Zoals in het vorige verslag geschreven belanden we bij Houston op een tolweg wat gelukkig goed afloopt omdat er op dit traject wel cash betaald kan worden. Het begint donker te worden en we hebben nog geen plek voor de nacht. ‘Hé, daar is een Ross, wil je nog voor kerstspullen kijken?’ vraagt mijn lover opgewekt. Vreemd hoor die vent van mij want het lijkt me belangrijker dat we nu eerst een camping gaan zoeken. ? Na wat puzzelen en omrijden, wat ik jullie zal besparen ?, komen we uiteindelijk op Brazos Bend State Park terecht. Op het park is geen plaats meer vrij maar op de overflow wel. Lucky us!
Dit weekend begint een holidayweek voor de Amerikanen want aanstaande donderdag is het Thanksgiving. ‘Kijk uit, voor de alligators!’ zegt de aardige ranger. ‘Die is niet goed!’ denk ik bij mezelf. ? Omdat we in de donker hiernaar toe zijn gereden hebben we geen idee waar we zitten maar het is inderdaad een gebied, wetlands, waar je alligators kan verwachten. We parkeren de hut en heldhaftig gaat mijn lover in het schaarse licht van de camper met de BBQ aan de slag. Tsja, dat stond nou eenmaal op het menu. ‘Kijk maar uit, straks word je opgevreten!’ grap ik. ? In Florida hebben we wel eens zo’n rit met een propellerboot gemaakt en het duurde echt een tijd voor we eindelijk een alligator zagen. ? Ik geloof er niet in maar we zijn toch voorzichtig want om ons heen is alleen maar hoog gras, ieeeeuw. ? De volgende morgen gaan we het park in, parkeren de hut op een grote parkeerplaats en wandelen één van de verschillende routes langs het water.

Er zijn een aantal meertjes met wandelingen, wij kiezen voor Elm Lake. ‘Eigenlijk is het net alsof we in Maassluis wandelen, langs de Boonervliet.’ oordeelt mijn lover.
Ik ben het met hem eens want het ziet er ‘aangelegd’ uit. Maar schijn bedriegt want al snel zien we alligators, in het water en ook op de kant! 
Deze twee zware jongens waren zeker vier of vijf meter lang. ?
Op een meter of twee/drie afstand ligt zelfs een moeder met kleintjes, die je zachtjes hoort piepen in het hoge gras. Wow, dit is echt kicken! ?
Terug op de parkeerplaats staat er weer een bewonderaar naar de kaarten op de buitenzijde van de hut te staren. Het is een Nederlander die al heel lang hier in de buurt woont en we maken een praatje met de vriendelijke kerel. Ons plan om verder naar Galveston te trekken laten we varen en we rijden terug naar de receptie om hier nog een nacht bij te boeken. Dit park is zo verrassend leuk en mooi! ? Er staat een lange wachtrij bij de balie want ik zei het al eerder: het zijn vrije dagen voor Thanksgiving. Dezelfde ranger als gisteren gaat voor ons puzzelen en na enig zoeken krijgen we dit keer een plekje in het park zelf.
Op weg naar de camper worden we weer in het Nederlands aangesproken. Het echtpaar Jos en Ineke wonen en werken in Houston en zijn naar dit park gekomen voor een wandeling. Bij het zien van ons NL-kenteken waren ze zeer verbaasd! We maken een praatje en Ineke oppert; ‘Is het een idee als jullie morgen bij ons komen lunchen?’ ? Dat lijkt ons zeker leuk, de afspraak wordt gemaakt en zo zitten we zondagochtend bij hen thuis.
Zij zijn hier beland nadat ze meededen met de Greencard loterij. Dit is een jaarlijkse loterij van de Amerikaanse overheid waarbij 50.000 deelnemers van gekwalificeerde landen het geluk hebben dat ze ‘getrokken’ worden om zich in Amerika te komen vestigen. Die krijgen dan een greencard: een permanente verblijfsvergunning die het mogelijk maakt om te werken en of studeren. Dit klinkt eenvoudig maar dat is het zeker niet. Neem bijvoorbeeld het aantal deelnemers. Dat is waanzinnig hoog en het is net als het winnen van de Staatsloterij: je moet geluk hebben. Jos en Ineke hadden dat direct bij hun eerste poging. We horen ook over mensen die het al zeker twintig jaar proberen! ? Het winnen is één ding maar daarna moet je alles in orde maken. Daar krijg je een jaar de tijd voor en het is zaak om dit snel en accuraat te doen. Met hun twee dochters (toen 8 en 10 jaar) vestigden ze zich in Houston en het aanpassen en inburgeren kon beginnen. Vol bewondering horen we hun verhalen aan en herkennen zaken waar zij en ook wij tegenaan liepen. Het contact met het thuisfront, het gemis van Nederlandse dingen en het wennen aan bepaalde Amerikaanse gewoonten. Inmiddels is het stel bijzonder tevreden hoe ze nu in het leven staan, hebben beiden een prima baan in het onderwijs en studeren de dochters in Austin. Ze wonen in een van de gated communities (een soort ommuurd Zonnedael uit de serie Flodder) die je hier vaker ziet met van alles erop en eraan zoals zwembaden en sportzalen.
Ineke en Jos nogmaals thanks voor jullie openhartige verhalen en de heerlijke lunch! ?
We hadden vanmorgen al een klein vraagteken over de rit naar Galveston, die gaat ook vandaag niet lukken. Het is hooguit twee uur rijden maar we zagen zoveel winkels op weg naar het stel….op de terugweg moeten we echt stoppen! Want daar is ie: de Aldi! Niet alleen in Californië gespot maar nu ook in Texas.
Het klinkt truttig maar wat voelt dat lekker als je een ‘kerstbrood’ in je winkelwagentje kan doen. ?
Verder struin ik de winkels zoals Ross, Marshalls en Home Goods maar weer eens af op jacht naar kerstspullen. Bij het zien van de super mooie grote verscheidenheid denk ik aan Nederland waar men momenteel in de ban is van creatief bezig zijn met kledinghangers van de Action. Ik kan mijn Facebook op het forum ‘Kerst en winter creatief’ niet openslaan of zie tal van creaties van weer zo’n kneuterige zelfgemaakte kerstster? (sorry lieve lezers die ook in de ban van deze ster zijn….?).
Zo melden we ons dus eind van de middag voor de derde nacht op rij bij het park met de alligators om te overnachten. ‘Het hebben van geen plan is echt het beste plan!’ zegt mijn handsome tevreden terwijl ie een wijntje inschenkt. ? Dan is het al weer een nieuwe week en als we maandagmorgen aan het ontbijt zitten bedenken we dat het nog maar drie weken is tot we weer naar Nederland vliegen. Wat gaat dat snel! ? De kilometers naar Galveston zijn zo voorbij.
Tijdens de vele ritten die we maken zijn er diepzinnige gesprekken, zingen we luidkeels mee met foute muziek of gaat het nergens over zoals dit gesprekje wanneer mijn lover opmerkt; ‘Ik zou jou aan de achterkant zo herkennen. Zet maar honderd vrouwen neer en ik voel precies welk achterwerk van jou is.’ Net als ik denk; ‘Romantisch zo’n kerel die zo overtuigend is.’ ? komt het vervolg, ‘Mocht ik het mis hebben dan heb ik in ieder geval een leuke middag gehad!’ giert ie het uit van de lach. ?
Net voor het middaguur rijden we de lange boulevard op. De camping bij het State Park blijkt gesloten te zijn. Althans het gedeelte aan de zeekant. Galveston Island is een landtong tussen de Golf van Mexico en Galveston Bay. We passeren een aantal andere RV parken maar geen van allen aan het water. ‘Dat ding aan het begin net achter die flat was toch aan zee? Laten we daar terug gaan.’ stel ik voor en mijn lover draait de juiste richting op. We rijden het verborgen Dellanera RV park op en wow, dit ziet er leuk uit. ‘Zal wel een prijskaartje aanhangen.’ stelt mijn handsome. In gedachten nemen we een bedrag tot waar we willen gaan. Eerst maar eens kijken of er wel plaats is voor ons. We hebben geluk, er is zelfs nog een plek aan zee voor twee nachten en de prijs hiervoor is redelijk: 50 dollar per nacht met full hook up.
Nadat we de hut geïnstalleerd hebben wandelen we naar het strand voor een korte wandeling.
De meeste huizen staan op hoge palen. 
We hebben ons laten vertellen dat ze hier in 2017 erge last hebben gehad van orkaan Harvey die, onder andere in Texas, veel regen en overstromingen heeft veroorzaakt waardoor duizenden mensen dakloos werden. ‘Zie je die witte huizen, tot daar gaan we.’ beslist mijn handsome. ? Natuurlijk is het altijd verder dan je denkt en uiteindelijk lopen we twee uur. De temperatuur die overdag rond de 25 graden ligt koelt in de avond niet veel af. Wel is het vreselijk vochtig en omdat we alle ramen in de camper open hebben voelt alles klam aan. Als we in bed liggen lijkt het dan ook net alsof de dekbedden in de miezerregen hebben gelegen, bah. ? Het RV park ligt aan het begin van de Seawall boulevard, een meters hoge betonnen rand die de weg bij stormen voor afkalving moet behoeden.
Met de fiets rijden we hier de volgende dag overheen tot aan het centrum. 
Het hoogseizoen mag dan wel voorbij zijn maar door Thanksgiving zijn er toch een hoop mensen en is het druk in de winkeltjes.
Zoals de meeste souvenirwinkeltjes verkopen ze veel van hetzelfde tegen veel te dure prijzen. ? Het enige wat ik koop is deze foute kerstman. ?
We lunchen langs de haven waar de vogels heel brutaal op het terras landen in de hoop ergens iets mee te pikken.
Pelikanen zweven door de lucht, vissersboten laden hun spullen uit en mensen wandelen langs de kade. Je moet niet verder naar de horizon kijken want dan is het idyllische plaatje weg.
Daar is waar het om draait in Texas: grote raffinaderijen, olieplatformen en mega tankers: het zwarte goud. Terug hebben we wind tegen en trap ik me rot. Puffend en zuchtend verbaas ik me, ‘Waar is de tijd gebleven dat ik met twee vingers in de neus (om maar in de wielertermen te blijven) met gemak een ritje van 100 kilometer wegtrapte….’ ? De hut staat te schudden in de wind waardoor die buiten en binnen aan een zandverzameling is begonnen. De volgende morgen checken we het weerbericht: het is windkracht 8! Terwijl ik naar de zee kijk probeer ik me voor te stellen wat voor een kracht een orkaan kan hebben. Neem bijvoorbeeld Katrina in 2005. Nadat ze overgetrokken was waren er in de Golf van Mexico zo’n 20 booreilanden en olieplatforms losgeslagen en zoekgeraakt. ? Over het strand lopen mensen met dikke jassen naar zand te happen.
Dat is nog wel iets om te vermelden: het kan hier in Texas zomers boven de 40 graden worden. Nu in de winter is het rond de 25 graden. Wij vinden dat heerlijk en lopen met korte broek en slippers maar de Texanen hebben dus heuse winterkleding aan! ? Na mijn gebruikelijke stop in de morgen bij Starbucks
en nog een paar fotostops bij wat vreselijke mooie panden
rijden we naar de ferry die ons in ongeveer 20 minuten naar Port Bolivar aan de overkant vaart.
Ook aan deze kant staan huizen op hoge palen en zijn de ja-knikkers op zoek naar olie prominent aanwezig. We zijn op weg naar New Orleans. Op de kaart hebben we een aantal stops aangekruist waaronder het stadje Nederland. Terwijl ik rij leest mijn lover de digitale kranten op z’n Ipad. ‘Het lijkt wel alsof er in de verte iets in brand staat.’ merken we tegelijk op.
Het is ook nog de kant die wij op moeten. Via internet komen we erachter dat er een ontploffing in een raffinaderij is geweest. ? Net voor Nederland is een grote supermarkt van de keten HEB. We hebben deze in nog geen andere staat gezien en gaan nieuwsgierig naar binnen. Wow, wat een keuze hebben ze en alles ziet er prima uit. Net als ik een doosje vers gemaakte sushi in de winkelwagen doe klinkt er een enorme doffe dreun en de grond trilt, de ramen rinkelen en buiten zien we een grote groep vogels nerveus wegvliegen. WTF is dit? We kijken elkaar aan terwijl de mensen om ons heen stil staan, gillen of naar buiten rennen. ‘Wacht hier, ik kijk buiten!’ roept Roel terwijl ie wegsprint.
‘Dit heeft te maken met de raffinaderij.’ zegt ie even later. We winkelen maar weer verder tussen de mensenmassa. Morgen is het Thanksgiving en het lijkt alsof iedereen aan het hamsteren is. ? Als we over de parkeerplaats naar de camper lopen zijn de rookwolken nog heftiger en intussen pikzwart geworden.
We hebben nu wat meer informatie en weten dat de eerste ontploffing afgelopen nacht is geweest en inmiddels is de brand elf uur aan de gang. Even voor het beeld: er is nog geen alarm uitgegaan dat men ramen en deuren moet sluiten en het dagelijkse leven gaat gewoon verder. ? Nadat we de sushi op hebben gesnaveld rijden we naar Nederland.
Deze plaats werd in 1897 gesticht door Nederlandse immigranten met klinkende achternamen als Rienstra en Doornbos. Met de omliggende plaatsen Beaumont, Port Arthur en Orange kreeg dit bekendheid als de Gouden Driehoek. De haven van Beaumont trok namelijk veel scheepvaartverkeer aan en door het ontdekken van olie in de nabijgelegen Spindletop-bron werd Nederland de woonstad voor een groeiende groep werknemers van de jonge olie-industrie. Het werd officieel een stad in 1948. Op de Boston Avenue is een museum met daarvoor een echte molen maar die is echter dicht.
‘Gek toch, volgens de openingstijden hier moeten ze nu open zijn.’ zegt mijn lover en rammelt aan de deur. Alles is echt afgesloten. ? Terwijl we daar staan heb ik wel een super idee voor onze kerstkaart gekregen. ‘Moet je kijken Dijks, check die grote kerstbal daar!’ roep ik opgewonden uit. Na mijn uitleg gaan we aan de slag en het resultaat is weer bijzonder leuk….maar nog even geduld! ? Er stopt een auto bij ons en een dame roept; Hebben jullie het niet gehoord, ze zijn Nederland aan het evacueren!’ We beginnen te snappen waarom het inmiddels zo stil is op straat. Terug op de hoofdweg zien we op alle kruisingen agenten staan die wegversperingen hebben gemaakt.
Omdat dit net op gang is gekomen en men eigenlijk nog niet op elkaar is afgestemd rijden we eerst wat rondjes. Die wijst rechts, die zwaait naar links en weer een ander staat alleen maar naar iedereen te schreeuwen; ‘Get the hell out of here, this area is closed!!!’ Uiteindelijk blijven we staan en roept mijn lover een agent. Die geeft een uitleg en dwars door de rook rijden we weg….hoezo ramen en deuren sluiten, mensen binnen blijven….? Later horen we dat er 60.000 mensen hun huis uit moesten. Men was bang voor nog meer ontploffingen. ‘Arme mensen, ik ben benieuwd hoeveel kalkoenen er achter zijn gebleven zo op de vooravond van Thanksgiving.’ zeg ik. Verderop in de plaats Orange zijn we ver genoeg van de rook en de ontploffingen. Het is bijna donker en als we een Denny’s zien met daarachter een groot tankstation van Flying-J parkeren we bij de vrachtwagens om te overnachten. We doen dit niet vaak want het kan rumoerig zijn ‘s-nachts door aankomende en wegrijdende trucks maar soms is het makkelijk. Intussen zien we dat de ontploffing ook het Nederlandse nieuws heeft bereikt.
De volgende ochtend worden we toch uitgerust wakker, we hebben hier totaal niets gehoord! Ik slenter naar de shop in het tankstation voor een koffie. Terwijl ik in de rij sta schalt het oproepsysteem; ‘Driver 25, shower number 8 is ready for you.’ Handig die douches en nu begrijp ik waarom er een aantal mannen met een toilettas en handdoek in de shop liepen. ? Over de Interstate 90 rijden we Louisiana binnen.
Rare jongens wonen er hier. Ze denken waarschijnlijk dat ze in een James Bond film zijn beland.
Bij Welsh pakken we de binnenweg om meer van de omgeving te zien.
Hier bestaat die nog steeds uit oliebronnen maar daar is nu ook suikerriet bijgekomen. Oneindige velden liggen links en rechts van de weg. Er wordt hard gewerkt om de oogst naar de fabrieken te brengen. Grote maaimachines banen zich een weg door de velden.

