw de Horde heeft schadevergoeding gekregen en in 2023 is Bokito plotseling overleden.


Op de Oude Maasweg rolde een tankauto eens op zijn zij en kwam zo op een personenauto terecht. Het hele circus aan brandweer en politie kwam op gang en uiteraard was ik er ook. En dat werd herrie met de politie. Een agent ging me te lijf en ik werd weer eens aangehouden en in het busje gestopt. Bij het rollebollen brak de flitser van mijn camera af.  Na een half uur of zo hadden ze 100 meter van de aanrijding af een lintje tussen twee bomen gespannen en daar moest ik achter gaan staan. Niet dus. Thuis gekomen heb ik nog snel een foto doorgestuurd naar wat kranten. De volgende dag belde de voorlichter van de regio me op en hij wilde met de baas van de agent even langskomen. Om verontschuldigingen aan te bieden. Nou, daar doe ik dan niet moeilijk over. Ik vroeg bij de koffie met koek toch nog eens even wat de reden was van die agent om zo uit zijn stekker te gaan. Meestal vonden ze dat ze censuur moesten plegen omdat wij dan ‘vieze dingen’ fotografeerden. Lijken en zo. Ze meenden dan te moeten voorkomen dat de familieleden in de krant moesten zien wat er met de slachtoffers gebeurd was. Terwijl ónze ervaring juist was dat familieleden gráág foto’s wilden zien omdat ze juist wílden weten hoe het gebeurde. De volgende dag stond de foto in het Reformatorisch Dagblad. Behoudende krant dus,…. zo erg kon mijn foto nooit geweest zijn. De reden van déze agent was nogal apart. Hij had last van mijn flitslicht. Jaja,… vijf brandweerauto’s, drie ambulances en vijf politieauto’s eromheen. Allemaal met zwaailicht. En dan had ie last van mijn flitser. Onzin dus. En de voorlichter kwam eigenlijk alleen het adres brengen waar de reparatierekening heen moest.


In de jaren 80 was het een beetje folklore aan het worden. Bij het terugzetten van de zomertijd was het natuurlijk een uurtje eerder donker en de hangjeugd uit Vlaardingen en Schiedam begon zich dan te vervelen en gingen tegen elkaar vechten op de Busbaan tussen de beide steden. Zo ongeveer op de plek waar nu de Ketheltunnel ligt. Het kostte de politie veel tijd, en ons als pers ook. Je ging toch elke avond even kijken want het bleef niet bij stenen gooien. Er sneuvelde ruiten en de bus moest ook een andere route nemen.  Op een avond werden alle ruiten van een politieburgerauto ingegooid en toen was de maat vol bij hoofdinspecteur Gijs Bierling. Uitgerekend op een avond dat ik niet kon gaan kijken kwam er een enorme politie-inzet met geleende open ME jeeps zoals ze die in den Haag hadden. Vier politiemensen in de achterbak met lange knuppels en die mochten vrolijk om zich heen slaan. Collega Paul Stolk die er tussen liep werd knock-out geslagen door een Schiedamse agent die niet zag dat Paul fotograaf was. Ik heb de agent en Paul later nog wel eens aan elkaar voorgesteld, ze hebben er nog lang om gelachen. Na die avond was het trouwens voor altijd over met de rellen.


Met jaarlijks nogal wat kilometers op de teller kom je ook zelf nog wel eens ergens langs. Laten we eerlijk zijn, hier ligt toch een lijk in het water zou je denken. 112 gebeld…. Dan komt de politie en blijkt het een in het water gevallen vogelverschrikker. Tja…


Bart, de andere zoon van vriend Dirk-Jan, wilde wel poseren voor een foto in een boek voor de opleiding aan de politieschool. Verhoor in een politiecel.  Lachen toch, totdat hij zelf die opleiding ging doen en er op dag 1 een boek bij iedereen op zijn bureau lag met deze foto als voorpagina….. BART !!!! ??? JIJ ??Crimineel ;-)


Vrijdagavond, ik wil net naar de Appie in het centrum als de pieper afgaat met een melding ‘Iemand bekneld in Hoek van Holland’. Stuur om en richting Rijksweg. En net voordat ik de weg op draai hoor ik ‘Slachtoffer bevrijd’. Dan toch maar naar de Appie. Daar kreeg ik de volgende dag erg spijt van. Toen moest ik naar Hoek van Holland voor de intocht van Sinterklaas. Daar sprak ik de voorzitster van de Deelgemeenteraad die zei: ‘Wat een toestand gisteren hè met Mevrouw Toth’. Gelijk daarna sloeg ze dicht en besefte dat ze teveel had gezegd. Ik had nog steeds geen flauw idee. Toth was de vriendin van directeur Boonstra van Philips, dat wist ik wel. En die was regelmatig in het nieuws. Ik belde dezelfde zaterdag naar Jolande van de Graaf, de crime-verslaggeefster bij de Telegraaf. Die krijgt op een gigantische manier het hele verhaal compleet. De enige fout die ze maakte was: ze belde zondag om 12 uur ‘s-middags naar de politievoorlichting met de vraag haar verhaal te bevestigen. Had ze nou maar even gewacht tot 8 uur ‘s-avonds. Nu dacht de politie, als het toch al bekend is dan maken we maar een persbericht. Weg primeur…. Wat bleek, de echtgenote van Boonstra, Hansje Boonstra-Raatjes was ontvoerd door een crimineel en had haar in Hoek van Holland geboeid op een parkeerplaats uit haar auto gegooid. De auto werd een dag of wat later in Maassluis naast het station teruggevonden. De maandag erop moest ik met Jolande naar Antwerpen. Op zoek naar het ‘leven’ van Hansje. Modezaak in, modezaak uit. ‘Kent u Hansje Boonstra?’, en dan kwam er als antwoord: ‘Vast wel, maar heeft u misschien een foto van haar?’ En dat was Jolande vergeten. Dus ik vraag het faxnummer van de modezaak en bel naar de fotoredactie of ze asap een foto van Hansje uit het archief kunnen vissen en naar Antwerpen kunnen faxen.  Nou, dat duurde even en Jolande beende onrustig de winkel weer uit. Zonder foto. Dan maar op weg naar Brasschaat waar Boonstra woonde. Een mega villa in de bossen en we waren helaas niet de eerste. Jolande, eigenwijs als ze was, liep gewoon naar het hek en belde aan. Er komt een man naar de poort die plotseling zegt ‘Jolande ??’ Wat bleek, de huisbewaarder was haar oude paardrijleraar. Het hek ging open en tot stomme verbazing van het hele zooitje pers ging Jolande naar binnen en kwam anderhalf uur later met het complete verhaal naar buiten. Toch nog een primeur.  De ontvoering is nooit opgelost. Ik ben er van overtuigd dat bij de modezaken in Antwerpen informatie is blijven liggen. Maar als het uiteindelijk toch opgelost wordt dan gaat Jolande het doen.


Nog zo’n raadsel dat waarschijnlijk nooit opgelost gaat worden. Op een avond maakte de brandweer in Schiedam in een keer zeer groot alarm. Niet eerst klein of middelbrand maar in een keer het hele korps gealarmeerd. Novotel. Zooo daar moet dan echt iets aan de hand zijn. Van een afstand zag ik de vlammen al uit een kamer slaan en ik liep met de brandweer mee naar de achtertuin. De mensen van de hotelreceptie hadden het gelukkig te druk met andere dingen dan me weg te sturen. In de tuin zag ik dat de halve gevel eruit geslagen was. Ik liep met de chef recherche in de tuin rond. Hij was meestal blij dat ik er eerder was dan zijn forensische opsporing fotograaf en dus vaker foto’s van me kreeg waar te zien was hoe iets was begonnen. Ik kreeg dus soms wat ruimte op PD’s. Het hele interieur van de kamer lag in de tuin. Het kraakte onder mijn voeten. Totdat ik er achter kwam dat ik op losse onderdelen van een Bulgaarse terrorist stond die door een fout zichzelf waarschijnlijk opgeblazen had. Botjes dus. We zijn er nooit achter gekomen wat het echte doel van de geplande aanslag was. Mijn schoenen heb ik thuis gelijk weggegooid. 


In de jaren 80, een tijd met veel overlast van drugs in Rotterdam werden er nog wel eens ’tapijtlijken’ gevonden. Veel zelfs. Soms meerderen per week.  Doden, in een rol tapijt gerold en langs de stoeprand gelegd. Het bleken door een overdosis overleden junkies die hun portie drugs bij hun dealer gebruikten, daar overleden en door de dealers dan maar opgerold op straat werden achtergelaten. Probleem opgelost. Maar niet voor de recherche.


Die drugsoverlast was voor de politie op een bepaald ogenblik het startpunt van stevige acties. . Perron nul, een hangplek voor verslaafden bij Rotterdam Centraal was een magneet voor met name ook buitenlanders. In Spangen werd de overlast op een moment zo groot dat de bewoners de buurt blokkeerden zodra er Duitse, Belgische of Franse kentekens de wijk in wilden.De pers werd uitgenodigd voor een persconferentie op bureau Marconieplein. ‘En neem vooral je fotograaf mee’ werd door de persvoorlichters meegegeven. De 25 man pers werden na de persconferentie in vijf groepjes verdeeld en we gingen achter vijf ploegen politiemensen naar panden die bekend stonden als dealpanden. Daar aangekomen ging de deur eruit, stormden de politiemensen naar boven en wij mochten erachteraan.Ik was nog nooit in een junkenhol geweest. Voorzichtig lopend om niet in naalden te stappen probeerde ik zo veel mogelijk te fotograferen. De dagen daarna ging ik met twee politiemensen mee in een burgerauto. We stonden bij de Shell op de Maasboulevard. Daar wachten we op de eerste buitenlandse auto met jongeren erin en volgden we dan. Dan bleek er bij vluchtheuvels op de Maasboulevard en Boompjes types van Noord-Afrikaanse afkomst te staan die een beweging bij hun neus maakte alsof ze verkouden waren. Tja, ik kende dat geheime teken niet maar die junken wel. De auto stopte , de NATOS ( volgens de Amsterdamse persvoorlichtster Elly Lust: Noord-Afrikaanse Teringlijer op Sportschoenen) stapte in en we volgden ze tot ergens in een wijk. Waar aangebeld werd, de NATOS na vijf minuten met z’n bonus weer naar buiten kwam en de junkies een uur of anderhalf wegbleven. Die gebruikten kennelijk wat en als ze weer richting heimat reden werden ze drie straten verder soms met de hand op het pistool klemgereden. Op het bureau werden ze uitgekleed en tot in hun holnaad bekeken. Daar kwamen hele condooms gevuld met heroïne uit.  En ik mocht het allemaal fotograferen.  En de volgende ochtend stond het groot op de voorpagina. De volgende avond kwam ik weer op het bureau en daar stond een pisnijdige Officier van Justitie. ‘Was dat nou nodig?’ Mijn antwoord was: ‘Ja, ik denk dat het nuttig is dat de burger eens te zien krijgt wat de politie aan de overlast doet.’ De OVJ zei: ‘De burger weer heel goed wat de politie doet’. ‘Nou meneer de officier, gaat u maar weer terug naar uw ivoren toren in Wassenaar waar u woont want u heeft geeen idee.’  Maar hoe dan ook, ik mocht het bureau niet meer in.


Over de scanner klonk de melding dat er op het Afrikaanderplein in Rotterdam een kinderlijkje was gevonden. De recherche ging op onderzoek en het stoffelijk overschot ging een dag later per Goetzee, de Rotterdamse uitvaartondernemer, naar het NFI, het Forensisch instituut in Rijswijk. De chauffeur voelde echter dat hij gevolgd werd. Ik was op dat ogenblik met verslaggever Ernst Nordholt, de zoon van de Amsterdamse hoofdcommissaris Eric Nordholt op weg naar een melkstaking in Maasland. (Ja, aan de eettafel zullen in Amsterdam best wel vaak gesprekken zijn geweest die noch de ene noch de andere partij kon/mocht gebruiken). Boeren weigerden nog aan de melkfabriek te leveren in verband met de te lage prijzen en verkochten nu rechtstreeks van de koe. De melding over de scanner klonk paniekerig. We zijn bij Schiedam noord afgeslagen en naar de Harreweg gereden. Daar bleek de lijkwagen klemgereden en de kist met het lichaam ontvoerd. Later bleek dat de Pakistaanse familieleden niet wilden dat er in het lijkje werd gesneden.


Op de Spangensekade in Rotterdam werd eens een lijk gevonden in de achterbak van een auto. Aan twee kanten werd de kade afgesloten en vanaf de Aelbrechtskade aan de overkant zagen we niets. Wat nu: Ik ging halverwege de Mathenessedijk maar weer eens aanbellen met de vraag of ik een balkonnetje mocht lenen. Dat gaf me eersteklas uitzicht. Politie vond het niet leuk maar ja, dan moet je de fotografen wel de gelegenheid geven om iets anders te maken. Onlangs stond ie weer in de krant. Nu was het misdrijf eindelijk opgelost.


Bij kinderboerderij Holywood in Vlaardingen kwam een melding over wat vermoorde konijnen. Vier konijnen waren aan schoenveters opgehangen. Terwijl ik daar aankom trof ik een beheerder die behoorlijk uit zijn stekker ging. Kon ik me voorstellen. Maar ik had een voorstel voor hem, en een uitleg. Ik zei: ‘Laat me er een foto van maken. Die haalt gegarandeerd de krant. En er gaat thuis iemand enorm op zijn lazer krijgen want er is er gisteren een, of er zijn er misschien wel twee, thuisgekomen zonder veters in hun schoenen’. Het lost dit niet op maar het zorgt er wel voor dat het niet nog een keer gebeurt. En zo geschiede. De motoragent wilde wel even poseren.


Ella Achterberg, de vrouw van de Vlaardingse bottenchirurg B. werd vermoord aangetroffen op het fietspad langs de Vlaardingse Vaart. De recherche was bezig met het onderzoek maar het fietspad was aan twee kanten afgezet. Ook hier maar weer eens hier en daar aangebeld en ik mocht van een bewoner van de Goudkust hun achtertuin lenen. De politie toonde zich geamuseerd dat ik zo slim was. Er lag ook een bootje waar ik in klom en naar de overkant roeide. Toen klonk er hard ‘Dijkstra, tot daar. Geen stap op de kant’. Tuurlijk Ger, we gaan geen sporen vernielen. Ik wil alleen een foto. Later gingen er nog duikers in de vaart zoeken naar het wapen. Alleen…. de brandweer had daar geen tijd voor. Toen belde de politie naar collega-organisatie Koninklijke Marechaussee. Die weer belden naar de Duikers van de Genietroepen. Allemaal dus met gesloten beurzen. En dat was wel nodig want die gasten kregen, bovenop hun wedde (salaris) een toelage van 1 gulden per minuut per meter diepte. Dat ging in de papieren lopen. Maar nu niet meer voor de politie. Het wapen werd trouwens wel gevonden.


In Hoek van Holland werd in de duinen een lijk gevonden. Dat zag ik op het eerder genoemde geheime schermpje. Uiteraard was de politie weer uiterst verbaasd dat ik ’toevallig’ langskwam. De beruchte tattoo killers hadden Onno Kuut vermoord.  En als er niet een hond van een voorbijganger was aangeslagen was hij vermoedelijk nooit gevonden.


Af en toe doet de politie veel moeite om te zorgen dat omstanders niets kunnen zien. En wij dus ook niet. Oranje zeiltjes, politie- of brandweerauto’s precies tussen ons en het PD parkeren, ze verzinnen wel iets. Maar wat er soms gebeurt is ook niet te verzinnen. Bij het uit het water takelen van een auto uit de Rijnhaven net achter het nieuwe Luxor theater klapte de achterklep open en viel het daar verborgen lijk er nog net niet uit. Tja….


De meest gruwelijke foto die ik ooit maakte was het even gruwelijke misdrijf dat bekend werd als ‘het meisje van Nulde’. Een klein meisje werd mishandeld en vermoord. Delen van het lichaam werden gevonden bij het Strand Nulde in Gelderland, maar het hoofdje spoelde veel later aan op de kant van de Nieuwe Waterweg bij Hoek van Holland. Ik begrijp oprecht dat de politieman een tijdje in de ziektewet ging. De krant wilde de foto ook niet hebben. Alleen de Panorama plaatste hem. 


De politie protesteerde trouwens zelf ook wel eens. De salarissen werden te laag bevonden. Dus een optocht van protesterende dienders op de fiets ging door Schiedam. Voorop agent Ferry Lockhorst die bij een bevriende boer een gevulde mestwagen leende. Daar was de hoofdcommissaris niet blij mee en er werden wat ‘bedreigingen’ heen en weer gegooid. De mest werd er uiteindelijk bij de Buitenhaven uitgegooid. Het heeft nog lang gestonken in de wijk de Gorzen.  Surveillance op de fiets is ook niks nieuws, maar wel op de snelweg ;-)


Bij de vijfjaarlijkse demonstratie van Molukkers was het gegarandeerd bal. Ze hadden vergunning om van het Haagse Malieveld door de stad naar de Houtrust hallen te lopen. Maar zodra die gasten langs de tocht bij de ambassadewijk een Indonesische vlag zagen werd het ze zwart voor de ogen. Politieauto’s gingen ondersteboven en in de brand, ze gebruikten spuitbussen traangas tegen de politie en de ME moest soms in draf achter het waterkanon aan.  Een keer werden er langs de route tientallen auto’s van onschuldige bewoners vernield. Toen was ik het ook een beetje zat. Ik heb de Haagse recherche gebeld en gezegd dat ze mijn negatieven mochten lenen. Zolang ze maar nooit zouden vertellen van wie ze waren. Binnen een half uur stond er een rechercheauto op de stoep, en een uur later kreeg ik de negatieven terug met een stapel afdrukken erbij. Met dank voor het lenen. Die afdrukken waren niet nodig geweest. Af en toe ben je ook gewoon burger. Zolang er maar geen openlijke verbindingen waren tussen politie en fotografen want we wilden de volgende keer wel weer gewoon ons werk doen. Later hoorde ik van een Vlaardings politiemaatje die toevallig commandant van het Waterkanon was dat hij zelf met zijn videocamera door de voorruit had zitten filmen en zijn bandje ook aan de recherche had gegeven.  Er zijn diverse mensen door gearresteerd. Weet je trouwens dat die waterkanonnen begrensd zijn? Ze kunnen een volwassen vent met grote kracht omver spuiten maar dat mag kennelijk niet, alleen nat sproeien…. Tja, en dan delen ze bij de demonstraties van Extinction Rebellion na afloop ook nog aluminium warmhoudfolie uit om die nat geworden ‘demonstranten’ geen koutje te laten oplopen. Zucht.


