De carrière van Roel – deel 2

In mei 1979 moest ik in militaire dienst. Daar had ik helemaal geen zin in maar ik had een goede smoes. Ik had ziekte van Pfeiffer in die tijd. Mijn huisarts zei: gewoon gaan. Ik had nog geen idee waarom maar deed dat maar. In Ede aangekomen op de Elias Beekmankazerne werden alle nieuwe rekruten onder de krijgstucht gesteld, kregen een militair paspoort en moesten langs de dokter. ‘Bent u gezond? Nee, wat, Pfeiffer? Je had gvd helemaal niet mogen komen’. Tja, dat wist ik ook wel. Nou, ga je kastje maar inruimen en kom morgen maar terug. Dat was mijn enige nacht in de kazerne. Lang verhaal kort: ik moest een paar keer een dag terugkomen, bloedprikken en…. Ja, ik ben nog zo moe. Nergens last van maar dat ging ik de dokter niet vertellen. Kortom : Ga maar thuis uitzieken dan. En toen vergaten ze me. Tot 5 december. Kom ik thuis van een klusje, ligt er een oproep van de militaire arts in de brievenbus. Nog mazzel want als ik thuis had staan klussen was ik goed de pisang geweest. Maar ik moest wel gelijk naar de Kazerne in Ede. Kom ik daar om 5 voor 4 aan bij de dokter en zegt die arts daar: ‘Ja, het is Sinterklaas. We gaan allemaal een uur eerder naar huis. Kom morgen maar terug.’ En ik ging weer lekker naar huis. Ik fotografeerde me intussen het ongans voor het plaatselijke sufferdje en was lekker bezig. Op een ochtend werd mijn nieuwe bij Wehkamp bestelde scanner geleverd en zodra ik de stekker in het stopcontact deed ging ie blèren. Er bleek, nota bene bijna aan het eind van mijn straat, een trein van de spoorbrug te zijn gevallen. Nou, de scanner deed het ;-) Brandweer en politie kwamen in actie. Maar ze waren er nog niet.

Aangekomen ging ik de trein fotograferen toen ik me plotseling bedacht: ‘Shit, er zitten natuurlijk nog passagiers in’. Gauw naar de andere kant van de haven en ik klom met de net aangekomen brandweer op de trein. Het was allemaal zo kort geleden gebeurd dat de hulpverlening nog moest beginnen. De brandweer sloeg ruiten in en liet ladders zakken. Omstanders hielpen met het omhoog halen van de passagiers. Gelukkig waren er zelfs geen gewonden. Alleen heel veel erg geschrokken mensen. En een trein en een brug total loss.Ik moest de kranten wel vragen om mijn naam er niet onder te zetten want ja, in Ede lazen ze ook de Telegraaf en het AD. Een aantal maanden later kwamen ze er op de kazerne ook achter dat ze niet veel meer aan me hadden in de resterende van de 14 maanden dienstplicht en ik werd met groot verlof gestuurd. Bedankt nog dokter Leijnse , 14 maanden bespaard ;-). Later op de dag kreeg ik bij het bergen van de trein nog wat onenigheid met brigadier B. Die vond dat ik maar op moest rotten en duwde me over de afzetting. Camera kapot. Klacht ingediend. Hoofdinspectrice Marianne Ekels moest de zaak afhandelen en in die tijd had de politie altijd gelijk . Ik had dus moeten weggaan. Niet dus, zeker niet waar mijn collega’s wel mochten blijven. De verzekering betaalde gelukkig de camera maar waar politie-brigadiers normaal net voor hun pensioen nog even gepromoveerd werden tot adjudant, dit uiteraard voor een paar centen meer pensioenuitkering, ging brigadier B. gewoon als brigadier met pensioen. En werd Ekels later wel korpschef in Gorinchem maar geen commissaris zoals in elke andere gemeente. Zou het allemaal met mijn zaak te maken hebben gehad ? Of kwam het in Ekels haar geval doordat in Gorinchem de plaatselijke snollen politieauto’s als taxi misbruikten. We zullen het nooit meer weten ;-) Over die diensttijd nog wat: Nadat ik met groot verlof was gestuurd ging ik het weekend erop een basketbalwedstrijd fotograferen in Arnhem. Ik liep de zaal binnen en toen bleek dat de administrateur van de kazerne in zijn vrije tijd het team van Arnhem coachte…. Oeps. Snel omgekeerd en wegwezen. Hij had me gelukkig niet gezien.


De grap is: het is geel en als je het in je oog krijgt ga je dood: Een trein. Treinen waren vaker oorzaak van minder frisse gebeurtenissen. In Moordrecht had een boer een keer een hek niet goed dichtgedaan en zijn kudde koeien was nieuwsgierig of er tussen de rails ook gras groeide. Schrale troost, ze hebben niet geleden.


De kranten Het Vrije Volk en het Rotterdams Nieuwsblad zouden gaan fuseren tot het Rotterdams Dagblad. De redacties zouden dus ook samengevoegd worden. Maar er was te weinig werk voor 2 fotografen want ik deed het RN en Arie Wapenaar het HVV. Er kwam een nieuwe redactiechef die ik nog niet kende, Jan Booister. Op zijn eerste werkdag sneeuwde het en gleed een bus van de snelweg de sloot in. Ik reed vlakbij de redactie en sprintte de trap op : ‘Hallo, oh jij bent Jan, ga je mee, bus gecrasht.’ Nou, Jan zei : ‘Ga zelf maar, ik hoor het later wel . Even meer te doen. Eerste dag vandaag.’ Maar Jan had wel een neus voor nieuws. Ik werd de nieuwe fusiefotograaf, niks verdelen, en Arie was exit.  Pff. Ja zo kom je ook van concurrentie af.


Een uur nadat er bekend was geworden dat er in Eindhoven een Hercules vliegtuig gecrasht was werd ik gebeld door AP, samen met Reuters de grootste persbureaus ter wereld. ‘Ja, moet ik daar dan nu heen ? Ik ben anderhalf uur onderweg. Verwacht jij dat ik over 2 uur nog foto’s kan maken?’  ‘Nou ja’ zei ze, ‘Ga maar’. Dus ik zette het gas uit, mijn eten in de koelkast, en reed naar Eindhoven. Daar aangekomen stond onder de afrit een agente die me naar het perscentrum wilde hebben. Nee, ik moet naar het vliegveld. ‘Ja maar de weg moet vrij blijven voor hulpverleners.’ Ja dat begreep ik. Ik parkeerde mijn auto in het gras en riep naar haar: ‘Oke , dan ga ik wel lopen. Geen probleem.’ Nou bij haar wel. Auto maar weer gepakt en ik ben gaan proberen om over binnenweggetjes naar de crashsite te komen. Overal was alles afgezet. Ik was toch maar gaan lopen, totdat ik wat militairen tegenkwam. Die bluften dat ik daar niet op de weg mocht lopen want dat was militair grondgebied. (Niet dus.) Oke , dan ga ik toch door de weilanden. ‘Dat mag óók niet want dat is van een boer’ . Ja ammehoela. Dus ik blufte terug: ‘Die heb ik net gebeld en die had geen problemen. Doeii.’ En ik tijgerde nog een tijdje door tot ik plotseling boven in een boom waar ik onderdoor liep twee mannenstemmen hoorde. Dat waren twee nou ja, nieuwsgierigen, zal ik maar zeggen. ‘Zien jullie iets daar?’ Ja hoor, achter de bomen ligt ze. Ik klom, geholpen door de mannen, de boom in en kon daar over het hek foto’s maken van het wrak, en de 27 lijkzakken van de dodelijke slachtoffers. Over het falen van de autoriteiten bij deze crash is later nog wel wat meer bekend geworden. Maar ik moest terug. Terug naar mijn auto en terug naar mijn donkere kamer. Uiteindelijk bleek ik als enige fotograaf foto’s te hebben. De censuur die de politie en de militairen me wilden opleggen was mislukt. Ik heb later nog een klacht ingediend omdat de politie me niet had mogen tegenhouden. Ik heb daar schadevergoeding gekregen waarmee ik een fonds heb opgezet waar ik lang andere fotografen mee heb bijgestaan in rechtszaken.


Een vliegtuigje van Tulip air zette net voor Zestienhoven iets te vroeg de landing in en kwam in een weiland terecht. Geen gewonden, verder niks aan de hand maar het bergen van het vliegtuig werd wel een spectaculaire actie.


Vliegtuigen blijken helemaal niet zwaar te zijn. Daar kwam ook collega én piloot Rene Oudshoorn achter toen zijn vliegtuigje op Zestienhoven tijdens een storm gewoon ondersteboven waaide.  ‘Dijkstra, waar kom jij nou weer vandaan’. Dat zou ik nog vaker horen in mijn leven ;-)


Zoals ik al eerder vertelde, als er in Rotterdam iets crashte gaf Zestienhoven alle medewerking. ‘Slecht nieuws is ook nieuws, we kunnen niets anders dan ook dat toe te geven’ zei directeur Wondolleck altijd. In Amsterdam ging het altijd precies andersom. Grote tegenwerking. Bij een Saab vliegtuig die in de weilanden naast Schiphol in de modder dook probeerde de Marechaussee ons ook weg te krijgen. Niks van aan getrokken maar snel ging het niet. Bij elke stap zakte ik verder in de modder tot ik een schoen kwijtraakte. Jammer. Collateral damage. De luchthavenbrandweer kwam er ook op harde wijze achter dat ze voor dit soort dingen helemaal geen goede vervoermiddelen hadden. Boeren met tractoren moesten komen helpen om door de blubber te komen.