Het is moeilijk voor te stellen hoe dit vroeger met de hand werd gedaan. De beelden uit de serie North en South zie ik nog levendig voor me; de prachtige statige huizen van de zuidelijke aristocratie, de suikerrietplanters en katoenhandelaren maar ook de arme slaven met hun keiharde en uitzichtloze bestaan. ? Als we door Abbeville rijden zie ik bij een winkelcentrum een enorme rij mensen staan. ‘Keer om, even kijken wat daar is!’ roep ik en mijn lover gooit het stuur om. Wat blijkt: een mega grote winkel gooit daar op Thanksgiving alles al met 50% korting in de verkoop. Natuurlijk maken we een rondje en scoort Roel weer twee spijkerbroeken voor 58,00 dollar totaal. ? Nee niet deze maat 50/32 ofwel: tent.
Helaas zie ik niets wat ik nog niet heb….? Het zonnetje schijnt en we besluiten te stoppen voor vandaag. Uit het boek ‘Free and low cost campgrounds’ halen we Burns Point RV park in Franklin.
Het is een klein half uurtje rijden en ligt aan de kust. Dit is er weer zo één: een onverwachts mooi plekje! Full hook up en aan het water voor 15 dollar! ‘
Jullie hebben geluk, ik ben sinds gisteren pas weer open!’ vertelt de vriendelijke eigenaar. Ook hier heeft een orkaan in mei dit jaar veel weggevaagd en het terrein is helemaal opnieuw opgebouwd. Er zijn een hoop vissers,
sommige heel bijzonder. ?
Onze buurman vist ook, hij zet zeker vier hengels neer en wandelt dan met een groot visnet naar de verderop gelegen pier. Pats, daar staat een van zijn hengels ineens zo krom als een hoepel. Een groepje voorbijkomende Mexicaanse dames redden de hengel van de kerel. Ze trekken uit allemacht (beetje gekke woordkeuze maar het blijft netjes hoor ?) en daar is de vis.
Wow, wat een joekel is dit.
Ze hebben zo te zien ervaring want handig wordt het dier verlost van de haak. Hun mannen komen samen met de eigenaar van de hengel aangerend. Trots poseren de meiden voor de foto. Ze steken de vingers in de kieuwen en houden de vis zo vast. ? Fideel laat de kerel ze voor de moeite de vis houden, ‘Thank you, it’s all yours!’ ? 
Van Thanksgiving (de Nationale feestdag om dank te zeggen voor de oogst en alle andere goede dingen) merken we verder niet veel. Het is een feest wat zich vooral in de familiekring afspeelt en waarbij het eten centraal staat. Het is de traditie om op deze dag kalkoen te eten met bijgerechten als mashed potatoes, sweet potatoes, sperziebonen en cranberries. Voor de maaltijd kijkt men (in het echt of op tv) naar American Football. Onze buurman doet dat ook en zit vol vuur met de volumeknop op standje luid de wedstrijd te volgen! ? Thanksgiving is altijd op een donderdag en omdat de hele familie meestal vrij heeft op de dag erna is dat een mooie gelegenheid om met de kerstinkopen te beginnen. Het is daardoor de drukste dag in het jaar voor de winkeliers, Black Friday. Wij zetten koers naar New Orleans op deze dag. Heel vreemd om te zien is dat de gehele snelweg op betonnen palen staat. De omgeving hier is zo moerassig dat dit waarschijnlijk de enige oplossing is om te voorkomen dat de weg in de swamp zakt. Omdat het maar ongeveer 150 kilometer rijden is stel ik voor om bij Houma, waar ik een reclamebord voor een shoppingmall zie, eraf te gaan. In de drukte sla ik mijn slag: jasjes voor de doggies van mijn ouders,
schoenen en een tas
voor het komende Oudejaarsfeest, nog wat kleding en een wc mat….maar wel een met een kerstdecor! ? Ze hebben hier zelfs hele luxe ‘vermoeide-mannen-bankjes’.
Rond 16.00 uur schieten we een paar kilometer voor New Orleans de campground van Bayou Segnette State Park op. Terwijl mijn handsome iets lekkers te snavelen maakt, op weg naar Alabama gaat Bubba Gump alvast oefenen….,
bewonder ik mijn buit van vandaag. Als hij zich omdraait is de verbazing van zijn gezicht af te lezen en mijn vrije vertaling van wat hij uitroept is; ‘Goh, lieve schat, hoe moeten we dit nou toch mee naar huis krijgen!’ ? We hebben nog een aantal nachten om hierover te slapen. Morgen wacht New Orleans op ons!

Het ging om de familie Ewing die in de oliebusiness zat en hiermee een fortuin verdiende. Natuurlijk gebeurde er van alles: er was een alcoholist, een vreemdgaander, een braverik, een spijbelende puber en uiteraard een zwart schaap. Eigenlijk zoals het gewone leven. ? Ik was zo’n fan van de serie dat ik mijn haar tijdenlang als Pamela (de rechter in het blauw) heb gedragen. ? Misschien dat Texas daarom altijd zo’n aantrekkingskracht op me heeft gehad, I don’t know. De volgende morgen rijden we eerst naar het centrum en doen boodschappen bij de Walmart. Als we afrekenen wacht me een rare verrassing. Bij de kassa kan ik een fles rosé niet afrekenen. De verkoopster kijkt op haar horloge en zegt; ‘Sorry, maar op zondag verkopen we voor 12.00 uur geen sterke drank in New Mexico.’ ? Over de stateroute 285 komen we in Texas en rijden via Pecos en Fort Stockton door dit wonderlijke landschap. Overal ja-knikkers, grote ‘kampementen’ voor de ‘olie medewerkers’ en soms een kudde koeien.
Dit gedeelte is een vreselijk uitgestrekt en leeg gebied. Nog erger dan Alaska en de Yukon, ongelofelijk. Bij Fort Stockton gaan we de Interstate 10 weer op. We zijn een tijdsgrens over gegaan en het is hier een uur later. We hebben nu nog maar zeven uur tijdsverschil (vroeger) met Nederland. Het voordeel is dat het hier nu ook een uurtje langer licht is, wat het zoeken naar een camping makkelijker maakt. ? Het afgelopen stuk hebben we niets gezien om te overnachten dus in Ozona gaan we van de weg af. Er zijn een paar vervallen RV parken waar nog een enkele camper staat maar we zien niemand. Aan de andere kant van het dorp is ook nog een camping. Er is echter geen receptie te bekennen. Bij de laundry staat een kerel die vertelt dat we moeten bellen. De dame aan de de telefoon zegt dat we kunnen gaan staan voor een nacht. Het is zo’n plek waar alleen maar ‘oliewerkers’ staan. Nimmer stonden we op zo’n troosteloze plek! ?
Voor we de volgende morgen wegrijden tanken we gas. Dit is ook weer zo merkwaardig want het gasstation wordt beheerd door een echtpaar (75 jaar). Ze komen achter elkaar aan gewaggeld naar ons toe en de man probeert de gasslang erop te krijgen maar kan geen kracht meer zetten. ? ‘Can you help him, please?’ vraagt het dametje aan Roel terwijl de man hijgend en puffend tegen een muur aan leunt. Ik heb ze geprobeerd te fotograferen maar vond het eigenlijk heel triest….
Toen we wegreden liepen ze, elkaar ondersteunend, naar binnen. Jeetje, om zo je oude dag door te brengen. ? We nemen de Interstate 10 weer (een andere weg is er trouwens niet ?) en rijden naar onze volgende bestemming: San Antonio. Deze stad is bij het programma ‘3 op reis’ geweest en schijnt erg leuk te zijn. Ook nu is het landschap weer leeg en de dorpen vervallen.
Langs de kant liggen veel aangereden dode dieren. ‘Wat een triest gezicht.’ zeg ik tegen mijn lover. Ik rij dus mijn ogen ervoor sluiten is wat lastig. Echt om de 100 meter ligt wel een hert, coyote, das of ander klein grut. ?
We doen verwoede pogingen om haar te snappen terwijl de Texanen links en rechts om onze hut voorbij schieten.
‘Wat een dwazen zijn dit zeg!’ foetert mijn lover. Het moet gezegd: we zagen de Amerikanen nog niet eerder zo achterlijk rijden. Ook de vrachtwagens rijden zo rond de 130 km/u. Redelijk dicht bij het centrum ligt een KOA camping.
De vriendelijke receptioniste zegt dat er genoeg plek is en vraagt of we voorkeur hebben voor een plaats. ‘Niet bij een sanitairgebouw, wat van de snelweg af en niet direct naast een ander.’ zegt mijn lover. Veel campings hier hebben een medewerker in een soort golfkarretje (genaamd escort) die je naar je plek brengt. Als ie stopt krijg ik het schuim in de mondhoeken want waar staan we? Pal naast het sanitairgebouw en een andere caravan….grrrrom. ? Roel vind het wel best maar ik loop over het terrein op zoek naar een andere optie. De dame bij de receptie wisselt alles om en opgelucht loop ik terug. Direct tegenover de campground is een bushalte. Daar nemen we de volgende dag de bus naar the city, een ritje van ongeveer 20 minuten. Bijzonder: in de bus was een stoel met de tekst ‘Ter herinnering aan Rosa Parks’. Voor wie het niet weet: tot in de jaren 60 was er rassenscheiding in Amerika. Zwarte en gekleurde mensen werden ondanks dat de slavernij al lang was afgeschaft (1865) niet als volwaardige burgers beschouwd en moesten bijvoorbeeld achterin de bus zitten maar ook daar wettelijk hun zitplaats afstaan aan blanke Amerikanen. Al in 1955 weigerde Rosa dat en ze werd gearresteerd toen ze een boete van 10 dollar niet wilde betalen. Martin Luther King kreeg lucht van de zaak en begon de ‘busboycot’ waar door het busbedrijf bijna failliet ging en uiteindelijk de scheiding van zwart en blank moest afschaffen. Maar pas in 1964 werd de wet aangenomen die discriminatie verbood. Rosa overleed in 2005.
San Antonio heeft een bijzonder leuke River Walk. Een level lager dan de straat ligt een stadspark met een netwerk van wandelpaden langs de oevers van de San Antonio rivier: sightseeing, shopping, food and fun. ? Wow, wat is dit leuk! Eerst maar een koffie/thee en een volgorde bepalen wat we gaan doen. We wandelen langs de vele restaurantjes en terrasjes.