Van een bevriende diender kreeg ik een tip dat er wat zou gaan gebeuren bij het woonwagenkamp in Dordrecht. Nou zijn die woonwagenkampen geen dingen waar ik alleen in ga. In mijn eerste jaar als fotograaf moest ik ooit eens een exterieur fotograferen van het ‘Dijkje’ in IJsselmonde en dat kostte me een camera en een lens. Wat was hier het geval. Een officier van justitie en een politieagent moesten een paar weken eerder iets in beslag nemen en dat liep goed fout. Er werd een fles benzine over de OVJ heen gegooid en een aansteker bij gehouden. ‘En nou oprotten’. Ja, OVJ en politieman dropen af maar je weet… ze komen terug. En dat zou die nacht gaan gebeuren. Met verslaggevers Ernst Nordholt van de Telegraaf en Jolande van de Graaf van toen nog Rotterdams Nieuwsblad gingen we op pad. Eerst maar eens kijken bij het kamp. Niks. Toen naar de Boezembocht, de garage van de ME auto’s . Ook niks. Maar op de scanner was wel vaag wat te horen. Op een bepaald ogenblik meende ik ‘Toepad’ te horen. Daar zit in Rotterdam de Marinierskazerne. Daar aangekomen keek ik over de muur en zei….. ‘Tering’….. Daar stonden tientallen ME auto’s, YPR pantservoertuigen, honderden politiemensen. Een hele troepenmacht. Er zou iets gaan gebeuren en we gingen onze plek maar innemen op de ‘s-Gravendeelsedijk. En dat was een goede zet want het was intussen uitgelekt. Ja, 500 agenten en militairen, dat zijn waarschijnlijk nog eens 1500 familieleden (papa moet werken vannacht…)  en daar lekt altijd iets uit. Aan het begin van de dijk stonden nog een tiental collega’s die waarschijnlijk dachten dat ze wel achter de file aan konden rijden. Niet dus. Er werd een spijkermat uitgerold na de laatste ME auto en niemand kwam er meer langs. Wij stonden echter al lekker op de dijk met  eerste klas uitzicht. Het werd net licht  en toen gingen bij de eerste woonwagens de deuren eruit. Een maarrr….. Toen we genoeg gezien en gefotografeerd hadden en weg wilden lag de politie een beetje dwars. Als ‘wraak’ dat we het wisten mochten we nu niet meer van de dijk af. Auto maar laten staan en met de taxi naar de redactie. Die auto haalden we later weer op. Krant betaalde ;-)

 

 

 

 

 

 

De carrière van Roel in een notendop, nou ja, notendop

Waarom ik de komende vier blogs heb geschreven? Het heeft niets met reizen te maken maar het heeft een andere oorzaak. Sinds ik in ons huidige pand woon hebben we elke 3 of 4 jaar in de tuin een barbecue gehouden waar soms wel 130 vrienden klanten en collega’s op af kwamen. En als ik dan met de helaas intussen allemaal overleden collega fotografen en filmers Paul Stolk, Pim Korver, Peter Molkenboer en Ton den Haan zat te smullen van worsten, ribs en kippenpoten dan kwamen, vooral na wat biertjes, de verhalen los. Prachtig, het fotografenleven in de jaren 50-60-70. Ik wilde dat ik ze opgeschreven had. Maar helaas, de verhalen zijn voor eeuwig verloren. Toen dacht ik: dat gaat mij niet overkomen, voor ik het tijdelijke met het eeuwige verwissel en ik ga er van uit dat dat nog een tijd gaat duren, heb ik mijn avonturen opgeschreven. Er zit geen volgorde in maar het is gewoon een opsomming van verhalen die bij me opkwamen bij het uitzoeken van mijn archief. Waarschijnlijk alleen interessant voor collega’s uit de media maar toch. Wil je het niet lezen, ook goed, vanaf begin februari gaan we weer verder met de reisblogs.

Roel

Het grootste compliment kreeg ik van mijn pa, maar pas na heel veel jaren: ‘Hij is toch nog wel goed terecht gekomen’. Ik ben er van overtuigd dat ie zorgen over me had. Moeilijk op school terwijl achteraf bleek dat een jongetje met een IQ van 137 en iets met een vier letter afkorting beginnend met een A niet in een gewone klas past. Maar ja, als ze daar eerder achter gekomen waren was ik waarschijnlijk nooit fotograaf geworden. Dat kwam trouwens ook bij toeval. Fotograferen vond ik wel leuk en ik probeerde op een bepaald ogenblik zelf te ontwikkelen en af te drukken. Pa scoorde wat spullen bij fotograaf Jaques Poeisz van het reclamebureau waar hij werkte, maakte met mij een vergroter van een oude lens, triplex, karton en een stuk pvc pijp met een 200 watt lamp erin. Als ik langer moest belichten dan 10 seconden zag je langzaam de pvc pijp smelten en scheefzakken ;-) Ik ging mijn vakantiefoto’s afdrukken.

En toen brandde een straat verder een kelder uit, ik ging met de zelf gemaakte afdruk naar het plaatselijke suffertje Groot Vlaardingen waar ik twaalf en een halve gulden kreeg van de redactiechef Ruud van Houwelingen.Ik begreep pas veel later dat hij bij zijn hoofdredacteur het dubbele afrekende maar die heb ik in de jaren daarna nog wel teruggehaald ;-) En zo was de nieuwsjager geboren. Ik kocht van m’n eerst verdiende centen een scanner en zodra er iets interessants klonk was ik al onderweg.


In mijn carrière had ik met twee soorten mensen te maken, zij die fotografen leuk vonden en zij die fotografen en pers in het algemeen haatten als de pest. Politici waren je vrienden zolang ze in het nieuws kwamen, politiemensen zaten er vaak niet op te wachten. En persvoorlichters probeerden daar een beetje in te bemiddelen. We hadden in Rotterdam een oude Telegraaf journalist die was overgestapt naar de politie: Anne Geelof. Gouwe vent want die begreep het vak van beide kanten. Er was een moord gebeurd en de chef recherche was pisnijdig over al die aanwezige pers want wat bleek, er lag ‘daderinformatie’ in beeld, iets wat alleen de moordenaar wist.Komt Anne aan en zegt tegen de chef: Dan leg je daar toch even iets overheen, dan maken die gasten hun foto en over vijf minuten heb je er geen last meer van. Tja, het leven kan soms zo eenvoudig zijn.


Mijn bestelling ontwikkelaar en fotopapier ophalend in een fotowinkel in Schiedam west gaat mijn brandweerpieper af. Ja, die pieper was ook nog een geschiedenis. Alle brandweerlieden in de regio hadden zo’n ding want zo waren ze oproepbaar als ze vrij waren en de boel uit de klauwen liep en er meer mensen nodig waren. Ik wilde uiteraard ook zo’n ding want het voordeel was: zolang er niks aan de hand was bleef dat ding stil. Alle radioverkeer werd gedempt en alleen als er een alarm was ging ie herrie maken. Dan kon je daarna een knopje omzetten en dan kon je gewoon de mobilofoon meeluisteren. Maar toen ik Motorola belde om zo’n ding te bestellen werd dat door de Vlaardingse ondercommandant hoogstpersoonlijk verboden. Motorola kreeg te horen dat als ze mij een pieper zouden leveren de Vlaardingse brandweer naar een andere leverancier zou gaan. Nou ja, dat kon ik ook natuurlijk en voor 1400 gulden kocht ik een ander merk. Die heeft zich snel terugverdiend hoor. Dat meeluisterknopje was trouwens door dezelfde commandant bij de brandweerlieden geblokkeerd door er een printbaantje door te snijden. Die mochten niet meeluisteren. Maar ja, brandweerlieden waren ook niet gek en iedereen wist wel hoe ze dat moesten herstellen. Afijn, de pieper ging af en er bleek brand bij Zwembad West in Rotterdam. De rookwolken waren van ver al te zien. En het verkeer stond volkomen vast . Daar had ik ook iets voor. Er bestonden kleurfilters voor onze Metz flitsers. Ja, ook in de kleur blauw. Die heb ik door de voorruit flitsend wel eens vaker misbruikt. Op de Spaanseweg gooide ik mijn auto in de berm en ik rende richting brand.Plotseling zag ik een paar kinderen in tranen op me af komen. Terwijl andere fotografen richting brand gingen fotografeerde ik eerst de  kinderen.Die brand wacht maar even. Een zwembad. Zoveel water en dan zo’n fik. Hoe dan? Elke brand begint altijd met een vonk. Als je er maar snel genoeg bij bent. De oorzaak bleken: dakdekkers. Altijd weer die dakdekkers. De volgende dag stond de foto met de kinderen in alle kranten. Trouwens, zelfs mijn eigen huis in aanbouw brandde ooit bijna af. Dakdekkers….


Ik hoorde op de scanner dat er een bom was ontploft in een loods van het politiebureau Boezembocht in Rotterdam. Snel de auto in en bij het oprijden van de RW 20….. stond het verkeer muurvast. File. Waarom? Geen idee. Maar twintig seconden later werd ik via de vluchtstrook rechts ingehaald door een auto van de verkeerspolitie. Die zag ik een paar meter verder stoppen, terugsteken en er ging een lichtbak aan achter de achterruit: VOLGEN-VOLGEN…  Ja, er zat een maatje van me achter het stuur die mijn auto herkende. Ik, strak achter die strepenbak, over de vluchtstrook van Vlaardingen naar de Boezembocht. Zelfs zonder file had ik het nooit zo snel gedaan. Bedankt nog Kees !


De politie Schiedam was weer eens niet blij met me. Er was bij een gasontploffing een agent zwaar gewond geraakt en ik fotografeerde zijn verbrande uniform. Als blikken konden doden…..Maar later bleek dat de uniformen heel brandonveilig waren en dat door mijn foto in de krant de intendance van de politie wakker was geworden. Snel daarna kwamen nieuwe brandveiligere uniformen.


Over veiligheid gesproken. Bij een gasontsnapping in de Europoort en de wind richting Vlaardingen moest de brandweer gaan meten. Volledig omgehangen stonden ze bij de Deltaweg met hun meetapparatuur te meten of er levensgevaar was.De politieagent stond er zonder adembescherming naast. Je moet weten dat agenten van de brandweer een bijnaam hadden gekregen: Blauwe reageerbuisjes. Ik had overigens jaren daarvoor al een set perslucht gescoord nadat bij een brand op de Maasvlakte niemand meer weg mocht omdat de giftige rook over de enige weg daar ging. Dat zou me geen tweede keer meer overkomen. Kwam ook hier weer van pas.


Een oorverdovende dreun ging echoënd over Vlaardingen. Ik was net bezig een straatje staatsloten te kopen bij sigarenboer Koos op de Floris de Vijfdelaan. ‘Ben zo terug Koos’ riep ik terwijl ik naar de scanner in m’n auto sprintte. Er was al totale chaos over de mobilofoon. Politie van diverse korpsen en de rijkspolitie over het inrap net. Het zou zonnig worden maar het was nog mistig buiten. Rookwolken waren daardoor niet te zien. Ik ging in ieder geval maar richting Beneluxtunnel want dat het aan de overkant was dat werd wel duidelijk. Daarna de Botlektunnel. Er zou een olietank ontploft zijn bij de DSM. Daar aangekomen stond de slagboom omhoog. Er was nog geen brandweer, alleen een busje van de politie stond rechts langs de zijkant. Ik parkeerde ernaast en kreeg nog een vriendelijke waarschuwing van de agent: ‘Pas je op jezelf?’ Ja, echt wel. Dekking zoekend achter een hele grote bigbag waar grof grind in zat dat waarschijnlijk moest dienen als fundament voor een olietank fotografeerde ik een brandwacht die in zijn eentje wat waterkanonnen aanzette en met een schuimblusserkarretje manoeuvreerde. Wat een lef had die man want, tja, geen idee of er nog meer zou ontploffen. Ik trok me wat terug, ik had al vijf minuten staan fotograferen,en toen zag ik pas twee benen en twee armen onder een rode deken vandaan komen. Daar onder lag waarschijnlijk de ongelukkige lasser die op de niet goed ontgaste tank bezig was geweest. ‘Nu wegwezen’ dacht ik bij mezelf en sprintte weer naar m’n auto. De slagboom was inmiddels dicht maar ging automatisch open toen ik de poort uit wilde rijden. Buiten stonden andere fotografen en cameraploegen die uiteraard niet naar binnen mochten maar ik kon het ondanks de tragedie toch niet laten om even gemelijk naar de collegae te zwaaien. Ze zullen zonder twijfel gedacht hebben ‘Waar komt hij nou weer vandaan?’ Intussen hadden ze op de fotoredactie van de Haagse Courant de kleurenontwikkelaar al opgewarmd , dia’s ontwikkelen kostte net effe meer dan een half uur en de krant zakte over 30 minuten. De dia is waarschijnlijk nog nat naar de drukpers gegaan en stond een uur later op de voorpagina.


Op 25 januari 1990 stormde het legendarisch. En uitgerekend op die dag besloot een dame wiens relatie net uit was gegaan met vijf liter benzine het appartement van haar ex vriendje aan de Dirk de Derdelaan in Vlaardingen in de fik te steken. Een enorme uitslaande brand was het gevolg. Overal hingen mensen op balkons. De enige uitgang via het trappenhuis was geblokkeerd. Op dat ogenblik komt net mijn pa, die twee straten erachter woonde en op weg was naar de bushalte, om de hoek lopen. Hij was op weg om stormschade te fotograferen bij de molen de Nieuwe Palmboom waar hij voor de Molenstichting de herbouw vastlegde. Nu even niet:  ‘Ouwe, telelens erop en als ie springt klikken!’ riep ik. De rookwolken buiten waren ook enorm.Met een ladderwagen werden gelukkig de mensen van het balkon geplukt. Er hoefde niemand te springen.


Ergens halverwege 1999 werd bij de renovatie van het Schiedamse Wiltonterrein een 1000 ponder bom uit de tweede wereldoorlog gevonden die op een rustige plek opgeblazen moest worden. De dichtst bij zijnde  locatie was het toenmalige dijklichaam van de Rijksweg 19, intussen de A4. Met een grote vrachtwagen van Defensie werd de bom voorzichtig daarheen gereden. Er werd een gat gegraven en de bom ging daar met wat extra explosieven in en het gat ging weer dicht. Er stonden vier politieagenten, de burgemeester , de politiecommissaris, de brandweercommandant, twee fotografen en een journalist te kijken. Allemaal mensen die niet vies waren van een uitje. Vijf seconden voordat de knop omging vraag ik aan de EOD-er: ‘Wat is trouwens dat paaltje daar met dat gele hoedje erop?’. Gelijk brak er enorme pleuris uit.  Ze hadden de bom vijf meter naast de hoofdgasleiding van Schiedam naar Delft ingegraven. Vijf seconden later zou Schiedam het wereldnieuws gehaald hebben maar,… zonder foto want de pers stond er ook tussen. We zouden in 1 seconde verdampt zijn in een enorme steekvlam. Heel voorzichtig werd de bom weer opgegraven en na veel controle 100 meter verder op een andere plek ingegraven en opgeblazen. De kuil die die plof achterliet zegt genoeg over hoe het afgelopen zou kunnen hebben. Persfotograaf…. gevaarlijk beroep.


Tipgevers waren belangrijk in mijn vak. Zonder de ouders van Dirk Jan van der Ende, toen nog vrijwillig brandweerman, was mijn bedrijfje nooit zo groot geworden als het was. Als er wat was en Dirk Jan moest naar de kazerne dan kreeg ik een belletje van pa of ma. Maar ook anderen. Midden in de nacht krijg ik iemand aan de lijn: ‘Er staat een olifant in mijn tuin’. Kom op, dacht ik, je hebt te veel gezopen of wat raars geslikt. ‘Nee echt!’ Nou ja, vooruit, dan maar in de auto. Wat blijkt. De chauffeur van het circus had zijn route verkeerd gelezen en was in plaats van Spijkenisse in Schiedam Tuindorp terecht gekomen. Kleine smalle straatjes en hij had zich vastgereden op een grote steen op de hoek van een straatje. Om hem daar van af te takelen moesten eerst de twee olifanten uitgeladen worden. Hilariteit in de wijk. En een verhaal om nooit te vergeten.