Op 4 oktober 1992 gingen we naar de verjaardag van mijn neef Miles die toen in Hoofddorp woonde. Miles wilde vliegtuigjes kijken dus met twee auto’s gingen we naar de spottersplek naast de startbaan. Het miezerde wat en er steeg een El Al vliegtuig op. ‘Nou’, zei mijn moeder en ze heeft zich er trouwens de rest van haar leven voor geschaamd, ‘Als er iets gebeurt moet het nu maar gebeuren, dan kunnen we gelijk aan de slag’. Waarmee ze mijn pa en mij bedoelde. Maar, het vliegtuig steeg netjes op en vloog weg. Na een uurtje was ik het wel zat en ik moest nog wat dia’s ontwikkelen voor de krant van woensdag. ‘Doei’ riep ik en ging naar huis. Half zeven was ik thuis en tien over half zeven kon ik weer terug. Een vliegtuig gecrasht in een flat in de Bijlmer. Laagvliegend kwam ik drie kwartier later aan bij knooppunt Holendrecht waar een Porsche van de AVD de weg had afgesloten. Perskaart, ik kwam er niet door. ‘Ja maar’ zei ik tegen de politieman ‘ik begrijp dat jullie de A9 afsluiten voor de hulpverlening maar als ik in de file op de A2 moet gaan staan kom ik er nooit’. Met de 80.000 stratenkaart op mijn knieën zeg ik tegen hem, ‘Laat me er hier op rijden, ik pak de eerste afslag en ga verder binnendoor.’ Dat vond ie een plan dus ik reed verder. Even later werd ik ingehaald door een ambulance en dacht, krijg het heen en weer, en plakte achter de ambu naar de tweede afslag, Bijlmer. Op de Groesbeekdreef stond een ongelofelijk lange rij ambulances en ik kon mijn auto op een nabij gelegen parkeerplaats kwijt. De politie raakte een uur na de crash eindelijk een beetje georganiseerd en een inderhaast geformeerd peloton Mobiele Eenheid begon de omgeving te ontruimen. Daar wachtte ik maar niet op en dook een trappenhuis van een flat in, ging naar de derde verdieping waar ik over de galerij naar het volgende trappenhuis ging en zat zo in een keer achter de linies ME. Ik zag niet meer als stof, brokstukken en er liepen wat mensen. Terwijl ik probeerde niet op te vallen ging plotseling mijn mobiele telefoon af. Ja, dat waren nog enorme bakken. Geen portables maar sjouwebels. Riem om je nek heen en een kast met een krulsnoer en een hoorn erop. Paris calling. Persbureau Sipa press. Ze boden me 3000 dollar voor foto’s , maakte niet uit wat, als het maar om 8 uur maandagochtend in Parijs was. ‘Gaan we doen’, riep ik. Na enige tijd kwam bij de plek waar de gewonden bij elkaar werden gebracht, onder zware beveiliging,  de Israëlische ambassadeur aan. In het onderzoek naar de oorzaak kreeg ik trouwens jaren later nog de AIVD op mijn stoep of ik de beruchte ‘mannen in witte pakken’ had gezien daar. Ja,  uiteraard. Dat waren de rechercheurs in weggooi overalls. Raadsel ook weer opgelost. Na een paar uur kon ik, toen de rook was opgetrokken, een foto maken van het gapende gat in de flat. En besloot op zoek te gaan naar een taxi. ‘Heb jij je paspoort bij je? Ja?, oke. Hier heb je drie filmrolletjes, op dit adres in Parijs afleveren, daar kan je afrekenen’. En de chauffeur ging op weg. Een ritje van 800 gulden. Later hoorde ik dat hij om tien voor acht de films afleverde. Net op tijd.


Vroeger had je als fotograaf ondanks alles toch wel meer toegang dan tegenwoordig. Bij een grote brand op een schip in de Rotterdamse haven kon je nog gewoon de werf op. Dat zou tegenwoordig echt niet meer lukken.Op de RDM werf op Heijplaat werd een onderzeeboot gebouwd. Hartstikke geheim natuurlijk. De werf was zwaar beveiligd. Niemand erop en niemand eraf zonder checks. Totdat er brand ontstond op de duikboot. Tussen twee brandweerwagens in reed ik het terrein op. Ja, mijn auto’s hadden altijd maar drie eisen, moesten gas kunnen geven, remmen, en brandweerrood zijn. Ik kon een foto maken, werd in mijn kraag gepakt en met dezelfde vaart weer van het terrein afgegooid. Maar ik had ‘m wel. Niet dat er veel te zien was, zelfs geen rook. Ook hier was Paul Stolk me trouwens ook te slim af. Hij had niet meer dan ik maar hij had gewoon een bootje van de roeiers gecharterd en fotografeerde de duikboot vanaf de waterkant.


Soms had je mensen die er allemaal geen zin meer in hadden en op de overweg gingen staan. Tragisch natuurlijk. Maar als fotograaf moest je toch een foto maken. Al waren het maar hardwerkende ambulanciers of brandweerlieden. Verder mocht je natuurlijk ook niet te veel ellende en bloed zien want lezers vonden dat niet prettig. Op de Joppelaan in Schiedam was het weer eens prijs. Vlakbij in Delft zat toen het gekkenhuis Sint Joris, tegenwoordig de ‘Psychiatrische Inrichting’. De Joppelaan was afgesloten maar ik mocht doorlopen. Ik sloeg om de hoek bij de politieauto op de overweg en kon nog net over een los hoofd heen stappen. Agenten lachen. Ja achteraf kom je er dan achter dat dat hun manier was om zélf over dit soort trauma’s heen te komen. Ik ben altijd van mening geweest dat wát je hulpverleners ook betaalt , het zal altijd te weinig zijn. Sommige dingen krijg je nooit meer van je netvlies. Tegenwoordig hebben ze gelukkig  BOT Teams bij de hulpverlening. (BedrijfsOpvangTeams. ) Ferry, hoe heb je dit altijd volgehouden. Ik hoefde alleen maar foto’s te maken met een telelens. Jij moest de troep opruimen. Respect. Geniet van je pensioen gozert.


Ik heb in mijn leven 1 jaar een baan/werkgever gehad. Ik werkte net een week bij Fotobureau Cor Vos toen in Moerdijk in een gierende storm een Fokker naar beneden kwam en in de spoordijk dook. Net na zonsondergang kwam ik aan en kon er niks meer. De volgende ochtend ging ik samen met Ed Oudenaarden terug en sluipend door droge sloten kwamen we bij een huisje binnen de afzetting aan waar we een bovenraam mochten gebruiken. We hadden de eerste foto’s maar kwamen helaas 5 minuten te laat bij het Vrije Volk aan. De krant draaide al. Maar ook daar leer je van.


Oud medewerker Dennes van der Wel had het wel gezien als fotograaf en na een aantal jaren ging ie zelf zijn vliegbrevet halen. Nu moeten piloten van kleine vliegtuigen verplicht elke twee jaar, in het laatste jaar 12 vlieguren maken anders raken ze hun brevet kwijt. Dan vliegen ze meestal gratis op rondvluchtjes zodat ze maar uren maken zonder dat het ze geld kost. Dennes nam een vliegtuigje over van een andere piloot en vroeg nog: ‘Is ie volgetankt?’ en ging akkoord met het antwoord ‘Ja’. De brandstofmeter scheen het al jaren niet meer te doen dus hij ging af op zijn collega. Het vluchtje ging gelukkig richting Maasvlakte en toen daar de motor begon te sputteren kon Dennes hem netjes op het autostrand van Oostvoorne landen. Omstanders hadden echter de noodlanding gezien en de brandweer kwam in grote getale naar het strand. Niks aan de hand. Het werd nog wel een dingetje met de Rijksluchtvaartdienst die onderzoek kwam doen. Ze hadden gelukkig een jerrycannetje brandstof bij zich dus hij kon ook weer gewoon opstijgen van het strand en terugvliegen naar Zestienhoven. Kan je toch zeggen dat je op plekken bent geland waar nog nooit een vliegtuig geweest is ;-) Maar de les was hier: nooit op een ander afgaan, alles zelf checken.