Bekijken het naast gelegen historische La Villita waar veel kunst uitgestald hangt
en lunchen bij het oudste Mexicaanse restaurant, Casa Rio, van San Antonio aan de rivier.
Daarna duiken we in de geschiedenis als we de Alamo bezoeken. Kort en goed: De Verenigde Staten waren in het begin van de 19e eeuw pas een aantal staten aan de oostkust en de westkust. Alles wat er tussen lag was nog niet in bezit genomen door wie dan ook. Dat hoefde soms ook niet want vrijheid was blijheid. De meeste inwoners van Noord Amerika waren uiteindelijk uit Europa gevlucht voor alles wat ze daar benauwde of niet meer wilden. Een regering? Wat heb je eraan als je het niet nodig hebt. Texas was tot 1836 onderdeel van Mexico dat zich zelf pas 15 jaar eerder afgescheiden had van Spanje. Veel machtsbeluste Mexicaanse presidenten en keizers wisselden elkaar snel af als staatshoofd maar na de komst van de zoveelste dictator, Antonio Santa Anna, was Texas het zat en riep onafhankelijkheid uit. Texas was toen eigenlijk niet veel meer dan drie bewoonde gebieden waarvan San Antonio er een was. Santa Anna wilde met 5000 soldaten Texas terugveroveren op de kolonisten. Bij het zien van de enorme overmacht trokken de slechts 200 Texaanse strijders zich terug in de Alamo, een katholiek missiegebouw in San Antonio, in afwachting van versterking die helaas te laat kwam en alle 200 waaronder Jim Bowie en Davy Crocket werden gedood. Zes weken later kwamen de hulptroepen pas, werd Santa Anna alsnog verslagen en was de onafhankelijke staat Texas een feit. Negen jaar later sloot Texas zich aan bij de Verenigde Staten.
Vervolgens laten we ons door de lift omhoog brengen naar de top van de Tower of the Americas (176 meter)
waar we het uitzicht bewonderen
en een drankje doen in de skybar. Het is toevallig net happy hour. ? Dan gaat het terug naar de River Walk waar we op een van de talrijke bootjes stappen. De tocht duurt zo’n 35 minuten en in het inmiddels donkere San Antonio genieten we van de vele lampjes en uitzichten.
‘Het doet me denken aan een combinatie van Utrecht en Singapore.’ stelt mijn handsome. ? Wel twee hele verschillende steden en misschien een vreemde vergelijking maar ik zie inderdaad ook overeenkomsten. Weer met beide benen op de kant zoeken we tussen alle restaurants naar een steakhouse, we zijn tenslotte in Texas! Ben je plan om Texas te gaan doen vergeet San Antonio niet want de River Walk is zo leuk! ‘Nou snap ik waarom ik geen voeten meer over heb!’ roept mijn lover als ie op zijn phone de stappenteller checkt. ‘We hebben 15 kilometer gelopen!’ ? Terug naar de KOA camping gebruiken we de app van Uber. Geweldige uitkomst en binnen een kwartier zet de aardige chauffeur ons af. We laten hem in verbazing achter want hij begrijpt niet hoe we in Nederland ongeveer 7 dollar voor een gallon betalen. Hier in Texas is het net 1,89 voor een gallon.
‘Wow, jullie nemen me in de maling!’ roept ie uit. Als Roel hem dan vertelt over ons belastingsysteem blijft hij zijn hoofd schudden. ? De volgende dag zijn we duf en niet vooruit te branden. We zouden toch al een rustdag houden dus dat komt mooi uit.
Meestal is een rustdag bij ons klusdag. De waszak zit weer vol en de gekochte kerstinkopen moeten opgeborgen worden. Aan het eind van de dag besluiten we, terwijl we naar de eekhoorntjes naast de camper kijken,

Het landschap is hier totaal anders, landbouw, veeteelt en Duitse plaatsnamen zoals: Luling, Waelder, Schulenburg en Weimar. Langs de weg zien we veel reclameborden staan voor Buc-ee’s en nieuwsgierig draaien we de weg af. Het is een waanzinnig groot tankstation met hele goedkope benzine en diesel, een wasstraat en een shop! ?
Aan de andere kant van de weg zit een kampeerwinkel waar we gelijk ook wat rondsnuffelen. Wat zijn die campers en caravans hier toch groot maar ook vreemd ingedeeld met vier stoelen naast elkaar.
In ieder geval plek voor je terreinbuggy onder je bed….
Bij de campingartikelen kan je geweren kopen, crocodile dundee messen en voor de dames een geweer in het roze. ?
We zijn de tijd weer enigszins vergeten en tegen het spitsuur denderen wij en een heleboel anderen om ons heen Houston binnen. ‘Wat zijn dat nou voor borden, moeten we hier tol betalen?’ vraagt mijn handsome geagiteerd aan me. Lekker dan, hoe moet ik dat weten!
Het verkeer en de borden suizen om onze oren. Er staan ook waarschuwingen met ‘No cash and no credit’….? We kijken elkaar even kort aan: Houston, we think you have a problem with our Dutch license plate!
Ook hier is de Koninklijke familie weer ruim vertegenwoordigd. ?
Buiten het centrum ligt het South Mountain Park waar mijn lover na een kleine klim een mooie skyline van de stad maakt.
Het park zelf bestaat uit de resten van wat overgebleven Mexicaanse huizen
en een manege waar je kan paardrijden. De temperatuur is inmiddels rond de 30 graden als we koers zetten naar de Desert Botanical garden. Daar trekken we rond het middaguur in de brandende zon dichte schoenen aan want er staan overal waarschuwingsborden voor schorpioenen en ratelslangen. ? Het is niet helemaal duidelijk of we entree moeten betalen. Boven de twee loketten die open zijn staat op een bord dat het zo’n 25,00 dollar per persoon kost.
‘Heel vreemd want ik heb echt ergens gelezen dat het gratis is.’ opper ik. Aangezien er geen controle te bekennen is lopen we dus gewoon door het hek naar binnen. ? Het is prachtig! Al die verschillende cactussen maar ook erg ‘netjes’, echt een aangelegd park.
Als we een flink aantal mensen met een sticker op zien lopen zeg ik, ‘Zeker een excursie al die mensen met een sticker, die horen vast bij elkaar.’ Mijn vent knikt afwezig maar gelooft het eigenlijk niet. Al snel komt ie erachter want wat blijkt: de sticker is het bewijs dat je de toegang hebt betaald. ? Gelukkig vinden we twee verloren exemplaren op het pad liggen en plakken die op. ?
Na dit avontuur zetten we bezweet de rit verder tot aan Goldfield. Roel z’n zus en zwager gaven deze tip: een leuk westernstadje waar vooral op zondag cowboys rondhangen met in de saloon live-muziek. Naast het dorp is ook een klein RV park. Er lopen wat cowboys op de parkeerplaats die ons de weg wijzen naar een gebouw met een bord ‘Gold Mine Tour’. Daar moeten we ons melden als we een plekje willen. Dus sjokken we aan het eind van de middag naar het gebouw. Alles is dicht maar aan de zijkant staat een deur open. Roel steekt zijn hoofd naar binnen en roept, ‘Hello, good afternoon!’ tegen twee kerels die daar zitten. ‘Hey, how are you, looking for a job?’ vraat de één met een krassende stem, die amper te verstaan is, aan hem. ? Als ik achter mijn husband vandaan stap zegt de krasser, ‘Look there is another one!’ ? Vervolgens zet ie een fles drank aan zijn lippen en neemt een paar flinke slokken. ‘Die hebben meer op dan wij bij elkaar.’ sis ik. Mijn lover legt uit dat we op het RV park een plek willen. Het is net alsof we in een toneelstuk zitten met verschillende teksten want de vragen en antwoorden matchen niet. ? Uiteindelijk moeten we maar gaan kijken of er plek is en dan morgen komen betalen, ‘It’s all good, go to the saloon tonight, we’ll see you!’ schalt de ander van de twee. Het verschil tussen ons komt hier altijd aan het licht want vind mijn lover het vermakelijk, ik daarentegen foeter ‘Wat een dwazen zeg!’ ? Op het RV park staan veel cowboys met campers, trailers en paarden.

De laatste staan in omheiningen en hinniken tegen elkaar, luid aangemoedigd door blaffende honden. Het is een wonderlijk schouwspel. We vinden een plaatsje en als we een praatje maken komen we erachter dat het extra druk is door een feestweekend. Morgen is het namelijk Ben Johnson Day, genaamd naar een Amerikaans stuntman en wereldkampioen rodeorijder. Nadat we bij de camper een wijntje hebben gedaan lopen we richting de saloon.
Daar klinkt muziek, er speelt een band op het terras. De eigenaar, een Griek die in Arizona is beland, helpt ons aan een tafeltje. Misschien komt het door mijn werk bij de Douane dat mijn oog er sneller op valt maar de kerel heeft een pistool. Echt hè, in een restaurant bedienen met een wapen. ? Op het terras kijk ik in het rond en zie bijna iedere kerel hier met een pistool. Het blijft vreemd die wapenwet, of eigenlijk: het ontbreken ervan. ? Het eten is prima en de muziek leuk. Een aantal cowboys heeft hem al flink zitten, ze duwen en trekken luid roepend wat aan elkaar. Er is er een die ik al twee keer heb afgewezen om te dansen, ‘I’m still eating, I’m so sorry!’ zeg ik en hou mijn hand met de kippenvleugels naar hem op. ‘Nog even en hij schiet me door mijn knieën.’ lacht mijn husband. Na het eten houden we het dus maar voor gezien en verlaten het feest voor het echt losbarst.