Over dieren gesproken. In Krimpen ad IJssel dacht het circus wat gratis reclame te maken door het nijlpaard maar eens even uit te laten in de plaatselijke sloot. Het was best wel warm en die beesten moeten dan ook effe afkoelen. Met dien gevolge dat het nijlpaard het best wel naar zijn zin had en er niet meer uit wilde. Zijn verzorgers zijn een volle dag en nacht bezig geweest om het beest er weer uit te krijgen. Maar hoe dicht iedereen er bij stond…. Pas veel later begreep ik dat nijlpaarden de meeste dodelijke slachtoffers op hun conto hebben in Afrika, op de malariamug na dan. Tientallen doden per jaar. Terwijl ze alleen gras eten. Vier hoektandjes, en hap, je bent weg. Die beesten zijn trouwens razendsnel, ze schijnen 20 kilometer per uur te lopen….ONDER WATER !


Auto rijden. Sommigen kunnen het, anderen leren het nooit. Maar wat moet je hier van denken. De bestuurster stond voor een rood stoplicht in Maassluis. Ze trapte op haar verkeerde rem, denderde door een stel struiken, ramde een auto, een caravan, een motor en een paaltje en knalde zo een keuken binnen. Twee centimeter links en twee centimeter rechts. Dat moet je eens proberen te mikken, lukt je nooit. Maar goed, in die keuken stond een oudere heer zijn aardappels te schillen. De brandweer is anderhalf uur bezig geweest om de auto dusdanig op te tillen dat ze de man een infuus in z’n arm konden prikken.


Als je als personenauto tussen twee vrachtwagens zit heb je geen flauw idee wat er allemaal kan gebeuren. Meestal overleef je het niet als je er tussen geplet wordt. Maar soms, en een dikke auto helpt dan wel, loopt het beter af. De brandweer was een uur bezig om een dame uit haar autowrak te bevrijden. En omdat het een Jeep was had ze een goede kans. Toen ze los was bleek ze zelfs niet eens iets te mankeren. De GGD-er vond toch wel dat ze even nagekeken moest worden. Zij zag het nut niet. ‘Nou, gaat u toch maar even mee ;-)’. Maar één ding is zeker…. Ik ga nooit tussen twee vrachtwagens in zitten.


Als je even niet oplet en te dicht op elkaar zit dan kan het ook zo aflopen. De autoslopers varen er dan wel bij. En als politieman of vrouw kan je dat ook overkomen. Laag overvliegende zwanen, daar is geen verkeersbord voor.


1995 was een raar jaar. Hoe het kan verkeren. Het ene moment loop je op vakantie tot aan je kloten in het 35 graden warme water van Tahiti,

en een week later in het vijf graden koude water van Venlo, ook tot aan je kloten. De Maas was weer eens overstroomd en dit keer meer dan normaal.Militairen maar ook de brandweer Vlaardingen en Schiedam gingen zandzakken leggen langs de oevers. Ook in het plaatsje Ochten was het bal. Ik kreeg een tip van een motoragent uit Dordrecht dat er iets stond te gebeuren. Alleen daar ter plaatse mocht ik van de ME commandant de dijk niet op. Perskaart had ie niks mee te maken. Ze reden met een bulldozer op de dijk maar ze vonden dat als ik er bij kwam de dijk zou kunnen instorten. Nou ja… Maar dan hadden ze net buiten Dijkstra gerekend. Ik was er alleen dus het had gemakkelijk geregeld kunnen worden. Niet? Dan zal je hem krijgen. Ja, ik had toen ook al een jaar of tien een mobieltje, hoewel dat meer een sjouwable dan een portable was. Ik belde alle collega’s en cameraploegen waarvan ik wist dat ze in de buurt waren met de mededeling: ‘Kom maar naar Ochten want daar staat het te gebeuren, de dijk zal wel doorbreken want mijn 90 kilo kan ie niet meer hebben’. Binnen een half uurtje stonden er 30 collega’s naast me. ‘Voorwaarts, de dijk op !’ Ja, die ene politieman kon die kudde persmuskieten niet meer tegenhouden. Jammer van mijn primeur want dit was de enige plek waar echt iets gebeurde maar nieuws is nieuws ;-)


Op een dinsdagavond in september 1995 gaat net na het avondeten mijn brandweerpieper al met de mededeling ‘Willen alle brandweermensen van Vlaardingen naar de kazerne komen voor een mededeling van de commandant’. Ja, dan weet je het, er is iets groots aan de hand. En dat bleek. Commandant Runsink zocht 12 vrijwilligers om naar Sint Maarten te gaan. Daar zou volgens de weersverwachtingen op woensdag of donderdag een categorie 5 orkaan overheen trekken. Dat is de zwaarste orkaan die denkbaar is. In Schiedam, Rotterdam, Capelle en Barendrecht stonden op dat zelfde moment nog 4 commandanten 12 vrijwilligers te werven. Ik steek heel voorzichtig mijn vinger op en vraag ‘Vindt u het erg als het er 13 worden ?’ Dat was wel te regelen zei hij. Ik belde als een speer verslaggever Carel van de Velden die als een razende op zijn fiets vanuit Schiedam kwam racen. En zo werden het er 14. Via Dirk Jan kon ik een half brandweeruniform regelen zodat ik niet uit de toon zou vallen tussen die andere 60. En zo zaten we op donderdag in de reguliere KLM vlucht Amsterdam-Sint Maarten-Curacao-Amsterdam.Van de hele 60 man bleek er nog nooit iemand op Sint Maarten geweest. Ik wel en mij werd gevraagd of ik op de kaart van het eiland de potentiële chaos locaties kon aanwijzen. Ja hoor, daar waren er genoeg van. Maar Philipsburg kwam die donderdag niet in zicht. De KLM captain probeerde contact te krijgen met de verkeerstoren van het vliegveld SMX. Helaas, geen antwoord. Een dag later begreep ik waarom. Het dak van de tower was weggewaaid en er stond een meter water in. Anyhow, de captain vloog maar door naar Curaçao. Eerst een groepsfoto dacht ik, nu we allemaal nog compleet zijn ;-)Daarna …. wachten…. Er was op Curaçao niet op ons gerekend. Via via lukte het om een leeg kazernegebouw van de landmacht te scoren waar we bekaf na een hele lange dag een bed kregen.We hadden alleen geen rekening gehouden met de muggen. En die waren groot en met velen.

De volgende ochtend in alle vroegte werden de gouverneur, de legercommandant, de brandweercommandant , twee verslaggevers (inmiddels had verslaggever Willem Meijboom van het ANP zich ook aangesloten)  en ondergetekende met een militaire Hercules van HATO op Curaçao naar SMX op Sint Maarten gebracht.De 60 brandweermannen bleven nog in de kazerne. Door de ramen van de Hercules zagen we all enorme chaos, Geen dak was heel gebleven. Een kort rondje over de dichtbij gelegen eilanden Sint Eustatius en Saba leerde dat Sint Maarten/Saint Martin de grootste klap had gehad. Ja, dit eiland is de enige plek ter wereld waar Nederland aan Frankrijk grenst. Later hoorden we dat de Franse hulpverleners een dag eerder al, midden in de orkaan, waren gedropt. Terwijl alle toeristen in de chaos van het vliegveld weg probeerden te komen, kwamen wij aan. Bijzonder. De storm was donderdagavond gaan liggen en het was nu vrijdagochtend. Iedereen kwam uit de schuilkelders en wilde naar huis. Carel en ik wisten een jeepje te huren waar weliswaar het dak van was weggewaaid maar hij zat wel driekwart vol benzine. Een probleem. De kopij en foto’s voor de zaterdagkrant moesten 22.00 uur Nederlandse tijd binnen zijn op de redactie. Het was half elf lokale tijd (en al half vier in Nederland). We hadden pakweg zes uur om een stuk te schrijven, foto’s te maken, rolletjes te ontwikkelen en foto’s door te seinen. Nee. Internet en email  was er nog niet. Eerst op zoek naar een hotel. Dat was in het Franse gedeelte wel te vinden. De ene helft van hoofdstad Marigot had stroom, de andere helft had telefoon en in het midden had 1 hotel het allebei. Alleen die hadden geen kamers. Een paar huizen verder had een hotel nog wel een tweepersoonskamer. Snel de bagage afgegooid en op zoek naar nieuws. Terug langs het vliegveld naar Philipsburg, de Nederlandse hoofdstad, kwamen we de eerste ellende al tegen. Tientallen jachten van een paar ton per stuk op elkaar gewaaid en lek geslagen. Ik had in die tijd een kennis die een half jaar eerder vanuit Nederland was geëmigreerd en nu les gaf op een school. Daar maar eens naar op zoek voor de Nederlandse link. Over omgevallen lantaarn- en elektriciteitspalen rijdend, gelukkig hadden we een jeep en geen luxe personenauto, kwamen we bij zijn huis. Ik stap uit en hoor van boven: ‘Dijkstra?? Wat moet jij hier ??’ Hij was zijn weggewaaide dak aan het herstellen. Tja, de eerste foto’s en tekst waren gauw geregeld.Snel terug naar het hotel. Filmpjes ontwikkeld met ontwikkelaar aangemaakt met zwembadwater. Iets anders was er niet. En op naar het grote hotel met stroom en telefoon. Normaal werd er 10 dollar per minuut gerekend (en een foto doorsturen kostte 7 minuten) maar ik mocht het gratis doen. Ze vonden het allemachtig interessant. Ons eigen (hele kleine) hotel was trouwens na een paar dagen ook niet blij meer met ons want dag en nacht werd er voor ons gebeld door de eindredactie. En dan werd de eigenaresse weer wakker en moest de gesprekken doorverbinden. Dezelfde avond kwamen ook de brandweerlieden. Ze hadden aan alles gedacht. Er was van alles onderweg in een Antonov (het grootste vliegtuig ter wereld) maar wat waren ze vergeten? Eten. En nou is er niks zo erg als chagrijnige brandweermannen met een hongerige maag. Via een satelliettelefoon werd het voor de kust liggende fregat opgeroepen en even naderhand kwam er een helikopter met 60 noodrantsoenen. Daar hebben Carel en ik het nog een dag of twee mee moeten doen. Er was wel van alles op het eiland maar ja, het dak van je huis ligt eraf of je doet je winkel open. Ja, dan ga je je dak repareren. Er werd een brandweerman als kok aangewezen en die ging plunderen.Alles wat ie te pakken kon krijgen werd opgeslagen in een ruimte van het hotel in Frontstreet waar zij hun intrek hadden genomen.Brandweercommandant Neil Blok vorderde een stel jeepjes bij de lokale dealer ‘Stuur de rekening maar naar Binnenlandse Zaken’ en zo gingen de brandweermannen op pad. Samen met de Maartense brandweer elektriciteitsleidingen herstellen, waterleidingen repareren, flesjes water uitdelen, je kan het niet bedenken.En wij hobbelden erachteraan. Het was chaos op de weg. We hadden een oplossing. Hand op de claxon en vooral niet loslaten. Carel hing zijn perskaart rechts uit het raam en Willem links. We waren in 5 minuten van vliegveld naar het centrum. Ik sprak later een brandweerman en die had er met z’n HV wagen twee uur over gedaan. ‘Gewoon zwaailicht aan joh’. Daarna werd het oppassen voor ons want vanaf toen konden we Nederlandse brandweerwagens tegenkomen ;-) Intussen hadden we een verloren Amerikaanse toeriste Ronnie/Veronica op sleeptouw genomen want die kon niet weg van het eiland. Geen goed ticket en geen geld voor een nieuwe. Ach, hoe meer zielen hoe meer vreugd. Volgens mij zat er iets in die peuken Ronnie ;-)‘s-Avonds vroeg de commandant plotseling aan de mannen: ‘Hebben jullie eigenlijk allemaal wel een tetanusprik gehad?’ En daar kwam de helikopter weer met een leuke legerarts ‘allemaal op een rij’ en daar ging het: prik, prik, prik.Het was een beetje USAR versie 0.0 zullen we maar zeggen. Dat gaat tegenwoordig wel beter.Carel, Willem en ik hobbelden het eiland over. Op zoek naar nieuws. De plaatselijke telecomtower. De telefoon deed het dus niet in het Nederlandse gedeelte. Er werd schoongemaakt, dit bij de plaatselijke Makro,maar ook geplunderd bij de lokale kruidenier.Intussen was er die Antonov aangekomen. Kolere wat een groot vliegtuig. Er kwamen drie volledige gevulde Haagse brandweerwagens mét aanhanger uit.Alles wat ze had was weggewaaid.Ónze werkplek was niet slecht trouwens ;-)Het grappige was: De Rotterdamse redactie faxte ons elke dag álles wat in de Nederlandse kranten verscheen. Die artikelen hingen wij met plakband op een glazen wand in het hotel van de brandweermannen. Die lazen daar door het tijdsverschil het RD (toen middagkrant) als ochtendkrant. Het werd gevreten !Na een paar dagen kwam er meer pers: Max Westerman arriveerde uit New York.En na een week kwam de koninklijke hoogheid Prins Pils . En dat botste met Max. Hij was al een tegenstander van het koningshuis maar hier ging het echt verkeerd. PWA stapte uit het vliegtuig en Max vroeg: ‘En hoogheid, wat was uw eerste indruk’. Nou dat was de verkeerde vraag want Wim-Lex siste tegen een persvoorlichter van de RVD die pal naast me stond: ‘We hadden toch afgesproken: GEEN interviews’ en hij liep weg.Max vroeg aan mij ‘Wat zei ie nou?’ , en ik herhaalde het. Het komt nooit meer goed tussen Max en PWA. Al had ie maar ‘vreselijk’ gezegd.  Of indrukwekkend. Maar ja, het duurde nog 6 jaar voordat Maxima de hilarische woorden ‘beetje dom’ kon uitspreken. ;-) Max schreef er nog een hoofdstuk over in zijn boek ‘In alle staten’. Intussen waren wij door de restanten van de noodrantsoenen heen maar in Marigot ging het eerste restaurantje weer open. Bij kaarslicht werden pizza en op houtvuur gestoomde vis geserveerd. Misschien 8 klanten waarvan vier man pers. En Ronnie ;-) Links van ons de drie hoog opgestapelde wrakken van jachten en rechts….. Wat is dat nou ? Daar kwam een in een hagelwit kostuum gestoken pianist die achter de vleugel ging zitten pingelen. Kafka… Koude rillingen. Ik vind het nog steeds jammer dat ik er geen foto van gemaakt heb.

PWA ging intussen over het eiland heen, ook aan de Franse kant.Die brandweerjongens hadden ‘s-avonds niet veel te doen dus gingen ze maar airconditioners repareren en zo. En na een week deed het water het ook weer. En konden we douchen.Na tien dagen moest ik echt terug. De roddelbladen hadden interesse in de foto’s met PWA en dan in kleur. Eerst met die Antonov naar Curaçao. Een stalen trap op, het leek wel een veerboot. In een kleine ruimte zonder ramen konden 16 passagiers mee.Dat ding is zo groot, je voelt niks. De motor start, hij beweegt een beetje en een uur naderhand gaat de motor weer uit en sta je op Curaçao. Pas bij het uitstappen liep ik langs de ruimte waar de (Russische) bemanning sliep. En zag ik die kratten met lege wodka flessen…… Nooit meer met een Russische Antonov ! Ondanks dat ie gratis was ;-)En als afsluiter: Gouverneur van Sint Maarten, als jullie een straatnaambord missen? Ik weet wie hem heeft  ;-)Overigens, de beroepsploeg van brandweer Vlaardingen heeft tot op de dag van vandaag spijt dat ze weigerden te gaan en de vrijwilligers de keuze gaven. De oorzaak was de overstroming in Limburg eerder dat jaar. Ze moesten vrije dagen opnemen om daar zakken te gaan vullen maar zouden daarvoor extra betaald worden door het ministerie van BiZa. In september waren die centen nog niet binnen. Tja, ministeries zijn altijd traag met betalen maar je weet dat je uiteindelijk gewoon je geld krijgt. Met een statement te maken liepen ze wel een mooi avontuur mis. En de vrijwilligers kregen uiteindelijk voor die anderhalve week werken in de tropen een bedrag van 7000 gulden per man. Bruto, dat weer wel. ;-)


Vrachtwagens zijn trouwens vaker het onderwerp van bizarre ongelukken. Deze dook op het Terbregseplein over de vangrail en bleek maar net boven de spoorlijn hangen. Met de brandweerladder werd hij eruit gehaald. Het leuke was dan altijd wel weer: mannen, mag ik even een foto uit het bakje van de ladder maken. Ja hoor Dijkstra. Als je ons maar een afdruk stuurt. Natuurlijk ;-)Of deze chauffeur. Geladen met azijnzuur gaat ie met z’n tankwagen uit de bocht. Komt heel ongelukkig op de vangrail terecht. De brandweer gaat met knip en knijpapparatuur aan de slag maar volgens de mannen van de GGD gaat het snel achteruit met de chauffeur. Noodarts erbij. ‘We gaan zijn been eraf zagen’ . Maar letterlijk 10 seconden voor de zaag erin gaat krijgt de brandweer hem los. Gevalletje ‘net op tijd’.