Veronika Muijs was precies op deze dag bij ons begonnen als administratief medewerkster. En na een uur reden we met stevige snelheid naar Hoek van Holland waar een Stena schip door een harde windstoot of een verkeerde manoeuvre zijn sleepboot had omgetrokken. Nou maak je bij een incident als dit vaak maar een paar verschillende foto’s terwijl twee kranten van ons verschillende foto’s wilden hebben. Niets zo vervelend als twee kranten met dezelfde voorpaginafoto. Ik duwde Veronika een camera met een telelens in haar handen en zei: ‘Daarop richten en schieten’. En ik rende zelf met een groothoeklens naar de boot van de reddingsbrigade. Zo hadden beide kranten iets verschillends. Je klanten tevreden houden. En Veronika dacht: ‘Ik was er toch voor de administratie….. Als dat elke dag zo gaat’ ;-)


Camera’s . Als ik zo door mijn archief heen loop denk ik wel eens: wat maakte ik vroeger soms baggerfoto’s. In de tijd dat we nog filmpjes ontwikkelden kon je pas zien of iets echt gelukt was als je het negatief zag. Tegenwoordig met digitaal wordt er zoveel gefotografeerd dat er altijd wel iets bruikbaars tussen zit. Het vak is ook niet zo leuk meer. Iedereen denkt dat ze het kunnen. Toen ik het (ex) vriendje van een medewerkster ‘s-avonds aan de lijn kreeg dat hij bij het lopen van zijn beveiligingsronde een zware klap op de spoorlijn had gehoord ging ik op weg naar Barendrecht. Daar hebben ze allemaal vrijwillige brandweerlieden dus die hebben een paar minuten meer tijd nodig omdat ze van huis eerst naar de kazerne moeten  Ik kwam samen met de brandweercommandant onder het viaduct aan waar het gebeurd was. Een frontale treincrash met gigantische schade. Maar ook stikdonker. Ik had net die dag een  nieuw model camera gekregen en wilde hem uitproberen. De wrakken werden alleen verlicht door de zaklamp van de brandweerman maar het beeld was gigantisch.  Ik kon snel weer weg maar voor de brandweer werd het een lange klus. Sommige hobbyfotografen dachten vroeger dat als ze de nieuwste apparatuur hadden dat het wel  goed kwam. Nee,  natuurlijk niet. Je moet ook wel weten wát je doet. Maar met deze kwaliteit camera’s werd onze wereld wel snel heel anders. Ik heb me er allang bij neergelegd dat nieuwsfoto’s steeds meer gemaakt zouden gaan worden door toevallige voorbijgangers met hun mobiele telefoon. En inderdaad. Een beetje iPhone doet het tegenwoordig beter dan een camera van 10 jaar terug. Het vak gaat kapot.


Politie Rotterdam-Rijnmond heeft een heel bataljon persvoorlichters. Die afdeling is van ik denk 5 mensen in 1980 intussen gegroeid naar 17.  Vroeger allemaal mannen, tegenwoordig allemaal dames. Of ze iets kunnen maakt niet uit, als ze maar een opleiding communicatie hebben gehad. En als je 1 ding op de opleiding communicatie níet leert dan is het…. communiceren. Maar de oude garde sloeg de plank ook wel eens mis. Meestal kwamen ze vanzelf en hoefde je niet te bellen. Voormalig journalist Anne Geelof belde je gewoon op als er iets was en dook daarna zijn auto in en als Jelle Egas piket had was ie vaak eerder ter plaatse dan dat ik er was. En hij woonde in Amsterdám ! Hans Stoop was als voorlichter-politieman nog de enige met een rang terwijl de rest allemaal burgerpersoneel was. Politiemensen op straat trokken zich over het algemeen niets aan van persvoorlichters zonder rang. Als Hans kwam kreeg ie veel meer voor elkaar.  Vroegûh dan. Tegenwoordig is dat wel verbeterd. En Ger de Jong, ach, wat zal ik zeggen. ( hier links, rechts Huub Veeneman, ook een topper)Ger, hij kwam soms wat langzaam op gang. Toen er twee trams op elkaar klapten op de Vierambachtsstraat was er geen voorlichter te vinden.Ik belde Ger die op het bureau zat: ‘Ger, je moet hier heen komen want er staan twee trams op elkaar’. Ger: ‘Nee joh, er is niks aan de hand. Klein botsinkje.’ Ik: ‘Ger, je moet hier heen komen, de gewonden liggen in bosjes op de stoep’. En nog had ie geen zin om te komen. Pas na een uur of wat kwam ie opdagen en moest toen toch wel toegeven dat ie het onderschat had.


Ger kon trouwens ook heel snel zijn. Toen C2000 eraan kwam en wij dreigden niks meer te horen over de mobilofoon gingen Willem Duivestein, Paul Stolk, Pim Korver en ik om tafel met Ger. ‘Ger, hoe gaan we dat nou doen na de overgang naar C2000?’ . ; Ja jongens, wat willen jullie dan?’ ‘Nou , gewaarschuwd worden bij moord, doodslag, scheepsrampen, vliegtuigongevallen, treinongelukken, zware aanrijdingen, demonstraties, nucleaire bedreigingen, gifwolken, grote branden, ontsnapte apen, ingestorte viaducten etc etc. Dat is toch wel duidelijk Ger, jij draait toch ook al een paar jaar mee’. ‘Ja maar hoe dan?’ ‘Nou Ger, de brandweer alarmeert hun vrijwilligers met de brandweerpieper. Gewoon een nieuwe code maken voor ‘Persalarm’ en dan jullie systeem koppelen aan het meldkamersysteem van de brandweer’. Dat bleek trouwens gewoon al te bestaan en gekoppeld. ‘Want Ger, anders moeten we je elke vijf minuten bellen Ger. Ger is er  nog wat? Niet Ger, oke Ger, tot over vijf minuten Ger. Vierentwintig uur per dag Ger.’ Nou, Ger zag de bui al hangen en een week later was alles voor elkaar. We konden nog een tijdje meeluisteren en merkten dat wij het alarm soms al eerder binnenkregen dan dat de politieauto op straat opgeroepen werd. Mooi , dachten wij. Maar de aanvullende informatie gingen we wel missen. Op de scanner hoorden we of en hoeveel gewonden er waren. Of dat die enorme botsing die gemeld werd gewoon een klein deukje was. Dat was echt een zorg. Totdat Willem Duivestein, de SBS6 cameraman, tegen mij zegt: ‘Jij hebt verstand van radiotechniek hè?’ Ja , dat had ik wel, MTS electro en in 1977 kon ik van een leuke prijs in de staatsloterij mijn eerste computertje al kopen, een TRS80 met 4k geheugen. Willem was erachter gekomen dat de TomTom van de politieauto’s al vanuit de meldkamer geprogrammeerd werd zodat de dienders geen tijd kwijt waren om te zoeken waar ze moesten zijn. En Willem wist ook dat dat níet via C2000 gebeurde. Dus wij gingen samen op zoek naar de frequentie waar dat op gebeurde in de hoop dat we konden detecteren dat er drie of meer auto’s naar hetzelfde adres werden gestuurd, niet zijnde de binnenplaats van het politiebureau, want daar moest dan iets aan de hand zijn. En die frequenties vonden we. En we zagen niet alleen de melding maar het hele kladblok van de meldkamerman/vrouw : ‘Uitslaande brand op de Brielselaan, ladderwagen van de brandweer is onderweg, aan de achterkant hangen nog drie mensen op het balkon’. Gouden, onmisbare extra informatie. Nou hadden die zenders maar een beperkt bereik maar met een paar collega’s in de regio die allemaal een scannertje op die frequenties afstemden en die data naar mijn server stuurden kon ik er een kopie van het meldkamersysteem van maken. We wisten alles. Op de Coolhaven werd een krokodil gezien, het was een opgezette maar toch. De politiemensen vroegen zich af hoe wij dat in godsnaam konden weten want we konden toch niet meer meeluisteren ? Totdat Fred Pruim, chef van de Rotterdamse Telegraaf redactie een ‘opening voorpagina’ had: ‘Politie laat netwerk open staan’. Klootzak. Ja, binnen 10 minuten hadden ze het netwerk op slot gezet. Maar Fred bleef nog maandenlang bellen ‘Of we nog iets op het schermpje konden zien? ‘  Nee Fred, dat heb je zelf vernacheld. Beetje heel erg dom, om die bekende Argentijnse nog maar eens te citeren. Alles verziekt voor een eenmalige primeur.


Bij Papendrecht reed een keer een oude Zwitserse postbus in de sloot. Ik hoorde over de scanner dat het een huwelijksfeestje was . Maar ja, Papendrecht, toch gauw drie kwartier rijden. Toch de gok genomen. De bus lag er nog maar het hele gezelschap zat er ook nog in. Het net getrouwde stel en alle gasten mochten opdrogen in het plaatselijke buurthuis.


De Spijkenisserbrug was eens het decor van een paar hele rare aanrijdingen. De bomen waren open maar de brug ging ook open. De eerste auto’s knalden tegen de zijkant van het beweegbare deel aan. Nog mazzel want een halve meter verder en de bestuurder zou zijn onthoofd, nog iets verder en ze zouden onder het brugdek in de Oude Maas terecht zijn gekomen.