De volgende stop is de ‘Lost Dutchman’ het informatiecentrum van het State Park. Daar vertelt de ranger het volgende verhaal: Het betreft een Duitser en geen Nederlander (Dutch/Deutsch, de eeuwige verwarring bij buitenlanders) die hier lang geleden goud aan het zoeken was. Hij kwam doodziek uit de woestijn terug in de bewoonde wereld, vertelde dat hij een grote goudader gevonden had en viel dood neer. Die is helaas nooit terug gevonden. ‘It’s a nice story but there are at least 62 versions.’ zegt ze vervolgens lachend. ?
Mijn lover heeft gezien dat we met een kleine omweg bij Biosphere 2 komen. Hij vind het geweldig interessant maar ik heb echt geen idee wat ik hier kan verwachten. Na zijn uitleg kan ik er nog niet warm van worden maar ‘It takes two’ oftewel het is geven en nemen dus….
In 1991 tot 1993 gingen acht mensen het hermetisch afgesloten gebouw in. Ze moesten zelf groenten en fruit kweken en er waren geloof ik wat kippen en geiten. Er was een strandje bij een gesimuleerd golfslagbad. Het enige dat van buiten toegevoerd werd was elektriciteit maar verder: niks erin en niks eruit. Reserveonderdelen voor het grote technische gedeelte moesten zelf gemaakt worden.
Omdat lucht uitzet bij temperatuurverschillen zouden de ramen eruit kunnen klappen en daarvoor werden er twee enorme ‘longen’ gebouwd om de drukverschillen op te vangen, eigenlijk zoals het rode expansievat bij je centrale verwarming maar dan megagroot.
Maar om de een of andere manier ging het zuurstofniveau toch omlaag van 20 naar 14 procent en dat was te weinig om te overleven en werd deel 1 gestaakt. De tweede poging in 1994 duurde maar zes maanden. De ‘bemanning’ sloeg aan het muiten omdat ze vonden dat het weinig meer met wetenschap te maken had en meer ging om overleven. Tegenwoordig worden er dan ook meer experimenten gedaan en is publiek ook welkom.


Er zijn geen vaste bewoners meer. Ik ben blij dat ik het gezien heb want zo opgesloten te zitten is wel een dingetje. 
De volgende morgen rijden we vroeg naar het centrum van Tucson om de optocht te zien. We waren al eerder in Amerika op deze dag maar een Veteransparade hebben we nog niet gezien. Op een groot parkeerterrein stallen we de hut en wandelen, tussen allemaal mensen zeulend met stoeltjes, naar het centrum. Hier is het een grote verzameling van motorrijders, militairen, drumbands en cheerleaders die zich aan het opstellen zijn en stipt om 11.00 uur vertrekken.


Totaal is de route ongeveer 2 mijl en het is genieten om iedereen voorbij te zien komen. Langs de kant zitten hordes mensen die voor elke groep enthousiast in hun handen klappen

Zelfs de box met peuter gaat gewoon mee….
en mijn lover….die blijft fotograferen.
Nog even een raadseltje van Roel: Als dit een Trump-auto is
is dit dan een Trump-aanhanger of zijn het Trump-aanhangers ? ?
Deze in Spaanse stijl gebouwde kerk stamt uit 1868. Om in de ‘kerksfeer’ te blijven rijden we zo’n twintig kilometer naar het zuiden waar we de Mission San Xavier del Bac vinden. Dit is een gerestaureerde missiekerk gebouwd door Spaanse missionarissen die in de loop van de 17e eeuw naar hier kwamen.
Lourdes nagebouwd….
Ons plan om vandaag verder te rijden richting Texas gaat niet meer lukken. Zeker niet als we reclameborden van twee speelholen, Casino of the Sun en Casino del Sol zien. Uit ervaring weten we dat je bij de casino’s op de parkeerplaats mag overnachten. ‘Gaan we daar vanavond uit eten en kan jij weer gokken.’ stelt mijn lover tevreden vast, alsof ik de enige van ons twee ben die speelt.

Naar verluid is het een vliegtuigkerkhof maar de meesten, zijn eenmaal uit het plastic, vrijwel gelijk klaar om ingezet te worden.
Na een korte lunch rijden we met de camper het park in. Deze bestaat uit een loop van acht mijl met verschillende stops en wandelingen. Fietsen schijnt wat lastiger te zijn.
Het is een prachtige omgeving met verschillende cactussen maar de Saguaro overheerst.
Deze reuzencactus kan meer dan twintig meter hoog worden en groeit erg langzaam. Dit is ook afhankelijk van de neerslag die valt en dat is hier niet veel. Ze kunnen wel 150 jaar worden en pas na zo’n 70 jaar krijgt ie zijn eerste vertakking. De gaten in de stam zijn gemaakt door vogels, onder andere: spechten, huisvinken en winterkoninkjes. Die gebruiken dit als hun nest. Het is wonderlijk om te zien dat de diertjes gewoon op de stekels landen. Een ranger legt uit dat de vogels hier kleiner van soort zijn en de stekels van de cactus aan de bovenkant meer uit elkaar liggen. Het lijkt dus alsof ze erop vliegen maar ze zitten er een soort van tussen. 

Een paar mijl buiten het park ligt een RV park met de klinkende naam Cactus Country. We laten ons vandaag niet verrassen en stoppen op tijd.
De volgende dag rijden we over de Interstate 10 via Lordsburg en Las Cruces naar El Paso. De weg is saai en stil met af en toe waarschuwingen voor zandstormen,
veel reclames voor restaurants en winkels waar niets meer van over is 
en een enkele dood gereden coyote.
Hij komt uit Tucson en is in januari zijn dochter verloren. Zij was werkzaam in Alaska en is daar neergestort met een vliegtuigje. Zijn vrouw en hij zijn er kapot van en kwamen samen niet uit hun verdriet. Daarom is ie, op advies van de ‘shrink’ er alleen op uit getrokken met de camper. Dit heeft hen heel veel goed gedaan en hij kan niet wachten om haar weer te zien. We zijn stil van zijn trieste verhaal. De opmerking die me het meest raakt is als hij zacht zegt, ‘Ik weet niet of er een God is maar als ie er is dan denk ik dat die mijn dochter tot zich heeft geroepen omdat hij de mooiste engel wilde die er was.’
El Paso grenst aan Mexico en natuurlijk is hier dus ook een muur. We zagen hem al een aantal keer eerder maar ook nu maakt het weer grote indruk op ons.
Aan het eind van de middag doe ik nog wat kerstinkopen terwijl mijn lover geduldig mee sjokt. ‘Alsof je niet genoeg van die rotzooi hebt!’ roept ie uit. Dat dit niet voor mij maar voor mijn moedertje is wil hij niet echt geloven.
Helaas zijn er geen echte speeltafels maar alleen elektronische. Omdat er voor mijn lover heel veel éénarmige vrienden zijn ga ik dus toch maar op zoek naar zo’n electronische tafel met daarachter een scherm met een levensgrote croupier erop die op monotone toon steeds dezelfde zinnen uitbraakt.



In het Guadalupe Mountains National Park is een primitieve campground waar we een plek vinden.
‘Het is pas 15.00 uur, dat hebben we mooi gefixt vandaag!’ zeg ik blij tegen mijn lover die zuchtend zijn wandelschoenen aantrekt want ik heb net een mooie wandeling gezien.
Als we de volgende morgen aan het ontbijt zitten lopen er al vele fanatiek bepakt met rugzak en wandelstokken voorbij. Wij houden het voor gezien, de wandeling gisteren was prachtig maar de omgeving is eenzijdig. Het park moet het vooral hebben van bijzondere diersoorten, zoals de mountainlion, die hier leven. Voor onze volgende stop, Carlsbad Caverns National Park, rijden we vanuit Texas weer New Mexico in.
Deze grotten bevat de grootste ondergrondse kamer ter wereld, genaamd de Big Room. Het is een kalksteen kamer met een lengte van maar liefst 1219 meter, een breedte van 190,5 meter en een hoogte van 107 meter. Jim White is degene die de grotten rond 1923 ontdekte. Ze kunnen met een gids of ‘self guided tour’ bezocht worden. Wij kiezen voor de laatste omdat die met een gids pas over anderhalf uur is. De ranger legt uit dat we de grotten kunnen betreden via de natuurlijke ingang of via een lift. Via de natuurlijke ingang betreden we de grotten. Die gaat over een goed begaanbaar pad, wel vrij steil en af en toe heel donker, naar beneden.
De uitzichten zijn wonderlijk mooi! Uiteindelijk komen we in het 230 meter diep gelegen gedeelte: de Big Room.
Het is een ongelofelijk schouwspel wat we zien en soms weet je van verbazing niet waar je moet kijken! Om aan te geven hoe groot en omvangrijk de grotten zijn: we doen bijna drie uur over de wandeling! Terug naar boven nemen de lift, waarom moeilijk doen als het ook makkelijk kan.
Er is niemand te bekennen dus steken we een visitekaartje onder de ruitenwisser. Net buiten het park is een campground. ‘Ga jij vragen wat het kost.’ beslist mijn lover dus ik snel naar binnen en weer naar buiten want ze vragen 45,00 dollar!
Een gedeelte van Route 66 tot Seligman waar we een campground achter het bezinestation opschieten. We zijn in Arizona beland en het is hier een uur later. Het begint donker te worden en we hebben er geen puf meer in. De volgende morgen nemen we de Stateroute 89 en vervolgens de Interstate 60 tot Sun City waar we Paradise Resort (ongeveer 750 standplaatsen voor huisjes, caravans en campers) vinden.
Dit is vlakbij Phoenix en het is hier een eldorado voor de snowbirds (overwinteraars). Grote uitgebreide golfbanen en resorts gaan naadloos in elkaar over.
Eigenlijk is het boven ons budget en erger nog: we mogen er ternauwernood op want we rijden een hut die niet aan de eisen van dit park voldoet, namelijk: mínimale lengte 24 ft én niet ouder dan 10 jaar? 😳 Waarom we hier dan willen staan vraag je je misschien af….? Gewoon voor het supermooie zwembad, de rust en even niets doen!
Want zoals gebruikelijk zijn we gebroken na Las Vegas en ook de nog steeds aanhoudende verkoudheid die we beiden hebben maakt het reisleven niet plezieriger. 🤨 Deze plek is overigens heel goed voor mijn ego want na al het schoons in Vegas kan ik wel stellen dat ik hier de jongste en de slankste ben! 🤣
Midden in het dorp van de snowbirds overkomt het ons weer, hetzelfde verhaal waar we op onze leeftijd wellicht vaker tegenaan lopen. 🤔 Ik begin nog maar eens met de stelregel dat dit blog onze beleving en mening is en dat ik niemand voor het hoofd wil stoten; leven en laten leven! 😊
De vrouw staat op en kijkt nieuwsgierig naar beide landkaarten op de zijkanten van de hut. Dan komt ze op ons af en roept; ‘Haaaii, I’m Jane and that’s my husband, we’re from San Francisco, Californië! Ik vind het altijd zo grappig hoe de Amerikaan dit zegt. Ze noemen hun woonplaats en staat, wellicht omdat dit land zo vreselijk groot is. 🤔 Ze ratelt door en vraagt of de hut verscheept is en hoe lang we onderweg zijn. Op mijn antwoord slaakt ze een gil en vraagt; ‘OMG!! Wat vinden jullie kleinkinderen ervan dat jullie zo lang van huis zijn??’ Mijn lover, die dan altijd heel gevat zegt; ‘We hebben geen kinderen en als ze er komen dan hebben zowel de uroloog als de gynaecoloog een probleem!’ 🤣, is inmiddels met de elektriciteit bezig. Ik ben dus alleen en wil net beleefd antwoorden maar kom er niet tussen want Jane gaat los! Ze heeft zeven kleinkinderen, namen en leeftijden duizelen me en ze zijn allemaal even leuk en lief. ‘Ik mag niet langer dan een maand weg van ze, is dat niet schattig?!’ kirt ze opgewonden. Terwijl ik haar hoor blaten (sorry Jane) dwalen mijn gedachten af naar al die keren dat we deze vraag en opmerkingen al hebben gehoord: ‘Een pracht camper voor als uw kleinkinderen mee willen!’ Of ‘Wat, gaan jullie zo lang weg! Ik zou het niet kunnen want ik pas altijd op de kleinkids, mijn kinderen zouden het me nooit vergeven!’ Of nog erger ‘Ik zou het wel willen maar mag het niet van de kleinkinderen!’ 🤨 Ik sprak vorige week een vrouw in de laundry van de campground. Na mijn openingszin, ‘It’s just like home!’ was haar antwoord; ‘Oh no, hier heb ik het even twee weken makkelijk. Thuis doe ik de was voor mijn twee dochters en hun gezin (9 personen). 😳 Ze was benauwd want haar dochters vonden het helemaal niet leuk dat ze nu de was zelf moesten doen. ‘Mijn kinderen en kleinkinderen zijn crazy about me, they love me so much!’ zei het afgetakelde schepseltje tegenover me. Ik schatte haar iets ouder dan ik en dacht ‘Tsja, wat is houden van, ik betáál mijn interieurverzorgster gewoon.’ 😊Van dit soort opmerkingen val ik altijd stil want zie dan zo’n oma tegenover me staan en denk; ‘WTF, mens je bent toch méér dan oma, waar is je eigen leven gebleven!!’ Maar natuurlijk zeg ik dat niet want ik ben welopgevoed en beleefd. Ik antwoord dus ook niet ; ‘God zij dank heb ik ze niet want ik moet er niet aan denken!!’ ? Maar antwoord neutraal; ‘Wij hebben geen kinderen dus ook geen kleinkinderen.’ Zonder verder te vragen komt misschien dan wel het domste want dan gaat zo’n grootouder ons jubelend vertellen wat we allemaal missen! 🤨Dat is meestal mijn moment van verbazing want je zal dus maar, in tegenstelling tot mijn lover en ik die bewust geen kinderen hebben, óngewild kinderloos zijn! Hoe triest en hard is het dan als daar zo’n opa/oma overdreven en ongevraagd over kleinkinderen staat te kakelen! Geloof me, het gebeurt zo vaak dat ik er opstandig van begin te worden. Terug naar Jane waar inmiddels nog een buurvrouw bij is komen staan. ‘Zij heeft vijf kleinkinderen!’ roept Jane uit terwijl ze mij met een verheerlijkt gezicht aankijkt. De vrouw zelf straalt ook alsof ze voor een tv opname staat omdat ze net met een bezem van de maan terug is komen vliegen. 🤣 Ik sta tegenover de oma’s en zie hun monden bewegen maar hoor niets want op mijn schouder is een duiveltje geklommen die me iets influistert….😉 Ineens is het stil en kijken de twee identiek uitziende oma’s (makkelijk kapsel en stevige sandalen) mij aan, ‘What about you honey, hoeveel kinderen en kleinkinderen hebben jullie??’ lispelt oma twee met zoete stem alsof ze haar kleinkinderen een verhaaltje voorleest. En echt, ineens was ik zo klaar met die domme dozen en zeg piepend wat het valse mannetje op mijn schouder me in had gefluisterd; ‘Wij hebben ze niet want we hebben ze nooit kunnen krijgen!’ 🤭 Het tweetal valt stil en kijkt twijfelend om zich heen. Mijn husband die inmiddels klaar is met de elektriciteit, staat op en terwijl ie zijn broek omhoog trekt maakt hij het af; ‘Maakt niet uit hoor ladies want we blijven iedere dag gewoon oefenen!’ 🤣 Als we ‘s-avonds een stukje over het resort gaan wandelen hou ik me in en gedraag me. Het duiveltje op mijn schouder had namelijk nóg een boodschap: ‘Doe de gordijnen dicht, zet een ‘natuurfilm met vier dolle negers en een blondine’ op met het geluid iets te hard en blijf minimaal een uur weg….🤣
Mijn lover is eerder deze week met klussen uit zijn broek gescheurd dus onze eerste stop is de South Mall outlet. Nou als we er toch zijn scoor ik ook maar gelijk een nieuwe broek. Want zoals het bij de meeste outlets werkt: hoe meer je koopt hoe meer korting je krijgt. ? Van sommige andere dingen vraag je je niet af waarom het bij een outlet verkocht wordt want dít is Sin City!