Ik reed op m’n dooie akkertje over de Rotterdamse Vierhavenstraat richting snelweg toen bij de Franselaan m’n pieper afging. In een keer vanuit het niets: ‘Zeer groot alarm op de Keilestraat.’ Daar was ik dus 30 seconden eerder langsgereden. Niet dat ik nou expliciet naar links had gekeken maar van enige vorm van paniek was er ook geen sprake. 180 graden omgekeerd. Voor me reed een politiebusje die midden op de kruising stopte. Er vlogen twee agenten uit, handen in de stop-houding modus. Ik zwaaide terug ;-) en dook de Keilestraat op. Dikke, nee hele dikke fel gekleurde rookwolken. 2 minuten terug was er niks en nu stond de hele wijk in de rook. Er was brand uitgebroken bij CMI, een groothandel in zwembadchemicaliën.  Nou, dat is echt rotzooi. Chloor, kali-loog en nog veel meer. De eerste brandweerwagen kwam er aan en het was gelijk vreemd. Niemand wist eigenlijk waar ze moesten beginnen.Intussen had ook NOS collega Pim Korver zich langs de politie gewurmd, Zijn oranje veiligheidspak had hem daar ongetwijfeld bij geholpen, maar de rest van de collega’s werd niet doorgelaten. Hoewel op onze perskaart staat dat eigen veiligheid vooral ons eigen probleem is zijn er altijd weer agenten die dat betwijfelen. Want ja, ik mag afreizen naar oorlogsgebieden en niemand houdt me tegen dus als ik op de Keilestraat in Rotterdam om het leven kom, so be it. Maar ja, ik had ook niet de behoefte om terug te lopen naar de afzetting om de collega’s te helpen. ;-)De brandweercommandant moest zich nog aankleden. Nou ja, ik hoorde later dat hij bij de kaakchirurg onder het mes lag met een acute ontsteking en toen zijn pieper afging had ie gezegd: douw er maar wat in, ik kom morgen wel terug. Dat heeft nog iets langer geduurd want de fik brandde nog dagen.De stad had enorme mazzel gehad want de rook ging recht over de Maas naar het westen. Als de wind richting Spangen had gegaan waren er grote hoeveelheden slachtoffers gevallen.


Schiedam had sinds ik me kon heugen nog 4 molens over van de volgens mij 21 die er ooit waren. Allemaal korenmolens waarvan het meel gebruikt werd voor brood en jenever.  Dat Schiedamse spul, wat ik echt bocht vind, kennen ze overal ter wereld. Verkopen ze het hier  in flessen met 700ml, in Amerika verkopen ze het onder naam wodka in 2 liter flessen. Kettel One. Eigenlijk Ketel 1. Als ik daar wel eens een foto laat zien van de echte Ketel 1 zijn ze weer totaal verbijsterd want nee, we hebben geen fantasie Disney namen , in Europa bestaat alles echt ;-)Omdat we een beetje ingeburgerd waren bij de Schiedamse Molenstichting waarvoor we de restauratie en herbouw werkzaamheden fotografisch volgden had zeker mijn pa een tik van de molen gekregen. En daar ging m’n pieper weer eens af. Brand in de molen de Walvisch. Echt een ramp want dat ding was net een paar weken klaar na een gigantische renovatie. Alleen de brandmelder was nog niet geïnstalleerd. Twee uur ‘s-nachts. Ik kwam daar aan en dacht, als ik die ouwe niet waarschuw word ik onterfd. Dus ik belde de taxicentrale in Vlaardingen en stuurde ze naar het huis van pa en ma. En ik belde hem zelf: ‘Ouwe’, (hij had geen rijbewijs)’ over tien minuten staat er een taxi voor je deur, de Walvisch staat vierkant in de fik. Camera’s pakken en ik zie je zo’. En toen stonden we even later met molendirecteur Jos Gunneweg, burgemeester Scheeres en die ouwe , met z’n allen met tranen in onze ogen. Maar gelijk daarna allemaal weer aan het werk. Letterlijk de volgende nacht ging de pieper weer. De Pelmolen in Vlaardingen in de fik. Dat was niet echt een molen maar een groot pakhuis dat de Pelmolen heette. Bij het NOS journaal hebben ze nog wel even gedacht dat er een molenpyromaan aan het werk was. Ook dit had slecht af kunnen lopen want er lag een benzineboot pal naast de Pelmolen afgemeerd maar die werd snel weggetrokken door een sleepboot.


Over de Horvathweg in Schiedam rijdend hoorde ik grote paniek op de scanner. Treinongeval bij RFC. RFC? Dat is 500 meter verder. Ik gooide mijn auto in de berm en rende de spoordijk op.Twee treinen frontaal op elkaar. En een doodse stilte.Oppassend niks aan te raken want voor het het weet loop je tegen een stuk kapotte bovenleiding aan met 1500 volt. Dan ben je echt geroosterd. Passagiers die niet gewond waren geraakt begonnen met het helpen van gewonden. En toen kwamen er van alle kanten sirenes. Echt een ongelofelijke kakofonie.Ik keek op m’n horloge. 10.45 uur. Om 11 uur sloot het Vrije Volk. Ik sprong in mijn auto en reed als een dwaas naar de Witte de Withstraat. Wij hadden als free-lancers een sleutel van de zijdeur met een goederenlift. Op naar de 4e etage waar de redactie zat, zette m’n handscannertje op een bureau van een redacteur en riep: ‘Ga jij maar luisteren, ik duik de donkere kamer in’. ‘Ja wat is er aan de hand?’ Ze hadden wel alle sirenes vanuit de kazerne Baan gehoord, 300 meter van de redactie vandaan maar niemand had de tegenwoordigheid van geest gehad om effe met de politie te bellen. De redacteur tikte razendsnel zijn artikel en ik had 10 minuten later wat afdrukken. Ik had weer de hele voorpagina, op 1 foto na. Paul Stolk, de állerbeste collega die ik ooit gehad heb liep aan de andere kant van de trein (hij woonde 500 meter van het ongeval vandaan) en daar werd een Russische consulaire delegatie uit de trein gehaald. Die had ik net effe gemist. Hij zou me vaker te slim af zijn maar daardoor heb ik er vreselijk veel van geleerd.


Ergens eind jaren 80 kreeg ik de vraag van het AD of ik eens naar Europoort wilde rijden waar binnenschippers aan het protesteren waren tegen het graanoverslagbedrijf Granaria. Ze zouden daar een stel duwbakken bezet houden. Nu bleken die dingen midden in de haven te liggen en niet aan de kant maar gelukkig was er een bootje van de KRVE, de roeiers die in de haven de trossen aan de wal vastleggen van grote schepen, en die wilde me wel even overzetten. Ik maakte foto’s van wat binnenschippers die verfbommen maakten en dacht na een uurtje: ‘Ik heb het wel’, ‘Roeiers , mag ik weer terug naar de wal?’. ‘Weet je het zeker want de Mobiele eenheid komt eraan?’ Tja dan wordt alles weer anders en zo begon ik aan een klus die me drie maanden zou kosten. En me de tweede prijs in de Zilveren Camera wedstrijd voor de beste fotograaf van Nederland zou opleveren. En ja, ook hier zou Paul Stolk me weer te slim af zijn. Maar dat komt later.

Afijn, een kwartiertje verder zag ik wat blauwe politieboten de hoek om komen. De waterkanonnen gingen aan om die bezetters van die duwbakken af te spuiten. Wat bleek het geval. Alle vervoer over water werd in Nederland via de schippersbeurs uitgegeven. Er waren teveel binnenvaartschepen in die tijd en men wilde de ladingen eerlijk verdelen zodat iedereen een boterham kon verdienen. Maar het bedrijf Granaria had berekend dat ze goedkoper zouden zijn met eigen schippers en eigen duwbakken. Dát mocht dan wel buiten de schippersbeurs om. En dat vonden die binnenschippers uiteraard niet leuk. Daarom kwam de bezetting van de duwbakken. Die waterkanonnen van de politie hadden echter een averechts effect. De dekken waren bedekt met graanstof en het water uit die kanonnen maakte er spekgladde troep van. Van het eerste peloton ME dat overstapte van de politieboten naar de duwbakken gleden gelijk twee ME-ers overboord. Precies tussen twee duwbakken in die langzaam naar elkaar toe dreven. Ik liep zelf over het smalle gangboord (max 50 centimeter breed) maar had achter me een stel ME-ers die hun collega’s uit het water moesten redden. Ze konden er niet voorbij. Ik ben dus maar plat op de grond gaan liggen en liet de ME-ers letterlijk over me heen lopen. Maar bleef uiteraard wel door fotograferen. De ME-er werd uit het water getrokken maar had het niet naar zijn zin. Hij had al zijn zware kleding geprobeerd uit te trekken om te voorkomen dat ie zou zinken en verdrinken. Pistool kwijt, etc etc. Ik heb hem later nog eens gesproken en hij is een half jaar uit de running geweest. PTSD. Die ME-ers waren ook helemaal niet voorbereid op zo’n klus. In de opleiding van de politie is in de jaren daarna ook echt wel het een en ander veranderd. Deze middag leverde me weer een voorpagina op met bijna allemaal mijn foto’s behalve…. ja, die ene foto die ik niet gemaakt had: een binnenschipper die onder een dikke kabel hangend van de ene duwbak naar de andere duwbak vluchtte. Paul Stolk had ‘m wel. Ja, je kan niet overal zijn toch? ;-) De drie maanden daarna betekende voor mij elke maandag, woensdag en vrijdag een ritje van de Europoort naar de sluizen van Hagestein. Het duwbakkentransport van Granaria werd tot daar achtervolgd door de binnenschippers en een boel politieboten. En nadat het transport door de sluizen was bleven ze net zolang dicht tot ze een voorsprong hadden en de binnenschippers afdropen. Tot op de laatste dag van het protest de binnenschippers met heel veel schepen het Granaria transport bij Gorinchem in de kant duwden en Minister Nelie Smit-Kroes-Peper, (geen idee meer welke burgerlijke staat ze toen had) ter plaatse ging. Soms moet je gewoon op de goede plek staan.Na fikse gesprekken en de toezegging dat er een opkoopregeling zou komen om de hoeveelheid binnenvaartschepen te verminderen staakten de schippers de achtervolgingen. Mijn serie won zoals gezegd de tweede prijs maar ook hier werd ik weer afgetroefd door Paul Stolkdie in dat jaar een fantaaastische foto had van de een sjekkie draaiende moordenaar van Gerrit Jan Heijn bij de reconstructie van de ontvoering. Nu had Paul heel veel jaloersmakende geheime info via zijn politievrienden. Daar kon ik niet tegen op. Terecht verdiende hij de Eerste Prijs! Helaas is Paul veel te vroeg overleden door nierfalen. Na zijn overlijden werd hij opgebaard in Cafe Rotterdam op de Wilhelminakade. Hinke, zijn vrouw, had gevraagd of 6 fotografen hem naar buiten wilde dragen naar de lijkauto. Dat wilden we wel doen maar toen wij de kist vastpakten bij de handgrepen kraakte het hout behoorlijk. ‘We zetten de kist wel op een wagentje’ zei de begrafenisondernemer. Nou, echt niet! Een grootheid als Paul gaan we dan maar schouderen. Ik had dat een keer eerder gedaan na het overlijden van collega Peter Molkenboer. En daar moesten we toen een ongans eind mee sjouwen over de begraafplaats. Bij Paul was het alleen de bedoeling hem naar buiten te dragen. Dus ik zeg: mannen, 1,2,3 en de kist rustte op onze schouders. Een, Twee, Een, Twee. Lopen! Fotograaf Richard van der Klaauw zou het fotograferen maar stond verkeerd en dook onder de kist door. Net op tijd. En zo liepen we door de voordeur. Vaarwel Paul. We missen je.


Midden in de nacht tijdens een gierende storm kreeg ik een belletje: Er zou in Krimpen ad IJssel een schip losgeslagen zijn en richting Algerabrug dobberen. Op naar Kralingseveer, een Rotterdams wijkje tussen de van Brienenoordbrug en de Algerabrug. De dijk was afgezet door een politieauto. Na het tonen van mijn perskaart mocht ik door maar kreeg nog wel een waarschuwing: ‘Pas op want hij drijft los op de rivier’. Het was echt stekedonker en het schip had ook geen verlichting. Ik kijk rechts en zie ene zwarte massa. Ik kijk langzaam omhoog, en omhoog, en omhoog….. Teringggg. Dat ding was zo groot als een behoorlijk cruiseschip en dobberde langzaam richting dijk. Een stuk verder hadden de brandweercommandant en de politiechef net bij de voordeur van een schattig dijkhuisje aangebeld.‘Mijnheer, er ligt een bootje in uw achtertuin’. Echt, vijf meter voor het huisje van de dijk werd geveegd liep het schip aan de grond. Narrow escape. Aan de andere kant: als ie de grote verkeersopstopping ‘Algerabrug’ van z’n fundering had gevaren had er misschien nu een filevrije tunnel gelegen. Gemiste kans.


Op een zondagmiddag kreeg ik een bericht binnen dat er een klein vliegtuigje is neergestort bij Tholen in Zeeland. Vier dodelijke slachtoffers. Laagvliegend ging ik er heen. Op een dijk stonden een boel politie en brandweerauto’s en ik meldde me bij de persvoorlichter. ‘Wacht maar even.’ zei hij, ‘Er komt nog een rechercheur en als die er is dan lopen we er heen. Je collega’s lopen al vooruit.’ En ik zag inderdaad een clubje van een stuk of tien mensen met camera’s tot hun enkels door 500 meter modderig wad ploeteren richting waterkant. En dan nog 500 meter naar rechts en daar lag heel ver weg iets wat op een vliegtuigwrak leek. Op dat moment wilde de politiehelikopter op de dijk landen. We stapten 20 meter achteruit en de piloot zwaaide naar de persvoorlichter. ‘Tja’ zei die, ‘Als ik kan vliegen ga ik niet door de bagger ploeteren.’, en hij, de rechercheur en ik hopten op de achterbank van de heli. Na wat rondjes gemaakt te hebben over het wrak,de rechercheur zat in het midden en zat nog een rolletje in zijn camera te laden, landde de heli en de voorlichter zei: ‘Loop jij even naar je collega’s want de PD is nog niet vrijgegeven.’ Ik gaf hem een hand en zei : ‘Ik heb het wel, bedankt, ik ben weer weg’ en liep naar de collega’s . Waar Gerrit de Heus tussen stond, tot veertien dagen ervoor mijn werknemer tot hij voor zich zelf begon in Bergen op Zoom. Het gezegde ‘zijn ogen vielen uit zijn kassen’ was hier totaal van toepassing. ‘Waar kom jij vandaan ??????’. Ik zei hem: ‘Je hebt vroeger toch niet goed opgelet bij je baas’ Echt, of ie een spook zag. Zo jammer dat ik die foto niet gemaakt heb ;-)


Weer twee weken later schoof er een Bulgaars vrachtvliegtuig van de landingsbaan op Zestienhoven. Wij meldden ons zoals altijd bij Roland Wondolleck, de directeur van Zestienhoven. ‘Koffie mannen? Broodjes ?, want de crashsite is nog niet vrijgegeven door de Koninklijke Marechaussee.’ Zo ging het altijd. Niks te verbergen, alle medewerking. En het is niet overdreven maar ik heb teveel crashes gezien. Mijn 24e zou bijna mijn laatste zijn. Daarover later meer. Na enige tijd kwam er een telefoontje, wij liepen naar het platform, en met Wondolleck zelf achter het stuur van een bus reden de fotografen, verslaggevers en cameraploegen naar het tot zijn assen in het gras staande vrachtvliegtuig.Zo, die is hier voorlopig niet weg zeiden we al. Meestal riep Wondolleck dan: ‘Wie er verder dan 10 meter van de bus gaat wordt door de KMAR verwijderd.’ maar hier konden we onze gang gaan. En ik zag links van het vliegtuig een heli van de politie. Ik liep erheen en vroeg aan de piloot: ‘Zie jij kans om mij tien meter omhoog te trekken zodat ik overzichtsfoto kan maken?’ Zijn antwoord: ‘Nee, daar heb ik veertien dagen terug mega gesodemieter mee gekregen.’ Hij herkende me duidelijk niet dus ik zei : ‘Laat maar, dat was ik ‘ ;-) En ik liep maar weer terug.


Het arrestatieteam van de politie in Rotterdam was eigenlijk best een samengeraapt zooitje. Goeie mannen hoor, vakbekwaam maar qua uitrusting… Ze hadden een ouwe gepantserde Mercedes, ramen van twee centimeter dik en nog wat andere voertuigen, kogelwerende vesten en dat was het wel. Geen kogelwerende helmen of dat soort dingen, dat kwam pas na het tragische overlijden van de enige vrouw in het AT, Allegonda Gremmer. Zij werd bij een inval in een trappenhuis neergeschoten en overleed. De straat naast het bureau Marconiplein is naar haar vernoemd. De dader kreeg levenslang. Rijdende over de Schiekade naar de rijksweg 20 hoorde ik dat er een overval was bij een bankkantoortje op het Binnenwegplein, tegenover de voormalige Jungerhans. Beetje dom natuurlijk van die overvaller want daar staat 1 minuut na de melding een kudde agenten op mountainbikes voor de deur. Hij kwam dus niet meer weg. Maar naar buiten kwam ie ook niet. 180 graden gedraaid en ik hoorde over de scanner dat het AT op de Boompjes reed. Tegelijkertijd kwamen we op de Coolsingel aan. We hadden als pers net in die tijd een parkeerontheffing gekregen waardoor we de auto’s bij calamiteiten 24 uur per dag indien nodig vierkant op de stoep mochten parkeren. Nou, dit beloofde wel spektakel. Chef Bram van het AT zag mij en riep: ‘Dijkstra, hier komen’. Wat bleek: ze hadden nieuwe kogelwerende schilden aangeschaft en ze wilden wat foto’s van ‘in actie’ naar de leverancier sturen. Ik mocht onder dekking van de mannen met schilden mee optrekken naar de voorkant van de bank.Daar werd de overvaller/gijzelnemer naar buiten gepraat en in de boeien geslagen.In de verte zag ik de collega fotografen met lange telelenzen foto’s proberen te maken terwijl ik er op 3 meter naast stond met een groothoeklens. Tja, in de media gelden eigenlijk maar twee regels: Wie ken jij en wie kent jou ;-)


In de wijk Overschie woonden twee families, C. en van den B. En die hadden door hun criminele bezigheden een beetje hekel aan elkaar om het voorzichtig te zeggen. Dan weer werd er een uit de ene familie omgelegd, als wraak werd er een uit de andere familie een paar weken later weer richting eeuwige jachtvelden geholpen. Tot er op een moment een auto werd aangetroffen waar aan twee deurportieren touwtjes werden ontdekt en na nader onderzoek een handgranaat onder de chauffeursstoel bleek te liggen. Als C. zijn auto had opengemaakt was ie een paar seconden later ontploft. En toen was het OM het spuugzat. Midden in de nacht kreeg ik een bekende stem aan de lijn die zei: ‘Half vier bureau Marconieplein.’ en er werd opgehangen: tuut tuut tuut. Uiteraard herkende ik de stem wel. Vijf over half vier reden tien zwaar bewapende Mercedessen de poort van het bureau uit richting Overschie, waar bij enkele huizen de voordeur eruit ging en wat geboeide familieleden van C. en bij andere panden familieleden van den B. gearresteerd werden.
Blij dat iemand me waarschuwde hoewel er bij de politie bijna de doodstraf stond (en staat) op omgaan met de pers.