Op de smalle dijk van Maasdijk naar Hoek van Holland raakte eens een vrachtwagen met vis van de dijk. Grote ravage. Op weg naar de Hoek reed ik bij het kleine kasteeltje op de dijk achterop een muurvast staande file. Dan maar onder de dijk. Ik kwam zo gemakkelijk bij de ravage en parkeerde mijn auto in het gras. Na anderhalf uur kwam ik terug bij mijn auto en er zat een prent achter de voorruit. Toch maar even terug de dijk opgelopen want ik wilde de verbalisant wel eens spreken. Er lag niet voor niets een perskaart achter mijn voorruit. Maar niemand voelde de behoefte om zich te verantwoorden. Ook goed. Dan gaan we naar de rechter.  Ik moest nog wel even uitzoeken wat ik nou precies gedaan had. Dat bleek gezien de code op de prent: ‘Het negeren van een inrijverbod, behalve bestemmingsverkeer.’ Nou, ik dacht dat ik wel bestemmingsverkeer was. Toch? Een paar maanden later kom ik bij de kantonrechter in Delft. ‘Goedemorgen Edelachtbare’ zei ik toen ik de zittingszaal binnenkwam tegen de rechter, officier van justitie en de griffier.  ‘Nou zegt u het maar meneer Dijkstra’ zei de rechter. ‘Edelachtbare, ik ben persfotograaf en in bezit van de Landelijke PolitiePerskaart. Alstublieft, hier heeft u productie 1.’ Ja, ik had goed opgelet bij mijn advocaat want bewijsstukken heten producties. ‘Zooo’ zei de rechter, ‘Is dit nu een perskaart?’ en hij schoof hem door naar de OVJ. ‘Ik was op weg naar een zeer zware aanrijding in Maasdijk, hier heeft u productie 2. ‘ en ik gaf hem een afdruk van onderstaande foto. ‘Zooo, dat is een ernstige deuk’ zei de rechter en hij schoof de afdruk ook door naar de OVJ. ‘Meneer de Officier, vertelt u het maar’. Nou die arme OVJ kreeg precies 30 seconden voor de rechter zei: ‘Meneer de OVJ, stopt u maar. Mijnheer Dijkstra, ik doe gelijk uitspraak. Deze overtreding is niet begaan, u krijgt uw 60 gulden borg terug en ik veroordeel het Openbaar Ministerie tot het aan u betalen van 100 gulden schadevergoeding wegens de u toegebrachte overlast.’ Yessss…. Ik ging uiteraard jodelend de rechtbank uit. Intussen ben ik er ook achter dat je zelf bepaalt of je bestemmingsverkeer bent. Altijd. Als jij vindt dat je er moet zijn, desnoods om te pissen, dan ben je bestemmingsverkeer. Best handig om te weten. Van elke 10 bekeuringen die ik kreeg stuurde ik er 8 terug, er mankeerde altijd wel wat aan. En die twee die over bleven, ach, collateral damage.


Ik kwam natuurlijk vaak dezelfde mensen tegen van brandweer of politie. En na afloop namen we altijd afscheid met ’tot vannacht’ . Want sommige shifts zag je nooit. Daar gebeurde nooit wat tijdens hun dienst.Zo ook bij deze aanrijding op het Kleinpolderplein die de hele weg blokkeerde.Maar ‘s-nachts was het bal. Bij houthandel Abraham van Stolk , hemelsbreed tweehonderd meter verder dan die aanrijding brak na middernacht een enorme fik uit, zo erg dat de politie vol werd opgeschaald omdat de gevangenis de Schie ontruimd zou moeten gaan worden vanwege de rook die door de ventilatie naar binnen werd gezogen. De gevangenen zaten hoestend en proestend binnen. Dan kan je natuurlijk niet een paar RET bussen laten komen en de gevangenen opvangen in het buurthuis. Gelukkig draaide de wind en werd er niet ontruimd. Het hout brandde nog dagen .


Op de Vlaardingse Westhavenkade brak ooit brand uit in een restauratiegarage waar heel wat oude auto’s stonden. Door de hoeveelheden brandstof die in die auto’s zaten greep de brand snel om zich heen. Buurman Chou met zijn Chinese restaurant vreesde overslag. Terwijl de brandweer nog in de voertuigen moest stappen hoor ik mijn beste vriend brandweerman Dirk-Jan de boot van de Havendienst antwoorden: ‘Zullen wij alvast beginnen’ zei de RPA. ‘Ja doe maar’ zei DJ, ‘Jullie zien het het best, wij zijn nog onderweg’. En er werd een waterkanon opgestart die 1 kuub water per drie seconden naar binnen joeg. Desalniettemin duurde het nog lang voor het vuur uit was. Alle oldtimers waren total loss. :-(


Over ‘warme’ fikkies gesproken. Op de Fokkerstraat brak eens brand uit in een opslag van pallets, pal onder de hoogspanningsmasten van Schiedam naar Delft. Welke idioot bij de gemeente had dat bedrijf toestemming gegeven zich onder de hoogspanningsleidingen te vestigen. De brand was zo heet dat de armen van de masten langzaam smolten. En de kabels waar weet ik hoeveel kilovolt op zou staan zouden dan op de grond vallen. De koplampen van de ladderwagen bleken na afloop gesmolten en de rode verf was van de motorkap gebladderd. Wat zit er een hitte in brandende pallets.


Oudjaar 1993 was een rare nacht. Sowieso was oudjaar altijd hard werken want tussen 1 minuut voor 12 tot hooguit een halfuurtje later moest ik voor het Rotterdams Nieuwsblad 3 verschillende foto’s maken in Vlaardingen, Schiedam en Maassluis. En intussen alle idioten omzeilen die midden op de straat vuurpijlen in flessen afstaken. Gelukkig was het vuurwerk nog niet zo erg als die bommen van tegenwoordig. Het was zware mist, niet alleen door het vuurwerk. En er kwam een melding van een aanrijding met een vrachtwagen bij de Beneluxtunnel. Terwijl ik de snelweg opreed kwam er nog een melding van een in brand staand tuinhuisje op het oude Moermanterrein. Langzaam rijdend door de mist keek ik toch een beetje naar rechts waar dat tuinhuisje zou branden. Ja inderdaad. Maar honderd meter verder reed ik een heel verlichtte koepel in de mist in. En in het midden staan drie auto’s volledig in de brand. Ik belde snel met de Vlaardingse brandweer, ‘Jongens, laat dat tuinhuisje maar fikken en kom naar de Rijksweg’. Heel bizar. Er zaten een paar kinderen achter in een van de auto’s die in brand stonden maar die waren door de aanrijding onder de voorstoelen klem komen te zitten. En het vuur was te heet om de deuren te openen die overigens ook beschadigd waren en niet meer open konden. De auto’s zijn later op een oplegger naar de binnenplaats van de brandweer gereden waar de stoffelijke overschotten  uit de wrakken konden worden gezaagd. Ik heb daarna een gruwelijke hekel aan mist gekregen :-(


Ja echt, je kan verdwijnen tijdens je werk en ze vinden nooit meer iets van je terug. Een werknemer van de Schiedamse plantsoenendienst was aan het schoffelen aan de Voorhaven waar hij in een loze ruimte achter de kadewand zakte. Gelukkig was zijn maatje hem na verloop van tijd kwijt en hoorde hij heel zacht gillen tussen de struiken. Hij was echt drie of vier meter naar beneden gezakt. De brandweer kon hem er na lange tijd uithalen.


Een dronken droppie was eens op het veel te dunne ijs aan de Vlaardingse Oosthavenkade gestapt en stond daar te zingen. Omstanders trokken hem naar de kant maar daar ging het hele gezelschap door het ijs. Alcohol. Tja… Voor hetzelfde geld kom je onder het ijs en ga  je hemelen.


Knooppunt Ridderster was nog in aanbouw en toen kwam een melding van een ingestort viaduct. Bij het beton storten was iets niet goed gegaan en de hele bekisting was scheefgezakt, het beton eruit gevallen, en de mensen die er boven op stonden ook. Twee dodelijke slachtoffers en een man die het overleefd had maar zoveel beton over zich heen had gehad dat ie bijna een standbeeld was geworden.


Paardrijders zijn een apart volk. Na een melding van een paard die in een mestput gevallen was reed ik achter de brandweer aan, het zou vast wel een mooi plaatje van een reddingsactie opleveren. Nou, daar waren de mensen van de manege niet van gediend. Met stevig duwen werd ik verwijderd. Maar de brandweermensen zeiden tegen de paardenmensen: ‘Als jullie die fotograaf niet met rust laten gaan wij ook weer weg’. Een plaat als dit geeft ons wat reclame want de gemeenteraad wil weer bezuinigen op de Brandweer. Zo zien ze tenminste wat we doen. Ik werd verder met rust gelaten ;-)


Slangen. Je denkt dat die beesten alleen in warme landen leven maar ik heb er in Nederland meer gezien dan me lief is. Ik heb echt een rot hekel aan die beesten. In Afrika ben ik er twee keer op gaan staan, een keer een pofadder (Google maar eens op wat voor een wonden die beesten veroorzaken, en ik was een paar honderd kilometer van de dichtstbijzijnde dokters post vandaan) en een keer op een groene mamba. De bijnaam van dat beest is: the one sigarette snake. Ofwel: na een beet heb je nog tijd voor één sigaret en daarna ben je dood. Gelukkig allebei de keren niet gebeten. Oh ja, toen ik in Australie door een gat in een heg liep stond ik ook bijna op een slang. Volgens de camping eigenaar was dat de huisslang. Die deed geen kwaad zei ie. Nou, toch liever niet. Anyhow. In de jaren tachtig hoorde ik een melding ‘Schaeperlaan in Schiedam, daar ligt een Boa constrictor achter de tv’. De onverschrokken diender Kees Gunneweg komt even later met een dikke slang weer uit de flat. En toen wilde ik nog even een foto maken. ‘Schiet je wel op want ik hou hem niet meer’. Klik. En ze stapten in de surveillance auto, met gillende sirenes op weg naar Blijdorp. Ontsnapt dat beest halverwege. Ik heb nog nooit zo snel twee dienders uit een auto zien  komen ;-)Nog geen paar weken later zien bewoners een slang in de achtertuin, ook in Schiedam. Met een hark en een visnetje wordt ie in een vuilnisbak gewerkt. En de grootte werd nog even aangegeven. ‘Ja schat, ik heb zooo’n grote vis gevangen.’ Visserstaal ;-)  En een dag later hoor ik over de mobilofoon: ‘Bel Dijkstra even, we hebben een slang hier op het bureau’. Ik weer laagvliegend naar de Lange Nieuwstraat. Op de binnenplaats weer een vuilnisbak, die gaat open …. en er komt een tuinslang uit. Geintje ;-)

Maar ook daarna kwam het nog regelmatig voor. Altijd in Schiedam, dat wel. Er zaten er soms tussen waarvan ze zelfs in Blijdorp in de boeken moesten zoeken om te kijken of ie giftig is. Intussen weet ik wel dat alle ‘sidewinders’, slangen die opzij bewegen ipv naar voren altíjd giftig zijn.Nou, vooruit, nog een dan. In Maassluis. Op de laan 40-45 waren wat plantsoen medewerkers aan het schoffelen en die zagen een slang in het gras. En ik kwam daar net voorbij. Dan de brandweer maar even bellen die met scheppen ging graven waar ie verdwenen was. Ze wilden ons eerst niet geloven maar even later kwam er toch een rode rattenslang tevoorschijn. Niet giftig, zeggen ze. Maar ze kunnen vast gemeen bijten.