maar op dag 2 viel ik figuurlijk over de materie uit de bus. Ik, die nog nooit de olie van mijn eigen auto heb gecheckt. Zelfs onbekend ben met het bijvullen van de ruitenwisservloeistof. ? Nu moest ik weten waar een nokkenas voor dient, wat een homokinetische koppeling is en nog wat van deze technische vragen. Want kom op, er is toch maar 1 vraag die er werkelijk toe doet, namelijk: wat is het nummer van de wegenwacht of de truckservice?! ? Mijn lover stond zijn mannetje en behaalde ook dit examen. Voor mij ging er een dik studieboek mee in de koffer want als we in december thuis zijn moet ik herexamen doen. Hierna kunnen we dan voor de praktijk gaan. Nog wel een kanttekening: men had een foutje gemaakt en ons voor het volledige C1 vrachtwagen ingeschreven, echter voor het besturen van een camper mag je volstaan met C1 light…. ?Dit examen is, zoals de naam al zegt, lichter en heeft veel minder vragen over de techniek. Nieuwe ronde, nieuwe kansen.

We komen voor de zoveelste keer langs Venice
maar waren er eigenlijk nog nooit binnen. Er was altijd wat, concerten, dingen afgesloten of zo druk dat we maar verder liepen. Als je eenmaal binnen bent: het is net echt Venetië.


Het is net 18.00 uur en de avond moet nog beginnen, dit belooft wat! We nemen de bus terug naar Fremont street waar het feest net losbarst.



Verschillende podia met bands en danseressen, heel veel verklede mensen en een uitstekende sfeer: Fremont en zijn casino’s barsten uit hun voegen met een super Halloween! Iets na twaalven ? zijn we terug in de camper….die we, elkaar soms ondersteunend, terug hebben kunnen vinden. ? Vrijdagmiddag ontmoeten we Harry en Erna,
we doen een wijntje en gaan vervolgens naar Tony Roma voor een etentje.
Leuk om te merken is dat we direct een klik met elkaar hebben. Uiteindelijk brengen we vier dagen met hen door en besmetten het stel al slenterend over the Strip met het ‘Vegas-virus’ : gambling, het zwembad
en de tijd dusdanig verliezen dat je niet meer weet of het dag of nacht is. ?.



Ook restaurant Bubba Gump, met heel veel rekwisieten uit de film, wordt niet overgeslagen.


en hebben een hoop gekkigheid meegemaakt.
Roel overweegt intussen om een fotoboek te maken van alle typetjes en modebloopers die hij heeft gefotografeerd tijdens de vele vele kilometers die we gesjokt hebben.

Terwijl we de campground af rijden zingen the Three Degrees ‘Take good care of yourself’. Een treffend nummer want hoe leuk de stad ook is, het blijft voor wie geen maat kan houden ook een keiharde stad. ?
Die kan niet in het vriesvakje maar we kopen alvast twee pootjes.
Terwijl hij dat allemaal gaat fixen wandelen wij naar het winkelcentrum waar we in de Walmart wat rondstruinen. De greeter (begroeter) wuift ons al toe, ‘Hello, welcome to Walmart!!’
We zien plotseling een robot door de Walmart rijden. Geen idee wat ie doet maar het is een gek gezicht.

En de voorraad vuilniszakjes voor de komende weken is ook al binnen.




Bij een mooie waterval staat een kruis met een naam erop. Kennelijk is iemand toch over het hek geklommen en naar beneden gevallen.
Net voor Umutilla rijden we over de Colorado rivier en komen in Oregon. Naast de brug ligt een jachthaven met een camping.
Het is te merken dat het seizoen hier voorbij is want er staan maar een paar campers. Voor ons een prima plek waar we nog even in het zonnetje genieten. De omgeving waar we doorheen rijden is werkelijk prachtig! De bossen met hun herfsttinten en de zon die erop glinstert. Terwijl ik stuur zit mijn lover zuchtend naast me, ‘Het is haast niet te fotograferen met deze schittering.’ We rijden via Pendleton en plaatsen met klinkende namen als Pilot Rock en John Day.
De weg is rustig met af en toe een tegenligger. Na de lunch maken we een korte wandeling in het bos, herten grazen in de verte en verder niets dan stilte. Ondanks de rustige omgeving zien we geen geschikte plek om te overnachten. Gelukkig heeft het plaatsje Burns een RV park. De receptioniste is heel onaardig en zo koel als het weer buiten maar vooruit, wij staan. ?
De kachel moet nu ‘s-avonds en ‘s-nachts continue aan want het is steeds kouder aan het worden. We meten de volgende ochtend al bijna -4! ?
Oregon kenden we van de ruige mooie kust maar dit binnenland is echt adembenemend. Alhoewel, ik moet bekennen, ook heel saai. De weg slingert zich tussen de uitgestrekte vlakten met ontelbare koeien en thumbleweed door.
Af en toe staat er een ranch en zien we wat cowboys met vee.
Het zijn geen boerderijen met stallen zoals wij ze kennen, eerder statige huizen met grote kralen waar het vee waarschijnlijk bij koud weer ingedreven wordt. Terwijl we zo in eenzaamheid door dit land rijden gaan mijn gedachten terug naar de pioniers. In 2017 zagen we in Casper hoe de trails (Californië, Oregon, Mormon Pioneer en de Pony Express) samen kwamen om gezamenlijk een aantal wilde rivieren over te steken waarna ze over één pad verder tot aan Independence Rock trokken. Na de moeilijke passage van de Rocky Mountains gingen de trails weer uit elkaar.
Wat een durf, lef en doorzetting moeten zij gehad hebben op weg naar een betere toekomst. ?
Bij de plaats McDermitt komen we in Nevada en gelijk zijn daar de casino’s. Voor wie het niet weet: alleen in Nevada mocht je vroeger gokken en in Atlantic City net onder New York. Later begonnen de indianen, de American First People, te klagen dat de immigranten hun land hadden afgenomen. Als compensatie mochten ze toen in andere staten soms ook casino’s openen. En zo werden ze weer bedonderd door de blanken want omdat er tegelijkertijd zoveel bij kwamen verdienden ze daar ook niks aan. Zo groot als in Nevada werden ze nergens.
192 inwoners, twee RV parken en een kerk. Naast de kerk ligt de campground waar we een plek vinden. Op zich is dat niet moeilijk want het terrein is helemaal leeg. ?
Op de deur van de receptie hangt een briefje dat de envelop met geld in de brievenbus kan. Behalve de sheriff, die steeds voorbij rijdt terwijl ie naar ons vreemdelingen en de camper loert, is er echt niemand te bekennen. Als mijn lover de waterslang uit het luik pakt breekt ineens het scharnier van de klep af.
Lekker dan! ? Wat volgt is een
en Goldfield (International Car Forest).
Rare jongens, de begraafplaats en de vuilnisbelt…. What’s the difference. ?
Logisch eigenlijk.
Veel snowbirds (overwinteraars die reizen naar waar de zon schijnt en de 25 graden grens ligt) vinden het een oase van rust. We kregen deze tip van een Duits echtpaar die we in 2017 in Vegas ontmoeten en stonden hier al twee keer eerder. Als we daar zondagmiddag arriveren geeft de teller aan dat we de afgelopen vier dagen 2000 kilometer hebben gereden. Het is een hele afstand maar door de stille mooie wegen zijn ze voorbij gevlogen. De receptioniste kijkt, ‘Jullie hebben geen reservering?’ ? Op internet heb ik al gezien dat er nog plaats zat is. Kosten van een standaardplek 25 dollar. Na lang zoeken is de vriendelijke dame eruit en heeft iets voor ons kunnen vinden: een standaardplek voor 40 dollar. ? Amerika blijft ons verbazen met hun reserveringssysteem en dit soort verschillen. Terwijl we aan de balie in de receptie staan boeken we op de Ipad dus dezelfde plek voor 15 dollar minder. Onderweg naar plaatsje 138 passeren we nog vele lege plekken….zeg het maar! ? ‘s-Avonds in het restaurant hetzelfde. ‘Heeft u een reservering?’ vraagt een van de drie lieftallig giechelende meisjes. Dat hebben we niet. De zaak is zo goed als leeg maar de drie obers zijn druk dus moeten we wachten….? , terwijl de meisjes rustig verder giechelen. Als werkgever zouden wij de taken dan maar wat anders verdelen.
Het is vreemd maar we wennen eraan. De dagen in Pahrump vliegen voorbij met kleine reparaties, Roel vervangt het totaal verkleurde en afgesleten Hollandse vlaggetje aan de rechterspiegel,
het luik van de gaskast wordt weer gefixed, we wassen, we beginnen met een filmpje van het trouwen van Dennis en Kaj in elkaar te zetten en doen gewoon ook lekker niets en zitten in het zonnetje. De temperatuur overdag is prima maar de nachten blijven nog steeds erg koud. Gisteravond liepen we uit het restaurant over de camping en het voelde alsof het vroor. De Halloween versieringen hebben er niets van en glinsteren en blinken scarey door.
Nog twee dagen te gaan tot Halloween, Las Vegas see you tomorrow!