Op de Korte Dam in Schiedam was er midden in de zomer vroeg in de ochtend paniek nadat er schoten waren gelost in een bar.Het AT kwam ter plaatse en op dat moment werd er een barkruk door de ruit naar buiten gegooid. De politiehond werd losgelaten maar in plaats van dat hij de dader in z’n been beet greep de hond de barkruk. Gelukkig waren de AT leden alerter en werd de dader snel geboeid en afgevoerd.


Soms zat je heel lang te wachten tot er wat gebeurde, soms was je te laat en andere keren was je echt letterlijk op tijd. Van de Telegraafredactie kreeg ik de opdracht om naar Middelburg te rijden waar een gijzeling zou zijn. Tegenwoordig interesseert het de hele redactie niet meer en als er geen foto’s van het ANP komen dan is het domweg niet gebeurd. Maar toen vonden ze het nog belangrijk om ander beeld te hebben dan andere kranten. Ik ging met grote haast naar Middelburg waar, toen ik aankwam, een tiental collega’s al ettelijke uren aan het wachten waren. Ik stapte uit mijn auto en op dat ogenblik kwam de gijzelnemer geboeid en onder een deken naar buiten. Ik kon nog net op tijd mijn telelens op mijn camera zetten, druk een paar keer af en zei tegen de collega’s: ‘Nou, dat was het dan’, en ging weer naar huis. Als ik het laatste stoplicht rood had gehad dan had ik twee uur vergeefs in de auto gezeten. Net op tijd.


Het vele, professionele, contact met het AT gaf vertrouwen bij die jongens en ik werd op een bepaald ogenblik ook uitgenodigd om een oefening bij te wonen, en die gasten uiteraard een serie góede foto’s te bezorgen. Want heel veel van hun vaak spectaculaire acties waren zo geheim dat ze nooit het nieuws haalden. Ze zouden het enteren van schepen gaan oefenen. Binnen 1 minuut 15 man en een hond aan boord van een schip brengen. Ik werd ook in een uniform gehesen zodat ik als ik onverhoopt overboord zou vallen in ieder geval zou blijven drijven en het niet koud zou krijgen. Het was halverwege januari. Bij de eerste acties op de oude Maas zouden ze een boot van de zeehavenpolitie enteren. Hard aan komen varen en snel de railing over. Daarna werden toevallig passerende schepen opgeroepen of ze ook een keer mee wilden werken. Die schippers hadden de dag van hun leven ;-)


Die scanner was voor de invoering van het niet af te luisteren C2000 best wel handig. Ik had wel wat geheime frequenties opgespoord en dat was wel handig. Zodra daar wat op te horen was dan kwam er snel actie. Zo ook bij Feyenoord wedstrijden. Op het voorplein van de Kuip klitten groepjes hooligans samen waar dan heel rustig wat politiemannen in burger steeds omheen gingen hangen. Ja, ook al kénde ik ze niet allemaal, je herkende ze van grote afstand alleen al door hun kleding en manier van lopen ;-)  Maar goed, die hooligans hadden niks door. Zodra er een aangehouden moest worden kwam een ME busje langzaam aangereden en 10 seconden voor hij ter hoogte van de hooligans was ging de deur open,trokken de politiemannen de hooligan letterlijk achterover en schoven hem zo de ME bus in, waar de politiemensen ook indoken. En wég. Eén hooligan afgevoerd en de achterblijvenden hadden geen flauw idee wat er nou eigenlijk gebeurd was. En na een kwartiertje of zo kwamen die politiemannen weer van alle kanten aanlopen en begon het feestje voor de fotograaf opnieuw.


Er was een melding van een huisarts die door een junk gegijzeld zou worden op de hoek van de Heemraadsingel en de CP Tielestraat. Die wilde zeker drugs scoren. Oeps. Dat werd een probleem want op alle hoeken waren de straten door de politie afgesloten. Ik dacht: ‘Ik ga het anders doen.’ en liep door het steegje achter de CP Tielestraat en klopte op de tuinpoort van een huis. Het was hoog zomer dus de bewoners zaten in de tuin. ‘Hallo, ik ben van de krant. Mag ik misschien even van een raam aan de voorkant van uw huis gebruik maken?’  ‘Ja hoor,’ zei de bewoner, ‘Ga je gang, er zit er al een’ ‘Te laat.’ dacht ik. Er was me iemand voor. Ik kwam op drie hoog en daar bleek er een van het AT te zitten. Uzi tegen de schoorsteen, verrekijker aan z’n ogen, portofoon in z’n hand. ‘Pak jij het rechter raam, want als ik moet schieten zit je ertussen’…. ;-) Ja hoor. Komt goed. :-) En we zien de gepantserde Mercedes aankomen van het AT.Even later horen we een deur ingetrapt worden en nog een paar seconden later over de portofoon: ‘Man aangehouden, de dokter is oke.’Ik sprintte snel drie verdiepingen naar beneden en liep de straat op. Terwijl honderden meters verder de collega’s met lange telelenzen stonden, had ik aan mijn groothoeklens genoeg. Jammer jongens ;-)


Er kwam een melding van een verwarde man die op het dak van Station Schiedam Nieuwland zou staan en naar beneden wilde springen. Het bleek een afgewezen asielzoeker. Dan komt er een heel circus op gang, verkeersafzettingen, brandweer met springzeilen, onderhandelaar van de politie en nog veel meer. En pers dus. Dan proberen we wel om geen stoorzender te zijn en niet op te vallen want je wil niet hebben dat ie door jou naar beneden springt.Terwijl de onderhandelaar links de man probeerde de aandacht van de man zijn richting op probeerde te houden klom het AT aan de andere kant ongezien het dak op . Dat ging niet helemaal volgens plan want vanwege veiligheidsmaatregelen moesten de mannen aan elkaar gekoppeld worden. En die touwtjes waren iets te kort. Daarom ging een politiehelikopter achter de onderhandelaar hangen. Dat hielp. En zo werd de man tegen de grond gewerkt. Nou, tegen het dak dan.


Verwarde mensen zijn van allen tijde trouwens. Deze man in onderbroek dreigde de Maastunnel op te blazen. Nou ja, met een heel kort lontje zullen we maar zeggen.


Niet iedereen is altijd blij als ze een camera zien. Een rochel was nog het minst wat ik naar m’n hoofd kreeg.Oke. Ik deed ook wel eens domme dingen. Na een melding van een BTGV (een benaderingstechniek gevaarlijke verdachten) had ik mooi zicht maarrr, het kan altijd beter denk je dan.Dus ik liep nog een paar meter verder en ik keek plotseling in de loop van een paar politiepistolen.  Gauw wegwezen. Ik kreeg wel een belletje van de commissaris die me wilde vertellen dat het niet zo handig was. Ja dat wist ik ook wel. Schrale troost was dat de politie ook wel eens op elkaar stond te richten. Een man probeerde onder bedreiging van een pistool voor te dringen bij een autowasstraat. Ik hoorde het kenteken en dacht, laat ik eens bij die andere wasstraat gaan kijken. En ja hoor, daar stond ie. Nou had ik al sinds halverwege de jaren 80 een mobiele telefoon in mijn auto en dan was een rechtstreeks belletje naar de Vlaardingse meldkamer zo gemaakt. Kan ook niet meer tegenwoordig. Je bent een paar minuten bezig voor je bij iemand je melding kwijt kan.


Oud collega Dick Sluijter die naar Frankrijk was geëmigreerd, was een weekje over en logeerde bij mij. Hij vroeg of hij de klussen mocht doen op deze zondag want hij miste het fotograferen wel erg. Dick ging op weg met mijn camera’s en mijn auto. En toen ging de brandweerpieper af: ‘Helikoptercrash op de Maasvlakte’. GVD. Dan maar met een set reservecamera’s op de motor. Terwijl ik er heen reed hoorde ik via m’n headset van de Telegraafredacteur wie er in zaten : Collega’s Ben Wind, Rob Cloosterman en vriend Ed Oudenaarden waar ik eind jaren 70 als fotograaf begon bij Fotograaf Cor Vos. De proloog van de Tour de France die dat jaar in Rotterdam zou starten had een oefenrondje over de Maasvlakte gemaakt toen het helemaal verkeerd ging. De heli was neergestort in de struiken. Daar aangekomen werd het gelijk herrie met de politie. Terwijl voetgangers en fietsers nog gewoon door mochten lopen en fietsen moest ik weg. Handen voor de lens. Nu hebben wij als pers wettelijk een bijzondere maatschappelijke positie. Zolang we niet in de weg lopen of gevaar vormen voor sporen dan mogen we in principe doen wat we willen. Maar, dat weet menig agent niet. Die leren op school dat zij het op straat voor het zeggen hebben. Ja… Totdat je een (foto) journalist tegenkomt.Dan maar even een paar meter verder weg gaan staan.En toen liep het echt uit de klauwen. Ik laat me niet wegsturen als ik weet dat ik het recht heb om daar te werken. Dan maar aan laten houden dan zoeken we achteraf wel uit wie gelijk heeft.Na een uur of wat geboeid in de hete zon gezeten te hebben kwam er een inspecteur die het allemaal wél begreep. Dan word je vrijgelaten en kan je weg. Toen pas ben ik in elkaar gezakt en heb een kwartier zitten janken naast mijn motor. Er waren vier mensen om het leven gekomen. De piloot, de voorlichter van het Havenbedrijf die ook in de heli zat en fotografen Rob en Ben die ik ook wel kende. Ed Oudenaarden had het overleefd. 23 Vliegtuigongevallen had ik gefotografeerd en geen traan gelaten en nu sloeg ik echt door. Twee dagen later hoorde van de redacteur dat ík eigenlijk in die heli had moeten zitten maar dat hij vergeten was om de uitnodiging door te sturen. Mijn moeder riep altijd al: ‘Er is meer tussen hemel en aarde’. Nou ja, het was mijn tijd nog niet kennelijk. Toen ik een week of wat later bij Ed in het Dijkzigt ziekenhuis op bezoek ging was het eerste wat hij vroeg: ‘Heb jij foto’s ?’. ‘Ja Ed, maar niet dankzij de politie , meer ondanks de politie.’ Hij kon zich echt niets meer herinneren van het ongeval waar hij helaas een dwarslaesie aan overhield. Hij heeft het fotograferen ook totaal afgezworen en wil ook geen contact meer met oud collega’s. Jammer want het was een topfotograaf. Anderhalf jaar later toen ik de Officier van Justitie eens belde wanneer hij me nou eindelijk eens ging vervolgen voor het niet voldoen aan bevel of vordering moest ik langskomen bij het OM. Nou wist ik allang dat hij geen zaak had en zijn antwoord was dat ie nog wat aan zijn proces verbaal moest sleutelen. Toen ging ik echt uit m’n dak: ‘Serieus, moet jij aan je proces verbaal sleutelen om mij te vervolgen?’ Lang verhaal kort, nooit meer iets van gehoord. Maar in de omgang met de politie ging het nog lang daarna stukken beter. Het verhaal over de onterechte arrestatie van een journalist was ruim door het korps gegaan.


Alle collega’s kregen wel eens klappen van de politie, Pim Korver was vaker dan eens de pineut.

 

En mijn arrestatie was niet de enige keer hoewel deze dames wel gevoelig waren voor mijn argumenten.


Op Rotterdam zuid reed een brandweerwagen eens tegen de wiek van de ambulancehelikopter. Dat zijn toch rare dingen die je dan moet invullen op de schadeformulier. Maar de heli mocht niet meer opstijgen ook al was er maar een schilfer verf vanaf.


Er vallen toch nog regelmatig vliegtuigjes uit de lucht maar deze was wel heel bijzonder. Parachutisten hebben hun oefenveldjes in de buurt van Rhoon . Maar bij het verlaten van het vliegtuig ging bij een parachutist zijn scherm te vroeg open en bleef hij aan de staart van het vliegtuig hangen. Hij gooide zijn parachute af en kwam met de reserve parachute veilig op de grond maar het vliegtuig stortte neer door de rare manoeuvres. De piloot kwam om het leven want dat was de enige zonder parachute. Sindsdien moet iedereen er een om hebben aan boord. Ook deze fotograaf die later eens mee mocht.

 