In een gierende storm was er weer eens iets losgeslagen op de Maas. Op Heijplaat was een drijvende kraan wat slordig vastgemaakt en die dreef onbemand naar het noordoosten. Gelijk kwamen er sleepboten en havendienstboten op af maar toch dreef ie verder richting Vierhavensstraat. Echt een paar seconden voor ie op de Bartel Wiltonkade tegen de kant zou slaan en op de huizen zou omkiepen kwam er een duwboot, daar sprong een echte held over van de duwer naar het ponton en wist een kabel te leggen. Dit had heel anders af kunnen lopen.


De Vlaardingse politie kreeg in de jaren 80 als eerste gemeentepolitiekorps een nieuw uniform. Wijkagent Egbert van de Worp belde me met een tip om een foto te maken. Het wijkbureau zat toen niet op het (te kleine) hoofdbureau maar aan de overkant van het water aan de Broekweg. Waar ook de weekmarkt zat.
Dus, voor de foto liepen we over de markt waar alle vrouwen even moesten voelen. ‘Lekker stofje , was het antwoord’ ;-)Persvoorlichtster Christel wilde er met de eer vandoor gaan. Die kreeg complimenten van de commissaris dat ze het allemaal zo goed geregeld had. Wij wisten wel beter. Totdat ze het zelf in de krant las wist ze van niks. Bij een overval op de Rotterdamse Industrieweg belde ik haar een keer om nadere info. ‘Er is geen overval, Roel’. Nou, ik stond voor de deur, samen met wat dienstauto’s. En zij maar blijven ontkennen. Nou kan je als voorlichter zeggen: ‘Ik kan niks vertellen’ of ‘Ik mag niks vertellen’. ‘Ik weet het niet’ is al minder want het is je job om het te weten, maar liegen is dodelijk . Dat kan je 1x doen als voorlichter en dan is het over. Onbetrouwbaar. En toen ze bij de crash van het zweefvliegtuig in Rhoon het nuttiger vond om eerst een Engelse krant te woord te staan en geen tijd had voor het RD, tja, toen was het over.


Elke zaterdag moesten we wel ergens wat voetbalwedstrijden fotografen in het Waterweg gebied maar toen Capelle/Nieuwerkerk fotograaf Peter Molkenboer in het ziekenhuis lag moest ik naar het dames elftal van  Nieuwerkerk. Tijdens de wedstrijd hoorde ik steeds meer sirenes en omdat ik wel twee bruikbare foto’s had ging ik maar eens op het geluid af. En net bij het station zie ik 3 surveillance auto’s staan van …. Schiedam ? Ja dus. ‘Wat doen jullie hier?Twintig kilometer uit jullie gebied ?’ . Er bleek assistentie gevraagd te zijn door de Politie Hollands midden. Een half gesloopte trein met Ajax hooligans op weg naar de Kuip stond nu stil en de supporters stonden op de rails naast de trein. De machinist wilde zo niet meer verder. Daar sta je dan, 6 agenten en even later een hondenman. We rukten langzaam op naar de trein. Ik vraag toch een beetje benauwd aan de hondenman: ‘Wat doen we als ze hier heen komen?’ . Het antwoord was: ‘Jij gaat rennen en wij gaan schieten.’ Oeps…. Gelukkig deden die hooligans geen gekke dingen die dag. Dat liep een paar jaar eerder wel anders. Engelse supporters sloopten ook een trein maar die gasten zijn zo idioot dat ze zelfs naar de ME gingen schoppen. Of nog eerder, supporters die boven op een bus gingen zitten. Met die tram-bovenleidingen waar 400 volt op staat was dat niet zo handig. De ME moest ze eraf slaan.


Behalve voor de kranten werkten we ook voor een groot stockbureau, Sunshine. Daar konden we onze nieuwsfoto’s ook wel kwijt maar waar meer belangstelling voor was waren gewoon foto’s van ‘buitenlandse landschappen’ en ’toeristische bezienswaardigheden’. Die maakten we op dia en moesten op een enorme lichtbak beoordeeld worden en ingeraamd. Daar was ik mee bezig terwijl ik op de scanner achter me door een boel ruis heen hoorde ‘chgrrchchrrrstoring, Hoek van Holland,  chchgrrchhr GWK,  chchgrrchhrrr explosie’. Wat is daar aan de hand? Ik ben nog nooit zo snel in de Hoek geweest, 13 minuten. Dwars door alle rode lichten gereden en ik heb ook niet op mijn kilometerteller gelet. Bij het station Hoek van Holland bleek dat een idioot een zijmuur van het Grenswisselkantoor opgeblazen had en er met een groot geldbedrag vandoor was gegaan. Het leverde aparte plaatjes op. Het bleek later crimineel Eric Jan Quakkelstein te zijn. Over deja vu’s gesproken. Een paar jaar later, ik zit weer dia’s uit te zoeken, komt precies dezelfde melding. Flikt ie het weer. Ik weer laagvliegend naar de Hoek. En later doet ie het nog eens bij de GWK op Rotterdam Centraal. En toen ie gepakt was ontsnapte ie later weer uit bajes de Schie.


Grapje tussendoor. Wie ziet de fout? In de garage heeft iemand zitten slapen. ;-)


Uiteraard moeten arrestatieteams ook oefenen. In Vlaardingen werd de oude LTS aan de Deltaweg gesloopt en met vond het een uitstekende locatie om een leuke actie op te zetten. De ene helft van de AT-ers speelde boef en de anderen zichzelf. Er was al een gerucht dat het hele stuk van de wijk aan de Maas onbereikbaar zou zijn. Ik wist me er toch doorheen te lullen en besloot om eens bij het Unilever Lab te gaan vragen of ik het dak mocht gebruiken. Ik vroeg bij de balie of er iemand van de persvoorlichting was maar dat hoefde niet. Naast de portier stond het hoofd beveiliging die een mega chagrijnig humeur had omdat ie een half uur tevoren had gehoord dat zijn bedrijf anderhalve dag onbereikbaar zou zijn. Ingaande : Nu. ‘Loop maar mee’ zei ie en we gingen met de lift naar het dak. Mooie actie gefotografeerd. Als James Bond fan denk je : Als je het rode lampje ziet, dan ben je te laat.  Ik weet nu dat je er twee ziet ;-)


De telefoon ging. Kolere, half zes…. Ik nam op en hoorde…… waai waai zoef zoef…. Botlektunnel…. terroristen…. zoef zoef waai waai…. Het was een maatje bij de politie die op de motor zat en met z’n telefoon voor zijn vizier mij probeerde te waarschuwen. Bij Hoogvliet aangekomen parkeerde ik mijn auto op de stoep bovenop het viaduct en zag ME busjes, legerauto’s en zwaar bewapende militairen voor de tunnel. Ik liep naar de snelweg en op het moment dat ik over de vangrail wilde stappen kreeg ik een machinegeweer in m’n nek. ‘Wegwezen!!’  ‘Ja maar ik heb een politieperskaart…’ ‘Wegwezen of ik houd je aan !’ Nou, hij keek zo bloedserieus dat ik snel riep ‘Ik ben al weg….’ En liep weer snel naar het viaduct. Ik had nog steeds geen flauw idee wat er aan de hand was. Ja, 9-11 was net achter de rug dus ik vermoedde dat er een dreigingsmelding bij de politie was binnengekomen. Het was overduidelijk geen oefening. We hadden al digitale camera’s waarvan de resolutie overigens niet te vergelijken was met wat camera’s tegenwoordig kunnen. Maar met mijn laptop op m’n motorkap wist ik binnen vijf minuten een paar hele lage resolutie foto’s naar de krant te krijgen. Voor de kenners: 145 kb, photoshop compressie 0. Hij stond paginabreed op de voorpagina die middag. En van die lage resolutie? Je zag er echt niks van.


Ik weet niet helemaal meer wat de oorzaak was maar als je een varken in beslag neemt en in het bureau laat….. dat is vragen om shit ;-) Bedankt nog voor het belletje Niels ;-)


Dieren zorgden trouwens voor veel meldingen in de jaren 80. Een uit het slachthuis ontsnapte stier rende in de Gravenlandsepolder een bedrijfsterrein op waar olievaten opgestapeld stonden en zette overal zijn hoorns in, ook de zijkant van de politiebus. Er was geen andere oplossing dan zo snel mogelijk het dier afschieten maar door een hek heen schieten is mogelijk niet zo verstandig als je een spijl raakt. Uiteindelijk ging ie zonder verdere ongelukken toch naar het slachthuis.