Het vertrek werd definitief na de bruiloft gepland en nu konden we het reisbureau naar tickets laten zoeken. Intussen waren er nog wat huishoudelijke werkzaamheden, 100 kg appels tot moes koken,



We hebben gisteravond nog de stoelen kunnen wijzigen naar een plek met meer beenruimte
en met slechts twee koffers checken we in. De vlucht verloopt rustig
en Seattle verwelkomt ons dit maal met regen. ? De douane geeft weer geen probleem en we gaan op zoek naar een taxi. En dan begint het: ‘de pijn’ in mijn buik hoe het met de camper zal zijn. Zitten er weer muizen in, zal ie starten en wat kunnen we nog meer verwachten. We zitten dus zwijgend in een Uber, wel een prachtige uitvinding, maar het mistroostige weer helpt er niet bij. De kerel bij de opslag is blij ons te zien en Roel begint een gesprekje met hem maar ik ben er klaar mee, eerst naar de camper! Op een drafje lopen we slepend met de tassen naar het ding, openen de deur en….alles ziet er top uit. Mijn lover gaat achter het stuur zitten en draait de sleutel om. Er klinkt een fijn ronkend geluid vanonder de motorkap. Dit zijn dan weer van die mooie momenten, ik zeg; ‘Hier kan ik nou zo een traantje om laten want ik ben zo blij!’ waarop mijn handsome zegt; ‘Nou, doe dat maar later want we hebben nu nog genoeg te doen!’ ?
Bij de Walmart stoppen we en bij het zien van alle kerstspullen word ik nog meer heel blij! Voor nu doen we eerst boodschappen en rijden vervolgens naar Trailer Inns RV park net buiten Seattle. Hier stonden we al eens eerder. Een prima plek full hook-up voor een schappelijk bedrag. We werken social media bij en ik bel met het thuisfront. Rond 21.00 uur kruipen we ons bed in want de luikjes vallen dicht. Morgenochtend gaan we bedenken wat we kunnen gaan doen. Er is hier in de omgeving al sneeuw gevallen dus een aantal Parken zal gedeeltelijk gesloten zijn. Onze route moet in ieder geval richting het zuiden en laat dat nu langs Sin City Las Vegas komen. Met de gedachten aan mijn to-do lijst: ‘Halloween vieren in Las Vegas’ val ik in slaap. ?
Het is inderdaad een goed plan want deze campground in Bellevue ligt dichterbij de stad dan die in Kent waar we later in de week een reservering hebben. Met een Uber gaan we naar the city. Het is onze eerste Uberervaring en wat een uitvinding! Je hebt razendsnel een taxi en kan het bedrag van te voren uitrekenen.
Rond 11.00 uur zet chauffeur Riyad ons af bij Pike Place Public Market.
Het is al knap warm in Seattle maar we klagen niet op deze zonnige dag want de stad staat immers bekend als de natste van Noord Amerika. ? Binnen in de overdekte hal genieten we van de markt met diverse kramen en het visgooien van de marktlui.













We hebben afgelopen week nog een grote tas gekocht want met twee koffers gaan we het niet redden. Dat ik daar ook weer een super mooie handtas scoorde nam ie gelukkig sportief op! ?
Veel te vroeg arriveren we in het hotel maar de kamer is bijna klaar dus nadat we ingecheckt hebben kunnen we er gelijk in! Via een laatste stop bij mijn inmiddels bekende koffietentje komen we bij de storage. Toen we vorig jaar vanuit Seattle een cruise naar Alaska hebben gemaakt heeft de camper ook hier gestaan, een prima omheind bewaakt terrein. Het is vreemd om hem achter te laten. ‘Je hebt goed je best gedaan dit keer en ons niet in de steek gelaten! zeg ik en klop op de zijkant van ons huis waar we nu al vele maanden in rondtrekken. ? Met een Uber rijden we terug naar het hotel waar we zeker een half uur onder de shower staan. Na al die weken zuinig douchen in de camper is dit wel zo’n luxe….gewoon stromend warm water zolang als je wilt!
Het hotel ligt vlakbij de luchthaven en heeft een shuttlebus rijden waarmee we eind van de middag naar de metro gaan die ons vervolgens in het centrum brengt. Je kan toch moeilijk zo’n laatste avond op je hotelkamer blijven! ? We slenteren door de straatjes bij de Market, ploffen neer op een terras om iets te drinken en uiteindelijk ook te eten want het is wel heel gezellig zodat we de tijd een beetje vergeten….?


Het is met recht een ‘vlooienmarkt’. ? Net voor Anacortes staat casino Swinomis, misschien een overnachtingsplek voor vanavond? Er is een heus RV park (gratis) maar alles is bezet. Ook de andere campings in en om Anacortes zijn vol. WTF, is dat balen! Het is weekend en al rond 13.00 uur maar dit hadden we niet verwacht. Richting Oak Harbor ligt het Deception Pass State park. Daar maar eens proberen. De brug die we over gaan is van duizelingwekkende hoogte en beneden in het water zien we zeehonden spelen. ?
Helaas heeft het park geen enkele vrije plek meer. ‘Laten we het zoeken staken en van de middag genieten.’ stel ik voor en we rijden naar het centrum van Anacortes waar we de hut parkeren.
We kunnen altijd weer terug rijden naar het casino van vannacht, daar was plek genoeg. ? Het zit mijn lover toch niet lekker en als ie een visitorcenter ziet zegt hij; ‘We kunnen het allicht vragen toch….!’ en stapt naar binnen. Het wordt gerund door een vriendelijk echtpaar die misschien een oplossing hebben. Bij de jachthaven, genaamd Cape Sante Maria, zijn ook camperplaatsen. Zij belt naar de receptie en we hebben geluk, er is nog een laatste plek.
Het blijkt dat het dit weekend ‘crabweekend’ is. Wat is te vergelijken met vlaggetjesdag bij ons als de haring binnenkomt. Dus vandaar de grote drukte! ? De plek bij de jachthaven is prima, wel flink op elkaar. We staan tussen twee Amerikaanse campers. Ik heb zo’n hekel aan die dingen met die donkere ramen….je ziet niemand zitten maar ik krijg altijd het idee dat ze ons wel zien. ? Vanaf de jachthaven ben je binnen een paar minuten in het centrum waar we een drankje doen in de rooftop bar van het Majestic Inn.
Dit hotel is gebouwd ergens in 1800 en begin 1900 is het hele hotel in stukken verplaatst naar de huidige locatie.
Aan de jachthaven ligt restaurant Anthony’s en het is er gezellig druk. Even vragen of ze nog een tafeltje hebben kan altijd….? Er is er net een vrij aan het raam! Ondanks het crabweekend staat er geen krab op de kaart dus neemt mijn lover een vissie en ik de mosselen.
Zondag fietsen we naar de haven waar de ferry’s liggen, ongeveer zeven kilometer, en nemen die naar Friday Harbor op de San Juan Islands vaart. Het is even goed puzzelen want er zijn meerdere eilanden en tijden, niet elke ferry doet ieder eiland aan.

De tocht duurt ruim een uur en ondanks dat hier in de wateren ook orca’s en walvissen zitten zien we helaas, behalve zeehonden, niets. Friday Harbor is erg leuk en heel toeristisch.

We parkeren de fietsen en wandelen langs de vele winkeltjes die heel slim hun prijzen hebben aangepast aan de hordes dagjesmensen.
Ik zie in een boetiek een jurkje hangen voor 280 dollar….zo’n stofje wat je ook bij de Turk op de markt kan kopen….tsja. ? We lunchen bij een prima restaurant met uitzicht op de haven
en dan is het tijd om terug naar Anacortes te gaan.
Ook dit keer zien we niets in het water waar we onze stoel voor uit komen. De volgende morgen trek ik mijn loopschoenen weer aan. Mijn lover fietst een stukje mee en gaat dan door naar de Safeway om croissantjes te halen. Na het douchen, ontbijt en een belletje naar mijn ouders vertrekken we precies om 11.00 uur (de tijd dat je van je plekkie af moet zijn ?) richting Wenatchee National Forest. De laatste paar dagen is echt de vaart eruit. Of het komt door ons naderend vertrek naar Nederland, we don’t know. ? Dit blijft een beetje tussen ons in hangen. Ik vond de acht maanden van vorig jaar erg lang en mijn voorstel was om dit keer korter te gaan. Ik zei het al in mijn vorige blogs: Nederland mis ik niet maar wel familie en vrienden! Het is echt dubbel want terwijl ik hier ben mis ik mijn leven in Nederland en daar mis ik mijn vrije leventje hier. ? Dat daar ook wat zakelijke dingen bij kwamen waardoor we eind juli naar Nederland retour vliegen is mijn handsome spontaan vergeten want, ‘Ja, jij wilde maar drie maanden!’ ligt steeds op het puntje van zijn tong. ? Als we net voor Skykomish een bord met campground Money Creek zien zegt hij; ‘Dat is wat voor jou, een camping met zo’n klinkende naam!’ ? ‘Wat mij betreft draai je eraf en gaan we staan!’ Ik kijk, het is net 15.00 uur en zeg; ‘Nou Dijks, dit was weer een bijzondere zware etappe van zeker tachtig kilometer!’ ? Het is een prima plek in een vreselijk dicht bos aan een riviertje. Mijn lover zet enthousiast de stoeltjes buiten.
Als ik binnen een wijntje inschenk moet gewoon het licht aan zo donker is het in de hut door de bomen! We BBQ’en, net als het vlees klaar is en we buiten aan tafel zitten begint het te plenzen. ?
Ook de volgende ochtend vertrekken we laat. De laatste dagen rij ik en navigeert hij omdat gebleken is dat ik een bijzonder richtingsgevoel heb wat volgens mijn lover wil zeggen dat ik géén gevoel voor richting heb. ? In Skykomisch zien we een reclamebord voor een koffiebar. Mijn lover zet iedere ochtend een prima bakkie voor me maar een koffietje in een echte koffietent is niet te versmaden. ? Ik parkeer de hut en zie vier mannen voor de koffiebar zitten die met open mond staren. Ik krijg dan altijd zo’n gevoel van: WTF, heb ik een paaltje geraakt of erger….? Er staat er een op die naar ons toe komt lopen. ‘Jullie zijn een eind van huis, hebben jullie deze verscheept?’ vraagt ie in het Engels met een Iers accent. Het zijn vier piloten van Air Lingus. Gisteren hebben ze een vlucht naar Seattle gehad en zijn nu een paar dagen vrij. Met elkaar hebben ze een auto gehuurd om de omgeving hier te verkennen. Na de koffie/thee en het gezellige babbeltje met de heren rijden we verder langs watervallen
en de Stevens Pass in het Cascade gebergte om uiteindelijk via een mooie afdaling bij Lake Wenatchee uit te komen. De natuur is geweldig mooi en genietend rij ik op de muziek van Belle Perez naar beneden. Herkenbaar toch, dat je op goeie muziek net altijd iets anders gaat rijden….? ‘Wat mij betreft mag je een stuk langzamer want ik vind dat je wel erg hard gaat!’ corrigeert mijn lover naast me. Op een van de campgrounds vinden we een heerlijke plek aan een kleine rivier.
Het zonnetje schijnt en we besluiten om naar het verderop gelegen meer te fietsen.
Daar zitten we (ik noem ons altijd gekscherend): me and my shadowman. Want waar ik van het zonnetje hou ligt mijn handsome meestal in de schaduw. ?
Als ik de volgende ochtend na een kop thee en een banaan weer mijn loopschoenen aantrek zegt ie; ‘Succes en kijk uit voor de beren!’ Tsja, dat is iets hier in de bossen. Ik heb ze nog niet gezien maar het zal je gebeuren! ? Terug bij de camper ben ik weer trots op mezelf. Ik blijf het volhouden en merk nu pas dat ik het gemist heb. Het alleen zijn in de natuur, de stilte, de eekhorentjes die voor me langs schieten en de zonnestralen die door de bomen glinsteren! Mijn lover is druk in de keuken, hij heeft koffie en bakt een eitje voor me. Met dit alles zit ik genietend buiten in de zon terwijl ik de mail van een lieve vriendin, Carla, lees. Iedere week stuurt ze een gezellig bericht over haar belevenissen. ? Vanaf hier rijden we naar Leavenworth. Nadat in de tweede helft van de twintigste eeuw de lokale industrie van hout en mijnbouw stilviel bedachten de inwoners een nieuwe bron van inkomsten en bouwden hun dorp om tot een echte Beierse stad, ‘Bavarian Village’. Het is gelukt want terwijl we door de straten lopen wanen we ons echt in de Alpen.