Bye Bye Benidorm

Inmiddels is het 18 november en we hebben nog niet echt een plan. Het enige wat we weten is dat we rond half december thuis willen zijn in verband met de kerst. Hoe het gekomen is weet ik niet maar ‘ ineens’ krijgen we 1e kerstdag volop visite. Heb ik weer! Huis in kerstsfeer versieren en gerechtjes verzinnen, lekker dan. 🤣 Maar eerlijk is eerlijk, ik vind het eigenlijk heel erg leuk en….voordat we weggingen heb ik al 1 kerstboom versierd en klaargezet. Die kan zo naar beneden. 😊 Maar terug naar de nieuwe week. Ik ga op de fiets naar moeders. De temperatuur is nu zo lekker. ‘s Morgens nog fris en als de zon doorkomt ongeveer 22 graden. Terwijl ik op haar wacht, ze moet van 31 hoog naar beneden komen, maak ik een praatje met de conciërge. Echt, dat die man mijn Spaans verstaat! 🤣 Vanmorgen staat shoppen in het oude centrum op het programma. Moeders en Jan zitten met hun appartement helemaal aan de andere kant van de boulevard dus nemen we de bus. Lekker makkelijk en voor 1,60 euro ga je niet moeilijk doen. Allebei zijn we niet echt op zoek naar iets en dat is natuurlijk een voorteken dat het fout gaat. 😳 Met schoenen, handtassen, truien, jasjes en wat sieraden prullaria zakken moeders en ik op een terras neer op de boulevard voor de lunch. Vervolgens nemen we de bus weer terug naar het appartement waarna ik terug fiets naar mijn vent en de hut. Ach, een aantal aankopen gaan in de trekkar. Die bleek overbodig voor ‘de oudjes’ want in hun appartement stond al zo’n ding.Mijn lover heeft een rustig dagje gehad, wat foto’s bewerkt en verder niets. ‘Oh ja, er was ook nog een fikse woordenwisseling tussen een aantal campinggasten over de wasmachine.’ zegt ie terloops. Dat snap ik dan weer niet, zo’n sappig verhaal vertel je toch gelijk! 🤨 Nou, Roel dus niet. Omdat we nu tegenover het washok staan had ie iets gehoord maar verder weet hij niet. Hij sluit af met; ‘Lekker belangrijk.’ 🤔 Nou is er maar 1 wasmachine en 1 droger op deze camperplaats en die zijn vooral in de ochtend druk bezet.. Een ongeschreven regel is dat je je zak/tas met was bij de machine zet en zo vormt er een rij van soms wel 4 of 5 wachtenden. Als je pech hebt dan kan het dus wel even duren. De volgende morgen ben ik vroeg wakker en besluit te gaan wassen. Snel alles sorteren en naar de machine. Er is net iemand voor mij geweest. Ik plaats mijn wasmand en zet de wekker voor de tijd die de machine nog aangeeft. Hupsakee, rond 09.30 uur zit mijn was er in. ‘Ik ben rond 11.00 uur klaar met de was en opruimen, dan lekker naar het strand?’ vraag ik mijn vent. Prima idee want het is vandaag weer een heerlijke dag. Terwijl ik buiten van mijn koffietje geniet zie ik een aantal dames bij de wasmachine. Het praten wordt luider en luider. ‘Er heeft iemand voor gepiept!’ stelt een pezige blonde met schelle stem.😳 Ik ga maar eens kijken want mijn was moet toch zo klaar zijn. ‘Is die was van jou??’ tettert de pezige recht in mijn gezicht en haar wijzende vinger gaat van de machine naar mij. Ik kijk in het ruitje, dat is mijn was maar ook zie ik dat de tijdklok is verzet. Mijn was moet nu nog een uur maar zou al bijna klaar moeten zijn. De dameskring sluit zich een soort dus aanval is de beste remedie….’ Die was is zeker van mij, ik had nog vijf minuten op mijn wekkertje maar kan er niets aan doen dat er iemand met zijn tengels aan de machine gaat zitten klojen!’ 🤭 Rotterdam is in the house zullen we maar zeggen. Helaas is het niet zoals Meester Visser zegt; ‘En hiermee is de zaak afgedaan.’ 😊‘Ik denk dat ik Martin (eigenaar) erbij ga halen!!’ dreigt de pezige. Serieus, het moet niet gekker worden. 🤣 Ze beent met grote passen weg en komt in polonaise terug met Martin. Nou is hij super aardig maar ook een beetje suf (sorry Martin). ‘Wat zou ik moeten doen?’ vraagt ie. De dames kijken mij afwachtend aan, ‘Die was moet eruit, die is schoon.’ en ‘Zet die machine stop.’ De goed bedoelde adviezen vliegen over het hoofd van de arme man die op zijn hurken naar de draaiende was zit te turen. Het is tijd om er een eind aan te maken en hem uit zijn lijden 😉 te verlossen. ‘Weet je Martin, zet dat ding gewoon stop, dan op een kort programma en klaar is klaar!’ zeg ik en ja, ik hoor heus wel hoe bazig ik klink. 🤭 Klaar is klaar zou je inderdaad denken maar als Martin weer naar zijn kantoor vertrekt gaat de pezige door. Ze snapt niet hoe het kan en ze heeft zoveel was, haar hele dag is verpest. Mijn vent heeft het wederom allemaal een soort van gemist en als ik het vertel dan zegt ie; ‘Oh, maar die pezige was er gisteren ook al bij, dat was de ‘voorpieper’. 🤣 Net voordat we naar het strand willen fietsen loopt de pezige voorbij en kirt mierzoet; ‘Haaaaai, nou mijn was is over een half uur klaar maar nou weet ik niet waar ik het allemaal moet hangen. Zie ik nou dat jij een eigen droogmolen bij je hebt?’😳 ‘Zeker, zo’n fijn ding’ zeg ik al even zoet en vervolg ‘gewoon bij een campingzaak te koop! Doei, doei.’ 😊 Flikker maar op met je was, niet aan mijn droogmolen…. maar dat heb ik niet gezegd hoor. 🙏🏻 Je merkt op het strand en de boulevard dat het stiller aan het worden is. Moesten we eerst zoeken voor een tafeltje, nu kunnen we kiezen. We lunchen, althans dat van Roel kan ik geen lunch noemen! 🤣 ‘Goeie keuze Dijks, Engels ontbijt en een sangria!’ Daarna ploffen we op het strand neer totdat het rond 16.00 uur te fris gaat worden. Ben ik heel gemeen als ik zeg dat ik moet lachen hoe hard hij later terug naar de camper fietst omdat hij heel nodig naar de wc moet….😉 Later in de middag na een spelletje rummikub bekijken we maar weer eens de weersvoorspellingen en als die er gunstig uit zien besluiten we donderdag verder te trekken. Zo gaan we woensdagmorgen eerst naar de kapper, zelfs dat doen we nu samen. 🤣 Nee hoor, kwam zo uit! Daarna trappen we naar Benidorm en halen ‘de oudjes’ op bij Julia en Wout. Hij is ook een oud Roeier en heeft met mijn vader en Jan gewerkt. Zij hebben een appartement direct aan de boulevard gehuurd. Met zijn allen staan ze op het balkon naar ons te roepen en te zwaaien, ik stop en wordt aangereden door een scootmobiel. 😡 Serieus, een oudere dikzak in zo’n ding komt tegen mijn been tot stilstand. Omdat ie niet echt een excuus maakt gil ik harder au,au,au dan dat het zeer doet. Maar nog geen reactie, waarschijnlijk ook nog doof! 🤣 Mijn vent roept hem na; ‘Idiot, go get your driver’s license!!’ 😳 Ik vrees dat nu vele Engelsen in Benidorm op zoek zijn naar een rijschool gezien het volume van mijn lover. 🤣 Dan voor de laatste keer met moeders en Jan lekker lunchen op de boulevard. We sluiten af met een heerlijke paella. Bij het bekijken van de foto’s zien we dat de grapjas van een kelner ook nog deze van zichzelf gemaakt heeft, als souvenir. 🤣 De balans: we stonden 40 dagen op camperpark Costa Blanca (niet eerder stonden we ergens zo lang) en het is ons goed bevallen maar we hebben nog niet de leeftijd dat we erbij horen. Laten we het erop houden dat wij de ouderen vreemd vinden en zij ons. 😊 ‘Gaan jullie er alweer op uit? Eten jullie niet in de camper? Wat waren jullie laat thuis!  En de ergste vraag die ik kreeg; ‘Ga je nou alweer douchen, je bent toch vanmorgen al geweest!’ 🤣 Het douchen gaat met munten (0,50 eurocent per 5 minuten) en het is bizar hoeveel mensen er uit de afwascorner komen met emmers warm water. Nieuwsgierig als ik ben kom ik erachter dat ze in de camper ‘poedelen’ om zo geld voor de douche uit te sparen. Echt, ik kan daar niets mee, wat een onzin! Net als de prietpraat over kinderen en kleinkinderen. Als mijn vent dan ook weer zijn opmerking maakt ‘We hebben ze niet maar blijven iedere dag proberen!’ 🤣  en er zelf het hardst om lacht zijn de gesprekken snel over. Nu klinkt het misschien vreselijk maar dat is het absoluut niet, we gaan onze eigen gang en vermaken ons prima. 😊 Dan Benidorm! We waren er al vaker, ik zelfs al toen ik 12 jaar was met mijn ouders. Later volgens mij nog twee keer toen ik rond de 20 was. Tsja, dan is Benidorm de place to be! Grappig dat discotheek Penelope van toen er nog steeds is! Mijn lover en ik hebben onze mening bijgesteld en ons er geweldig geamuseerd. Hou het er maar op dat het iets weg heeft van Las Vegas: een groot gekkenhuis! 😊 Donderdagmorgen nemen we afscheid van het team van camperpark Costa Blanca, we hebben genoten van hun gastvrijheid en schone goed onderhouden plaats. We komen zeker terug! Nog even wat spullen ophalen bij ‘de oudjes’, een bakkie doen, gas en diesel bijvullen en go! We gaan richting Portugal! Wat we daar gaan doen? 😳 Dat is een heel verhaal daarover volgende keer meer!

Einde van deel twee

Al weer twee weken terug in Nederland en de mallemolen, ook wel agenda genoemd ?, stond iedere dag vol met afspraken. Vandaag op deze regenachtige zondag staat er niets dus hebben we tijd voor een korte terugblik van de laatste week:
De dagen aan het strand vliegen voorbij met fietsen en wandelen. Overdag is de temperatuur prima maar de avonden zijn fris. Wat tegenvalt is dat het rond 17.00 uur al donker is….winter is coming. ?

Het valt weer op dat de Amerikanen niet kunnen plannen want we moeten ons om de dag komen melden bij de receptie van de camping met de vraag of we op dezelfde plek kunnen blijven staan. Wij hebben namelijk niet gereserveerd en kunnen dat ook niet omdat het computersysteem geen buitenlanders toelaat….Buitenlandse postcodes en telefoonnummers passen niet in het reserveringssysteem. Tja, zeg het maar! ? Dus begeven we ons iedere morgen trouw naar de receptie en staan in één week tijd op drie verschillende plekken. Het klinkt omslachtig en dat is het ook, zeker als je weet dat de campground absoluut niet vol was. Moet ik wel bij zeggen dat ik ook niet makkelijk ben want ik wil bijvoorbeeld niet naast een groep met kleine schreeuwertjes of in de buurt van de toiletten staan. ?

Op zaterdag vertrekken we van de kust en na een lunchstop in Oceanside zijn we eind van de middag in het dorp Pala, oorspronkelijk van de Indianen, klein en bekend door zijn mega casino resort. Van de vorige keer weten we dat je hier op de grote bewaakte parkeerplaats kan overnachten en ook nu vinden we een prima plek. Het is druk in het casino en de reden wordt ons snel duidelijk: morgen is het Veterans Day. De jaarlijkse gedenkdag, 11 november, waarop Amerika eer betoont aan iedereen die gediend heeft in de strijdkrachten. In het casino en de restaurants zijn verschillende aanbiedingen voor de militairen die in groten getale aanwezig zijn. Het duurt dan ook even voor er een tafeltje vrij komt in het restaurant en wij aan de beurt zijn. Zondagmorgen rijden we de korte maar zeer bochtige weg van Pala naar Temecula, doen daar wat boodschappen en trappen dan het gaspedaal in voor de laatste kilometers naar Han in Aguanga. Die hoort ons al aankomen en opent het hek, de hondjes Saar en Betsy springen in het rond, kater Hanky komt kopjes geven en in de verte kukelen de hanen: home sweet Californië. ?

En nu effe in bad.

Het huis van Han staat links onderin, onze camper een stukje daarboven. Leuk dat google earth ;-) En toevallig dat die satelliet net over kwam toen wij er waren. Big brother is watching you.

Zondagavond speelt er altijd een band in het plaatselijke restaurant de Stagecoach en rond 17.00 uur vertrekken we erheen want een mens moet toch ergens eten. ?

Komt een vaste klant van het restaurant op ons af en vraagt: komen jullie uit Nederland.

Nou, strak in 1 keer geraden natuurlijk maar dan willen we ook gelijk weten hoe ie dat weet. ‘I have a friend in the Netherlands. In Vlaardingen. I recognize the language’. WTF. Wij zeggen gelijk ‘Dat is onze stad. Wie is het dan ?’ ‘Yeh, a guy that sailed once in his boat over the ocean and never came further than Vlaardingen’. Oh zegt Roel, dan weet ik het wel. ‘Tim ó Connor’, big black hat, playing guitar and making poems ?’ Ja, die dus. De wereld is klein…

Als we maandagmorgen wakker worden is het besef daar: dit is de laatste week want zondag vliegen we naar huis. Onze gevoelens zijn verschillend want waar ik het super leuk vind om naar huis te gaan vindt mijn lover het afschuwelijk. Ik geef hem het advies om het niet telkens te herhalen want echt in één uur zegt hij wel zes keer; ‘Vreselijk, voor mij hoeft het niet!’ ? Ik begrijp hem wel want doordat één van onze fotografen voor drie maanden naar Nieuw Zeeland gaat moet ‘de baas’ zelf aan de slag. We zijn acht maanden onderweg geweest, acht maanden van ‘niets hoeft en alles kan’ en dat gaat nu veranderen. De agenda stroomt vol met afspraken die de meiden op kantoor bijhouden. ? Maar zover zijn we nog niet want voor nu moeten er inkopen gedaan worden dus Han en ik gaan op pad. Voor mijn moeder een sprei, dat geeft wat hilariteit als we in de winkel gaan bellen welke kleur ze mooier vindt en geen erg in het tijdverschil hebben, de arme mensen lagen al op één oortje. ?

Nu kan ik de verleiding ook niet weerstaan en koop de (on)nodige kerstspullen.

Met een lading tassen komen we terug en nuchter merkt mijn lover op; ‘Dat gaat weer een koffer extra worden….’

De volgende dag gaan we nog even naar de Aldi en ook hier blijkt weer hoeveel zonderlingen er op de aarde rondlopen. Een Indiaase of Pakistaanse man loopt met een pop in een winkelwagentje waar hij tegen babbelt in zo’n ‘Moeder wat is het heet’-accent (als iemand die tv serie nog kent) door de winkel. Zeker zijn vriendin….?

En uiteraard wordt er nog een heel foute kersttrui aangeschaft.

Op dinsdag heeft Han een ziekenhuisafspraak en pas ik op de dieren terwijl we ondertussen de spullen maar gaan verzamelen en opruimen. Bij het inpakken blijkt dat we inderdaad nog een koffer nodig hebben met als resultaat drie koffers vol kerstspullen. ? We vliegen vanaf San Diego naar huis en omdat we een vroege vlucht hebben gaan we zaterdag alvast richting het vliegveld. De laatste avond brengen we in Old Town door waar een gezellige sfeer hangt….

misschien iets te gezellig want de volgende ochtend worden we beiden met een klein katertje wakker. ‘Dat doen we goed zo op de laatste avond.’ mompelen we tegen elkaar.

Na het inleveren van de huurauto brengt de pendelbus ons naar de vertrekhal en checken we de koffers in: we zijn er klaar voor!

Via Salt Lake City vliegen we met Delta Airlines naar Amsterdam. Eigenlijk zijn we voor de rechtstreekse vluchten met de blauwe vogel maar die was in deze periode meer dan het dubbele tarief. We hebben nu een retourtje voor 530,00 euro. ? Een retour….? Yep, want dat was de enige manier om mijn lover mee naar huis te lokken want half maart vliegen we terug naar the States. De overstap in Salt Lake is kort: ons vliegtuig was al met vertraging uit San Diego vertrokken en nu is er een medepassagier die de vloerbedekking van de gate saai vindt en er wat eigen fantasie op spuugt….? Nadat de troep is opgeruimd kunnen wij erdoor en rennen naar de gate waar het toestel naar Amsterdam al aan het boarden is. De bagage is doorgelabeld en ik hoop maar dat mijn kerstspullen niet zoek raken. Uiteindelijk zijn we ook nog bijna de eersten die het vliegtuig in gaan, weer stress voor niets.

We hebben een rustige vlucht en als mijn lover het on-board internet ontdekt is het nog rustiger. ?

Oke, voor mij was er een mini casino in de stoel van m’n voorganger. ?

Maandagmorgen rond 08.00 uur zegt ons eigen kikkerlandje in een mistige koude lucht; ‘Goedemorgen!’ Met de verzameling koffers verlaten we de aankomsthal waar geen Douane zit, helemaal nobody te zien….misschien was het net koffiepauze. ? Net door de schuifdeuren gelopen zie ik mijn ouders staan. Wat een leuke verrassing want zo op de vroege morgen hadden we niemand verwacht! We schieten een restaurantje op Schiphol in: eerst een koffie/thee op Nederlandse bodem en thuis kan nog wel even wachten. ?

Als laatste nog wat zinnige en onzinnige feitjes:

We waren 14 maanden onderweg (met een onderbreking eind 2017-begin 2018), hebben totaal 45.000 km gereden en 6 banden versleten.

Ik ging 14 x naar de kapper waarvan 4 x bij Han.

Roel bezocht 2 ziekenhuizen voor totaal 55.000 dollar (gelukkig verzekerd en geen galstenen meer) en 1 tandarts voor een afgebroken kroon.

45.000 kilometer met een gemiddelde van 1 op 7,7 = 5844 liter diesel. Plus 4 liter benzine om de BBQ aan te steken en 200 liter propaan voor de kachel en het warme water.

Garagebezoeken waren er (te) veel: maar liefst 9. Men heeft 2 voorlagers, 1 dieselpomp, remblokken en -schijven, olie- lucht- en dieselfilters vervangen en grote en kleine beurten uitgevoerd.

We hadden oneindig slechte wegen waarvan zelfs 700 km onverhard.
Lieten ons 2 x door sneeuw en vorst overvallen maar géén keer door de boeven.

Wildlife hebben we heel veel gezien: 35 grizzly’s, minstens evenveel zwarte beren, 3 lynxen, 1 wolf, ontelbare eagles, walvissen, zeehonden en beluga’s. Plus nog wat otters en ander klein grut.

Bij Starbucks heb ik denkelijk wel zo’n 325 koppen koffie op, Victoria’s Secret plunderde ik 5 keer en verder werden er 12 paar schoenen en 4 handtassen geshopt.

De supermarkten zijn waanzinnig groot met bijzondere klanten en we scoorden iets van 1263 plastic tasjes en aan voedsel aten we: 1 varken, 1/2 koe en een halve kippenren.

We aten maar drie keer het Amerikaanse volksvoedsel: hamburgers.

Roel bakte zeker 25 keer z’n eigen brood maar de uitkomst was niet altijd dezelfde. Amerikaans meel is heel anders.

15 x passeerden we de grens Canada – Amerika en v.v. Soms werd er hierbij wel eens iets in beslag genomen: Verboden groenten als tomaten, appels, knoflook, uien, aardappels en citrusfruit.

Vijf koffers was het hoogste aantal wat we 1 keer op een vlucht bij ons hadden en totaal vervoerden we minimaal 20 kilo aan kerstspullen.

Het meest gebruikte WiFi password onderweg was: Driftwood. Roel zijn eerste taak op de plek van bestemming was internet verzorgen voor deze verslaafde….gelukkig kan hij er zelf makkelijk buiten!

Honden zitten gewoon achterin een pick-up bak of hangen uit het raam. Je went eraan maar soms durfde ik niet te kijken uit angst dat het mis zou gaan.

Bezochten we rond de 50 verschillende casino’s, was er maar 1 aanzoek en 1 Weddingchapel.

De mop van Roel ‘over de brug naar Halifax via IJsland’ : minstens 400 x verteld.

Roel maakte 36.000 (1e helft) en 49.000 foto’s tijdens het tweede stuk. Daar worden er wel een paar als onbruikbaar van gedelete.

2 x kochten we een Amerikaanse National Parkpass. De Canadese was gratis vanwege het 150 jarig bestaan van Canada.

Boven dit alles staat: we hebben heel veel super leuke bijzondere ontmoetingen gehad, leerden elkaar goed kennen en zijn nog steeds happy together. ❤️

Nog thuis……

Het is eind februari, onze vertrekdatum naar Los Angeles is gepasseerd, we zijn nog in Nederland en de beloofde datum dat ons blog weer in de lucht zou zijn is voorbij: what happend? Terug naar afgelopen december….