Bij een brand in een Kralingse middelbare school redde een brigadier de schildpad uit het terrarium. Dan is een leuke grap natuurlijk even doen of het een broodje hamburger is. Totdat de schildpad in je vinger bijt ;-)


Op 18  mei 2007, de dag na Hemelvaartsdag kreeg ik een tip dat er iets in Blijdorp was ontsnapt. Ik liep zelf in Giethoorn, toeristische plaatjes te maken, en belde naar kantoor. ‘Fred, als een speer op de motor naar Blijdorp. Er is iets ontsnapt, geen flauw idee wat.’ Toen Fred bij Blijdorp kwam werd de dierentuin net ontruimd. Hij zag een vrouw naar buiten komen met een camera om haar nek. ‘Weet jij wat er gebeurd is?’. Er bleek een gorilla, Bokito, te zijn ontsnapt.‘Heb jij het gezien?’ vroeg Fred, en toen het antwoord ja was vroeg hij: ‘Heb je ook foto’s?’ ‘Ja’, en de vrouw begon op haar camera te bladeren. Er stonden wat andere fotografen omheen en die zag je denken , ‘Bewogen, te ver weg, niet scherp’, Dat gaan wij zo meteen wel beter doen. Maar niemand kwam natuurlijk Blijdorp meer in, behalve die brigadier met die karabijn die Bokito moest omleggen. Fred zei: ‘Die willen wij wel voor de Telegraaf hebben. ‘ en begon met mij te bellen. Bij het horen wat de Telegraaf bood hoorde ik haar twijfelen door de telefoon dus ik zei: ‘Dat is alleen voor Nederland, in het buitenland gaan we er op 50/50 basis nog wat voor je proberen bij te verdienen’. Fred kreeg het opslagkaartje van haar en scheurde naar kantoor. Ja. Wat zal ik zeggen. Je bent een volwassen gorilla van geslachtsrijpe leeftijd. En drie of vier keer in de week komt een vrouwtje door je raam handjes geven en kusjes geven…. En dan ben je een keer in je buitenverblijf en dan zie je haar lopen. Ze hebben je verteld dat je 2 meter water eng vindt dus de gracht is 3.5 meter breed en er is ook nog schrikdraad. Maar hij nam een aanloop. Greep de vrouw, beet haar 60 keer , sleurde haar over het pad, scheurde haar kleren van haar lijf… Ik was een dag later bij haar in het ziekenhuis, het zag er verschrikkelijk uit. En toch, ik had 1 vraag, maar ik durfde hem niet te stellen…..De aap werd door die brigadier uitgeschakeld met een verdovingsgeweer en werd volgens zeggen even later in een kruiwagen teruggebracht naar zijn verblijf. Er waren agenten die daar foto’s van maakten met hun telefoon maar er kwam een decreet van de hoofdcommissaris: Wie een foto naar buiten bracht zou ontslagen worden. Ik heb er inderdaad nooit een foto van gezien.

De zondag een week later haalde een verzekeraar een leuke stunt uit. Blijdorp had verteld dat de aanval kwam omdat mensen de gorilla zichtbaar aankeken en daar kon ie niet tegen. Studenten deelden ongezien door het personeel Bokito brilletjes uit aan bezoekers. De ogen daarvan keken omhoog maar door een klein gaatje in het midden kon je gewoon recht vooruit kijken. Ondanks alles was het toch reclame voor Blijdorp. De hele wereld wist plotseling hoe de Rotterdam Zoo echt heette. Mevrouw de Horde heeft schadevergoeding gekregen en in 2023 is Bokito plotseling overleden.


Op de Oude Maasweg rolde een tankauto eens op zijn zij en kwam zo op een personenauto terecht. Het hele circus aan brandweer en politie kwam op gang en uiteraard was ik er ook. En dat werd herrie met de politie. Een agent ging me te lijf en ik werd weer eens aangehouden en in het busje gestopt. Bij het rollebollen brak de flitser van mijn camera af.  Na een half uur of zo hadden ze 100 meter van de aanrijding af een lintje tussen twee bomen gespannen en daar moest ik achter gaan staan. Niet dus. Thuis gekomen heb ik nog snel een foto doorgestuurd naar wat kranten. De volgende dag belde de voorlichter van de regio me op en hij wilde met de baas van de agent even langskomen. Om verontschuldigingen aan te bieden. Nou, daar doe ik dan niet moeilijk over. Ik vroeg bij de koffie met koek toch nog eens even wat de reden was van die agent om zo uit zijn stekker te gaan. Meestal vonden ze dat ze censuur moesten plegen omdat wij dan ‘vieze dingen’ fotografeerden. Lijken en zo. Ze meenden dan te moeten voorkomen dat de familieleden in de krant moesten zien wat er met de slachtoffers gebeurd was. Terwijl ónze ervaring juist was dat familieleden gráág foto’s wilden zien omdat ze juist wílden weten hoe het gebeurde. De volgende dag stond de foto in het Reformatorisch Dagblad. Behoudende krant dus,…. zo erg kon mijn foto nooit geweest zijn. De reden van déze agent was nogal apart. Hij had last van mijn flitslicht. Jaja,… vijf brandweerauto’s, drie ambulances en vijf politieauto’s eromheen. Allemaal met zwaailicht. En dan had ie last van mijn flitser. Onzin dus. En de voorlichter kwam eigenlijk alleen het adres brengen waar de reparatierekening heen moest.


In de jaren 80 was het een beetje folklore aan het worden. Bij het terugzetten van de zomertijd was het natuurlijk een uurtje eerder donker en de hangjeugd uit Vlaardingen en Schiedam begon zich dan te vervelen en gingen tegen elkaar vechten op de Busbaan tussen de beide steden. Zo ongeveer op de plek waar nu de Ketheltunnel ligt. Het kostte de politie veel tijd, en ons als pers ook. Je ging toch elke avond even kijken want het bleef niet bij stenen gooien. Er sneuvelde ruiten en de bus moest ook een andere route nemen.  Op een avond werden alle ruiten van een politieburgerauto ingegooid en toen was de maat vol bij hoofdinspecteur Gijs Bierling. Uitgerekend op een avond dat ik niet kon gaan kijken kwam er een enorme politie-inzet met geleende open ME jeeps zoals ze die in den Haag hadden. Vier politiemensen in de achterbak met lange knuppels en die mochten vrolijk om zich heen slaan. Collega Paul Stolk die er tussen liep werd knock-out geslagen door een Schiedamse agent die niet zag dat Paul fotograaf was. Ik heb de agent en Paul later nog wel eens aan elkaar voorgesteld, ze hebben er nog lang om gelachen. Na die avond was het trouwens voor altijd over met de rellen.


Met jaarlijks nogal wat kilometers op de teller kom je ook zelf nog wel eens ergens langs. Laten we eerlijk zijn, hier ligt toch een lijk in het water zou je denken. 112 gebeld…. Dan komt de politie en blijkt het een in het water gevallen vogelverschrikker. Tja…


Bart, de andere zoon van vriend Dirk-Jan, wilde wel poseren voor een foto in een boek voor de opleiding aan de politieschool. Verhoor in een politiecel.  Lachen toch, totdat hij zelf die opleiding ging doen en er op dag 1 een boek bij iedereen op zijn bureau lag met deze foto als voorpagina….. BART !!!! ??? JIJ ??Crimineel ;-)


Vrijdagavond, ik wil net naar de Appie in het centrum als de pieper afgaat met een melding ‘Iemand bekneld in Hoek van Holland’. Stuur om en richting Rijksweg. En net voordat ik de weg op draai hoor ik ‘Slachtoffer bevrijd’. Dan toch maar naar de Appie. Daar kreeg ik de volgende dag erg spijt van. Toen moest ik naar Hoek van Holland voor de intocht van Sinterklaas. Daar sprak ik de voorzitster van de Deelgemeenteraad die zei: ‘Wat een toestand gisteren hè met Mevrouw Toth’. Gelijk daarna sloeg ze dicht en besefte dat ze teveel had gezegd. Ik had nog steeds geen flauw idee. Toth was de vriendin van directeur Boonstra van Philips, dat wist ik wel. En die was regelmatig in het nieuws. Ik belde dezelfde zaterdag naar Jolande van de Graaf, de crime-verslaggeefster bij de Telegraaf. Die krijgt op een gigantische manier het hele verhaal compleet. De enige fout die ze maakte was: ze belde zondag om 12 uur ‘s-middags naar de politievoorlichting met de vraag haar verhaal te bevestigen. Had ze nou maar even gewacht tot 8 uur ‘s-avonds. Nu dacht de politie, als het toch al bekend is dan maken we maar een persbericht. Weg primeur…. Wat bleek, de echtgenote van Boonstra, Hansje Boonstra-Raatjes was ontvoerd door een crimineel en had haar in Hoek van Holland geboeid op een parkeerplaats uit haar auto gegooid. De auto werd een dag of wat later in Maassluis naast het station teruggevonden. De maandag erop moest ik met Jolande naar Antwerpen. Op zoek naar het ‘leven’ van Hansje. Modezaak in, modezaak uit. ‘Kent u Hansje Boonstra?’, en dan kwam er als antwoord: ‘Vast wel, maar heeft u misschien een foto van haar?’ En dat was Jolande vergeten. Dus ik vraag het faxnummer van de modezaak en bel naar de fotoredactie of ze asap een foto van Hansje uit het archief kunnen vissen en naar Antwerpen kunnen faxen.  Nou, dat duurde even en Jolande beende onrustig de winkel weer uit. Zonder foto. Dan maar op weg naar Brasschaat waar Boonstra woonde. Een mega villa in de bossen en we waren helaas niet de eerste. Jolande, eigenwijs als ze was, liep gewoon naar het hek en belde aan. Er komt een man naar de poort die plotseling zegt ‘Jolande ??’ Wat bleek, de huisbewaarder was haar oude paardrijleraar. Het hek ging open en tot stomme verbazing van het hele zooitje pers ging Jolande naar binnen en kwam anderhalf uur later met het complete verhaal naar buiten. Toch nog een primeur.  De ontvoering is nooit opgelost. Ik ben er van overtuigd dat bij de modezaken in Antwerpen informatie is blijven liggen. Maar als het uiteindelijk toch opgelost wordt dan gaat Jolande het doen.