Het is zeer toeristisch maar als je daar doorheen prikt is het genieten. Vanaf hier rijden we door tot Wenatchee. Deze stad is in tweeën verdeeld en van beiden krijgen we geen vibraties. Veel troosteloze straten met vreemde types. We gaan niet eens de hut uit en keren terug richting Leavenworth om een camping te zoeken. Dat het toeristisch is merken we als een aantal campings vol zijn. Echter bij Cashmere hebben we geluk. Het valt op dat in dit gedeelte van de staat Washington heel weinig Europese toeristen zijn. Het is te begrijpen want het Wenatchee National Forest ligt niet op een voor de hand liggende route. De afgelopen dagen hebben we dit al gehad en ook nu komen, zodra we de hut hebben neergezet, van alle kanten nieuwsgierigen op ons af. Ze bekijken de kaarten op de camper aandachtig en kunnen zich slecht voorstellen dat je in Nederland echt niet iedereen kent. ? Het is super leuk dat mensen zo geïnteresseerd zijn maar soms is het ook vermoeiend. Terwijl we net zijn aangekomen en mijn lover buiten alles installeert komen de eerste al op hem af. Ik hoor ze vragen, hem babbelen en denk ‘Nu even niet!’ dus blijf binnen mijn ding doen. Even later stapt ie in de hut en zegt; ‘Ik had jou ook nog wel buiten verwacht, hoorde je me niet praten?!’ ? ‘Tuurlijk hoorde ik je babbelen maar ik wist niet of je de kleine of grote introductie deed waarbij ik ook op moest treden!’
Maar eerlijk, we krijgen soms zoveel mensen binnen die willen kijken hoe we wonen dat ik er af en toe over nadenk om entree te vragen. ? Maar het heeft ook een positieve kant want ook hier krijgen we van de buurtjes een uitnodiging om iets te komen drinken. Na het eten slepen we stoelen en drankjes mee en schuiven gezellig aan. Net naast de camping is een golfbaan waar we de volgende ochtend een balletje gaan slaan. Het is een flink heuvelachtig terrein met fruitbomen.
Het advies van de vriendelijke receptioniste om een golfkar te huren sla ik in de wind. We moeten bewegen! ? We lopen negen holes, lang genoeg op een grote baan met mijn handicap. Bij hole 3 heb ik al spijt dat we geen karretje hebben genomen. Naast me loopt mijn opgewekte lover. ‘Zwaar toch?’ piep ik maar hij heeft nergens last van. ? We rijden nadat we nog een pondje kersen plukken
retour naar Leavenworth waar we nog wat shoppen en lunchen.
Nog nooit stonden we zo lang voor een curryworst in de rij! ?

Over de 97 zetten we koers naar Cle Elum. Onderweg kijken we voor een overnachtingsplek en soms zit dat niet mee. Die camping is te duur, die ligt in de schaduw, die is vervallen….Uiteindelijk komen we op campground Cle Elum river waar we met een wijntje genieten in het zonnetje.
‘s-Avonds kijken we naar het leven van de familie Holleeder in de serie Judas. Mijn handsome wordt altijd wat flauw als we het over ‘mijn vriend Willem’ ? hebben en vraagt melig; ‘Hoe noem je grappen over Holleeder?’ Om vervolgens lachend te antwoorden; ‘Bij de neus nemen!’ Als ik ‘s-morgens een rondje ga joggen zie ik verderop een stuk grond bij de rivier waar we gratis konden staan….ach, we kunnen ook niet altijd geluk hebben. Na het internet-loze ontbijt
doen we in Cle Elum een koffiestop en rijden dan richting Seattle waar we dinsdag in Kent een plek voor drie dagen op de KOA camping hebben gereserveerd. Zo hebben we mooi de tijd om de hut schoon te maken en alle rotzooi van de afgelopen tijd te verzamelen. Vrijdag gaat ie dan naar de stalling en wij in een hotel. Zaterdag vliegen we naar huis….en daar komt mijn verwarde vakantiebrein om de hoek want als ik met mijn moedertje bel kom ik erachter dat we niet op zaterdag thuiskomen maar op zondag! Het arme mensje begreep al niet wat ik bedoelde, ‘Hoe kan het nou dat je zaterdagmiddag vliegt en ook hier aankomt!’ vroeg ze waarop ik geduldig nog eens het tijdsverschil ging uitleggen tot ik zelf hoorde dat mijn verhaal niet klopte….? Als we over de Highway richting Seattle rijden zie ik in de verte campers bij een meer staan. We nemen de afslag naar Lake Keechelus waar blijkt dat je hier vrij mag staan.
Hoe leuk is dit! Onze achterbuurman vertelt dat deze grond in de winter helemaal onder water staat, het meer is dan tig keer groter. Nu komen er vooral locals weekend vieren met hun camper, caravan, boot of hanggliders. Omdat we water moeten vullen en lozen verlaten we na een nacht deze geweldige plek. Het is zaterdag en druk op de wegen rondom Seattle. Nergens een dump of waterkraan en de campings waar we vragen zijn vol. Bah, de laatste dagen zit het niet mee, het is te merken dat we rond een grote stad zitten. Als we een bord zien met Snoqualmie Falls rijden we die kant op. Het is een prachtig park met een indrukwekkende waterval
waar we een wandeling maken. In de plaats Bellevue op RV park Trailer Inns vinden we een plek. Eigenlijk is het niets want deze camping ligt pal aan de snelweg en de campers/caravans staan heel dicht op elkaar maar we hebben met deze drukte weinig keus. ‘Willen jullie een plaats met of zonder gelegenheid om buiten te zitten?’ ?vraagt de vriendelijke dame achter de balie. Het is inmiddels zo’n 25 graden dus gooien we er nog drie dollar (de prijs voor de extra ruimte) tegen om buiten te kunnen zitten.
‘Ik denk dat we morgen nog maar een nachtje terugrijden naar het meer van vannacht!’ oppert mijn lover. Nog een week, waarin het leven heel simpel is, te gaan! ?
Over de 22A passeren we bij Montrose de grens en zijn weer terug in Amerika. Die grens blijft altijd een ding en ook dit keer zijn we benieuwd wat ze gaan controleren….we hebben tenslotte een camper met Nederlands kenteken. Ik rij en zoals afgesproken doet de bestuurder dan ook het woord. ? ‘Goodmorning’ zegt de beambte stroef. Ik zet de motor uit, zonnebrilletje af en zeg, ‘Goodmorning sir.’ Hij loopt om de camper heen en als ie terug bij mijn raam is vraagt ie waar we vandaan komen. Met de paspoorten in zijn hand verdwijnt hij in een loket. ‘Zijn jullie met het vliegtuig Canada binnengekomen?’ ? Ik antwoord dat we afgelopen 27 april in Los Angeles zijn geland. ‘Okay, nu zie ik het staan, ik moest even zoeken.’ zegt ie en vraagt vervolgens ‘Waar gaan jullie nu heen?’ Ik vertel dat we eind juli vanuit Seattle naar Amsterdam retour vliegen. Hij luistert en vind het bijzonder dat we zo rondreizen, ‘Wow, good for you!’ ? Ik sluit mijn relaas af met ‘Yes, I thank the Lord every day!’ (Doet het altijd goed bij de Amerikanen.) ? Via Northport rijden we langs de Columbia rivier het Lake Roosevelt National Recreation gebied in. Met een temperatuur die inmiddels 30 graden is zitten we te puffen in onze lange broek. Als we een bord zien met Evans campground slaan we af en rijden over de camping op zoek naar een plaats. Precies aan het meer, plaats 12,
echt één van de mooiste plekken is vrij!
Als de hut staat geparkeerd zetten we de stoelen buiten, bikini/zwembroek aan, drankje erbij en genieten! Het is zelfs zo warm dat ik me in het ijskoude water waag en op mijn manier zwem….eigenlijk is dat niets meer dan snel onder en er weer uit! ? 
Hier hebben we ook buren die ons ‘s-avonds uitnodigen voor een drankje en dit is weer een bijzonder gezelschap: twee zussen met hun man en een aantal honden. De dames hebben al aardig wat op en gieren het continue uit, de mannen daarentegen zitten er zuur bij, zeker die waarvan de vrouw steeds bij Roel gaat zitten. Met wat enkele Nederlandse woorden maken we elkaar snel duidelijk: een smoes verzinnen want time to go! ? De volgende morgen rijden we eerst naar Kettle falls. In dit dun bevolkte gebied is het opletten waar winkels zijn om wat inkopen te doen. Hier in de supermarkt valt het ons weer op dat in sommige delen van Amerika bijzonder publiek woont. Het zijn aannames maar het lijkt alsof de helft op elkaar lijkt en ook die paar hersencellen verdeeld heeft….? Zoiets van: het is je dochter maar ook je zus….? De dame achter de kassa bekijkt ons argwanend en op de parkeerplaats is de camper een bezienswaardigheid. We besluiten de route om het meer verder af te rijden.
Doen koffie/thee met iets lekkers bij een mooi uitzichtpunt en rijden door naar Fort Spokane, een indianenreservaat. Het is een super groot meer waar de weg zich omheen slingert, soms ligt het water diep beneden ons en dan weer rijden we er vlak langs. Nu we eindelijk zon hebben besluiten we er ook van te genieten, zeker bij het zien van Hawk Creek campground. Rotsen omringen dit gedeelte van het meer
en verderop is een waterval.
Op het water dobberen wat bootjes met vissers erin. Het is een totaal ander beeld. Hadden we gisteren speedboten en waterscooters, hier zitten de recreanten met hun hengels. Het is geen grote camping, ongeveer 20 plaatsen en wat er staat zijn locals.
Ze komen een praatje maken en hebben nog nooit iemand uit een ander land dan Amerika gezien. ? Is het de zon of zijn het de dikke dames
om mij heen (opa Flodder is er ook ?) maar ineens weet ik het, ga naar binnen en gekleed in bij elkaar gezochte sportkleding sta ik buiten voor mijn lover. ‘Wat heb jij nou aan, die broek!’ giert ie van het lachen. Op mijn mededeling dat ik ga hardlopen zegt ie; ‘Ga toch zitten mens en doe niet zo dwaas met dit weer!’ Ik laat hem kletsen nu ik ineens ‘het licht’ heb gezien en met stevige pas wandel ik de camping af. Het is altijd even zoeken in een vreemde omgeving waar je naar toe kan maar ik vind een mooi pad langs het meer, helaas gaat het wel hoog en laag. ?
Daar jog (lees sjok) ik dan: zij die ooit zo sportief was want ik deed mountainbikewedstrijden onder andere in de Alpenlanden, liep de marathon van Rotterdam en bij de vierdaagse van Nijmegen deed ik de ‘mannenafstand’ van 50 kilometer per dag. Na een héle lange tijd niets doen laten mijn benen me niet in de steek want die willen wel maar mijn hart en longen schrikken zich rot! ? Als ik na een half uur terug ben klop ik mezelf denkbeeldig op de schouder: nu volhouden en uitbreiden! Hoe heerlijk deze plek ook is; we rijden de volgende morgen na nog een korte wandeling langs het meer 
verder over de Miles Creston weg naar Grand Coulee dam. Een waterkracht-stuwdam aan de Columbia rivier gebouwd door Henry J. Kaiser. Samen met de Hoover Dam is het een van de meest beroemde dammen in Amerika. Het reservoir bij de dam is genoemd naar de toenmalige president, Franklin Delano Roosevelt, die bij dit project de leiding had. We lunchen met uitzicht op dit immens grote bouwwerk
en rijden dan verder over de 155 naar Omak en Okanogan. Kleine stadjes waar weinig te beleven is en nergens zien we een plek waar we kunnen overnachten. ? Net wanneer we ons er bij neer hebben gelegd dat we nog wel even zullen moeten zoeken, misschien wel tot de volgende plaats Winthrop, is daar ineens een bord met camping. We krijgen wel een onverhard weggetje maar het is het waard! We komen bij een verscholen meertje met daarom heen een kleine camping met niet meer voorzieningen dan een wc.
Geen water en elektra maar nog wel één vrije plek! Hoe we moeten betalen is onduidelijk, op een bord staat: ‘Melden via internet.’ Maar hoe doe je dat als er geen bereik is. ? Bij een andere kampeerder vragen we het na. Die legt uit dat het gaat om een pas voor de staatsparken in Washington. Hij heeft ook geen idee hoe we dit zonder internet moeten regelen. ‘Eigenlijk heb ik hier nog nooit controle gehad.’ verzekerd hij ons lachend. We wagen het er op, mocht er controle komen dan zien we wel. ? Als we na het eten buiten een koffie/thee doen rijden er vier motorrijders langs, nog op zoek naar een vrije plek. De plaatsen zijn allemaal erg groot en zeker die van ons. ‘Zijn dit er soms twee?’ vraagt een van de mannen aan ons. ‘Nee, dit is één plek maar alles is vol dus kom er gewoon bij staan.’ roept mijn lover. De mannen overleggen kort en rijden dan de motoren in de hoek van onze plaats.
Het zijn twee broers, één met zijn zoon en een zwager. Ze zijn op een ‘mannenweekje’ en wonen in Vancouver. Als de hangmatten tussen de bomen zijn opgehangen maken ze wat te eten en vragen ons voor een drankje. ? Ze verontschuldigen zich vast dat ze misschien snurken vannacht. ‘Dan heb je mijn vrouw nog niet gehoord, want ik weet niet of iemand daar bovenuit komt!’ grinnikt mijn lover. Na een rustige nacht trek ik de volgende ochtend mijn sportkleding weer aan en verdwijn sjokkend in de bossen. Later hoor ik van de mannen dat ook hier beren kunnen zitten….WTF! ? De weg naar Winthrop is stil en als we een zaak zien met koffie dan is die voor mij! Het blijkt er zo een te zijn waar ze organische koffie schenken. Dat vind ik toch zo’n jeuk woord….organisch. Alsof ze normaal koffie in een chemische fabriek maken. ?
Het trekt ook altijd een bepaald slag mensen maar goed, ik wíl koffie dus! Terwijl ik in de rij sta stalt mijn lover zijn paard . ?