Vreemd blijft het om weer thuis te zijn en we kunnen slecht wennen aan de gewone dagelijkse dingen hier. Roel gaat volop aan het werk en stort zich op het foto-archief dat hij een half jaar geleden gekocht heeft. We maken plannen om de studio opnieuw in te richten, bestellen kasten zodat het archief daar opgeborgen kan worden en regelen een aantal andere zakelijke dingen. Ieder jaar met kerst zetten we een boom van vijf meter in de hal ?, we doen het nu met de Amerikaanse sneeuwpoppen

en verder pimp ik huis en tuin op met alle meegebrachte ‘kerst bling bling’. Mijn lover en ik doen eigenlijk niet aan kerstcadeau’s en ik ben dan ook blij verrast als ik toch een pakje van hem krijg. Een geweldig cadeau wat ik totaal niet had verwacht: ons blog van het afgelopen half jaar heeft hij in boekvorm laten drukken. ❤

De kerstdagen en oud&nieuw brengen we gezellig door met familie en vrienden. En dan is het 2018: ik ben in Amerika al vast afspraken gaan plannen en het ‘afspreekcircus’ start….soms hebben we twee afspraken op 1 dag, we babbelen, eten en drinken heel wat af, veel te veel om te melden dus ik doe weinig op Facebook en inmiddels nog minder met de weegschaal ….maar wat voelen we ons rijk met zoveel vrienden en kennissen! ? Roel moet in de eerste week van het nieuwe jaar retour naar de cardioloog, best een spannend momentje omdat hij zich de laatste week in Amerika niet echt lekker voelde, maar alles is goed en hij mag zelfs met 2 medicijnen stoppen. Als we terugdenken dan zal het de griep geweest zijn waar hij zich beroerd door voelde. Op veertien februari vliegen we terug naar Los Angeles waar de camper bij Han staat. Wat gaan we daarna doen is de vraag: gaan we richting de sneeuw of de zon? Omdat mijn lover niet zeker weet of hij het conditioneel aan kan om te skiën plannen we een middag Snowworld in Zoetermeer met vrienden.

En zoals door hem gehoopt (en door mij verwacht) gaat het prima en komt hij geen adem tekort. Wij houden wel even onze adem in, want op een gegeven moment komt hij met de kleine Lisa op zijn schouders de piste af suizen….? Het is een super gezellige middag in de sneeuw en we sluiten af met fondue in het restaurant. De beslissing is gemaakt: we gaan naar de skigebieden in the States. In januari heb ik eerst nog een paar dagen skiën met een vriendinnetje in Fieberbrunn Oostenrijk gepland. Kort voor ons vertrek komt haar vader te overlijden en de reis wordt geannuleerd. Eigenlijk heb ik wel zin in een paar dagen sneeuw maar met wie dan? De oplossing komt van DJ en Annemarie, waarmee we in Snowworld zijn geweest, zij gaan in dezelfde periode ook naar Oostenrijk en na wat geregel (hotel en vliegticket omzetten) kan ik mee.

We vliegen op Salzburg met bestemming Brixen in SkiWelt Wilder Kaiser, een gebied wat ik ken door mijn lover die al sinds tiener in Söll, een plaatsje verderop, komt. We zijn vroeg op de piste: DJ is dit jaar begonnen met skiën en neemt les, Annemarie en ik gaan samen op pad. Het is een groot gebied en een route uitstippelen is voor deze twee dames niet easy. Maar we hebben geen doel (en geen richtinggevoel) dus nemen gewoon de éne na de andere piste en lift.

We gieren het uit als we eind van de middag weer in een lift ploffen en aan een Oostenrijker naast ons vragen of dit de lift richting Brixen is. ‘Nee, dan hadden jullie juist de andere lift moeten nemen!’ Het is inmiddels al rond half vier en we besluiten dat we nog één poging doen om de juiste lift te vinden en anders dalen we af, zien wel waar we zijn en nemen een taxi of bus. De temperatuur is goed, de sneeuw super en we vinden toch nog de juiste stoeltjeslift.

‘Ik maak een foto van je in de lift, blijf zo zitten!’ roept Annemarie en pakt haar telefoon…oei, daar valt wat naar beneden. ? We kijken en zien haar skistok in de sneeuw liggen. Als we uitgelachen zijn bedenken we een plan. Ik ga terug voor de stok en Annemarie blijft boven op mij wachten en bekijkt vast welke richting we op moeten. Ik draai me om, zie drie afdalingen, kies op goed geluk die éne tussen de bomen en daal af. De lift zie ik echter totaal niet meer en net als ik denk dat ik de verkeerde piste heb genomen….kan er ook nog bij….kom ik onder de lift. En iedereen die ‘wintersport’ weet dat niets grappiger is dan onder een lift te skiën. ‘Als je mij zoekt, ik zit hier!’ roept een man boven mijn hoofd. Altijd leuk Nederlanders in de sneeuw. ? Even vrees ik dat ik te ver ben afgedaald maar dan zie ik de stok en hebbes! Als een ware held wordt ik boven door Annemarie ontvangen

en we dalen eindelijk af naar Brixen….het is half vijf! We zoeken DJ op en ‘let the apres ski begin’. ? Om negen uur lig ik op bed: iets is me teveel geworden: de vele kilometers op de latten of toch de glaasjes Williams birne en het dansen op skischoenen tijdens de apres ski. ?

De volgende dag is de lucht strakblauw en vanuit mijn hotelkamer zie ik de lokkende pistes dus snel uit de veren en op naar die witte speeltuin!

Als we na de lunch een ligstoel scoren houden we iets langer pauze in een heerlijk zonnetje….en met de magische woorden ‘immer locker bleiben’ van mijn eerste skileraar, besluit ik om een lekker drankje te nemen. ?

Dinsdag is alweer de laatste dag in de sneeuw, onze vlucht gaat pas vanavond laat dus we zoeken de pistes op. Andere vrienden van DJ en Annemarie zitten ook in de buurt en we hebben afgesproken om elkaar boven bij de lift te zien en samen te skiën. Tijdens de koffiepauze (ok, ik beken: choco met rum)

krijg ik een telefoontje van Roel dat zijn moeder een herseninfarct heeft gehad en op weg is naar het ziekenhuis. Hij kan verder nog niet veel zeggen maar het ziet er niet goed uit voor haar. In de dagen die volgen komt er geen verbetering. Stil ligt zij in bed en we weten niet of ze ons kan horen. Op zaterdag gaan we naar het reisbureau en bespreken de situatie, we kunnen nu echt niet vertrekken op veertien februari.
’s Avonds komen de zus en zwager van Roel, er is geen verbetering en de artsen hebben geen hoop meer en gaan de behandeling stoppen. Op dinsdagochtend zes februari is zij rustig ingeslapen. Er volgen hectische dagen waarin er veel geregeld moet worden voor de uitvaart en ons vertrek wordt uitgesteld want er moet ook een huis leeggeruimd worden. Valentijnsdag nadert: de dag van ons originele vertrek. We hadden op de dertiende een hotel geboekt nabij Schiphol in verband met een vroege vlucht naar Los Angeles en bovendien heeft Roel nog een belangrijke vergadering in Amsterdam. We besluiten gewoon te gaan en hebben twee leuke dagen in een zonnig maar koud Amsterdam. Na ons gemeld te hebben in het hotel laten we de auto achter en nemen de trein naar CS,

Roel vergadert en ik shop, we gaan ’s avonds heerlijk culinair Japans eten bij Yamazato in het Okura,

slenteren daarna over ‘de wallen’ en komen uiteindelijk toch nog terug in ons hotel. ?

Een paar uur later ontwaken we, ik met een zeer hoofd (iets te veel drank) en zere voeten (iets te hoge hakken). ?

Op mijn verlanglijstje staat al heel lang een tocht met een rondvaartboot door de Amsterdamse grachten en als een ware Valentijn koopt mijn lover een ticket voor me.

We genieten op het water, shoppen in de Kalverstraat

en vinden heel toevallig een super leuk koffietentje met een mooi uitzicht over de stad,

bezoeken de rosse buurt nog maar eens bij daglicht en op de terugweg naar huis rijden we via Scheveningen om een lekker visje bij Simonis te eten. Dan de woning: samen met Roel zijn zus en zwager inventariseren we deze en beginnen met opruimen. Er zijn verdrietige maar ook humoristische momenten en het gaat allemaal voorspoedig. We besluiten om eind maart terug te keren naar Amerika en het reisbureau gaat op zoek naar tickets. Na even puzzelen is de nieuwe datum bekend: twee april. ? En we zijn blij want allemachtig wat missen we ons leventje daar! Het uitstel van vertrek heeft ook voordelen: we kunnen afspreken met vrienden die we nog niet gezien hebben en ik kan nu op Nederlandse bodem een jaartje erbij tikken. ? De aan mezelf beloofde ‘casinoverjaardagsavond’ in Las Vegas moet maar even wachten en we vieren mijn verjaardag thuis met een gezellig familie etentje. Onze dagen hier vliegen dus zo voorbij, we ruimen met elkaar het huis van moeders op, richten de studio verder in

en om ons zelf een beetje te troosten ? besluiten we om half maart een weekje naar de sneeuw te rijden om met vrienden te skiën….to be continued, nog iets meer dan vijf weken en een heleboel kilometers verwijderd van the States.

Happy Holidays!

We zijn ruim één week thuis en nee: we kunnen het nog steeds niet wennen! Misschien doen we ons best er ook niet voor….iedere avond als we in bed liggen en elkaar welterusten wensen zegt mijn lover; ‘en weer één dag dichter naar 14 februari!’ En dan bedoelt de romanticus niet Valentijnsdag, maar op die dag vliegen we terug naar Los Angeles. ?
We zijn van Amerika gaan houden en hebben er het afgelopen half jaar met veel plezier doorgebracht!  Ons reisblog heeft nu even ‘pauze’ en gaat in februari weer van start. Het is super leuk om te doen en op die manier onze belevenissen met jullie te mogen delen.  Het scheelt ook een hoop bijpraten nu we thuis zijn. ? Nogmaals thanks voor de leuke enthousiaste reacties op onze verhalen en als ik de bijbehorende grafiek mag geloven dan wordt ie veelvuldig gelezen! Top!  Van alles mis ik het zonnetje in Californië het minst. Want ik hou van een kerst met kou en sneeuw….? Het laatste blog van dit jaar ga ik dan ook afsluiten met de voor mij meest romantische ‘wintersong’ ever: ‘It may be winter outside’, speciaal voor mijn fotograaf ? die jullie heeft laten meegenieten van alle mooie beelden.

Have a wonderful Christmas and a happy 2018!

De finish van de eerste etappe

Zijn de nachten korter in Vegas en de dagen langer of maken wij de nachten langer en de dagen korter? ? Hoe dan ook, niet echt uitgeslapen worden we zaterdagochtend wakker en komen langzaam op gang. Mijn handsome schiet wat aan en gaat beneden in het hotel bij één van de vele restaurantjes een ontbijt voor ons halen. Verder is het plan om vandaag zeker naar de hotels Bellagio en Flamingo te gaan want daar waren we nog niet eerder en verder zien we wel.  Eerst rijden we nog even door het oude Las Vegas. Rond Fremontstreet wordt echt veel gesloopt maar die ouderwetse blauwe kleuren en neonreclames wil Roel nog wel vastleggen voor het allemaal verdwenen is.

Je merkt dat in veel staten marihuana tegenwoordig legaal is.

Daarna gaan we naar het Bellagio ( het Excalibur behoort tot dezelfde keten als het Bellagio dus je kan je parkeerkaart ook daar gebruiken). Binnen in het gebouw is het groot en vooral chique. Er zitten veel dure winkels en er is nu een super mooie kerstshow.

Zij hebben tevens een chocoladefontein die acht meter hoog is en waarmee ze in het Guinness book of records zijn beland. ?

We slenteren door het casino maar spelen doen we niet want de inzetten zijn ons te hoog….of is ons hoofd na de ‘chapeldag’ van gisteren nog niet helder genoeg….? Dan eerst maar naar het Paris aan de overkant voor een kop soep, we ploffen op het terras bij Mon Ami Gabi, wat een heerlijke plek is dit toch met uitzicht op de strip en de fontein bij Bellagio.

Door naar de Flamingo en nog een aantal andere casino’s want het is weer zover: ik kan geen speeltafel vinden die aan mijn eisen voldoet. ? Wat zijn we daarna blij dat de auto bij het Bellagio staat want instappen en terugrijden is heerlijk, het scheelt een hele wandeling! We zijn best moe en blijven ’s avonds ’thuis’ in het Excalibur, eten bij the ‘All you can eat’ die prima en uitgebreid is. Het is onze laatste avond hier dus nog maar een rondje casino. ? Ik vind dit keer vrij snel een tafel en Roel verdwijnt naar zijn éénarmige vrienden. En dan eist Vegas zijn tol: Roel komt naar mij toe lopen en zegt ; ‘ik heb geen zin meer en ga naar boven, blijf jij nog maar lekker zitten.’ En daar gaat ie om 21.30 uur naar de hotelkamer. Ik bestel nog een drankje en wanneer de croupiers wisselen hou ik het ook voor gezien. Als ik boven kom ligt mijn lover op zijn laptop te werken! Onvoorspelbaar die vent van mij. ? De volgende dag vertrekken we uit Vegas, de stad van onze liefde….maar genoeg daarover….

We zetten koers naar Lake Havasu City. Deze tip kregen we van een medewerkster van de garage. Het plaatsje is aardig maar op deze koude zondagmiddag vrij stil. In de weekenden, feestdagen en vakanties trekken hordes toeristen en watersporters naar dit meer om te varen, jetskiën en zeilen. De London Bridge, men kocht een oude vervallen brug uit Londen op, brak ‘m af, nummerde alle stenen en bouwde hem hier weer op, is prominent aanwezig en ‘s-avonds zo net voor kerst sierlijk verlicht.

Nu zien sommigen hotels er verlaten uit en we twijfelen welke we zullen nemen. Inmiddels is er ook een harde wind gekomen. Dit zijn we niet meer gewend en we lopen te klappertanden. We pakken internet erbij en het wordt een betonnen ‘kolos’ aan het meer. Bij goed weer (wat het hier meestal is) zal het hier vast stikdruk zijn maar nu zijn we met nog 4 andere auto’s op de parkeerplaats de enige gasten. Het is prima dat de receptioniste iedereen bij elkaar zet maar oei,oei, wat een gehorige kamers….?
’s Avonds gaan we naar het centrum en vinden naast de plaatselijke danszaal, waar bejaarden een kerstbal hebben ?, een goed restaurant met uitzicht op de verlichte London Bridge en haasten dan terug naar het hotel want het lijkt winter! De volgende dag is Roel verkouden, hij heeft het koud dan weer warm. ‘Zal wel van de airco komen in het casino.’; zegt hij. Buiten staat er nog steeds een straffe wind en we besluiten een stukje te gaan rijden. Wat is het koud, vreselijk! We zetten de kachel in de auto op warm en rijden wat rond. Er is echt geen klap te beleven hier, niemand waagt zich buiten. ? Ik haal een lekker winterkoffietje bij de Starbucks en bij Walmart een soort antigriep tabletten voor mijn lover en we gaan terug naar het hotel. Daar kruipt ie onder de wol en we kijken een film op de laptop. Veel foto’s hebben we hier niet gemaakt!
De volgende ochtend is hij iets opgeknapt en rijden we op het gemak weer terug naar Joshua Tree National park. De lucht is helder en mooier dan vorige week. We moesten trouwens vorige week een entreekaart kopen want we hadden de jaarpas voor alle Nationale Parken (80 dollar per jaar, koopje….) in de camper laten liggen. ?  Dan is 25 dollar voor een week toch effe zonde als je al betaald hebt. Het is zeven graden en dat zijn wij al heel lang niet meer gewend. ? Het weer is ineens omgeslagen en ik heb niet veel warme spullen ingepakt. We stappen af en toe even uit de auto maar kunnen niet echt genieten van al het moois.Het waait echt hard.

En wat er dan gebeurd: Bij de ingang moesten we uiteraard de weekkaart laten zien en konden gewoon doorrijden. Maar bij het verlaten van het park worden we nog een keer gecontroleerd en blijkt onze pas al 8 dagen oud te zijn en willen ze ons wéér 25 dollar laten betalen. De ranger is een beetje norse vrouw en ik weet wat er gaat gebeuren….mijn lover gaat dit ‘gevecht’ aan en ik kan hem geen ongelijk geven. Als hij met zijn uitleg begint zijn wij de enige….als hij klaar is met zijn pleidooi staan er ongeveer zeven auto’s achter ons, is het ‘opperhoofd van de rangers’ erbij gekomen (ik ben intussen heel langzaam van mijn stoel afgezakt  ‘help, ik kan hier niets aan doen’) en mogen wij gratis doorrijden. Hoe hij het toch altijd flikt?! ?  Don’t ask me! Eind van de middag arriveren we in Yucca Valley, een aantal kilometer (ongeveer twintig) buiten het park.
We zien vrij snel een hotel, dat nemen we en zie ons: Roel gaat weer bibberend naar bed en ik zit in mijn zomerse outfit en zet de kachel hoog….alleen drank kan me redden!
’s Avonds rennen we naar restaurant Sizzler (prima keten en goeie steak) aan de overkant, waar ik van mijn maaltijd geniet en Roel lusteloos iets mee prikt. De volgende ochtend tijdens het ontbijt schrikken we van de beelden op de tv. Veel gebieden rondom Los Angeles staan in brand. We krijgen verontruste berichten uit Nederland hoe het bij ons is maar hier is niets aan de hand. We geven Han een belletje dat we onderweg zijn en vragen hoe het bij hem met de branden is. Dan langs de garage en het is goed te zien dat de camper op de brug staat. Twee monteurs zijn hard aan het werk en ze denken dat ze morgen, donderdag, klaar zijn. We hopen er maar het beste van, het duurt allemaal vreselijk lang, veel langer dan gepland en afgesproken maar we kunnen niet anders dan beleefd blijven. ? De reparatie moet klaar voor we maandag naar huis vliegen! Gelijk ook maar even naar de autoverhuur dat we de auto nog iets langer willen huren, een paar boodschappen halen en naar Han. Aanstaande zondag gaan we al naar Los Angeles en tot die tijd logeren we bij hem thuis. We komen aan en ach de arme man, hij is ook doodziek. Daar zit ik dan met twee patiënten, allebei snip en snipverkouden. ‘De wijkverpleegster gaat eerst voor zichzelf een rosé inschenken en jullie hup naar bed!’; zeg ik. Daar gaat het duo, ze verdwijnen hun slaapkamers in en ik ruim de boodschappen op, drink mijn glaasje en ga wat te eten maken. Rond een uur of 20.00 uur schrikken we van phone alerts over de branden. Han woont hier al een aantal jaar en is de bosbranden gewend maar voor Roel en mij is dit onbekend en ik vind het best griezelig. We bespreken wat er moet gebeuren als er brand is, een soort vluchtplan zeg maar. ? Ik slaap onrustig door het ‘brand idee’ en ook door het hoesten, dat gaat tegen elkaar op, de één hoest nog harder dan de ander.
De volgende dag horen we dat er vannacht branden zijn geweest 23 mijl hier vandaan. We ruiken de rook en helicopters die het vuur bestrijden vliegen over.
De garage stuurt ’s middags een bericht dat de camper pas mórgen klaar is….ook dat nog! ? Han gaat ’s middags naar de dokter in Temecula en als ik buiten met de hondjes loop zie ik in de verte rookwolken! En ja hoor, hij laat weten dat daar brand is maar alles is goed en hij kan gewoon terug komen. Hoe vreemd zo met de zonneschijn lijkt het allemaal onschuldig en vriendelijk maar het is super droog hier en met de keiharde wind kan het vuur ineens alle kanten op slaan. De alerts blijven komen en dan volgt ook het bericht dat de stroom eraf kan gaan. De electriciteitsmaatschappij doet dit uit voorzorg. Wij hebben nog steeds stroom maar het zou kunnen dat….Han heeft de kaarsen al klaar liggen. ? En tot overmaat van ramp voel ik ’s avonds een akelige spierpijn tussen mijn schouderbladen en een kriebel in mijn keel. Straks als ik naar bed ga neem ik maar een anti griep tabletje van Roel. Ik maak een zuurkoolschotel met rookworst.