Nog zo’n raadsel dat waarschijnlijk nooit opgelost gaat worden. Op een avond maakte de brandweer in Schiedam in een keer zeer groot alarm. Niet eerst klein of middelbrand maar in een keer het hele korps gealarmeerd. Novotel. Zooo daar moet dan echt iets aan de hand zijn. Van een afstand zag ik de vlammen al uit een kamer slaan en ik liep met de brandweer mee naar de achtertuin. De mensen van de hotelreceptie hadden het gelukkig te druk met andere dingen dan me weg te sturen. In de tuin zag ik dat de halve gevel eruit geslagen was. Ik liep met de chef recherche in de tuin rond. Hij was meestal blij dat ik er eerder was dan zijn forensische opsporing fotograaf en dus vaker foto’s van me kreeg waar te zien was hoe iets was begonnen. Ik kreeg dus soms wat ruimte op PD’s. Het hele interieur van de kamer lag in de tuin. Het kraakte onder mijn voeten. Totdat ik er achter kwam dat ik op losse onderdelen van een Bulgaarse terrorist stond die door een fout zichzelf waarschijnlijk opgeblazen had. Botjes dus. We zijn er nooit achter gekomen wat het echte doel van de geplande aanslag was. Mijn schoenen heb ik thuis gelijk weggegooid. 


In de jaren 80, een tijd met veel overlast van drugs in Rotterdam werden er nog wel eens ’tapijtlijken’ gevonden. Veel zelfs. Soms meerderen per week.  Doden, in een rol tapijt gerold en langs de stoeprand gelegd. Het bleken door een overdosis overleden junkies die hun portie drugs bij hun dealer gebruikten, daar overleden en door de dealers dan maar opgerold op straat werden achtergelaten. Probleem opgelost. Maar niet voor de recherche.


Die drugsoverlast was voor de politie op een bepaald ogenblik het startpunt van stevige acties. . Perron nul, een hangplek voor verslaafden bij Rotterdam Centraal was een magneet voor met name ook buitenlanders. In Spangen werd de overlast op een moment zo groot dat de bewoners de buurt blokkeerden zodra er Duitse, Belgische of Franse kentekens de wijk in wilden.De pers werd uitgenodigd voor een persconferentie op bureau Marconieplein. ‘En neem vooral je fotograaf mee’ werd door de persvoorlichters meegegeven. De 25 man pers werden na de persconferentie in vijf groepjes verdeeld en we gingen achter vijf ploegen politiemensen naar panden die bekend stonden als dealpanden. Daar aangekomen ging de deur eruit, stormden de politiemensen naar boven en wij mochten erachteraan.Ik was nog nooit in een junkenhol geweest. Voorzichtig lopend om niet in naalden te stappen probeerde ik zo veel mogelijk te fotograferen. De dagen daarna ging ik met twee politiemensen mee in een burgerauto. We stonden bij de Shell op de Maasboulevard. Daar wachten we op de eerste buitenlandse auto met jongeren erin en volgden we dan. Dan bleek er bij vluchtheuvels op de Maasboulevard en Boompjes types van Noord-Afrikaanse afkomst te staan die een beweging bij hun neus maakte alsof ze verkouden waren. Tja, ik kende dat geheime teken niet maar die junken wel. De auto stopte , de NATOS ( volgens de Amsterdamse persvoorlichtster Elly Lust: Noord-Afrikaanse Teringlijer op Sportschoenen) stapte in en we volgden ze tot ergens in een wijk. Waar aangebeld werd, de NATOS na vijf minuten met z’n bonus weer naar buiten kwam en de junkies een uur of anderhalf wegbleven. Die gebruikten kennelijk wat en als ze weer richting heimat reden werden ze drie straten verder soms met de hand op het pistool klemgereden. Op het bureau werden ze uitgekleed en tot in hun holnaad bekeken. Daar kwamen hele condooms gevuld met heroïne uit.  En ik mocht het allemaal fotograferen.  En de volgende ochtend stond het groot op de voorpagina. De volgende avond kwam ik weer op het bureau en daar stond een pisnijdige Officier van Justitie. ‘Was dat nou nodig?’ Mijn antwoord was: ‘Ja, ik denk dat het nuttig is dat de burger eens te zien krijgt wat de politie aan de overlast doet.’ De OVJ zei: ‘De burger weer heel goed wat de politie doet’. ‘Nou meneer de officier, gaat u maar weer terug naar uw ivoren toren in Wassenaar waar u woont want u heeft geeen idee.’  Maar hoe dan ook, ik mocht het bureau niet meer in.


Over de scanner klonk de melding dat er op het Afrikaanderplein in Rotterdam een kinderlijkje was gevonden. De recherche ging op onderzoek en het stoffelijk overschot ging een dag later per Goetzee, de Rotterdamse uitvaartondernemer, naar het NFI, het Forensisch instituut in Rijswijk. De chauffeur voelde echter dat hij gevolgd werd. Ik was op dat ogenblik met verslaggever Ernst Nordholt, de zoon van de Amsterdamse hoofdcommissaris Eric Nordholt op weg naar een melkstaking in Maasland. (Ja, aan de eettafel zullen in Amsterdam best wel vaak gesprekken zijn geweest die noch de ene noch de andere partij kon/mocht gebruiken). Boeren weigerden nog aan de melkfabriek te leveren in verband met de te lage prijzen en verkochten nu rechtstreeks van de koe. De melding over de scanner klonk paniekerig. We zijn bij Schiedam noord afgeslagen en naar de Harreweg gereden. Daar bleek de lijkwagen klemgereden en de kist met het lichaam ontvoerd. Later bleek dat de Pakistaanse familieleden niet wilden dat er in het lijkje werd gesneden.


Op de Spangensekade in Rotterdam werd eens een lijk gevonden in de achterbak van een auto. Aan twee kanten werd de kade afgesloten en vanaf de Aelbrechtskade aan de overkant zagen we niets. Wat nu: Ik ging halverwege de Mathenessedijk maar weer eens aanbellen met de vraag of ik een balkonnetje mocht lenen. Dat gaf me eersteklas uitzicht. Politie vond het niet leuk maar ja, dan moet je de fotografen wel de gelegenheid geven om iets anders te maken. Onlangs stond ie weer in de krant. Nu was het misdrijf eindelijk opgelost.


Bij kinderboerderij Holywood in Vlaardingen kwam een melding over wat vermoorde konijnen. Vier konijnen waren aan schoenveters opgehangen. Terwijl ik daar aankom trof ik een beheerder die behoorlijk uit zijn stekker ging. Kon ik me voorstellen. Maar ik had een voorstel voor hem, en een uitleg. Ik zei: ‘Laat me er een foto van maken. Die haalt gegarandeerd de krant. En er gaat thuis iemand enorm op zijn lazer krijgen want er is er gisteren een, of er zijn er misschien wel twee, thuisgekomen zonder veters in hun schoenen’. Het lost dit niet op maar het zorgt er wel voor dat het niet nog een keer gebeurt. En zo geschiede. De motoragent wilde wel even poseren.


Ella Achterberg, de vrouw van de Vlaardingse bottenchirurg B. werd vermoord aangetroffen op het fietspad langs de Vlaardingse Vaart. De recherche was bezig met het onderzoek maar het fietspad was aan twee kanten afgezet. Ook hier maar weer eens hier en daar aangebeld en ik mocht van een bewoner van de Goudkust hun achtertuin lenen. De politie toonde zich geamuseerd dat ik zo slim was. Er lag ook een bootje waar ik in klom en naar de overkant roeide. Toen klonk er hard ‘Dijkstra, tot daar. Geen stap op de kant’. Tuurlijk Ger, we gaan geen sporen vernielen. Ik wil alleen een foto. Later gingen er nog duikers in de vaart zoeken naar het wapen. Alleen…. de brandweer had daar geen tijd voor. Toen belde de politie naar collega-organisatie Koninklijke Marechaussee. Die weer belden naar de Duikers van de Genietroepen. Allemaal dus met gesloten beurzen. En dat was wel nodig want die gasten kregen, bovenop hun wedde (salaris) een toelage van 1 gulden per minuut per meter diepte. Dat ging in de papieren lopen. Maar nu niet meer voor de politie. Het wapen werd trouwens wel gevonden.