Daar komen we de motorrijders ook weer tegen. Al met al is het inmiddels 14.00 uur en zijn we nog niet veel opgeschoten. ‘We hebben toch geen haast, zullen we hier een camping zoeken?’ stelt mijn lover voor. We rijden dus het centrum uit naar Pearrygin Lake Statepark, een tip van de motorrijders, en zo komt het dat we vroeg in de middag op een perfecte plek
weer in het zonnetje zitten. Ik zelfs op mijn eigen privéstrand! ?
Nieuwsgierige eenden komen op de kant in het rond scharrelen en verderop zitten drie zwaluwjonkies op een laaghangende tak van een boom. De ouders vliegen af en aan om ze te voeren, wat een geweldig schouwspel zo precies voor onze neus! ?



Helaas vinden de muggen dat ‘s-avonds ook en we vluchten naar binnen. Over de 20 rijden we de volgende dag door het North Cascades National park. Helaas is het slecht weer in de bergen 
en we rijden in flinke regenbuien Burlington binnen.
Heel zonde want we hebben weinig gezien van de gletsjers waar dit park bekend om is. Voorbij Burlington belanden we in Bayview op een camping in het gelijknamige Statepark wat aan een binnenwater van de Salish Sea ligt.
Tussen de buien door wandelen we nog naar het strand. De rest van de avond zitten we voor de buis en kijken een nieuwe serie uit de verzameling. ? Op de verlanglijst van mijn lover staat al heel lang een bezoek aan de Boeing fabrieken in Mukilteo. ‘Zullen we er vandaag naar toe gaan?’ vraagt ie de volgende ochtend. ‘Het is ongeveer een klein uurtje rijden en op onze route.’ Omdat het buiten nog steeds regent lijkt het ons een goed plan. Tijdens het ontbijt gaat ie dus het internet op en boekt twee kaartjes voor de rondleiding om 15.00 uur. ‘Ik denk dat ik ga lopen nu we toch de tijd hebben.’ besluit ik als de regen even stopt. ?? ‘Je lijkt wel gek met dit weer!’ roept mijn husband maar ik heb mijn schoenen al aan. Natuurlijk ben ik net op de helft als de regen weer begint. Eerst zachtjes maar dan keihard. ‘Lekker zeg, ben ik eindelijk niet meer verkouden heb ik dit!’ mopper ik voor me uit. Lang duurt het mopperen niet want wat is het heerlijk om weer iets te doen: ik geniet van het water waar ik langs loop en verderop in een tuin staat een hert met haar jong. ❤️ Dat ik met mijn gehijg zo een sexfilm kan nasynchroniseren mag de pret niet drukken. ? Drijfnat nader ik de camping en zie daar mijn lover met een knalgele regenjas over zijn hoofd aan komen lopen. Wat doet hij nou? Als ie me ziet begint ie te blazen, ‘Je lijkt wel gek met dit weer, net ziek geweest en dan zo achterlijk doen!’ Vervolgens gooit hij de regenjas over me heen. ‘Gelijk onder de hete douche!’ maant ie me als we de camper instappen….hoe schattig! ? Na de douche krijg ik mijn dagelijkse koffietje van hem wat ik genietend opdrink. Als we alles hebben opgeruimd, afgewassen
en water hebben bijgevuld, gaan we op pad. We rijden via Anacortes, een erg leuk havenplaatsje waar we eigenlijk langer willen blijven maar we moeten verder want de tickets voor Boeing zijn geboekt. ‘Hebben wij weer, daarom hou ik niet van vooruit plannen!’ klaagt mijn lover. Ik zeg niets want gelukkig heeft ie zelf geboekt! ?
De rondleiding van anderhalf uur bij Boeing is bijzonder interessant, de gids vertelt zeer onderhoudend en met heel veel cijfers. Boeing is wereldwijd de grootste producent van vliegtuigen en de hallen die we bezoeken zijn super groot. Er staan vijf Boeings 747 achter elkaar in één loods! ? Helaas mochten er tijdens de rondleiding geen foto’s genomen worden. Het was zelfs verboden om iets mee naar binnen nemen. Geen telefoon, geen fototoestel, geen tas, geen drank of voedsel….echt helemaal niets. ☹️
De controle hierop is streng en bij de ingang zijn voldoende kluisjes om spullen op te bergen. Na afloop rijden we naar het centrum van Everett waar we een camping zoeken. Helaas vinden we niets waar we vrolijk van worden. De RV parken zijn bewoond door mensen die daar permanent wonen en niet bepaald de types waar we vrolijk van worden. ? Everett is een grote stad tegen Seattle aan en dat is te merken aan de zwervers die er rondhangen. Als we bij een Walmart parkeren om snel wat boodschappen te halen komen er gelijk twee langs de hut geschuifeld. ‘Gadverdamme, daar kan ik niet tegen, lamzakken!’ foetert mijn lover en twijfelt of ie naar binnen zal gaan. ‘Hij staat toch op alarm!’ sus ik. Het is inmiddels al rond 19.00 uur, we hebben geen zin meer om te koken en als ik een leuk Mexicaans restaurantje zie zijn we snel om. ? We bestellen ieder een Margarita en krijgen een wel heel bizar groot glas!
‘Ze herkennen jou zeker, Bonnie van de lage landen!’ grinnikt mijn lover. ? Tijdens het eten plannen we wat we nu nog willen zien want over twee weken vliegen we vanuit Seattle terug naar Nederland. Voor hoe lang is niet helemaal duidelijk. Het plan om een nieuwe camper te kopen staat nog steeds en eind augustus is de Caravansalon in Düsseldorf. Dit is echt een van de grootste camperbeurzen. We waren hier al vaker en willen die nu zeker bezoeken. Ook op de zaak bij ons is het een en ander gebeurt: één van de fotografen had plotseling ander werk waar ie vrij snel aan de slag moest (opleiding) en nam prompt ontslag. ? Dat wíj met gemak weg kunnen blijkt wel uit het feit dat de rest van de club al op zoek is gegaan naar een nieuwe fotograaf. Ze hebben sollicitatiegesprekken gevoerd en er is ook al iemand aangenomen! ? ‘Eigenlijk hebben ze ons niet meer nodig!’ oppert mijn lover trots. Dat mag ie ook zeker zijn want hij runt ‘de tent’ al ruim veertig jaar naar volle tevredenheid van zijn opdrachtgevers maar had dit nooit kunnen doen zonder goeie werknemers! ? ‘Gek toch, dat je hier had kunnen wonen!’ zegt hij vervolgens. Ik knik van yes want inderdaad, 31 jaar geleden vertrok mijn toenmalige voetballende vriendje naar Seattle om in Amerika te gaan spelen. Nu we het erover hebben gaat ie rekenen en dan blijkt dat hij in die periode, met zijn eerste vriendin, ook in Seattle was. Hoe gek kunnen levens lopen….? Door al dit gebabbel vergeten we bijna dat we nog geen plek voor vannacht hebben. ‘Je weet toch het casino net buiten het centrum dat we zagen, is dat iets?’ stel ik voor. Uit ervaring weten we dat je bij zo’n gokparadijs wel mag overnachten, het zijn niet de leukste plekken maar veelal gratis! ? Inderdaad ook hier bij het Tulalip casino resort is het toegestaan.
Ze hebben zelfs een apart gedeelte voor campers. Tussen die er al staan zoeken we een lege plek. ‘Nu we er toch zijn kunnen we ook wel even binnen kijken!’ stelt mijn lover voor. Eigenlijk ben ik moe en wil niets meer dan onderuit gezakt op de bank hangen maar vooruit let’s go. Ook nu heeft het gokpaleis een magische invloed op mijn gestel. Ik moet er zelf om lachen want zodra ik de deur van zo’n tent binnenloop en het geluid van de machines hoor denk ik; ‘Honey, I’m home! ? Hij verdwijnt op zoek naar zijn éénarmige vrienden en ik naar een speeltafel. Als snel vind ik iets en ga zitten op de laatste vrije kruk. De croupier heet William en ik leg mijn geld op tafel. Soms vraag ik me af wat ik zo leuk vind aan dit alles: het spel of het roepen van de croupiers? Want terwijl hij de dollars pakt roept ie naar de supervisor; ‘60 Dollar is on the table and coming in!!!’ ? Hoe laat we terug naar de camper lopen weet ik niet: gezelligheid kent geen tijd. ? Ergens in de nacht schrik ik wakker. Wat is dit, het hele bed trilt! Ik tuur naar mijn handsome die muisstil ligt en geen beweging veroorzaakt. WTF, weer voel ik een trilling door de camper die nu staat te schudden. Het lijkt wel een aardbeving zoals ik ook al twee keer bij Han in Californië heb gevoeld. ? Als ik het gevoel een paar uur later bij het ontbijt aan mijn lover uitleg kijkt ie me aan en geeft als commentaar; ‘Jij drinkt echt teveel!’ ? Rondom het casino zitten verschillende winkelcentra en we besluiten een shoppingdag te houden. Als ik het raam van de camper openzet staat onze Amerikaanse buurvrouw in haar deuropening, ‘Hebben jullie vannacht ook de aardbeving gevoeld, het was net op het nieuws!’ roept ze. Terwijl ik met haar praat kijk ik triomfantelijk opzij naar mijn lover….’Wat nou met dat teveel drinken!’ ?
We slenteren door de verschillende winkels, kopen hier wat, kopen daar wat
en blijven ons verbazen wat er in sommige winkels gewoon verkocht mag worden!
Ook de smaak van de Amerikanen is soms foeilelijk en loopt jaren achter….? Bij de keukenboer rennen we gillend naar buiten.
Grappig voorval is als Roel wat kleding koopt en dit staat af te rekenen. De cassière vraagt, ‘Bent u militair of oud-militair?’ Hij knikt bevestigend die vent van me want hij heeft in dienst gezeten. Okay, ooit long time ago, drie dagen, en dat is op zich ook weer een bijzondere story maar nu niet voor het blog. ? Wat blijkt: deze outdoor winkel geeft discount aan militairen. Blij met zijn korting van 5 % verlaat ie de winkel.
Even later vraagt ie zich af of hij nu dan ook op zo’n parkeerplek kan gaan staan….?
Ik heb het hem maar afgeraden! ? Eind van de middag zoeken we met vermoeide voeten een laundry op en doen de was. Na deze zware dag ? trakteren we ons zelf maar op een lekker etentje bij een Italiaan. Waar we hebben overnacht? Ach, we waren toch nog in de buurt van het casino dus…. what else? ?