Hier in Amerika noemen ze dat Poolse worst en lekker dat ie is! Daar kan de Hema worst in Nederland echt niet tegen op. Verder is het een rustig avondje want de patiënten gaan allebei na het eten weer naar bed. Vrijdagochtend bericht de garage dat de camper rond 14.00 uur opgehaald kan worden, yes! Han en Roel gaan na het ontbijt terug naar bed en ik rommel wat met de kerstbomen als er een hevige trilling door de vloer gaat….wat is dit?! Ik heb de wasmachine aan staan, is die het? Een in de verte voorbij rijdende vrachtwagen? Het trillen stopt, de mannen hebben niets gemerkt want slapen weer. Als Han wakker wordt heeft hij een alert gekregen, er is een lichte aardbeving geweest. Wow, we maken hier wel van alles mee zeg! Tegen de middag voelen Roel en Han zich ietsje beter.

Han gaat verder met de kerstbomen en wij gaan naar de garage voor de camper. De reparatie is gelukt en de dieselpomp is vervangen. Omdat we een gereviseerde hebben gekregen moet de oude retour mee naar huis zodat we hier statiegeld voor terug krijgen. Het is best een gewicht, ongeveer een vijf of zes kilo. We hebben zelf één koffer bij ons en kunnen er één (of twee) van Han lenen. Dat zal nodig zijn gezien de kerstspullen die ik gekocht heb….? We maken een quickstop bij Homedepot (een soort Gamma/Karwei) voor wat ongediertebestrijdingsmiddelen. Uit voorzorg tegen muizen en ander klein gespuis wat onze camper de aankomende twee maanden als hun huis kan gaan beschouwen. ? En daar zie ik weer iets super leuks voor bij de vijver! Het zijn kleine glazen bollen in verschillende vormen zoals een kerst- en sneeuwman. ‘Kopen maar weer!’ ; roept mijn lover wanhopig lachend uit. Dan zie ik nog een verlichte hond, een verlichte iglo met vissende eskimo’s….’help, neem me please mee uit deze winkel!’; zeg ik tegen Roel. Han heeft heerlijk gekookt en gelukkig hebben de patiënten ook weer meer trek.
We zitten de hele week al met een dubbel gevoel en vanavond tijdens het eten komt het gesprek er weer op. Zeker met Han die dit ook heeft meegemaakt en ons begrijpt. We zijn nu een half jaar in de States en toen we vertrokken hadden we geen idee hoe het ons zou bevallen. Nu gaan we bijna naar huis maar doen dit met gemengde gevoelens….want we missen Nederland écht niet. Wel onze familie en vrienden maar verder kunnen we niet echt iets van Nederland opnoemen dat we missen. Het verschil zit in zoveel dingen en is teveel om uit te leggen in dit blog. Zeker ik ben hier verbaasd over want Amerika was niet mijn ‘keuzeland’ maar heeft mijn hart wel gestolen. ?
We vliegen maandag rond 14.00 uur vanaf Los Angeles rechtstreeks naar Amsterdam. Omdat het rond LA altijd druk is, en het voor Han ook beter uitkomt, gaan we zondag al naar LA en nemen daar een hotel. We moeten dus zaterdag de camper opruimen en de koffers pakken. Han kijkt dit met verbazing aan. Op een gegeven moment roept hij; ‘kind, jij krijgt hele volksstammen gek, wat een chaotische inpakstijl heb je!’

En ja, ik kan het niet ontkennen want ik ga niet zeggen wat er allemaal is gebeurd en wat er bijna in mijn koffer zat maar het was hilarisch! Vervolgens doet Han ook nog een paar lekkere Amsterdamse imitatiestemmen na en zetten we René Froger met zijn ouders (Bolle Jan en Mien) op en de stemming komt erin. Op zondag is het pakken nog niet klaar, ik heb inmiddels zoveel troep verzameld dat Han ingrijpt. ‘Nu is het afgelopen, eerst alles verzamelen en ordenen. En je haar? Ik zou het toch nog verven?’ ; zegt Han streng. Dus ik eerst zitten en verf in mijn haar.

Wat een gekke ochtend! Han nog in nachthemd, ik met kerstsloffen aan en er is geen vaart in te krijgen. ‘Niet mee bemoeien Han, komt vanzelf goed!’ ; roept Roel vanuit de slaapkamer. Want uit zelfbescherming blijft ie maar gewoon in bed liggen. ? Eindelijk rond half twee zijn we helemaal klaar, hebben van de camper

(en zelfs van de kippen) afscheid genomen en kunnen op pad: koffers en handbagage in de auto, hondjes mee, Han gaat de deuren afsluiten en roept; van wie is die zonnebril hier binnen op tafel?’ Juist, die is van mij….? We rijden zo waar zonder file naar LA en nemen afscheid van Han en de diertjes.

Bye bye lieve vriend tot over twee maanden. In het hotel kan ik het niet laten en check nog een keer de bagage. Geloof het of niet Han, maar het grote hert zit nu toch weer in de handbagage. ? Daarna gaan we erop uit om te eten en komen bij een Ihop restaurant terecht. Dit is een fastfood keten waar we niet eerder binnen waren, wij hadden gelezen dat ze hier alleen ontbijt serveerden. Maar ze hebben dus ook lunch en diner en prima te doen. Het interieur is typisch Amerikaans, (veel formica, kan zo in de serie van Happy Days) kerstmuziek klinkt in onze oren en daar zitten we dan mijn lover en ik. We kijken elkaar aan en ik weet als ik het nu vraag dan doet hij hetzelfde als ik. Dus ik vraag het niet. ? We bestellen wat te eten en nemen ons half jaar door: wat waren onze verwachtingen en zijn ze uitgekomen. We hebben samen gelachen, gehuild, ruzie gemaakt en elkaar zoveel beter leren kennen in een ruimte van ongeveer tien vierkante meter. ❤️
We wandelen terug naar het hotel en drinken nog een laatste tequila sunrise. ?
De volgende dag nemen we de shuttle bus naar het vliegveld en checken in, dit gaat allemaal lekker snel. De bagage is in orde, twee koffers van twintig kilo met wat kleding, kerstspullen en auto-onderdelen en twee stuks handbage (één met Roel zijn camera’s en één met dikke truien, winterjassen en….kerstherten ?).

We hebben een prima plek in het vliegtuig met extra beenruimte en een gezellige buurvrouw die vijf dagen naar haar broer is geweest die in Palm Desert woont. Hij is afgelopen week getrouwd.
De blauwe vogel vertrekt op tijd naar de kou en sneeuw in Nederland. We stijgen op en onder ons verdwijnt Los Angeles….ik kijk ervan weg want de zon doet zeer en mijn ogen tranen een beetje….
En dan moet ik nog antwoord geven op de vraag heeft de reis aan onze verwachting voldaan? Dan ga ik even terug naar de laatste avond in het restaurant en ik mijn lover niet de vraag stelde (zie paar regels terug ? ‘als ik het nu vraag dan doet hij hetzelfde als ik’) Vraag; ‘Roel, zullen we blijven en de tickets uitstellen?’ Dan had hij ze waarschijnlijk zo opgegeten! ? Dus kunnen we zeggen: deze reis heeft tot nu onze verwachtingen meer dan overtroffen! ? Na een rustige nacht zet de captain een half uur vroeger dan gepland de landing in naar Schiphol. Het duurt nog even voor we daadwerkelijk landen omdat hij van de verkeerstoren opdracht krijgt om een andere landingsbaan te nemen en we genieten van de mooie besneeuwde wereld.

We krijgen nu de Polderbaan toegewezen, dat scheelt op Schiphol zelf weer een hele ‘marathon’. Samen met Cindy, onze buurvrouw op de vlucht, verlaten we al babbelend het vliegtuig, gaan door de paspoortcontrole en komen vervolgens in een ruimte met allemaal koffers! Wow, wat is hier aan de hand? Iemand die daar staat weet ons te vertellen dat dit komt door de sneeuwval van afgelopen dagen. Hierdoor zijn vluchten vertraagd of uitgesteld en is bagage zoekgeraakt. ? Onze koffers zullen op band zestien arriveren. We wachten en wachten en wachten….boven de band hangt een bord en daar verschijnt wel steeds een luchthaven van herkomst op en de staat van de bagage maar er gebeurd niets. En we wachten en wachten. We worden er vervelend en giechelig van en staan met zijn drieën met de phone gekkigheid uit te halen. Cindy en ik staan samen te praten als er een meneer naar ons toe komt; ‘jullie zaten toch ook bij ons in het vliegtuig vanuit LA?’ vraagt hij met slissende stem. Hij begint een verhaal te vertellen maar we kunnen hem niet goed verstaan dus doen we alsof we aandachtig luisteren (wel zo netjes) en als ie weg is kijken we elkaar aan en zeggen; ‘waar dat in vredesnaam over ging!’ De bagage is er nog niet en we zijn er klaar mee, we gaan tot actie over! Ik ga naar de servicebalie, Roel en Cindy wachten bij de band in de hoop dat de koffers komen.

Bij de servicebalie is het druk, wat blijkt: door de hevige sneeuwval de afgelopen dagen kan het personeel de verwerking van de koffers niet meer aan, de vluchten zijn vertraagd en veranderd. Het personeel kampt ook met materiaalpech en er staan inmiddels 20.000 koffers die afgehandeld moeten worden. ? Rond 12.00 uur krijgen we dan eindelijk het advies om naar huis te gaan, online een kaart met gegevens in te vullen en de koffer wordt nagestuurd. Hoe lang dit kan gaan duren? Schiphol hoopt dat de koffers met een dag of drie/vier bij iedereen thuis terecht zijn gekomen. Wij missen er twee en in één ervan zit een dure lens van Roel en de kapotte dieselpomp. Verder allemaal kerstversieringen en twee toilettassen. We nemen de trein naar Rotterdam Centraal

en daar staat onze collega Joep al te wachten. Snel naar huis en kantoor waar de aanwezige collega’s een welkomstbloemetje (of was het nou een ‘chapelbloemetje’ ?) voor ons hebben. En ook van mijn ouders staat er een mooi kerststuk. We zijn al verwend! Ik ga ’s middags naar de winkels en verbaas me over de kneuterigheid van de shops hier! De supermarkt is afschuwelijk klein, het lijkt Madurodam wel….De enige die me blij maakt is de visboer op de hoek: twee porties kibbeling! ? Home sweet home maar op het moment hebben we even geen idee waar ons ‘home’ is. ?

The Wedding Chapel

Las Vegas is natuurlijk niet alleen bekend om zijn casino’s maar ook om zijn wedding chapels. In het oude gedeelte bij Fremont street zitten er heel veel, soms direct naast elkaar.  De één valt op door super kitsch verlichting, de ander doordat er beroemdheden zijn getrouwd en er is zelfs een drive thru zodat je niet hoeft uit te stappen. ?

Nou had ik thuis het plan gevat om elkaar in Vegas eeuwig trouw te beloven en wilde dat doen in de meest kitscherige bling bling chapel die er te vinden is. ?
We gaan even een paar weken terug naar ons eerste bezoek aan Vegas in oktober: Roel en ik nemen de bus richting Fremont street, achterin zit een schattig bruidspaar met een kindje ook op weg naar de chapels.

Vanaf daar is het plan om terug te wandelen, zo komen we er vanzelf één tegen die we leuk vinden. In Fremont street duiken we eerst maar een casino in….we zijn er nu toch! ?Genieten ook van een lunch en gaan dan op pad.  We passeren een Schotse chapel en daar komt net een bruidspaar naar buiten.

Hij is in klederdracht, hoe leuk!  We lopen verder, het is erg warm en er zijn veel chapels, wat een keuze! Maar wij hebben nog geen wow-moment gehad.
Dan komen we bij Graceland wedding chapel met een schattig prieeltje en bruggetje.  ‘Dit is het, helemaal super leuk met alles!’ ; roep ik direct.

Vergeten is mijn bling bling kitsch chapel. Mijn lover staat wat te twijfelen op de brug. Dan gaat de deur achter ons open en twee bruidsparen komen naar buiten. Ze zijn beiden 25 jaar getrouwd en hebben dat gevierd door hier nog eens te trouwen. Nadat de foto’s van elkaar zijn gemaakt rijden ze weg in een grote limousine die in de schaduw stond te wachten. We kijken nog wat rond bij de chapel en ik  zeg; ‘hoe vind je het prieeltje, te leuk toch!’
Roel loopt terug naar het bruggetje en zegt; ‘ga nog eens op het bruggetje staan dan maak ik een foto van je met de chapel op de achtergrond.’
Ik ga braaf staan waar hij zegt en dan gebeurd het: 1.92 meter zakt op zijn knieën en graait in zijn broekzak naar een ring! ❤️

En een ring is altijd een dingetje tussen mijn lover en mij….Vanaf het moment dat we elkaar leerden kennen en het onderwerp kwam op iets van ‘verbintenis’ dan riep ik; ‘ik wil een ring met een heeeele grote steen!’ Dat slaat nergens op want ik vind het niet eens mooi maar het klinkt zo leuk. ? Wat had hij nu gedaan: in Monument Valley een grote gouden/pyriet steen gekocht en die met lijm op een ring geplakt….yes, that’s my baby.

En hiermee liet mijn lover mij weer eens zien dat hij niet te voorspellen is want dit had ik niet verwacht en was compleet verrast!
We vroegen een voorbijganger om een foto te maken en deden het moment nog eens over.
To be continued….

Las Vegas again!
Vrijdag 1 december, een nieuwe dag, een nieuwe maand: hallo december!
Het was een kort nachtje maar uit de veren. Door het casino proberen we naar de Starbucks te gaan voor een ontbijt maar bij een Black Jack tafel strand ik. De croupier en de medespelers komen sympathiek over, behalve dat ze allemaal (de croupier natuurlijk niet ?) al of nog aan de alcohol zitten kan ik geen gekke dingen ontdekken en de middelste kruk is vrij. Het denkbeeldige stemmetje van Dr. Rossi dat zegt; ‘het is net half elf, wat heb ik nou gezegd!’piek ik van mijn schouder en als een survivor ga ik snel zitten. Iets te snel want de fiches van mijn buurman vallen om….’I don’t give a damn baby, you make my day!’; roept hij. Ik zei het al eerder de sfeer is vrij easy aan de tafels. Mijn gevoel laat me niet in de steek, de croupier heeft geen geluk en na een half uur spelen denk ik; ‘nu is het tijd om te stoppen.’ Dus schuif mijn fiches naar hem toe en vraag hem die te wisselen. En daar roept hij de magische woorden; ‘colours on the table!’ ? En ga ik met 110 % winst van tafel op weg naar de kassier!
De hindernis die dan volgt is niet makkelijk want ik moet mijn handsome zoeken. Dit keer hebben we elkaar rap gevonden maar soms is een mobiel toch super handig….gekkenhuis! ? Dan snel met oogkleppen op door naar Starbucks: nu eerst koffie/thee en wat te snavelen. ???
Er tegenover zit een schoenenzaak en ik loop naar binnen. Van een gedeelte van mijn ‘casinowinst’ koop ik een paar platte sandaaltjes met bling bling en ik voel het gelijk: mijn voeten houden weer van me! ?
Met de auto rijden we naar Fremont street want we willen een foto maken voor onze jaarlijkse kerstkaart. We fantaseren hoe en wat want er is hier een hoop te zien! ?We besluiten uiteindelijk toch voor een ‘nette’ versie te gaan….is ie leuk geworden?  Nog even geduld maar wij denken van wel.
Na het maken van de foto voor de kerstkaart zoeken we een restaurant voor een late lunch en genieten vanaf het terras van de gekkigheid van het oude Vegas. Dan gaan we doen waarvoor we ook terug naar Vegas zijn gekomen. Namelijk de Graceland wedding chapel….

‘What happens in the wedding chapel stays in the wedding chapel!’ ?
No more comments and end of story! ?