In Hoek van Holland werd in de duinen een lijk gevonden. Dat zag ik op het eerder genoemde geheime schermpje. Uiteraard was de politie weer uiterst verbaasd dat ik ’toevallig’ langskwam. De beruchte tattoo killers hadden Onno Kuut vermoord.  En als er niet een hond van een voorbijganger was aangeslagen was hij vermoedelijk nooit gevonden.


Af en toe doet de politie veel moeite om te zorgen dat omstanders niets kunnen zien. En wij dus ook niet. Oranje zeiltjes, politie- of brandweerauto’s precies tussen ons en het PD parkeren, ze verzinnen wel iets. Maar wat er soms gebeurt is ook niet te verzinnen. Bij het uit het water takelen van een auto uit de Rijnhaven net achter het nieuwe Luxor theater klapte de achterklep open en viel het daar verborgen lijk er nog net niet uit. Tja….


De meest gruwelijke foto die ik ooit maakte was het even gruwelijke misdrijf dat bekend werd als ‘het meisje van Nulde’. Een klein meisje werd mishandeld en vermoord. Delen van het lichaam werden gevonden bij het Strand Nulde in Gelderland, maar het hoofdje spoelde veel later aan op de kant van de Nieuwe Waterweg bij Hoek van Holland. Ik begrijp oprecht dat de politieman een tijdje in de ziektewet ging. De krant wilde de foto ook niet hebben. Alleen de Panorama plaatste hem. 


De politie protesteerde trouwens zelf ook wel eens. De salarissen werden te laag bevonden. Dus een optocht van protesterende dienders op de fiets ging door Schiedam. Voorop agent Ferry Lockhorst die bij een bevriende boer een gevulde mestwagen leende. Daar was de hoofdcommissaris niet blij mee en er werden wat ‘bedreigingen’ heen en weer gegooid. De mest werd er uiteindelijk bij de Buitenhaven uitgegooid. Het heeft nog lang gestonken in de wijk de Gorzen.  Surveillance op de fiets is ook niks nieuws, maar wel op de snelweg ;-)


Bij de vijfjaarlijkse demonstratie van Molukkers was het gegarandeerd bal. Ze hadden vergunning om van het Haagse Malieveld door de stad naar de Houtrust hallen te lopen. Maar zodra die gasten langs de tocht bij de ambassadewijk een Indonesische vlag zagen werd het ze zwart voor de ogen. Politieauto’s gingen ondersteboven en in de brand, ze gebruikten spuitbussen traangas tegen de politie en de ME moest soms in draf achter het waterkanon aan.  Een keer werden er langs de route tientallen auto’s van onschuldige bewoners vernield. Toen was ik het ook een beetje zat. Ik heb de Haagse recherche gebeld en gezegd dat ze mijn negatieven mochten lenen. Zolang ze maar nooit zouden vertellen van wie ze waren. Binnen een half uur stond er een rechercheauto op de stoep, en een uur later kreeg ik de negatieven terug met een stapel afdrukken erbij. Met dank voor het lenen. Die afdrukken waren niet nodig geweest. Af en toe ben je ook gewoon burger. Zolang er maar geen openlijke verbindingen waren tussen politie en fotografen want we wilden de volgende keer wel weer gewoon ons werk doen. Later hoorde ik van een Vlaardings politiemaatje die toevallig commandant van het Waterkanon was dat hij zelf met zijn videocamera door de voorruit had zitten filmen en zijn bandje ook aan de recherche had gegeven.  Er zijn diverse mensen door gearresteerd. Weet je trouwens dat die waterkanonnen begrensd zijn? Ze kunnen een volwassen vent met grote kracht omver spuiten maar dat mag kennelijk niet, alleen nat sproeien…. Tja, en dan delen ze bij de demonstraties van Extinction Rebellion na afloop ook nog aluminium warmhoudfolie uit om die nat geworden ‘demonstranten’ geen koutje te laten oplopen. Zucht.


Van een bevriende diender kreeg ik een tip dat er wat zou gaan gebeuren bij het woonwagenkamp in Dordrecht. Nou zijn die woonwagenkampen geen dingen waar ik alleen in ga. In mijn eerste jaar als fotograaf moest ik ooit eens een exterieur fotograferen van het ‘Dijkje’ in IJsselmonde en dat kostte me een camera en een lens. Wat was hier het geval. Een officier van justitie en een politieagent moesten een paar weken eerder iets in beslag nemen en dat liep goed fout. Er werd een fles benzine over de OVJ heen gegooid en een aansteker bij gehouden. ‘En nou oprotten’. Ja, OVJ en politieman dropen af maar je weet… ze komen terug. En dat zou die nacht gaan gebeuren. Met verslaggevers Ernst Nordholt van de Telegraaf en Jolande van de Graaf van toen nog Rotterdams Nieuwsblad gingen we op pad. Eerst maar eens kijken bij het kamp. Niks. Toen naar de Boezembocht, de garage van de ME auto’s . Ook niks. Maar op de scanner was wel vaag wat te horen. Op een bepaald ogenblik meende ik ‘Toepad’ te horen. Daar zit in Rotterdam de Marinierskazerne. Daar aangekomen keek ik over de muur en zei….. ‘Tering’….. Daar stonden tientallen ME auto’s, YPR pantservoertuigen, honderden politiemensen. Een hele troepenmacht. Er zou iets gaan gebeuren en we gingen onze plek maar innemen op de ‘s-Gravendeelsedijk. En dat was een goede zet want het was intussen uitgelekt. Ja, 500 agenten en militairen, dat zijn waarschijnlijk nog eens 1500 familieleden (papa moet werken vannacht…)  en daar lekt altijd iets uit. Aan het begin van de dijk stonden nog een tiental collega’s die waarschijnlijk dachten dat ze wel achter de file aan konden rijden. Niet dus. Er werd een spijkermat uitgerold na de laatste ME auto en niemand kwam er meer langs. Wij stonden echter al lekker op de dijk met  eerste klas uitzicht. Het werd net licht  en toen gingen bij de eerste woonwagens de deuren eruit. Een maarrr….. Toen we genoeg gezien en gefotografeerd hadden en weg wilden lag de politie een beetje dwars. Als ‘wraak’ dat we het wisten mochten we nu niet meer van de dijk af. Auto maar laten staan en met de taxi naar de redactie. Die auto haalden we later weer op. Krant betaalde ;-)

 

 

 

 

 

 

10 antwoorden op “De carrière van Roel – deel 2”

  1. Hai Roel,
    Ik heb enorm genoten van deel 1. Steeds een stukje gelezen.
    Wij gaan morgen 6 nachten, voor het eerst, met onze camper op pad. Ik bewaar dit dus mooi even om de komende dagen te lezen. Het is vroeg donker en koud buiten, dus we zullen wat vaker binnen moeten zitten haha.

    Fijne kerstdagen 🎄

  2. Weer heerlijk om te lezen…bij dat verhaal over het El Al vliegtuig kwamen herinneringen boven…wij waren net geland op Bonaire en zagen, onder het genot van een Caribische cocktail, CNN voorbij komen..tv hard en we herkenden de Bijlmer…Bizar want een Indische tante woonde daar… Maar gelukkig was het niet ‘haar’ flat

  3. Weer een leuk verhaal, af en toe heel herkenbaar met foto’s van oud collega’s. Henk bakker (RIP) met zijn slang, Frank Meeuws met die man , die weggezakt was. Willem Jansen met de klemgereden lijkauto op de Harreweg, Ferry Lockhorst op de strontkar. Cees Gunnewegh met de boa constrictor. Wat me wel tegenvalt, dat ik als oud beroepsonderofficier moet lezen, dat ik je bijna dienstweigeraar moet gaan noemen. Een jonge vent, in de kracht van zijn leven, het mooiste en beste opvoedingsinstituut, heeft overgeslagen, omdat meneer niet wilde. (geintje). Ik moet wel zeggen, dat ik respect heb gekregen van je lef, je dikke bluf, je smoezen, he improvisatievermogen, om maar vooraan bij het incident te kunnen komen. Een brutaal mens blijkt toch maar de halve wereld te hebben. Ik wacht op je volgende verslag. Groeten

  4. Nou Roel mijn 2e CSI 🙃🤣gelezen en natuurlijk jouw foto’s bekeken. Klasse dat je dit kon, weet van Peter ook eerst foto dan helpen, maar daar was ik dus ongeschikt voor. Al met al weer een stukje geschiedenis herbeleef.
    Thanks

  5. Was weer genieten!!!
    Kleine correctie, het verhaal over de brug die open ging terwijl er nog auto’s overheen reden was de Spijkenisserbrug.
    Ik stond aan de andere kant

  6. Geweldig weer die verhalen.
    Enkele voor mij ook herkenbaar
    Ondermeer de flinke brand ondder de hoogspanningsleidingen aan de Fokkerstraat. Ik zat toen in de commandowagen te overleggen voor de gvolgen, omdat de netbeheerder bang was voor het dominoeffect: als een mast zou omrollen dat door de trekspanning op de bevestingkabels de andere masten ook om konden rollen. En die overspanden ook de A20.

    Ook de explosie bij Novotel en het in overleg met Novotel zorgen voor de “afvoer” van de gasten naar een andere vestiging.

    Ben benieuwd naar de volgende delen. Komt ook de fik nog aan de orde waar ik je het terrein van Wilton op smokkelde?

Laat een antwoord achter aan Frnzel Reactie annuleren

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *